Gepubliceerd op 10 juni 2024 · Laatst bijgewerkt op 30 september 2026
Bent u slachtoffer van een misdrijf en heeft u daardoor schade geleden? Dan hoeft u niet automatisch een aparte procedure te starten. U kunt zich voegen als benadeelde partij in de strafzaak tegen de verdachte en uw schade daar direct vorderen. Is uw zaak daarvoor te ingewikkeld, dan verwijst de strafrechter u naar de civiele rechter of naar het Schadefonds Geweldsmisdrijven.
Artikel 51f van het Wetboek van Strafvordering geeft iedereen die rechtstreeks schade heeft geleden door een strafbaar feit het recht om als benadeelde partij een vordering in te dienen tegen de verdachte. Dat recht geldt ook voor erfgenamen en voor bepaalde naasten en nabestaanden.
Inhoudsopgave
Voegen als benadeelde partij: hoe werkt het?
Voeging houdt in dat u zich als slachtoffer aansluit bij de lopende strafzaak en daarin uw schadevergoeding vordert. Uw advocaat stelt de vordering op met de informatie en de bewijsstukken die u aanlevert. U hoeft daarvoor geen aparte rechtszaak te beginnen.
Wie kan zich voegen en tot wanneer?
Het Openbaar Ministerie stuurt bij de mededeling van vervolging een voegingsformulier mee (artikel 51g Sv). U kunt zich voegen tot uiterlijk het moment waarop de officier van justitie het woord krijgt voor het requisitoir. U mag de zitting bijwonen en uw vordering toelichten, maar dat is niet verplicht. Bij ernstige misdrijven heeft u ook spreekrecht om de gevolgen van het misdrijf voor u te beschrijven.
Wanneer wijst de rechter uw vordering niet (volledig) toe?
De rechter beoordeelt uw vordering alleen als de verdachte schuldig wordt bevonden en er een straf of maatregel volgt. De schade moet rechtstreeks door het bewezen feit zijn veroorzaakt en u moet die schade en het verband ermee voldoende onderbouwen. Vormt de vordering een onevenredige belasting van het strafproces, dan verklaart de rechter deze geheel of gedeeltelijk niet-ontvankelijk (artikel 361 Sv). Dat kan op verzoek van de verdachte, op vordering van de officier van justitie of ambtshalve.
Een niet-ontvankelijkverklaring betekent niet dat uw vordering van tafel is: u kunt dezelfde vordering daarna bij de civiele rechter indienen. In de praktijk gaat dit vaak mis bij ingewikkelde schadeposten — een overzichtelijke, goed onderbouwde vordering maakt het verschil.
Wat kan de rechter met uw vordering beslissen?
De strafrechter kent verschillende uitkomsten voor uw vordering.
- Toewijzing: de rechter wijst de schadevergoeding geheel of gedeeltelijk toe en legt daarbij vaak meteen een schadevergoedingsmaatregel op.
- Niet-ontvankelijkverklaring: de rechter behandelt de vordering niet inhoudelijk, zodat u naar de civiele rechter kunt.
- Afwijzing: de rechter beoordeelt de vordering inhoudelijk en wijst deze geheel of gedeeltelijk af.
Voor- en nadelen van voegen in de strafzaak
Voeging heeft duidelijke voordelen, maar is niet in elke zaak de beste keuze.
- Efficiënt en snel: uw schade wordt in dezelfde procedure behandeld, zonder aparte rechtszaak.
- Geen eigen incasso: bij toewijzing hoeft u het bedrag niet zelf bij de dader te innen; dat loopt via het CJIB.
- Kostenbesparing: voeging is doorgaans goedkoper dan een aparte civiele procedure.
- Sterkere bewijspositie: het bewijs dat het Openbaar Ministerie in de strafzaak heeft verzameld, ondersteunt vaak ook uw vordering.
Daar staat tegenover dat alleen relatief eenvoudig vast te stellen schade zich leent voor voeging, en dat uw vordering onzeker blijft zolang de verdachte niet is veroordeeld: spreekt de rechter vrij, dan blijft ook uw schadevordering onbehandeld.
