Gepubliceerd op 27 augustus 2025 · Laatst bijgewerkt op 31 oktober 2026
Een financieringsovereenkomst is het contract waarin een geldverstrekker en een geldnemer de lening vastleggen: bedrag, rente, looptijd, aflossing, zekerheden en de gevolgen als het misgaat. Voor een zakelijke lening geldt geen algemene schriftelijkheidseis, maar zonder getekend contract kunt u de afspraken later nauwelijks bewijzen. Voor enkele onderdelen stelt de wet wel eisen aan het schrift, zoals rente tussen twee particulieren (artikel 7:129c BW) en het bewijs van een borgtocht door een particulier (artikel 7:859 BW).
Dit artikel gaat over zakelijke financiering. Voor leningen aan consumenten gelden aanvullende beschermingsregels die hier niet aan bod komen. De wetsartikelen staan in Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek (geldlening en borgtocht) en Boek 3 BW (pand en hypotheek).
Inhoudsopgave
Wat is een financieringsovereenkomst juridisch?
Juridisch is een financieringsovereenkomst meestal een overeenkomst van geldlening. Volgens artikel 7:129 BW verbindt de uitlener zich een som geld te verstrekken en verbindt de lener zich dat bedrag terug te betalen.
De wet geeft voor geldlening een paar regels die gelden als partijen niets anders afspreken. Ze zijn regelend recht: eigen afspraken in het contract gaan voor. Juist daarom is het van belang te weten wat er gebeurt als het contract over een punt zwijgt.
| Onderwerp | Wettelijke regel | Wetsartikel |
|---|---|---|
| Rente tussen twee particulieren | Alleen verschuldigd als die schriftelijk is bedongen | 7:129c BW |
| Overige leningen | Rente is in beginsel verschuldigd, tenzij anders afgesproken | 7:129c BW |
| Hoogte van de rente niet afgesproken | De wettelijke rente geldt | 7:129d BW |
| Geen termijn voor terugbetaling afgesproken | Terugbetalen binnen zes weken na opeising | 7:129e BW |
Welke onderdelen staan in elke financieringsovereenkomst?
Vrijwel elke financieringsovereenkomst regelt de partijen, de hoofdsom, de rente, de looptijd, de aflossing, de zekerheden en de gevolgen van wanbetaling. Wie deze bouwstenen kent, kan een aangeboden contract beter beoordelen en gerichter onderhandelen.
| Onderdeel | Omschrijving | Waarom het telt |
|---|---|---|
| Partijen | De volledige gegevens van geldverstrekker en geldnemer | Voorkomt onduidelijkheid over wie de verplichtingen aangaat |
| Hoofdsom | Het uitgeleende bedrag, met wijze en moment van verstrekking | Grondslag voor alle renteberekeningen |
| Rente | Het percentage over de hoofdsom, vast of variabel | Bepaalt de kosten en de periodieke lasten |
| Looptijd | De periode waarin de lening moet zijn terugbetaald | Geeft een einddatum voor de verplichting |
| Aflossingsschema | Data en bedragen van terugbetaling | Nodig voor uw liquiditeitsplanning |
| Zekerheden | Pandrecht, hypotheekrecht of persoonlijke zekerheid | Beperkt het risico van de financier |
| Wanbetaling | Wat de financier mag doen als u niet nakomt | Legt de gevolgen vooraf vast |
Rente, looptijd en aflossing: de financiële kernbepalingen
De financiële kernbepalingen bepalen direct uw periodieke lasten. Ze zijn meestal het startpunt van de onderhandelingen.
- Hoofdsom: het bedrag dat u leent, exact vastgelegd, met het moment van verstrekking.
- Rente: vast of variabel. Bij een variabele rente staat in het contract aan welke referentierente die is gekoppeld en hoe vaak die wordt aangepast.
- Looptijd: een langere looptijd verlaagt de periodieke aflossing, maar verhoogt meestal de totale rentekosten.
- Aflossing: annuïtair (elke periode hetzelfde totaalbedrag, met een dalend rentedeel), lineair (elke periode hetzelfde aflossingsbedrag, met dalende rente) of bullet (de hele hoofdsom aan het einde). Soms is er een aflossingsvrije periode aan het begin.
Let ook op de opeisingsregeling. Is geen termijn voor terugbetaling afgesproken, dan moet de lener volgens artikel 7:129e BW terugbetalen binnen zes weken nadat de uitlener de lening heeft opgeëist. In zakelijke contracten staan bijna altijd eigen afspraken over looptijd en opeisbaarheid. Die gaan voor.
