Ontbinding van een overeenkomst: wanneer en hoe u dit doet

Ontbinding van een overeenkomst: wanneer en hoe u dit doet

Gepubliceerd op 3 juni 2025 · Laatst bijgewerkt op 7 oktober 2026

Ontbinding is uw recht om een overeenkomst te beëindigen als de wederpartij tekortschiet, geregeld in artikel 6:265 BW. Dat recht bestaat bij iedere tekortkoming, tenzij deze door haar geringe betekenis de ontbinding niet rechtvaardigt. Zolang nakoming nog mogelijk is, moet de wederpartij eerst in verzuim zijn. Anders dan bij vernietiging werkt ontbinding niet terug: zij bevrijdt u beiden voor de toekomst en verplicht tot teruggave van wat al is gepresteerd.

Ontbinding van een overeenkomst wegens een tekortkoming in de nakoming

Wat is ontbinding en hoe verschilt dit van opzegging of vernietiging?

Ontbinding beëindigt een geldig gesloten overeenkomst omdat uw wederpartij tekortschiet. Opzegging vereist geen tekortkoming, en vernietiging tast de overeenkomst aan vanaf het moment van sluiten.

Ontbinding is een van drie manieren om een overeenkomst te beëindigen, en de drie worden vaak door elkaar gehaald. Opzegging beëindigt een lopende overeenkomst voor de toekomst zonder dat de wederpartij iets fout hoeft te hebben gedaan; of dat mag, volgt uit het contract of de aard van de overeenkomst. Vernietiging tast de overeenkomst aan omdat er bij het sluiten iets mis was, bijvoorbeeld dwaling of bedrog, en werkt wel terug tot het sluitingsmoment. Ontbinding staat daartussenin: de overeenkomst is geldig tot stand gekomen, maar uw wederpartij komt haar verplichtingen niet na.

Het belangrijkste misverstand: ontbinding werkt niet terug. Artikel 6:269 BW bepaalt dat met zoveel woorden, en dat is precies het verschil met vernietiging. De overeenkomst wordt dus niet geacht nooit te hebben bestaan; zij heeft wel degelijk bestaan en alleen de toekomstige verplichtingen vervallen. Wat wel gebeurt, staat in artikel 6:271 BW: partijen worden bevrijd van de getroffen verbintenissen, en voor wat al is gepresteerd ontstaan ongedaanmakingsverbintenissen. Koopt en ontbindt u een auto, dan geeft u de auto terug en krijgt u de koopprijs terug, maar niet omdat de koop nooit heeft bestaan: de koopovereenkomst heeft wel degelijk bestaan, alleen de wederzijdse verplichtingen worden ongedaan gemaakt.

Dat onderscheid is meer dan een kwestie van woordkeuze. Bij een duurovereenkomst bepaalt het of u ook over reeds verstreken maanden van uw verplichtingen bent bevrijd. Kiest u het verkeerde instrument, dan vordert u het verkeerde en loopt u het risico dat de rechter uw vordering afwijst zonder aan de inhoud toe te komen. Bij een gedeeltelijk uitgevoerd project speelt hetzelfde: het instrument dat u kiest, bepaalt of de al geleverde deelprestaties overeind blijven of ook ongedaan moeten worden gemaakt. Bepaal daarom eerst welke van de drie precies aan de orde is, voordat u een verklaring verstuurt of een procedure start.

Aan welke drie voorwaarden moet u voldoen?

Er moet een tekortkoming zijn, die tekortkoming moet de ontbinding rechtvaardigen, en uw wederpartij moet in verzuim zijn zolang nakoming nog mogelijk is.

Artikel 6:265 BW geeft u die bevoegdheid bij iedere tekortkoming, tenzij deze door haar bijzondere aard of geringe betekenis de ontbinding met haar gevolgen niet rechtvaardigt. Is nakoming nog mogelijk, dan ontstaat de bevoegdheid pas als de wederpartij in verzuim is.