Als de dader niet betaalt: de schadevergoedingsmaatregel
Legt de rechter een schadevergoedingsmaatregel op grond van artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht op, dan moet de veroordeelde het bedrag aan de Staat betalen. De Staat keert dit vervolgens aan u door en het CJIB verzorgt de inning bij de dader. Betaalt de dader niet, dan kan de rechter gijzeling laten toepassen; deze regels en de daarbij horende termijnen hebben wij niet opnieuw bij de wettekst gecontroleerd.
Een veelvoorkomend probleem is dat de veroordeelde het bedrag niet kan betalen. Daarvoor bestaat de voorschotregeling hieronder: die zorgt ervoor dat u niet afhankelijk blijft van de financiële positie van de dader.
De voorschotregeling: u hoeft niet te wachten tot de dader betaalt
Heeft de veroordeelde acht maanden na het onherroepelijk worden van de uitspraak niet of niet volledig betaald, dan keert de Staat het resterende bedrag aan u uit. Dit is de voorschotregeling van artikel 6:4:2 van het Wetboek van Strafvordering. De omvang verschilt per delict.
| Soort misdrijf | Voorschot van de Staat |
|---|---|
| Gewelds- en zedenmisdrijven | Het volledige resterende bedrag, zonder maximum |
| Overige misdrijven | Tot € 5.000 |
Het kabinet heeft besloten de ongemaximeerde voorschotregeling uit te breiden naar zeven geweldsdelicten, waaronder brandstichting, wederrechtelijke vrijheidsberoving, gijzeling en dood door schuld. Dit besluit ligt nu ter advisering bij de Raad van State en is nog niet in werking getreden.
Het Schadefonds Geweldsmisdrijven: hulp ook zonder strafzaak
Is de dader onbekend of komt het niet tot een strafzaak? Dan kunt u een tegemoetkoming aanvragen bij het Schadefonds Geweldsmisdrijven. Dat is geen volledige schadevergoeding, maar een vast bedrag per letselcategorie. Het fonds kijkt naar de aard en de ernst van uw letsel, niet naar de daadwerkelijke kosten die u heeft gemaakt.
Het Schadefonds staat open voor slachtoffers van ernstige gewelds- en zedenmisdrijven, ook als de dader nooit is gepakt of veroordeeld. U kunt tegelijk een aanvraag bij het fonds indienen en een vordering instellen in een strafzaak of civiele procedure, zolang u niet voor dezelfde schade dubbel wordt vergoed.
| Categorie | Tegemoetkoming |
|---|---|
| 1 | € 1.000 |
| 2 | € 2.500 |
| 3 | € 5.000 |
| 4 | € 10.000 |
| 5 | € 20.000 |
| 6 | € 35.000 |
Naasten en nabestaanden krijgen een vast bedrag van € 5.000, eventueel aangevuld met onderbouwde uitvaartkosten en gederfde inkomsten. Een aanvraag moet in beginsel binnen tien jaar na het misdrijf worden ingediend; voor nabestaanden loopt die termijn vanaf het overlijden. Was u ten tijde van het misdrijf minderjarig, dan begint de termijn pas op uw achttiende verjaardag. Bij een latere aanvraag beoordeelt het fonds de reden van de overschrijding. Misdrijven van vóór 1 januari 1973 komen niet in aanmerking.
Zo vraagt u schadevergoeding aan
De precieze stappen verschillen per situatie, maar in grote lijnen doorloopt u dit traject.
- Doe aangifte. Zonder aangifte start er meestal geen strafzaak en heeft voeging geen zin.
- Vul het voegingsformulier in. U ontvangt dit van het Openbaar Ministerie zodra de verdachte wordt vervolgd, of u vraagt het zelf op.
- Verzamel bewijs van uw schade. Denk aan medische verklaringen, facturen, loonstroken bij inkomensverlies en foto’s van beschadigde spullen.
- Onderbouw het verband met het misdrijf. Maak duidelijk dat de schade rechtstreeks voortvloeit uit het strafbare feit.
- Dien de vordering in vóór het requisitoir, en woon de zitting bij als u dat wilt.
Blijkt uw zaak te ingewikkeld voor de strafrechter, of loopt er geen strafzaak, dan schakelt u over naar de civiele procedure of het Schadefonds Geweldsmisdrijven, zoals hieronder beschreven.