Wilt u eerder aflossen, kijk dan of het contract dat toestaat en tegen welke vergoeding. Met een boete voor vervroegde aflossing compenseert de financier de rente die hij misloopt.
Convenanten: de voorwaarden waaraan u de hele looptijd moet voldoen
Convenanten zijn voorwaarden waaraan u als lener gedurende de hele looptijd moet blijven voldoen. Voldoet u er niet aan, dan kan de financier ingrijpen, ook als u rente en aflossing netjes betaalt. Ze zijn bedoeld als vroeg waarschuwingssignaal voor de financier.
- Financiële convenanten meten uw prestaties, zoals een minimale solvabiliteit (de verhouding tussen eigen en vreemd vermogen) of een minimale Debt Service Coverage Ratio (DSCR). De DSCR meet of uw operationele kasstroom rente en aflossing dekt.
- Informatieconvenanten verplichten u om regelmatig cijfers te sturen, zoals kwartaalcijfers en de jaarrekening.
- Gedragsconvenanten beperken wat u mag doen, zoals een verbod om belangrijke bedrijfsmiddelen zonder toestemming te verkopen of een beperking van dividenduitkeringen.
Een voorbeeld ter illustratie. Uw contract bevat een DSCR-convenant van 1,2. Uw operationele kasstroom moet dan minimaal 20 procent hoger zijn dan uw rente- en aflossingsverplichtingen over dezelfde periode. Zakt de kasstroom daaronder door een tegenvallende omzet, dan schendt u het convenant, ook als u nog wel betaalt.
Ziet u aankomen dat u een convenant niet haalt, meld dat dan vroeg bij de financier. Een tijdelijke ontheffing (een waiver) is vaak bespreekbaar. Leg die schriftelijk vast.
Event of default en MAC-clausule: wanneer mag de financier ingrijpen?
Een schending van het contract heet in financieringsovereenkomsten vaak een event of default. Afhankelijk van de tekst kan dat veel meer zijn dan een gemiste betaling:
- het schenden van een convenant, hoe klein ook;
- het te laat aanleveren van financiële rapportages;
- een wijziging in de zeggenschap over of de eigendom van uw bedrijf;
- faillissement of surseance van betaling van uw onderneming of een groepsmaatschappij.
De gevolgen staan in het contract: een renteopslag, extra zekerheden of directe opeising van de hele lening. Onderhandel daarom over drempels en een herstelperiode waarin u een tekortkoming kunt herstellen.
Een vage definitie geeft de financier veel ruimte. Een bekend voorbeeld is de Material Adverse Change-clausule (MAC-clausule): de financier mag ingrijpen bij een “materiële negatieve verandering” in uw onderneming. Vraag om een meetbare definitie, bijvoorbeeld een vooraf vastgelegde daling van omzet of resultaat.
De bank mag niet zomaar opzeggen: twee uitspraken
Ook als het contract of de Algemene Bankvoorwaarden de bank een opzegbevoegdheid geven, toetst de rechter het gebruik daarvan aan de redelijkheid en billijkheid (artikel 6:248 lid 2 BW) en aan de zorgplicht van de bank. Twee recente zaken laten zien hoe dat uitvalt:
- Rechtbank Midden-Nederland, 3 april 2024 (ECLI:NL:RBMNE:2024:1851): de opzegging van een kredietrelatie was onaanvaardbaar. Er was geen betalingsachterstand, de schuld was in ruim zestien jaar sterk afgelost, de bank wachtte een gevraagde liquiditeitsprognose niet af, gaf geen kans tot herstel en liep door ruime zekerheden nauwelijks risico. De bank moest schadevergoeding betalen.
- Rechtbank Den Haag, 16 april 2025 (ECLI:NL:RBDHA:2025:6468): de bank mocht de zakelijke kredietfaciliteit van een eenmanszaak wel opzeggen en opeisen. De kredietnemer overschreed de limiet en loste niet af, terwijl de bank de limiet geleidelijk had verlaagd, uitstel had gegeven en betalingsregelingen had overwogen. De rechtbank gebruikte de Gedragscode Kleinzakelijke Financiering als richtsnoer voor wat van de bank mocht worden verwacht.
De les: of een opzegging standhoudt, hangt af van de omstandigheden. Een betalingsachterstand, eerdere waarschuwingen en het risico voor de financier wegen zwaar.
Welke soorten financieringsovereenkomsten komt u tegen?
