Stilzwijgende overeenkomst: wanneer ontstaat een contract uit gedrag?

Heb Jij Een Overeenkomst Zonder Duidelijke Afspraken?

Gepubliceerd op 20 oktober 2016 · Laatst bijgewerkt op 8 oktober 2026

Een stilzwijgende overeenkomst is een overeenkomst die niemand heeft ondertekend en die niet met zoveel woorden is gesloten, maar die volgt uit het gedrag van partijen. Zij ontstaat wanneer de ene partij uit de gedragingen en verklaringen van de ander redelijkerwijs mocht afleiden dat die zich wilde binden (artikelen 3:33 en 3:35 BW), tenzij de wet voor die overeenkomst een schriftelijke vorm eist. De Hoge Raad aanvaardde in 2011 uitdrukkelijk dat een overeenkomst ook kan worden afgeleid uit een feitelijke situatie tussen partijen.

Hoe komt een overeenkomst volgens de wet tot stand?

Een overeenkomst komt tot stand door een aanbod en de aanvaarding daarvan (artikel 6:217 BW). De wet stelt daarbij meestal geen vormeis.

Mondeling, per e-mail, via een berichtenapp of door een handeling: het maakt niet uit, zolang aanbod en aanvaarding op elkaar aansluiten. Alleen voor een beperkt aantal overeenkomsten schrijft de wet een schriftelijke vorm voor. Voorbeelden zijn de koop van een woning door een consument (artikel 7:2 BW) en het concurrentiebeding in een arbeidsovereenkomst (artikel 7:653 BW).

Doorslaggevend is niet wat iemand innerlijk wilde. Het gaat om wat de ander uit zijn verklaring of gedrag mocht opmaken. Ontbreekt de wil, maar heeft de wederpartij op de gewekte schijn vertrouwd en mocht zij daar redelijkerwijs op afgaan? Dan kan het ontbreken van die wil niet tegen haar worden ingeroepen (artikel 3:35 BW). Precies dat maakt een stilzwijgende overeenkomst mogelijk: het gerechtvaardigde vertrouwen van de ander schept de binding.

Wat besliste de Hoge Raad over de samenwerkende dierenartsen?

De Hoge Raad oordeelde op 2 september 2011 dat het bestaan van een overeenkomst mede kan worden afgeleid uit een feitelijke situatie die op enig moment tussen partijen bestaat (ECLI:NL:HR:2011:BQ3876). Een moment waarop de overeenkomst werd gesloten, hoeft niet aanwijsbaar te zijn.

In die zaak werkte een groep dierenartsen jarenlang samen zonder dat de meesten van hen ooit een maatschapscontract hadden getekend. Toen de samenwerking eindigde, was de vraag of er tussen hen een maatschap bestond. Dat had gevolgen voor de verdeling van de winst en voor de aansprakelijkheid.

Beslissend waren de gedragingen en verklaringen van partijen en wat zij daaruit over en weer mochten afleiden. De dierenartsen werkten op voet van gelijkwaardigheid samen, ontvingen jaarlijks een variabel bedrag als winst, droegen ondernemersrisico en presenteerden zich naar buiten als één praktijk. Dat was voldoende om een stilzwijgend gesloten maatschap aan te nemen. Wat deze samenwerkingsvorm precies inhoudt, leest u in ons artikel over de maatschap.

Hoe pakte dat uit bij een hoofdelijke aansprakelijkstelling?

Het Gerechtshof Den Haag paste deze maatstaf op 1 maart 2016 toe op een bestuurder die facturen van zijn organisaties uit eigen zak betaalde (ECLI:NL:GHDHA:2016:2419). Het hof nam aan dat hij zich daardoor persoonlijk en hoofdelijk aansprakelijk had gesteld.

Een administratiekantoor verrichtte op basis van een mondelinge overeenkomst van opdracht werkzaamheden voor stichtingen en een besloten vennootschap van één bestuurder, tegen een vast bedrag per maand. Toen twee maandfacturen onbetaald bleven, legde het kantoor conservatoir beslag op privérekeningen van die bestuurder en op twee eilanden in de gemeente Aalsmeer.

De bestuurder voerde aan dat de opdracht met de rechtspersonen was gesloten en niet met hem privé. Het hof zag dat anders. Eerdere facturen waren deels van zijn privérekening betaald en deels door een van zijn vennootschappen, en hij maakte geen strikt onderscheid tussen privé en zakelijk. Daaruit mocht het administratiekantoor afleiden dat hij zich als oprichter en eigenaar persoonlijk verantwoordelijk achtte voor de betaling.

Het hof nam aan dat in 2011 een overeenkomst was ontstaan waarbij de bestuurder zich hoofdelijk aansprakelijk had gesteld. Het ging om een vordering van enkele duizenden euro’s, maar het principe reikt verder: betalen vanaf de verkeerde rekening kan u privé binden.

Wat is het verschil met de Haviltex-maatstaf?

De maatstaf uit 2011 gaat over de vraag óf er een overeenkomst is. De Haviltex-maatstaf gaat over de vraag wat een bestaande overeenkomst betekent.