Daaruit volgen drie punten die u telkens moet nalopen voordat u ontbindt. Ten eerste: er moet een tekortkoming zijn, dat wil zeggen dat uw wederpartij niet, niet tijdig of niet behoorlijk doet wat is afgesproken. Denk aan een levering die uitblijft, een product dat niet aan de overeenkomst beantwoordt, een onbetaalde factuur of ondeugdelijk uitgevoerd werk. Anders dan bij schadevergoeding is toerekenbaarheid geen vereiste: ook bij overmacht kunt u in beginsel ontbinden, u kunt dan alleen geen schadevergoeding vorderen. Dit verschil wordt in de praktijk vaak over het hoofd gezien, terwijl het de uitkomst van een geschil ingrijpend kan veranderen en bepalend is voor uw proceskansen. Het verschil tussen die twee zetten wij uiteen in ons artikel over wanprestatie of overmacht.

Ten tweede geldt de tenzij-bepaling. De Hoge Raad heeft op 28 september 2018 verduidelijkt dat de hoofdregel en de tenzij-bepaling samen één rechtsregel vormen: alleen een tekortkoming van voldoende gewicht geeft recht op ontbinding (ECLI:NL:HR:2018:1810). Bij de toepassing wegen alle omstandigheden van het geval mee; geen enkel gezichtspunt is op voorhand beslissend. U vindt de uitspraak bij de Rechtspraak.

Ten derde moet uw wederpartij in verzuim zijn, zolang zij nog kan nakomen. Dit is de stap die in de praktijk het vaakst wordt overgeslagen, en die een ontbinding het snelst onderuithaalt. Zonder verzuim mist uw ontbinding een wettelijke grondslag, ook als de tekortkoming zelf buiten twijfel staat.

Wanneer is een ingebrekestelling nodig?

De hoofdregel staat in artikel 6:82 BW: verzuim treedt in wanneer u de wederpartij schriftelijk aanmaant en haar daarbij een redelijke termijn voor nakoming geeft, en nakoming binnen die termijn uitblijft. Een ingebrekestelling is dus geen formaliteit maar een laatste kans.

Artikel 6:83 BW noemt de gevallen waarin verzuim ook zonder ingebrekestelling intreedt. Het bekendste geval is een verstreken fatale termijn. Let op: dat verzuim treedt dan van rechtswege in, maar de overeenkomst eindigt niet automatisch. U moet nog steeds zelf ontbinden. Verzuim treedt verder zonder aanmaning in bij een verbintenis uit onrechtmatige daad of tot schadevergoeding, en wanneer uw wederpartij laat weten niet te zullen nakomen. Deze uitzonderingen zijn er om te voorkomen dat u een zinloze formaliteit moet doorlopen voordat u uw recht kunt uitoefenen.

Is nakoming blijvend of tijdelijk onmogelijk, dan is verzuim helemaal geen vereiste: artikel 6:265 lid 2 BW stelt die eis alleen voor zover nakoming nog mogelijk is. Twijfelt u of nakoming werkelijk onmogelijk is, stuur dan toch een ingebrekestelling. Een overbodige aanmaning schaadt uw positie niet; een ontbrekende aanmaning wel. Wanneer u ook zonder ingebrekestelling schadevergoeding kunt vorderen, leest u in ons artikel over schadevergoeding bij contractbreuk zonder ingebrekestelling.

Hoe stelt u een ingebrekestelling op die standhoudt?

Een bruikbare ingebrekestelling doet vier dingen. Zij omschrijft precies welke verplichting niet is nagekomen, met datum, bedrag en contractbepaling. Zij sommeert tot nakoming en niet tot iets anders. Zij noemt een concrete termijn met een einddatum, geen vage aanduiding als “op korte termijn”. En zij vermeldt wat er gebeurt als de termijn verstrijkt, zodat uw wederpartij weet dat ontbinding en schadevergoeding volgen.

De redelijke termijn hangt af van wat er moet gebeuren: voor een factuur volstaat doorgaans een korte termijn, voor het herstellen van een complexe installatie is meer tijd nodig. Een aantoonbaar te korte termijn kan tot gevolg hebben dat verzuim niet intreedt, waarmee uw hele ontbinding wegvalt. Is de termijn te kort geweest maar heeft uw wederpartij ook daarna niet gepresteerd, dan neemt de rechter soms aan dat alsnog een redelijke termijn is verstreken, maar daar wilt u niet van afhankelijk zijn. Reken daar liever niet op: stel de termijn direct ruim genoeg, zodat discussie achteraf wordt voorkomen.