De vorm van de financiering hangt af van het doel. Een investering in machines vraagt een ander contract dan het opvangen van tijdelijke tekorten.
| Vorm | Waarvoor | Juridisch aandachtspunt |
|---|---|---|
| Onderhandse lening | Lening van een familielid, ondernemer of particuliere investeerder | Leent een particulier aan een particulier, dan is rente alleen verschuldigd als die schriftelijk is bedongen (7:129c BW) |
| Rekening-courantkrediet | Schommelingen in de dagelijkse kasstroom opvangen | Voorwaarden waaronder de bank de limiet mag verlagen of het krediet mag opzeggen |
| Verkoperslening (vendor loan) | Deel van de koopprijs bij een overname | Meestal achtergesteld bij de bank; rangorde vastleggen in een achterstellingsafspraak |
| Earn-out | Deel van de koopprijs afhankelijk van toekomstige resultaten | Definities en meetmomenten: wat telt als winst en wie stelt die vast? |
Bij een onderhandse lening is de relatie vaak persoonlijk. Juist dan voorkomt een helder contract dat een zakelijk meningsverschil escaleert. Bij een rekening-courantkrediet betaalt u rente over het opgenomen bedrag. Die rente is meestal hoger dan bij een gewone lening, dus het krediet is bedoeld voor de korte termijn.
Bij een bedrijfsovername is een banklening vaak niet genoeg om de hele koopprijs te betalen. De verkoper financiert dan een deel via een verkoperslening of een earn-out. Naast de bank zijn er dan meer partijen met eigen belangen, en hun afspraken moeten op elkaar aansluiten. Achtergrond vindt u in een artikel over financiering bij bedrijfsovernames op Consultancy.nl.
Steeds meer financiers koppelen de rente aan duurzaamheidsdoelen (ESG-doelstellingen). Haalt u de doelen, dan volgt een rentekorting; haalt u ze niet, dan mogelijk een opslag. Zorg dan dat de doelen meetbaar zijn, dat de meetmethode objectief is en dat u zelf invloed heeft op het resultaat.
Pand en hypotheek: zekerheden op uw bedrijfsmiddelen
Bij een zakelijke zekerheid wijst u bezittingen van uw onderneming aan als onderpand. Komt u uw betalingsverplichtingen niet na, dan mag de financier die bezittingen laten verkopen en zich uit de opbrengst voldoen.
| Zekerheid | Waarop | Hoe gevestigd | Uitwinning |
|---|---|---|---|
| Vuistpand | Roerende zaken | Zaak in de macht van de financier brengen (3:236 BW) | Verkoop bij verzuim (3:248 BW) |
| Stil of bezitloos pand | Voorraad, machines, vorderingen | Authentieke of geregistreerde onderhandse akte (3:237 BW); bij vorderingen zonder mededeling aan uw klanten (3:239 BW) | Verkoop of inning bij verzuim (3:248 BW) |
| Hypotheek | Registergoederen, zoals een bedrijfspand of grond | Notariële akte en inschrijving in de openbare registers | Openbare verkoop ten overstaan van een notaris (3:268 BW) |
Bij een stil pand kunt u gewoon doorwerken met de verpande zaken. Bij deze zakelijke zekerheden blijft uw privévermogen in beginsel buiten schot als de lening op naam van een bv of nv staat. Bij een eenmanszaak of vof is er geen scheiding tussen zakelijk en privévermogen en bent u ook privé aansprakelijk.
Borgtocht en hoofdelijke aansprakelijkheid: zekerheden op uw privévermogen
Met een persoonlijke zekerheid staat u zelf in voor de schuld van uw bedrijf, met uw spaargeld, woning en andere bezittingen. Levert de verkoop van het onderpand te weinig op, dan kan de financier u persoonlijk aanspreken.
- Borgtocht: u verbindt zich tegenover de financier om de schuld van uw bedrijf te voldoen (artikel 7:850 BW). U hoeft pas te betalen als de onderneming zelf tekortschiet (artikel 7:855 lid 1 BW). Stelt de financier de onderneming in gebreke, dan moet hij u daarvan tegelijk op de hoogte brengen (artikel 7:855 lid 2 BW). Hij hoeft niet eerst het onderpand van de onderneming te verkopen.
- Hoofdelijke aansprakelijkheid: u bent naast uw bedrijf voor de gehele schuld aansprakelijk. De financier kan direct bij u het volledige bedrag vorderen, zonder eerst het bedrijf aan te spreken.
