Gepubliceerd op 1 oktober 2025 · Laatst bijgewerkt op 7 oktober 2026
Een maatschap is een samenwerkingsverband van twee of meer personen die iets gezamenlijk inbrengen om de opbrengst te delen, meestal om samen een vrij beroep uit te oefenen. De maatschap heeft geen rechtspersoonlijkheid: de maten zijn zelf aansprakelijk voor de schulden, in beginsel ieder voor een gelijk deel, maar bij een gezamenlijke opdracht soms ieder voor het geheel.
De maatschap is vooral populair bij artsen, advocaten, fysiotherapeuten, tandartsen en architecten. U kunt haar oprichten zonder notaris en zonder startkapitaal. Juist omdat de wet weinig regelt, is een goede maatschapsovereenkomst onmisbaar. Hieronder leest u wat de wet zegt, hoe het zit met aansprakelijkheid en winstverdeling, en wat er gebeurt als een maat vertrekt.
Inhoudsopgave
Wat is een maatschap volgens de wet?
Volgens artikel 7A:1655 BW is een maatschap een overeenkomst waarbij twee of meer personen zich verbinden om iets in gemeenschap te brengen, met het doel het voordeel dat daaruit ontstaat te delen. Het is dus in de eerste plaats een contract tussen de maten, geen aparte rechtspersoon.
Een voorbeeld: drie medisch specialisten willen samen een praktijk runnen. Ze delen de huur, de apparatuur en het personeel, maar ieder behandelt zijn eigen patiënten. Een maatschap past daar goed bij. Iedere maat brengt zijn expertise in voor een gezamenlijk doel, en de kosten en opbrengsten worden volgens afspraak verdeeld.
Omdat de maatschap geen rechtspersoonlijkheid heeft, kan zij niet zelf eigenaar zijn of schulden hebben. Bezittingen zijn gemeenschappelijk eigendom van de maten, en schulden zijn schulden van de maten zelf. Een bv is door de wet wel een zelfstandige persoon; daar blijft het privévermogen van de aandeelhouder in beginsel buiten schot.
Wat is het verschil tussen een stille en een openbare maatschap?
Een maatschap kan stil of openbaar zijn. Bij een stille maatschap treden de maten naar buiten toe ieder op eigen naam op; de samenwerking speelt alleen intern. Bij een openbare maatschap treden de maten naar buiten op onder een gezamenlijke naam, zoals “Huisartsenpraktijk De Linde”. In de praktijk zijn de meeste maatschappen van vrije beroepsbeoefenaren openbaar.
Maten hoeven geen natuurlijke personen te zijn. Het komt veel voor dat de maten zelf een eigen bv hebben, een zogenoemde praktijkvennootschap, en dat die bv’s samen de maatschap vormen. Dat beperkt het risico voor het privévermogen van de beroepsbeoefenaar, al blijft hij voor eigen beroepsfouten vaak persoonlijk aansprakelijk.
Waarom kiezen professionals voor een maatschap?
De maatschap blinkt uit in situaties waarin professionals samenwerken maar zelfstandig willen blijven. De belangrijkste redenen om ervoor te kiezen:
- Eenvoudige oprichting: geen notariële akte en geen minimumkapitaal. Een overeenkomst en een inschrijving bij de Kamer van Koophandel volstaan.
- Veel vrijheid: inbreng, winstverdeling, bevoegdheden en besluitvorming legt u zelf vast in de maatschapsovereenkomst.
- Zelfstandigheid: iedere maat blijft ondernemer voor de inkomstenbelasting en kan, onder voorwaarden, gebruikmaken van ondernemersfaciliteiten.
- Kosten delen: praktijkruimte, apparatuur en personeel worden gedeeld, zonder dat de maten hun eigen cliëntenkring hoeven op te geven.
Meer praktische informatie over deze rechtsvorm vindt u op het Ondernemersplein van de KVK.
Wat zijn de kenmerken van een maatschap?