Verstuur de aanmaning zo dat u de ontvangst kunt aantonen, bijvoorbeeld aangetekend en per e-mail, en bewaar de verzendbewijzen. Een voorbeeldbrief met de vaste onderdelen vindt u in ons artikel over de ingebrekestelling. Stelt het contract zelf eisen aan de wijze van kennisgeving, houd u daar dan aan: staat er dat aanmaningen aangetekend moeten worden verzonden, dan is een e-mail niet genoeg, hoe snel die ook aankomt.

Ontbindt u met een verklaring, of via de rechter?

U hoeft niet naar de rechter om te ontbinden. De gebruikelijke route is de buitengerechtelijke ontbinding: u stuurt uw wederpartij een schriftelijke verklaring waarin u de overeenkomst ontbindt, met vermelding van de tekortkoming en van het verzuim. Vanaf dat moment is de overeenkomst ontbonden, ook als uw wederpartij het daarmee oneens is. Wie gelijk heeft, blijkt echter pas als er daadwerkelijk een geschil ontstaat en een rechter de gronden toetst.

Daar zit het risico. Ontbindt u ten onrechte, bijvoorbeeld omdat verzuim niet was ingetreden of de tekortkoming te gering was, dan schiet u zelf tekort. Uw wederpartij kan dan alsnog nakoming vorderen, of zelf ontbinden en schadevergoeding eisen. Dat is geen theoretisch risico: de rechtspraak laat regelmatig zien dat een partij die te snel en zonder deugdelijke onderbouwing ontbindt, zelf als de tekortschietende partij wordt aangemerkt en vervangende schadevergoeding moet betalen. Voorbeelden daarvan vindt u bij de Rechtspraak. Bent u daarover onzeker, laat de gronden voor ontbinding dan vooraf toetsen.

De gang naar de rechter is aangewezen wanneer u de gevolgen van de ontbinding niet zelf kunt realiseren, bijvoorbeeld omdat uw wederpartij het betaalde niet terugstort of de geleverde zaken niet terugneemt. U vordert dan ontbinding, terugbetaling en schadevergoeding in één procedure. Staat op voorhand vast dat er discussie komt over de ernst van de tekortkoming, dan is het vaak verstandiger de rechter te laten oordelen dan eenzijdig te handelen en achteraf zelf aansprakelijk te blijken.

Wat zijn de gevolgen van ontbinding?

Vanaf de ontbinding hoeft u niet langer na te komen. Artikel 6:271 BW bevrijdt u beiden van de getroffen verbintenissen; voor prestaties die al zijn verricht ontstaan ongedaanmakingsverbintenissen. Geleverde zaken gaan terug, betaalde bedragen worden terugbetaald. Is teruggave naar haar aard onmogelijk, bijvoorbeeld bij een verrichte dienst, dan komt daarvoor een vergoeding van de waarde in de plaats. Dit voorkomt dat de partij die de dienst al heeft ontvangen, deze zonder tegenprestatie mag houden.

Naast ontbinding kunt u schadevergoeding vorderen. Artikel 6:74 BW verplicht de wederpartij de schade te vergoeden die uit haar tekortkoming voortvloeit, tenzij deze haar niet kan worden toegerekend. Ontbinding en schadevergoeding sluiten elkaar dus niet uit, maar door de ontbinding verandert wat u kunt vorderen: niet langer nakoming, maar de schade die u lijdt doordat de overeenkomst is geëindigd, zoals de meerkosten van een vervangende leverancier en kosten die u nutteloos heeft gemaakt.

Let ten slotte op bedingen die de ontbinding overleven. Een geheimhoudingsbeding, boetebeding, forumkeuze en aansprakelijkheidsbeperking blijven doorgaans gelden, omdat zij juist zijn geschreven voor de situatie waarin het misgaat. Wilt u weten of een boetebeding of een gewone schadevergoedingsregeling beter bij uw contract past, lees dan ons artikel over boetebeding tegenover schadevergoeding.

