Gepubliceerd op 27 december 2025 · Laatst bijgewerkt op 9 oktober 2026
Sinds 2 augustus 2026 moet een AI-chatbot die rechtstreeks met mensen communiceert zo zijn ingericht dat de gebruiker weet dat hij met een AI-systeem praat (artikel 50 lid 1 AI-verordening). Die plicht ligt bij de aanbieder van de chatbot en geldt niet als het voor een redelijk geïnformeerde gebruiker al duidelijk is uit de context; voor een gewone klantenservicechatbot zijn er verder geen zware verplichtingen zoals registratie of een conformiteitsbeoordeling.
In dit artikel leest u wie onder de transparantieplicht valt, hoe u daaraan voldoet en welke andere regels voor chatbots gelden, zoals de AVG en het consumentenrecht. Een uitgebreid overzicht van de verordening vindt u in onze gids over de AI-verordening.
Inhoudsopgave
Onder welke risicocategorie valt een chatbot?
Een gewone chatbot voor klantenservice, informatie of verkoop valt onder de transparantieverplichtingen van artikel 50 en niet onder hoog risico. De AI-verordening kent verder verboden praktijken, hoog-risico-AI en AI met minimaal risico.
Een chatbot wordt pas hoog risico als hij wordt ingezet voor een doel uit bijlage III van de verordening, bijvoorbeeld het beoordelen van sollicitanten, de kredietwaardigheid van consumenten of de toegang tot publieke voorzieningen. Na de AI-omnibus van 2026 gelden de verplichtingen voor die hoog-risicosystemen vanaf 2 december 2027. Een chatbot die mensen manipuleert op een manier die hen aanzienlijke schade kan berokkenen, is verboden (artikel 5 AI-verordening).
Wie moet de transparantieplicht naleven?
De plicht van artikel 50 lid 1 rust op de aanbieder: degene die het AI-systeem ontwikkelt of laat ontwikkelen en onder eigen naam in gebruik neemt of op de markt brengt (artikel 3 punt 3 AI-verordening). Bouwt u met een taalmodel van een ander een eigen chatbot op uw website, dan bent u vaak zelf aanbieder van dat systeem.
Gebruikt u een kant-en-klare chatbot van een leverancier onder diens naam, dan bent u gebruiksverantwoordelijke. De leverancier moet dan zorgen dat de melding is ingebouwd; controleer in het contract of dat zo is. Lees meer over afspraken met leveranciers in ons artikel over contracten met AI-leveranciers.
Hoe informeert u gebruikers op de juiste manier?
De informatie moet duidelijk en herkenbaar worden gegeven, uiterlijk bij de eerste interactie of blootstelling (artikel 50 lid 5 AI-verordening). Ze moet bovendien toegankelijk zijn, ook voor mensen met een beperking.
In de praktijk volstaat een korte zin bij het openen van het chatvenster, zoals “U chat met een AI-assistent”. Een vermelding die alleen in de privacyverklaring of algemene voorwaarden staat, is niet genoeg. Kan de chatbot het gesprek doorzetten naar een medewerker, maak dan duidelijk wanneer een mens het overneemt.
Welke transparantieplichten gelden nog meer?
Artikel 50 bevat naast de chatbotplicht nog drie andere verplichtingen. Welke voor u gelden, hangt af van wat uw systeem doet.
- Aanbieders van generatieve AI moeten gegenereerde tekst, beelden, audio of video machineleesbaar markeren als kunstmatig (artikel 50 lid 2); daarvoor geldt na de AI-omnibus een overgangstermijn tot 2 december 2026.
- Wie emotieherkenning of biometrische categorisering gebruikt, moet de betrokkenen daarover informeren (artikel 50 lid 3).
- Wie deepfakes publiceert, moet vermelden dat de inhoud kunstmatig is (artikel 50 lid 4).
- Wie AI-tekst publiceert om het publiek te informeren over zaken van algemeen belang, moet dat vermelden, tenzij een mens de tekst redactioneel heeft gecontroleerd en iemand de redactionele verantwoordelijkheid draagt (artikel 50 lid 4).
Welke verplichtingen gelden niet voor een gewone chatbot?
Voor een chatbot die alleen onder artikel 50 valt, hoeft u het systeem niet te registreren in de EU-databank en geen conformiteitsbeoordeling of CE-markering te regelen. Een risicobeheersysteem of menselijk toezicht zoals bij hoog-risico-AI is evenmin verplicht.