Een maatschap heeft geen rechtspersoonlijkheid en ontstaat door een overeenkomst en inschrijving bij de KVK. De maten zijn met hun privévermogen aansprakelijk.
| Kenmerk | Beschrijving |
|---|---|
| Rechtspersoonlijkheid | Nee, de maatschap is een overeenkomst tussen de maten. |
| Aansprakelijkheid | Maten zijn in beginsel ieder voor een gelijk deel aansprakelijk; bij een gezamenlijke opdracht of een afspraak met de schuldeiser kan dat voor het geheel zijn. |
| Oprichting | Maatschapsovereenkomst en inschrijving in het handelsregister. |
| Inbreng | Geld, goederen, arbeid of kennis. |
| Belastingen | Iedere maat betaalt inkomstenbelasting over zijn eigen winstaandeel; voor de btw is de maatschap meestal één ondernemer. |
| Geschikt voor | Vooral vrije beroepen, zoals artsen, advocaten en architecten. |
Hoe richt u een maatschap op?
U sluit een maatschapsovereenkomst met de andere maten en schrijft de maatschap in bij de Kamer van Koophandel. Een notaris of startkapitaal is niet nodig.
De inschrijving in het handelsregister is verplicht zodra de maatschap een onderneming of beroepspraktijk uitoefent. U geeft daarbij de namen van alle maten op en de naam waaronder u naar buiten treedt. Die inschrijving maakt voor derden zichtbaar met wie zij zakendoen. Veranderingen, zoals de toetreding of het vertrek van een maat, moet u ook doorgeven.
Is een schriftelijke maatschapsovereenkomst verplicht?
De wet verplicht niet tot een schriftelijke overeenkomst; een maatschap kan zelfs mondeling of stilzwijgend ontstaan. Zonder contract valt u echter terug op de wettelijke regels uit Boek 7A BW, die uit de negentiende eeuw stammen en voor een moderne praktijk vaak onvoldoende zijn. Een schriftelijke overeenkomst is daarom in de praktijk onmisbaar. Zie het niet als teken van wantrouwen, maar als een manier om verwachtingen en verantwoordelijkheden vooraf helder te maken. Hulp bij het opstellen vindt u op onze pagina over het opstellen van contracten.
Wat regelt u in de maatschapsovereenkomst?
Een goede overeenkomst denkt vooruit, ook aan de minder prettige scenario’s. Deze onderwerpen horen er in ieder geval in:
- Inbreng: wat brengt iedere maat in? Dat kan geld zijn, maar ook arbeid, kennis, een cliëntenbestand, een praktijkruimte of apparatuur. Leg vast of goederen in eigendom worden ingebracht of alleen in gebruik.
- Winst- en verliesverdeling: volgens welke sleutel wordt de winst verdeeld, bijvoorbeeld naar omzet, gewerkte uren of een vaste verhouding?
- Bevoegdheden en besluitvorming: wat mag een maat zelfstandig, tot welk bedrag, en voor welke besluiten is unanimiteit of een meerderheid nodig?
- Ziekte en arbeidsongeschiktheid: wie neemt het werk over, hoe lang loopt het winstaandeel door en welke verzekeringen moeten maten afsluiten?
- Toetreding en uittreding: onder welke voorwaarden komt een nieuwe maat erbij, en hoe wordt een vertrekkende maat uitgekocht, inclusief de waardering van goodwill?
- Non-concurrentie en relatiebeding: mag een vertrekkende maat in de buurt een eigen praktijk beginnen of cliënten meenemen?
- Geschillen en beëindiging: hoe lost u een conflict op, bijvoorbeeld via mediation of arbitrage, en onder welke voorwaarden eindigt de maatschap?
Het vastleggen van deze afspraken voorkomt niet alleen juridische kosten, maar versterkt ook de samenwerking. Onduidelijkheid over geld en bevoegdheden is de meest voorkomende bron van conflicten tussen maten. Een afspraak over de uitkoopsom bij vertrek is bijvoorbeeld veel makkelijker te maken als iedereen nog goed met elkaar overweg kan.
Hoe laat u een nieuwe maat toetreden?
Een nieuwe maat kan alleen toetreden als alle maten instemmen, tenzij de overeenkomst iets anders bepaalt. Toetreding is juridisch een wijziging van de maatschapsovereenkomst. Leg daarom vooraf vast hoe dat gaat: moet de nieuwe maat zich inkopen in de goodwill, geldt er een ingroeiregeling waarbij het winstaandeel in een aantal jaren stijgt, en is er een proefperiode waarin de samenwerking kan worden beëindigd?