Kunt u ook gedeeltelijk ontbinden, of is er een alternatief?

Artikel 6:265 BW spreekt van geheel of gedeeltelijk ontbinden. Gedeeltelijke ontbinding is vaak de verstandigste keuze: de overeenkomst blijft in stand en uw eigen prestatie vermindert naar evenredigheid van de tekortkoming. Gaat een aanneemsom over tien onderdelen waarvan er twee ondeugdelijk zijn geleverd, dan kunt u voor dat deel ontbinden en de prijs verlagen, zonder het hele project ongedaan te maken. Hoe kleiner de tekortkoming, hoe eerder gedeeltelijke ontbinding wel en volledige ontbinding niet gerechtvaardigd is.

Er zijn ook alternatieven. U kunt nakoming vorderen, zo nodig versterkt met een dwangsom. U kunt uw eigen prestatie opschorten zolang uw wederpartij niet presteert, wat vaak sneller effect heeft dan een procedure en minder risico met zich meebrengt dan eenzijdig ontbinden. Bij duurovereenkomsten kan opzegging bovendien een betere route zijn dan ontbinding, omdat u dan geen tekortkoming hoeft te bewijzen. Wanneer tussentijdse opzegging bij een langlopend contract is toegestaan, leest u in ons artikel over wanprestatie bij langdurige overeenkomsten.

Overzicht van manieren om een overeenkomst te beëindigen: opzegging, ontbinding en vernietiging

Gelden er andere regels bij consumentenkoop?

Ja. Koopt een consument een roerende zaak van een verkoper die handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf, dan geldt een eigen, gunstiger regime. Uitgangspunt is artikel 7:17 BW: de afgeleverde zaak moet aan de overeenkomst beantwoorden, gelet op de aard van de zaak, de mededelingen van de verkoper en het normale gebruik.

Bij consumentenkoop komt daar het bewijsvermoeden van artikel 7:18 BW bij: blijkt binnen een jaar na aflevering een gebrek, dan wordt vermoed dat dit al bij aflevering bestond. Niet u moet aantonen dat het product bij levering al niet deugde, maar de verkoper moet aannemelijk maken dat het gebrek daarna is ontstaan.

De volgorde van uw rechten staat in de artikelen 7:21 en 7:22 BW. U vraagt eerst herstel of vervanging; de verkoper mag dat alleen weigeren als het onmogelijk of onredelijk bezwarend is. Pas wanneer herstel of vervanging onmogelijk is, uitblijft of mislukt, kunt u de koop ontbinden of de prijs verminderen. Bij een ernstig gebrek mag u meteen ontbinden; bij een gebrek van geringe betekenis blijft alleen prijsvermindering over, wat dezelfde gedachte volgt als de tenzij-bepaling van artikel 6:265 BW.

Artikel 7:23 BW verplicht u de verkoper binnen bekwame tijd na ontdekking van het gebrek te waarschuwen; bij consumentenkoop is een melding binnen twee maanden in elk geval tijdig. Die tweemaandenregel geldt uitsluitend bij consumentenkoop van een roerende zaak; bij een woning of een koop tussen ondernemingen geldt alleen de open norm van bekwame tijd, die aanzienlijk korter kan uitvallen. Waar u bij zakelijke koop op moet letten, leest u in ons artikel over de koopovereenkomst tussen bedrijven. De bepalingen zelf vindt u in Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek.

Rechten van de consument bij een gebrekkig product: herstel, vervanging, prijsvermindering of ontbinding

Heeft u bij koop op afstand ook een herroepingsrecht?

Ja, los van elke tekortkoming. Koopt u als consument online of anderszins op afstand, dan mag u de overeenkomst binnen veertien dagen zonder opgave van redenen ontbinden. Er hoeft dus niets mis te zijn met het product; ontevredenheid volstaat.

De termijn begint op de dag nadat u, of een door u aangewezen derde die niet de vervoerder is, de zaak fysiek in bezit krijgt. Bestaat de bestelling uit meerdere zaken die apart worden geleverd, dan loopt de termijn vanaf ontvangst van de laatste zaak. Bij een dienst telt de termijn vanaf het sluiten van de overeenkomst.