Haviltex komt uit het arrest van de Hoge Raad van 13 maart 1981. Daarbij gaat het om de betekenis die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan de bepalingen mochten toekennen, en wat zij in dat opzicht van elkaar mochten verwachten. De maatstaf uit de dierenartsenzaak gaat een stap eerder: beide vragen gebruiken dezelfde bouwstenen, namelijk gedragingen, verklaringen en gerechtvaardigd vertrouwen, maar zij vallen niet samen. Hoe de uitlegvraag in de praktijk uitpakt, beschrijven wij in ons artikel over de Haviltex-norm.

Er is nog een derde vraag: de kwalificatie. Ook als vaststaat wat partijen hebben afgesproken, bepaalt de wet welk soort overeenkomst dat oplevert. De Hoge Raad besliste op 6 november 2020 dat het daarbij niet van belang is of partijen de bedoeling hadden de overeenkomst onder de regeling van de arbeidsovereenkomst te laten vallen (ECLI:NL:HR:2020:1746). Wie afspreekt dat er “geen dienstverband” is, maar in werkelijkheid onder gezag tegen loon werkt, kan dus toch een arbeidsovereenkomst hebben in de zin van artikel 7:610 BW.

In welke situaties ontstaat ongemerkt een overeenkomst?

Vaak gaat het om heel gewone situaties. Het risico zit vooral in betalingen, doorleveren na een einddatum en uitvoeren zonder handtekening.

  • Een bestuurder schiet een factuur van zijn vennootschap even voor uit eigen middelen.
  • Een leverancier blijft na afloop van een contract leveren en wordt gewoon betaald. Zo ontstaat stilzwijgend een mondelinge duurovereenkomst, die u in de regel alleen met een redelijke opzegtermijn kunt beëindigen.
  • Iemand treedt toe tot een lopende samenwerking en deelt mee in de winst.
  • Een opdrachtgever roostert een opdrachtnemer in, stuurt hem aan en beoordeelt hem.

Ook bij onderhandelingen speelt dit. Brengt u een offerte uit en begint de wederpartij met de uitvoering zonder te tekenen? Dan is het later lastig om vol te houden dat er geen overeenkomst is: de uitvoering zelf geldt dan als aanvaarding.

Hetzelfde kan gelden voor de partij die zwijgt terwijl een reactie van haar mocht worden verwacht. Onder omstandigheden mag de ander dat zwijgen als instemming opvatten. Voor een samenwerking tussen ondernemers is dat een reden om afspraken vast te leggen in een schriftelijk samenwerkingscontract.

Welk bewijs heeft u nodig als partijen het oneens zijn?

Wie zich op een stilzwijgende overeenkomst beroept, moet die in beginsel bewijzen (artikel 150 Rv). Dat bewijs bestaat zelden uit één stuk: het is de optelsom van facturen, betalingen, e-mails, app-berichten, urenstaten en de manier waarop partijen zich naar buiten toe presenteerden. Omdat het om gedrag gaat, is uw administratie in feite het dossier. Bewaar die zorgvuldig.

Het bewijsrecht is per 1 januari 2025 gewijzigd. De regeling voor inzage in, afschrift of uittreksel van gegevens die bij de wederpartij of een derde liggen, staat sindsdien in de artikelen 194 tot en met 195a Rv. Daarnaast blijft gelden dat partijen de feiten die voor de beslissing van belang zijn volledig en naar waarheid moeten aanvoeren (artikel 21 Rv). Doen zij dat niet, dan kan de rechter daaruit de gevolgtrekking maken die hij geraden acht. Voor het bewijs van mondelinge en stilzwijgende afspraken maakt dat verschil. Wij gaan daar dieper op in bij mondelinge overeenkomsten en bewijsproblemen.

Hoe voorkomt u dat u ongemerkt gebonden raakt?

Door consequent te handelen en afspraken schriftelijk te bevestigen. Wat u doet, telt even zwaar als wat u zegt.

  • Betaal zakelijke facturen alleen vanaf de rekening van de rechtspersoon die de opdracht heeft gegeven. Maakt u een uitzondering, leg dan schriftelijk vast dat het om een lening of voorschot gaat.
  • Onderteken offertes en bevestig telefonische afspraken per e-mail, ook als de relatie goed is.
  • Werk met een uitdrukkelijk voorbehoud van goedkeuring zolang u zich nog niet definitief wilt binden. Zorg dat de uitvoering pas begint als dat voorbehoud is vervallen.

Let ook op het einde van een relatie. Blijft u leveren of afnemen na de einddatum, dan ontstaat al snel een nieuwe, stilzwijgende overeenkomst met onduidelijke voorwaarden. Bevestig het einde schriftelijk, of leg de verlenging vast.

Bent u bestuurder, wees dan extra voorzichtig. Wie privé handelingen verricht voor zijn vennootschap, wekt de indruk dat hij zich ook privé verbindt.

Wat betekent dit voor de relatie met een zzp’er?

Ook in het arbeidsrecht telt de feitelijke uitvoering zwaarder dan het etiket op het contract. Daar zijn de gevolgen vaak het grootst.