Denk ook aan de bestaande verplichtingen. Een nieuwe maat wordt niet automatisch aansprakelijk voor schulden van vóór zijn toetreding, maar schuldeisers en verhuurders vragen soms wel dat hij bestaande contracten medeondertekent. Maak daar afspraken over voordat hij tekent, en geef de toetreding door aan het handelsregister.
Wat gebeurt er bij ziekte of arbeidsongeschiktheid van een maat?
Een maat is geen werknemer. Hij heeft dus geen recht op loondoorbetaling bij ziekte en valt niet onder de Ziektewet of de WIA als zelfstandige. Valt een maat langdurig uit, dan moet de overeenkomst regelen hoe lang zijn winstaandeel doorloopt, wie zijn werk overneemt en wanneer de andere maten de samenwerking mogen beëindigen. Veel maatschappen verplichten hun maten tot een arbeidsongeschiktheidsverzekering, zodat de praktijk niet de volledige last draagt.
Hoe zit het met de aansprakelijkheid van maten?
Maten zijn met hun privévermogen aansprakelijk voor schulden van de maatschap. Volgens artikel 7A:1680 BW is iedere maat in beginsel aansprakelijk voor een gelijk deel, ook als zijn aandeel in de maatschap kleiner is.
Een voorbeeld: een maatschap van drie maten heeft een schuld van dertigduizend euro aan een leverancier. De leverancier kan iedere maat aanspreken voor tienduizend euro, niet voor het hele bedrag. Dat is een belangrijk verschil met de vof, waar iedere vennoot voor het geheel aansprakelijk is.
Er zijn belangrijke uitzonderingen. Hebben de maten met de schuldeiser afgesproken dat zij hoofdelijk aansprakelijk zijn, wat banken en verhuurders vaak eisen, dan kan de schuldeiser iedere maat voor het volle bedrag aanspreken. En heeft een cliënt een opdracht aan de maatschap gegeven, dan is volgens artikel 7:407 lid 2 BW ieder van de opdrachtnemers voor het geheel aansprakelijk bij een tekortkoming, tenzij die hem niet kan worden toegerekend. Bij een beroepsfout kan een cliënt dus soms alle maten voor de volle schade aanspreken, niet alleen de maat die de fout maakte.
Een goede beroepsaansprakelijkheidsverzekering is daarom voor iedere maatschap essentieel. Controleer of de polis de maatschap en alle maten dekt, ook na het vertrek van een maat.
Wanneer bindt een maat de anderen?
Een maat kan de andere maten alleen binden als hij daartoe bevoegd is, bijvoorbeeld door een volmacht in de maatschapsovereenkomst (artikel 7A:1681 BW). Zonder bevoegdheid is alleen de handelende maat zelf gebonden. De andere maten zijn dan hooguit gebonden voor zover de maatschap van de handeling heeft geprofiteerd.
Daarbij speelt het onderscheid tussen beheer en beschikking. Beheersdaden zijn de gewone handelingen om de praktijk draaiende te houden, zoals kantoorartikelen bestellen, de huur betalen of een standaardopdracht aannemen. Als er niets is afgesproken, mag iedere maat die zelfstandig verrichten. Beschikkingsdaden zijn ingrijpende beslissingen, zoals het kopen van een pand, het aangaan van een grote lening of het aannemen van een nieuwe maat. Daarvoor is in beginsel de instemming van alle maten nodig.
Het onderscheid is niet altijd zwart-wit. Leg daarom in de overeenkomst zo concreet mogelijk vast welke handelingen een maat alleen mag verrichten, bijvoorbeeld tot een vast bedrag per uitgave.
Hoe verdelen de maten de winst?
De maten bepalen zelf hoe zij de winst verdelen. Hebben zij niets afgesproken, dan wordt de winst volgens artikel 7A:1670 BW verdeeld naar verhouding van ieders inbreng.
Voor een maat die alleen arbeid inbrengt, geldt dan dat zijn aandeel gelijk wordt gesteld aan dat van de maat die het minst heeft ingebracht. Die regeling past zelden bij de werkelijkheid, en ook dat is een reden om de verdeling zelf vast te leggen. Gebruikelijke verdeelsleutels zijn de eigen omzet per maat, de gewerkte uren, een vaste verhouding of een combinatie, bijvoorbeeld een vast deel plus een variabel deel.