Informeert de verkoper u niet correct over het herroepingsrecht, dan wordt de termijn verlengd, met een uiterste grens van twaalf maanden. Voor een aantal categorieën geldt het herroepingsrecht niet, zoals zaken die op maat zijn gemaakt en zaken die snel bederven. Blijft een online bestelling helemaal uit, dan speelt niet het herroepingsrecht maar het gewone leveringsregime; hoe dat werkt, beschrijven wij aan de hand van een online bestelde auto die niet werd geleverd. Dat onderscheid is van belang, omdat de termijnen en de bewijslast in beide situaties anders liggen.

Hoe beoordeelt de rechter een ontbindingszaak?

De rechter begint bij de vraag of er een tekortkoming is; dat is een feitelijke vraag die u met stukken moet onderbouwen, zoals het contract, correspondentie, foto’s en expertiserapporten. Vervolgens weegt hij of die tekortkoming voldoende gewicht heeft. Daarbij spelen de aard van de overeenkomst, het belang van de geschonden verplichting, de duur en herhaling van het tekortschieten, en de opstelling van beide partijen een rol.

Omdat alle omstandigheden kunnen meewegen en geen enkel gezichtspunt vooraf beslissend is, valt de uitkomst zelden op voorhand te voorspellen. Wat u wel in de hand heeft, is uw eigen procesgedrag. Een partij die eerst duidelijk heeft aangemaand, een reële hersteltermijn heeft gegeven, de tekortkoming zorgvuldig heeft gedocumenteerd en pas daarna heeft ontbonden, staat aanzienlijk sterker dan een partij die na één telefoontje de stekker eruit trok.

Let ook op uw eigen positie: wie zelf tekortschiet, bijvoorbeeld door facturen onbetaald te laten, verzwakt zijn beroep op ontbinding. En wie na de aangekondigde termijn nog maandenlang doorgaat met de uitvoering zonder voorbehoud te maken, wekt de indruk de tekortkoming stilzwijgend te hebben aanvaard.

Wat kunt u contractueel zelf regelen?

Veel onzekerheid voorkomt u door de gronden voor ontbinding vooraf vast te leggen. U kunt afspreken dat het overschrijden van een genoemde deadline een fatale termijn is, zodat verzuim van rechtswege intreedt en een aanmaning niet nodig is. U kunt ook vastleggen welke prestatienormen als wezenlijk gelden, zodat over de ernst van een tekortkoming geen discussie ontstaat, en u kunt bepaalde kleine afwijkingen uitdrukkelijk uitsluiten als ontbindingsgrond.

Omgekeerd kunt u de bevoegdheid tot ontbinding beperken of uitsluiten, mits u dat ondubbelzinnig doet. Rechters lezen zulke bedingen restrictief: een clausule die alleen een opzeggingsregeling bevat, sluit ontbinding wegens wanprestatie niet uit. Wilt u die uitsluiting, schrijf haar dan met zoveel woorden op. Houd er rekening mee dat een uitsluiting tegenover een consument al snel onredelijk bezwarend is en daardoor vernietigbaar kan zijn.

Regel ten slotte wie de kosten van teruggave draagt, hoe al geleverde deelprestaties worden gewaardeerd, en welke bedingen na ontbinding doorlopen. Dat scheelt in een geschil vaak meer dan de ontbindingsgrond zelf. De algemene bepalingen over ontbinding staan in Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek.

Welke fouten worden vaak gemaakt bij ontbinding?

De meest voorkomende fout is ontbinden zonder dat verzuim is ingetreden: er is wel een tekortkoming, maar geen aanmaning met een redelijke termijn terwijl nakoming nog mogelijk was. De ontbinding houdt dan geen stand en u bent zelf in verzuim. De tweede fout is een aanmaning die niet aanmaant: een boze e-mail zonder termijn en zonder concrete sommatie is geen ingebrekestelling.

Een derde fout is het verwarren van een fatale termijn met automatische beëindiging. Een verstreken fatale termijn brengt uw wederpartij van rechtswege in verzuim, maar beëindigt de overeenkomst niet; u moet nog altijd zelf ontbinden. Een vierde fout is te lang wachten: bij consumentenkoop kan de mededelingstermijn van artikel 7:23 BW verstrijken, en ook buiten die regeling kan stilzitten worden uitgelegd als aanvaarding van de gebrekkige prestatie.