Of iemand werknemer is, hangt niet af van de titel boven de overeenkomst. Wordt een zelfstandige ingeroosterd, aangestuurd en beoordeeld als eigen personeel, dan kan er in werkelijkheid een arbeidsovereenkomst bestaan. Die brengt loondoorbetaling bij ziekte, ontslagbescherming en een mogelijke transitievergoeding mee.

Sinds 1 januari 2025 geldt het handhavingsmoratorium van de Belastingdienst niet meer. De Belastingdienst kan bij schijnzelfstandigheid weer correcties en naheffingen opleggen. Volgens de Belastingdienst zijn in 2025 nog geen boetes opgelegd; vanaf 1 januari 2026 kunnen wel vergrijpboetes worden opgelegd. Wij beschrijven dit in ons artikel over het inhuren van zzp’ers onder de Wet DBA.

De achterliggende regel is steeds dezelfde: het recht kijkt door de papieren werkelijkheid heen. Dat werkt twee kanten op. U kunt gebonden raken aan iets wat u niet wilde. Maar u heeft ook een aanspraak wanneer de wederpartij zich achter een ontbrekende handtekening verschuilt, terwijl zij zich jarenlang als contractspartij heeft gedragen.

Wat kunnen wij voor u doen bij een stilzwijgende overeenkomst?

Of u zich op een stilzwijgende overeenkomst beroept of er een betwist: wij zetten het bewijs op een rij en bepalen uw positie.

  • Wij brengen correspondentie, facturen en betalingen in kaart en beoordelen of daaruit een overeenkomst volgt (artikelen 3:33 en 3:35 BW).
  • Wij leggen een bestaande overeenkomst uit volgens de Haviltex-maatstaf en toetsen of de kwalificatie klopt, bijvoorbeeld als arbeidsovereenkomst (artikel 7:610 BW).
  • Wij vorderen zo nodig inzage in stukken van de wederpartij (artikel 194 Rv) en bouwen het bewijs op dat op u rust (artikel 150 Rv).
  • Wij bewaken de verjaringstermijn van vijf jaar (artikel 3:307 BW) en stuiten die tijdig schriftelijk.
  • Wij beëindigen een stilzwijgend ontstane duurovereenkomst met een redelijke opzegtermijn, of verweren u als de wederpartij dat doet.

Samengevat

  • Een overeenkomst kan ontstaan uit gedrag, zonder handtekening. Beslissend is wat de ander redelijkerwijs mocht afleiden (artikelen 3:33 en 3:35 BW).
  • De Hoge Raad aanvaardde in 2011 dat een overeenkomst kan blijken uit een feitelijke situatie, ook zonder aanwijsbaar moment van sluiten.
  • Betalen vanaf uw privérekening kan u als bestuurder persoonlijk binden, zo bleek bij het Haagse hof in 2016.
  • Wie zich op een stilzwijgende overeenkomst beroept, moet die in beginsel bewijzen. Uw administratie is daarbij het belangrijkste bewijs.
  • Leg afspraken, voorbehouden en het einde van een relatie schriftelijk vast.

Veelgestelde vragen

Is een stilzwijgende overeenkomst rechtsgeldig?

Ja. Voor de meeste overeenkomsten stelt de wet geen vormeis. Een overeenkomst die uit gedrag blijkt, is even bindend als een ondertekend contract. Alleen het bewijs is lastiger.

Kan een overeenkomst ontstaan door alleen te zwijgen?

Zwijgen is op zichzelf geen aanvaarding. Mocht er van u een reactie worden verwacht, bijvoorbeeld binnen een lopende handelsrelatie, dan kan het uitblijven daarvan samen met andere omstandigheden wel als instemming gelden.

Kan ik als bestuurder privé aansprakelijk worden voor een schuld van mijn bv?

Dat kan, en niet alleen via bestuurdersaansprakelijkheid. Zoals het Haagse hof liet zien, kan uit uw eigen betalingsgedrag een zelfstandige overeenkomst volgen waarbij u zich hoofdelijk aansprakelijk heeft gesteld.

Hoe lang kan een wederpartij zich op zo’n overeenkomst beroepen?

Een vordering tot nakoming verjaart in de regel na vijf jaar. Die termijn begint op de dag na die waarop de vordering opeisbaar is geworden (artikel 3:307 BW).

Wat kunt u doen als u twijfelt of er een overeenkomst is?

Breng eerst alle correspondentie, facturen en betalingen in kaart. Uit dat geheel blijkt meestal of u zich op een overeenkomst kunt beroepen, of juist kunt betwisten dat er een is.

Meer over hoe Law & More u hierbij helpt, leest u op de pagina civiel recht advocaat.

Wilt u weten of wij u kunnen helpen?

Plan een gratis kennismaking. Daarin bespreken wij of wij u kunnen helpen en wat dat kost. Inhoudelijk advies valt er niet onder. Wij beoordelen geen zaken of stukken per e-mail zonder opdracht.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.

Wilt u weten of wij u kunnen helpen?

Plan een gratis kennismaking. Daarin bespreken wij of wij u kunnen helpen en wat dat kost. Inhoudelijk advies valt er niet onder. Wij beoordelen geen zaken of stukken per e-mail zonder opdracht.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.