Welke schade kunt u vorderen?
U kunt zowel materiële als immateriële schade vorderen, mits er een direct causaal verband is met het strafbare feit en de schadeposten redelijk en noodzakelijk zijn.
- Materiële schade: directe financiële kosten door het misdrijf, zoals medische kosten, inkomensverlies, reiskosten en reparatie- of vervangingskosten van beschadigde spullen.
- Immateriële schade: niet-financiële schade zoals pijn, verdriet en psychisch lijden, vaak aangeduid als smartengeld. De hoogte hangt af van de ernst en de duur van het leed.
Voor elke schadepost geldt dezelfde eis: u moet aannemelijk maken dat de schade werkelijk is geleden en dat deze rechtstreeks voortvloeit uit het strafbare feit. Een duidelijke onderbouwing met bonnen, facturen en medische stukken maakt uw vordering sterker. Bewaar daarom alle relevante stukken vanaf het moment dat u aangifte doet, ook als u op dat moment nog niet weet of het tot een strafzaak komt.
Binnen Law & More beoordelen wij samen met u welke schadeposten zich lenen voor een vordering in de strafzaak. Niet elke schadepost komt daarvoor in aanmerking; soms is een civiele procedure een beter alternatief.
Affectieschade voor naasten
Naast de schade van het slachtoffer zelf kent de wet een vergoeding voor naasten: affectieschade. Deze komt aan de orde wanneer een naaste overlijdt of ernstig en blijvend letsel oploopt door een gebeurtenis waarvoor een ander aansprakelijk is. Het gaat om smartengeld voor het eigen verdriet van de naaste, niet om een vergoeding van kosten.
De bedragen liggen vast in het Besluit vergoeding affectieschade en hangen af van uw relatie tot het slachtoffer en van de vraag of het om letsel of overlijden gaat, en of dat het gevolg is van een misdrijf. Sinds de invoering op 1 januari 2019 zijn deze bedragen niet geïndexeerd; het besluit kent geen indexeringsbepaling.
| Naaste | Ernstig en blijvend letsel | Overlijden | Letsel door misdrijf | Overlijden door misdrijf |
|---|---|---|---|---|
| Echtgenoot, geregistreerd partner of levensgezel | € 15.000 | € 17.500 | € 17.500 | € 20.000 |
| Minderjarig kind en zijn ouder | € 15.000 | € 17.500 | € 17.500 | € 20.000 |
| Meerderjarig thuiswonend kind en zijn ouder | € 15.000 | € 17.500 | € 17.500 | € 20.000 |
| Pleegkind en pleegouder | € 15.000 | € 17.500 | € 17.500 | € 20.000 |
| Wie in gezinsverband de zorg had | € 15.000 | € 17.500 | € 17.500 | € 20.000 |
| Meerderjarig uitwonend kind en zijn ouder | € 12.500 | € 15.000 | € 15.000 | € 17.500 |
| Overige nauwe persoonlijke relatie | € 12.500 | € 15.000 | € 15.000 | € 17.500 |
Omdat het om vaste bedragen gaat, is deze vordering zelden te ingewikkeld voor de strafrechter. Dat maakt affectieschade in de praktijk een van de kansrijkste posten om binnen het strafproces te vorderen. Een naaste hoeft dus niet zelf een civiele procedure te starten om deze vergoeding te krijgen.
Let op: affectieschade staat los van de materiële en immateriële schade van het slachtoffer zelf. Beide vorderingen kunnen naast elkaar bestaan en worden apart beoordeeld door de rechter.
Wat er mogelijk verandert. Het kabinet heeft besloten de kring van gerechtigden uit te breiden met broers en zussen, inclusief half-, stief- en pleegbroers en -zussen. Dit besluit ligt nu ter advisering bij de Raad van State en is dus nog geen geldend recht. Wie nu een vordering instelt, gaat uit van de bedragen in de tabel hierboven.
Voegen of toch een civiele procedure?