De wet beschermt de particuliere borg. Die extra regels gelden volgens artikel 7:857 BW alleen voor een natuurlijk persoon die niet handelde in de uitoefening van zijn beroep of bedrijf. Buiten de bescherming valt ook de bestuurder die zich borg stelt voor de normale bedrijfsuitoefening van een bv of nv waarvan hij, alleen of met zijn medebestuurders, de meerderheid van de aandelen heeft. Een directeur-grootaandeelhouder valt daardoor meestal niet onder de bescherming. Geldt de bescherming wel en staat de schuld bij het aangaan nog niet vast, dan is de borgtocht alleen geldig voor zover een maximumbedrag is afgesproken (artikel 7:858 BW).
Bent u getrouwd of heeft u een geregistreerd partnerschap, dan heeft u voor een borgtocht in beginsel de toestemming van uw partner nodig (artikel 1:88 BW). Volgens artikel 1:88 lid 5 BW geldt die eis niet voor de bestuurder van een bv of nv die alleen of met zijn medebestuurders de meerderheid van de aandelen houdt, als de borgtocht dient voor de normale bedrijfsuitoefening van die vennootschap.
Een voorbeeld ter illustratie. Uw bv leent € 150.000 en u tekent als bestuurder voor hoofdelijke aansprakelijkheid. Komt de bv in betalingsproblemen, dan kan de bank het volledige bedrag rechtstreeks van u vorderen, ook als er nog geen bedrijfsmiddel is verkocht.
Wat controleert u als geldnemer voordat u tekent?
- Zijn de convenanten en financiële ratio’s ook in een minder jaar haalbaar?
- Hoe is event of default gedefinieerd, en is er een herstelperiode?
- Welke bedrijfsmiddelen geeft u als onderpand, en staat de waarde in verhouding tot de lening?
- Is een borgtocht of hoofdelijke aansprakelijkheid beperkt tot een maximumbedrag en een vaste duur?
- Heeft uw partner toestemming gegeven, of valt u onder de uitzondering van artikel 1:88 lid 5 BW?
- Mag u vervroegd aflossen, en tegen welke vergoeding?
Wat regelt u als geldverstrekker?
- Leent u als particulier aan een andere particulier, leg de rente dan schriftelijk vast; anders is geen rente verschuldigd (artikel 7:129c BW).
- Laat een stil pandrecht vestigen bij authentieke of geregistreerde onderhandse akte (artikel 3:237 BW).
- Vraag bij een gehuwde borg om de toestemming van de partner (artikel 1:88 BW), tenzij de uitzondering voor de bestuurder-meerderheidsaandeelhouder geldt.
- Spreek bij een particuliere borg een maximumbedrag af (artikel 7:858 BW).
- Breng de borg tegelijk op de hoogte als u de lener in gebreke stelt (artikel 7:855 lid 2 BW).
Wanbetaling: opeising, ontbinding en vertragingsrente
Komt een partij haar verplichtingen niet na, dan kan de andere partij nakoming vorderen, de lening opeisen voor zover het contract dat toelaat, of de overeenkomst ontbinden. In de praktijk gebruikt een financier meestal de opeisingsregeling in het contract en wint hij daarna zijn zekerheden uit. Een procedure en beslag bij wanbetaling zijn ook mogelijk.
Volgens artikel 6:265 BW geeft iedere tekortkoming de wederpartij in beginsel het recht de overeenkomst geheel of gedeeltelijk te ontbinden, tenzij de tekortkoming door haar bijzondere aard of geringe betekenis dat niet rechtvaardigt. Is nakoming nog mogelijk, dan ontstaat de bevoegdheid pas als de schuldenaar in verzuim is (artikel 6:265 lid 2 BW). Daarvoor is meestal eerst een ingebrekestelling nodig: een schriftelijke aanmaning met een redelijke termijn. Ook de kredietnemer kan ontbinden, bijvoorbeeld als de bank het geld niet op het afgesproken moment beschikbaar stelt.
Na ontbinding vervallen de nog niet nagekomen verplichtingen en moet het uitstaande krediet worden terugbetaald. Daarnaast kan schadevergoeding verschuldigd zijn. Bij te late betaling van een geldsom loopt bovendien de wettelijke rente, waardoor de schuld oploopt. Let ook op de verjaring van vorderingen als een vordering lang blijft liggen.
| Soort wettelijke rente | Wetsartikel | Percentage | Geldt sinds |
|---|---|---|---|
| Niet-handelstransacties | 6:119 BW | 4% | 1 januari 2026 |
| Handelstransacties | 6:119a BW | 10,4% | 1 juli 2026 |
Bron: Rijksoverheid, hoogte wettelijke rente (geraadpleegd oktober 2026). De percentages worden per half jaar vastgesteld; controleer het actuele tarief.