Er is één grens. Een beding waarbij de hele winst aan één maat toekomt, is volgens artikel 7A:1672 BW nietig. Wel mag u afspreken dat een maat die alleen arbeid inbrengt, niet in het verlies deelt.
Een wettelijk minimumkapitaal bestaat niet. De maten bepalen zelf wat zij inbrengen. Leg die inbreng nauwkeurig vast, omdat zij vaak de basis is voor de winstverdeling en voor de afwikkeling als een maat vertrekt.
Wanneer kiest u een maatschap, vof of bv?
Een maatschap past bij vrije beroepsbeoefenaren die samen kosten willen delen en zelfstandig willen blijven. Wie een bedrijf uitoefent onder een gezamenlijke naam, komt eerder uit bij een vof; wie het privévermogen beter wil afschermen, bij een bv.
De kracht van de maatschap zit in de eenvoud en de flexibiliteit. Het grootste nadeel is de persoonlijke aansprakelijkheid. Maakt de maatschap schulden die zij niet kan betalen, dan kunnen schuldeisers uw privévermogen aanspreken. Voor veel ondernemers is dat een reden om voor een bv te kiezen, of om de maatschap te laten bestaan uit praktijk-bv’s.
Wat is het verschil met een vof?
Een vennootschap onder firma is een maatschap die een bedrijf uitoefent onder een gemeenschappelijke naam (artikel 16 Wetboek van Koophandel). Het belangrijkste verschil is de aansprakelijkheid. Volgens artikel 18 van dat wetboek is iedere vennoot van een vof hoofdelijk aansprakelijk voor alle schulden van de vennootschap, wie de schuld ook heeft veroorzaakt. Bij een maatschap is een maat in beginsel alleen aansprakelijk voor een gelijk deel.
Wat is het verschil met een bv?
Een bv heeft rechtspersoonlijkheid en wordt opgericht bij notariële akte. De bv is zelf aansprakelijk voor haar schulden; de aandeelhouders riskeren in beginsel alleen hun inbreng. Bestuurders kunnen in bijzondere gevallen persoonlijk aansprakelijk zijn, bijvoorbeeld bij onbehoorlijk bestuur. Een bv betaalt vennootschapsbelasting over haar winst, de aandeelhouder betaalt inkomstenbelasting over uitgekeerd dividend en loon.
Ook de lopende lasten verschillen. Een bv moet jaarlijks een jaarrekening opstellen en deponeren bij de Kamer van Koophandel, en heeft een eigen belastingaangifte. Een maatschap kent geen publicatieplicht voor de jaarcijfers. Wel moet de maatschap een deugdelijke administratie voeren, zodat iedere maat zijn winstaandeel kan verantwoorden en de btw-aangifte klopt. Voor kleine samenwerkingsverbanden kan dat verschil in administratieve lasten doorslaggevend zijn.
Hoe verhouden maatschap, vof en bv zich tot elkaar?
De belangrijkste verschillen zitten in de oprichting, de rechtspersoonlijkheid en de aansprakelijkheid. De tabel zet ze naast elkaar.
| Criterium | Maatschap | Vennootschap onder firma (vof) | Besloten vennootschap (bv) |
|---|---|---|---|
| Oprichting | Overeenkomst en KVK-inschrijving | Overeenkomst en KVK-inschrijving | Notariële akte en KVK-inschrijving |
| Rechtspersoonlijkheid | Nee | Nee | Ja |
| Aansprakelijkheid | Persoonlijk, in beginsel voor gelijke delen | Persoonlijk en hoofdelijk | De bv zelf; aandeelhouders in beginsel niet |
| Fiscale behandeling | Iedere maat betaalt inkomstenbelasting | Iedere vennoot betaalt inkomstenbelasting | De bv betaalt vennootschapsbelasting |
Welke vorm het best past, hangt af van uw beroep, uw risico’s, de omvang van de praktijk en uw fiscale positie. Laat die keuze niet alleen afhangen van de oprichtingskosten.
Welke fiscale gevolgen heeft een maatschap?
De maatschap zelf betaalt geen inkomstenbelasting; iedere maat geeft zijn eigen winstaandeel aan. Voor de btw wordt de maatschap meestal wel als één ondernemer gezien.