Voeging is meestal de snelste en goedkoopste weg: u hoeft geen aparte procedure te starten en het bewijs uit het strafdossier ondersteunt vaak ook uw vordering. Bij ingewikkelde schade, veel discussie over de oorzaak of als het Openbaar Ministerie niet vervolgt, is een civiele procedure vaak zinvoller.
Er is geen vaste regel die voorschrijft wanneer u voor welke route kiest. Wij bekijken samen met u de aard van uw schade, de stand van het strafproces en de proceskosten, en adviseren op basis daarvan welke weg voor u het meest kansrijk is.
Voordelen van een civiele procedure
- U kunt de volledige schade vorderen, ook als deze ingewikkeld is.
- U heeft meer ruimte om de schade te onderbouwen, bijvoorbeeld met deskundigenonderzoek.
Nadelen van een civiele procedure
- De kosten zijn vaak hoger dan bij voeging in de strafzaak.
- U moet de toegewezen schadevergoeding zelf bij de andere partij innen.
Hoe Law & More u bijstaat
- Beoordelen van schadeposten: wij beoordelen samen met u of uw schadeposten geschikt zijn voor een vordering in de strafzaak.
- Advies over de te volgen route: wij adviseren over de haalbaarheid van uw vordering in de strafzaak en of een civiele procedure verstandiger is.
- Voorbereiden van de vordering: wij helpen bij het identificeren van de schade, het verzamelen van bewijsstukken, het opstellen van de vordering en het indienen van het voegingsformulier.
- Begeleiding tijdens de zitting: wij begeleiden u tijdens de rechtszitting.
Samengevat
- U kunt schade uit een misdrijf vorderen door u te voegen als benadeelde partij in de strafzaak (artikel 51f Sv), tot het requisitoir.
- Is uw vordering te ingewikkeld voor de strafrechter, dan verklaart deze de vordering niet-ontvankelijk en kunt u naar de civiele rechter.
- Betaalt de veroordeelde niet, dan keert de Staat na acht maanden een voorschot uit: onbeperkt bij gewelds- en zedenmisdrijven, tot € 5.000 bij overige misdrijven.
- Zonder dader of strafzaak kunt u een tegemoetkoming aanvragen bij het Schadefonds Geweldsmisdrijven, aan de hand van een letselcategorie.
- Naasten kunnen daarnaast affectieschade vorderen volgens vaste, wettelijk bepaalde bedragen.
Veelgestelde vragen
Kan ik mij nog voegen als de zitting al is begonnen?
Ja, dat kan zolang de officier van justitie nog niet aan het requisitoir is toegekomen. Dien uw vordering wel zo vroeg mogelijk in, zodat er voldoende tijd is om deze te onderbouwen.
Krijg ik mijn schadevergoeding altijd volledig uitbetaald?
Niet automatisch. Het CJIB int het bedrag bij de veroordeelde. Betaalt deze niet, dan vult de voorschotregeling na acht maanden het restant aan, met de grenzen die hierboven staan.
Kan ik zowel bij het Schadefonds als in de strafzaak schadevergoeding vragen?
Ja, maar u mag niet twee keer voor dezelfde schade worden vergoed. Geef bij uw aanvraag altijd aan of u al een schadevergoeding van de dader heeft ontvangen.
Wat als de verdachte wordt vrijgesproken?
Dan behandelt de strafrechter uw vordering niet inhoudelijk, omdat er geen veroordeling is. U kunt uw schade dan nog wel via een civiele procedure vorderen.
Moet ik zelf een advocaat inschakelen om te voegen?
Dat is niet verplicht, maar wel verstandig zodra de zaak of de schade ingewikkeld is. Een advocaat helpt uw vordering goed te onderbouwen, zodat de kans op een niet-ontvankelijkverklaring kleiner wordt.
Kost het mij geld om mij te voegen als benadeelde partij?
Voegen zelf is kosteloos: u betaalt geen griffierecht, zoals dat bij een civiele procedure wel geldt. Kiest u voor eigen rechtsbijstand, dan gelden daarvoor de gebruikelijke advocaatkosten, tenzij u in aanmerking komt voor gefinancierde rechtsbijstand.
Twijfelt u over uw positie? Leg uw situatie aan ons voor. Wij laten u binnen één werkdag weten wat uw opties zijn.