Dat betekent niet dat er geen andere regels gelden. Verwerkt de chatbot persoonsgegevens, dan geldt de AVG, en tegenover consumenten blijft het consumentenrecht van toepassing. Ook kan een onjuiste toezegging van uw chatbot aan u worden toegerekend; lees daarover ons artikel over webshops, AI-chatbots en aansprakelijkheid.
Wat vraagt de AVG bij een chatbot?
Als de chatbot persoonsgegevens verwerkt, moet u gebruikers vooraf informeren over het doel, de grondslag en de bewaartermijn (artikel 13 AVG). Met de leverancier die gegevens voor u verwerkt, sluit u een verwerkersovereenkomst (artikel 28 AVG).
Gaat het om gevoelige gegevens, grote aantallen gebruikers of nieuwe technologie met een hoog risico voor betrokkenen, dan kan een gegevensbeschermingseffectbeoordeling (DPIA) verplicht zijn (artikel 35 AVG). Let ook op doorgifte van gegevens naar landen buiten de EU als het taalmodel daar draait (artikel 44 e.v. AVG).
Wat zijn de sancties?
Bij overtreding van de transparantieplichten kan een boete worden opgelegd van maximaal € 15 miljoen of 3% van de wereldwijde jaaromzet, als dat hoger is (artikel 99 lid 4 AI-verordening). Voor mkb-ondernemingen en start-ups geldt het laagste van beide bedragen (artikel 99 lid 6).
In Nederland wordt het toezicht verdeeld over bestaande toezichthouders. De Autoriteit Persoonsgegevens coördineert het toezicht op algoritmes en AI en is bevoegd voor de AVG.
Waar let u op bij uw chatbot?
- Stel vast of u aanbieder of gebruiksverantwoordelijke bent van de chatbot (artikel 3 punt 3 en 4 AI-verordening).
- Toon bij de eerste interactie een duidelijke melding dat de gebruiker met AI praat (artikel 50 lid 1 en 5).
- Controleer of de chatbot wordt gebruikt voor een doel uit bijlage III, zoals werving of kredietbeoordeling.
- Werk uw privacyverklaring bij en sluit een verwerkersovereenkomst met de leverancier (artikel 13 en 28 AVG).
- Leg in het contract met de leverancier vast wie de transparantieplicht en de markering van gegenereerde inhoud regelt.
Wat kunnen wij voor u doen bij uw AI-chatbot?
Onze advocaten ICT-recht helpen ondernemingen om hun chatbot in lijn te brengen met de AI-verordening en de AVG.
- Wij bepalen of uw onderneming aanbieder of gebruiksverantwoordelijke is en welke verplichtingen uit artikel 50 AI-verordening voor u gelden.
- Wij beoordelen of uw toepassing onder hoog risico uit bijlage III valt.
- Wij stellen de AI-melding, de privacyverklaring en de verwerkersovereenkomst op (artikel 13 en 28 AVG).
- Wij beoordelen en onderhandelen het contract met uw AI-leverancier, inclusief aansprakelijkheid en markering van inhoud.
- Wij beoordelen of een DPIA nodig is (artikel 35 AVG) en begeleiden die.
Samengevat
- Sinds 2 augustus 2026 moet een chatbot gebruikers laten weten dat zij met AI praten (artikel 50 lid 1 AI-verordening).
- De plicht ligt bij de aanbieder; wie een eigen chatbot bouwt op een taalmodel, is dat vaak zelf.
- Een gewone chatbot is geen hoog-risico-AI: registratie, CE-markering en conformiteitsbeoordeling zijn niet nodig.
- De AVG en het consumentenrecht blijven daarnaast gewoon gelden.
Veelgestelde vragen
Moet ik melden dat mijn chatbot AI is als dat al duidelijk is?
Niet als het voor een redelijk geïnformeerde en oplettende gebruiker duidelijk is uit de omstandigheden. Bij twijfel is een korte melding de veiligste keuze.
Geldt de transparantieplicht ook voor interne chatbots voor medewerkers?
Ja, de plicht geldt voor AI-systemen die rechtstreeks met natuurlijke personen communiceren, ook als dat medewerkers zijn. Inzet van AI bij werving of beoordeling van personeel kan bovendien hoog risico zijn.
Moet ik mijn chatbot registreren?
Nee, registratie in de EU-databank geldt alleen voor hoog-risicosystemen uit bijlage III.
Ben ik aansprakelijk voor een fout antwoord van mijn chatbot?
Dat kan. Een toezegging of onjuiste informatie van uw chatbot kan aan uw onderneming worden toegerekend, net als een uitlating van een medewerker. Controleer daarom welke onderwerpen de chatbot zelfstandig mag beantwoorden.