Een geschil met de financier: overleg, Kifid of de rechter
Begin met direct overleg. Banken en andere financiële dienstverleners hebben een interne klachtenprocedure, die u eerst moet doorlopen. Daarna kunnen kleinzakelijke ondernemers onder voorwaarden met een klacht over zakelijk krediet terecht bij Kifid. Controleer de actuele voorwaarden en termijnen op de website van Kifid voordat u een klacht indient.
- Mediation met een neutrale derde is altijd mogelijk als beide partijen meewerken.
- Staat er een arbitrageclausule in het contract, dan kunt u in beginsel niet naar de gewone rechter.
- Anders beslist de rechtbank; bij spoed kan een kort geding.
- Toezichthouders zoals de AFM en DNB lossen geen individuele geschillen op. Een melding is een signaal voor het toezicht, geen uitspraak in uw zaak.
Hoe eindigt een financieringsovereenkomst?
Meestal eindigt de overeenkomst door volledige aflossing aan het einde van de looptijd. Daarnaast kan zij eindigen door vervroegde aflossing (als het contract dat toestaat), opeising of ontbinding.
- Faillissement van de kredietnemer beëindigt de overeenkomst niet vanzelf, maar is in vrijwel elk contract een grond om de lening op te eisen.
- Overlijden van de kredietnemer beëindigt de overeenkomst evenmin vanzelf. De schuld valt in de nalatenschap en gaat over op de erfgenamen die de nalatenschap aanvaarden. Het contract kan bepalen dat de lening dan opeisbaar wordt.
- Zekerheden blijven meestal bestaan tot alles is afgelost. Een hypotheekrecht wordt daarna doorgehaald in de openbare registers van het Kadaster. Vraag bij een pandrecht om een schriftelijke bevestiging dat het is vervallen.
Kunt u het contract na het tekenen nog aanpassen?
Een financieringsovereenkomst kan in beginsel niet eenzijdig worden aangepast. Voor contractwijzigingen is instemming van de financier nodig, tenzij het contract of de algemene bankvoorwaarden een wijzigingsbeding bevatten. Zo’n beding moet redelijk worden toegepast (artikel 6:248 BW).
Leg elke wijziging vast in een addendum. Wordt het bedrag verhoogd waarvoor een hypotheekrecht geldt, dan is in de regel een nieuwe notariële akte nodig. Zijn de omstandigheden ingrijpend en onvoorzien veranderd, dan kan de rechter een overeenkomst in uitzonderlijke gevallen wijzigen of gedeeltelijk ontbinden (artikel 6:258 BW). Die mogelijkheid wordt terughoudend toegepast. Onderhandel daarom zo veel mogelijk uit voordat u tekent. Een standaardsjabloon van internet houdt geen rekening met uw zekerheden, convenanten en opeisingsgronden.
Wat wij doen bij een financieringsovereenkomst
- Wij beoordelen een aangeboden overeenkomst op convenanten, opeisingsgronden en de event of default-clausule.
- Wij stellen een leningsovereenkomst op maat op, met afspraken over rente, aflossing, opeising en zekerheden.
- Wij toetsen of een borgtocht geldig is, onder meer aan artikel 1:88 en 7:858 BW.
- Wij voeren namens u overleg met de financier over een waiver of aanpassing.
- Wij beoordelen een opzegging, opeising of ontbinding en voeren zo nodig de procedure bij de rechter of in arbitrage.
Bij een ingewikkelde contractwijziging of een geschil kan een advocaat civiel recht de gevolgen en risico’s voor u in kaart brengen.
De financieringsovereenkomst in vijf punten
- Zwijgt het contract, dan vult de wet aan: wettelijke rente (7:129d BW) en terugbetaling binnen zes weken na opeising (7:129e BW).
- Convenanten en de event of default-clausule bepalen wanneer de financier mag ingrijpen, ook als u wel betaalt.
- Een contractuele opzegbevoegdheid is begrensd door redelijkheid en billijkheid en de zorgplicht van de bank (Rb. Midden-Nederland 3 april 2024).
- Pand en hypotheek raken uw bedrijfsmiddelen; borgtocht en hoofdelijkheid raken uw privévermogen.
- Een dga die borg staat voor zijn eigen bv valt meestal buiten de bescherming van 7:857 BW en de partnertoestemming van 1:88 BW.