Omdat de maatschap geen rechtspersoon is, is zij voor de inkomstenbelasting transparant. De Belastingdienst kijkt door de maatschap heen naar de maten. Iedere maat die als ondernemer wordt aangemerkt, kan onder voorwaarden gebruikmaken van ondernemersfaciliteiten. Voor de zelfstandigenaftrek moet u onder meer aan het urencriterium voldoen: minimaal 1.225 uur per kalenderjaar aan uw onderneming besteden. De mkb-winstvrijstelling geldt ook als u het urencriterium niet haalt. De bedragen en percentages veranderen jaarlijks; raadpleeg daarvoor de Belastingdienst.
Voor de btw geldt de maatschap in de regel als één ondernemer, die gezamenlijk aangifte doet. Veel vrije beroepen, zoals advocaten en architecten, rekenen btw. Medische beroepen die zijn ingeschreven in het BIG-register zijn voor hun medische handelingen vaak vrijgesteld. Law & More adviseert niet over fiscale structurering; voor de fiscale inrichting van uw maatschap verwijzen wij u naar een fiscalist of belastingadviseur.
Wat gebeurt er als een maat stopt, overlijdt of als er ruzie ontstaat?
Zonder afspraken eindigt de maatschap volgens artikel 7A:1683 BW onder meer door opzegging, overlijden, ondercuratelestelling of faillissement van een maat. Met een voortzettingsbeding in de overeenkomst kunnen de overige maten de maatschap voortzetten.
Dat de maatschap bij het vertrek van één maat eindigt, wilt u meestal voorkomen. Daarom horen in elke maatschapsovereenkomst twee soorten bedingen. Met een voortzettingsbeding leggen de maten vast dat de overige maten de maatschap voortzetten als een maat wegvalt. Met een verblijvingsbeding regelen zij dat het aandeel van de vertrekkende maat in het gemeenschappelijke vermogen toekomt aan de blijvende maten, tegen een vooraf afgesproken vergoeding.
Een maatschap voor onbepaalde tijd kan in beginsel door iedere maat worden opgezegd. Die opzegging moet wel te goeder trouw gebeuren en niet op een ongelegen moment. Wie opzegt om de voordelen van een net binnengehaalde grote opdracht voor zichzelf te houden, handelt niet te goeder trouw. Leg daarom opzegtermijnen vast, bijvoorbeeld zes of twaalf maanden, zodat de praktijk tijd heeft om de opvolging te regelen.
Ontstaat er een conflict, dan bepaalt de overeenkomst hoe het wordt opgelost. Een geschillenregeling met mediation als eerste stap en arbitrage of de rechter als sluitstuk voorkomt dat een ruzie de praktijk lamlegt. Ontbreekt zo’n regeling, dan kan een maat bij de rechter ontbinding vragen als er gegronde redenen zijn.
Hoe werkt een maatschap in de praktijk?
Twee voorbeelden laten zien hoe een maatschapsovereenkomst de dagelijkse gang van zaken bepaalt. Het gaat om voorbeelden ter illustratie.
Hoe werkt een maatschap in een fysiotherapiepraktijk?
Drie fysiotherapeuten vormen een maatschap. De een doet manuele therapie, de tweede sportfysiotherapie en de derde kinderfysiotherapie. Samen delen zij de huur, een administratief medewerker en de apparatuur. In hun overeenkomst staat dat de winst wordt verdeeld naar de omzet die iedere maat zelf binnenhaalt, na aftrek van de gezamenlijke kosten.
Over aansprakelijkheid hebben zij afgesproken dat iedere maat intern zelf opdraait voor schade door zijn eigen beroepsfouten. Die afspraak werkt tussen de maten, maar niet automatisch tegenover een patiënt. Heeft de patiënt een behandelovereenkomst met de maatschap gesloten, dan kan hij mogelijk alle maten aanspreken. Daarom hebben zij een gezamenlijke beroepsaansprakelijkheidsverzekering afgesloten die alle maten dekt.
Hoe werkt een maatschap in een architectenbureau?
Een architectenbureau heeft twee maten. De ene is een ervaren architect met een groot netwerk en eigen kapitaal. De andere is een jonge ontwerper die vooral arbeid en ideeën inbrengt. Hun overeenkomst bepaalt dat grote investeringen, zoals dure software of een tweede kantoor, unanieme instemming vereisen. Voor dagelijkse uitgaven tot duizend euro mag iedere maat zelfstandig beslissen.
