EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen

De EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen is een verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd op Europese grondslag, geregeld in de artikelen 45a en verder van de Vreemdelingenwet 2000. Zij bestaat naast de nationale vergunning voor onbepaalde tijd en brengt rechten in andere lidstaten mee.

Wat is het verschil met de nationale vergunning?

De nationale verblijfsvergunning voor onbepaalde tijd is geregeld in artikel 20 Vreemdelingenwet 2000. Het belangrijkste verschil is mobiliteit: met de EU-status kunt u makkelijker een verblijfsvergunning krijgen in een andere EU-lidstaat.

Aan welke voorwaarden moet u voldoen?

U moet in de regel ten minste vijf jaar onafgebroken rechtmatig verblijf en hoofdverblijf in Nederland hebben. Daarnaast moet u voldoen aan de inkomenseisen, het inburgeringsexamen op minimaal niveau A2 hebben gehaald en geen gevaar vormen voor de openbare orde.

Vraagt u een vergunning voor onbepaalde tijd aan, dan kijkt de IND eerst of u voldoet aan de voorwaarden voor de EU-status. Lukt dat niet, dan toetst de IND aan de nationale vergunning.

Hoe lang is de vergunning geldig?

De vergunning zelf heeft geen einddatum, maar het verblijfsdocument is vijf jaar geldig en moet u telkens vernieuwen. Op grond van artikel 45d Vreemdelingenwet 2000 kan de IND de EU-status intrekken als u twaalf maanden achter elkaar buiten de EU verblijft of zes jaar buiten Nederland.

Hoe werkt dit in een concreet geval?

Een softwareontwikkelaar woont zes jaar met een vergunning als kennismigrant in Nederland en heeft zijn inburgeringsexamen gehaald. Hij vraagt een vergunning voor onbepaalde tijd aan en krijgt de EU-status. Twee jaar later krijgt hij een baan in Duitsland. Met zijn EU-status kan hij daar eenvoudiger verblijf aanvragen dan met alleen een nationale vergunning.

Welke van beide vergunningen het best past, hangt af van uw plannen. Zie onze pagina over de verblijfsvergunning.