Ook hebben zij geregeld dat de jonge ontwerper na vijf jaar zijn aandeel in de winst stapsgewijs kan verhogen. Bij vertrek van een van beiden wordt de goodwill gewaardeerd volgens een vaste formule. Die duidelijke afspraken voorkomen discussie, juist als het druk is of als de samenwerking onder spanning staat.
Wat kunnen wij voor u doen bij een maatschap?
Wij begeleiden maten bij de oprichting, bij wijzigingen in de samenstelling en als de samenwerking vastloopt.
- Wij stellen de maatschapsovereenkomst op, met afspraken over inbreng, winstverdeling, bevoegdheden en besluitvorming.
- Wij nemen een voortzettings- en verblijvingsbeding op, zodat de maatschap niet eindigt bij vertrek of overlijden van een maat (artikel 7A:1683 BW).
- Wij begeleiden de toetreding van een nieuwe maat, inclusief de inkoop in de goodwill en een ingroeiregeling.
- Wij regelen de uittreding van een maat, met de waardering van zijn aandeel, de opzegtermijn en een eventueel concurrentiebeding.
- Wij beoordelen uw aansprakelijkheid als een schuldeiser of cliënt de maten aanspreekt (artikelen 7A:1680 en 7:407 lid 2 BW).
- Wij treden op bij een conflict tussen maten, via mediation, arbitrage of een procedure bij de rechter.
Samengevat
- Een maatschap is een overeenkomst tussen twee of meer personen om iets gezamenlijk in te brengen en de opbrengst te delen (artikel 7A:1655 BW); zij heeft geen rechtspersoonlijkheid.
- Maten zijn met hun privévermogen aansprakelijk, in beginsel ieder voor een gelijk deel; bij een gezamenlijke opdracht of een afspraak met de schuldeiser kan dat voor het geheel zijn.
- Zonder afspraak wordt de winst verdeeld naar inbreng; een beding dat alle winst aan één maat geeft, is nietig.
- Zonder voortzettingsbeding eindigt de maatschap bij opzegging, overlijden of faillissement van een maat.
- Een schriftelijke maatschapsovereenkomst is niet verplicht, maar in de praktijk onmisbaar.
Veelgestelde vragen
Kunt u in uw eentje een maatschap oprichten?
Nee. Een maatschap is een overeenkomst en vraagt dus altijd twee of meer maten. Dat mogen natuurlijke personen zijn, maar ook rechtspersonen zoals een praktijk-bv. Wie alleen wil beginnen, kiest meestal voor een eenmanszaak of een bv.
Moet een maatschap een zakelijke rekening hebben?
De wet schrijft dat niet altijd voor, maar een gezamenlijke zakelijke rekening is sterk aan te raden. Zo houdt u de financiën van de maatschap gescheiden van ieders privé-uitgaven. Dat maakt de boekhouding eenvoudiger en voorkomt discussie tussen de maten over wat van wie is.
Kan een maatschap personeel in dienst nemen?
Ja. Omdat de maatschap geen rechtspersoon is, zijn de maten samen de werkgever. Zij zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor de verplichtingen uit de arbeidsovereenkomst, zoals de loonbetaling en de loondoorbetaling bij ziekte. Leg in de maatschapsovereenkomst vast hoe de maten die kosten onderling verdelen.
Wat gebeurt er met de schulden als een maat vertrekt?
Een vertrekkende maat blijft aansprakelijk voor schulden die zijn ontstaan terwijl hij nog maat was. Voor schulden van na zijn vertrek is hij in beginsel niet aansprakelijk, mits zijn uittreding goed is bekendgemaakt, onder meer via de inschrijving in het handelsregister. Maak in de uittredingsregeling afspraken over wie welke lopende verplichtingen draagt.
Kan een maatschap worden omgezet in een bv?
Ja, de maten kunnen de onderneming inbrengen in een nieuwe bv. Dat vraagt een notariële akte en zorgvuldige afspraken over de overdracht van contracten, personeel en vergunningen. De fiscale kant, zoals een geruisloze inbreng, bespreekt u met een fiscalist.
Law & More stelt maatschapsovereenkomsten op, begeleidt de toetreding en uittreding van maten en staat maten bij als de samenwerking vastloopt. Meer informatie vindt u op onze pagina over ondernemingsrecht. De wettelijke regeling van de maatschap staat in Boek 7A van het Burgerlijk Wetboek.