De laatste fout is dossiervorming achteraf. Wie pas gaat verzamelen wanneer het geschil er al is, mist de bewijsstukken die op het beslissende moment telden: het contract, de correspondentie en eventuele foto- of expertiserapporten. Leg de tekortkoming daarom vast op het moment dat u haar constateert, bevestig mondelinge afspraken schriftelijk en bewaar de verzendbewijzen van uw aanmaning. Zo staat u sterker, of u nu zelf ontbindt of moet reageren op een ontbinding door uw wederpartij.

Wat kunnen wij voor u doen bij de ontbinding van een overeenkomst?

Onze advocaten civiel recht staan zowel de partij bij die wil ontbinden als de partij die met een ontbinding wordt geconfronteerd.

  • Wij toetsen of de tekortkoming de ontbinding rechtvaardigt, aan de hand van artikel 6:265 BW en de rechtspraak van de Hoge Raad.
  • Wij stellen een ingebrekestelling op met een redelijke termijn, zodat uw wederpartij in verzuim raakt (artikel 6:82 BW).
  • Wij stellen de schriftelijke ontbindingsverklaring op (artikel 6:267 BW) en vorderen de ongedaanmaking van wat al is gepresteerd (artikel 6:271 BW).
  • Wij berekenen de schade die u lijdt doordat de overeenkomst eindigt, zoals de meerkosten van een vervangende leverancier (artikel 6:277 BW).
  • Wij beoordelen bij een ontbinding door uw wederpartij of die standhoudt en of u nakoming of schadevergoeding kunt vorderen.
  • Wij voeren de procedure bij de rechter als de ontbinding wordt betwist of het betaalde niet wordt terugbetaald.

Samengevat

  • U kunt ontbinden bij iedere tekortkoming van voldoende gewicht (art. 6:265 BW), maar meestal pas nadat uw wederpartij in verzuim is.
  • Verzuim ontstaat doorgaans door een ingebrekestelling met een redelijke termijn; zonder die termijn houdt uw ontbinding geen stand.
  • Ontbinding werkt niet terug: zij bevrijdt u voor de toekomst en verplicht tot teruggave van wat al is gepresteerd.
  • Ontbindt u ten onrechte, dan schiet u zelf tekort en riskeert u schadevergoeding aan uw wederpartij.
  • Gedeeltelijke ontbinding, opschorting of opzegging zijn vaak een minder vergaand alternatief dan volledige ontbinding.

Veelgestelde vragen

Kan ik een overeenkomst ontbinden zonder naar de rechter te gaan?

Ja. De gebruikelijke route is een schriftelijke ontbindingsverklaring aan uw wederpartij. De rechter komt pas in beeld als uw wederpartij de ontbinding betwist, of als u de gevolgen ervan, zoals terugbetaling, moet afdwingen. Ontbindt u ten onrechte, dan schiet u zelf tekort; laat de gronden daarom vooraf toetsen als er veel op het spel staat.

Werkt ontbinding met terugwerkende kracht?

Nee. Artikel 6:269 BW bepaalt uitdrukkelijk dat ontbinding geen terugwerkende kracht heeft. De overeenkomst wordt niet geacht nooit te hebben bestaan. Wel ontstaan er ongedaanmakingsverbintenissen voor wat al is gepresteerd. Terugwerkende kracht hoort bij vernietiging, niet bij ontbinding.

Moet ik altijd eerst een ingebrekestelling sturen?

Niet altijd, maar meestal wel. Een ingebrekestelling is niet nodig wanneer nakoming blijvend of tijdelijk onmogelijk is, wanneer een fatale termijn is verstreken, wanneer de verbintenis strekt tot schadevergoeding of voortvloeit uit onrechtmatige daad, en wanneer uw wederpartij laat weten niet te zullen nakomen. Twijfelt u, stuur er dan toch een: een overbodige aanmaning kost u niets, een ontbrekende aanmaning uw ontbinding.

Kan ik ook ontbinden bij overmacht?

Ja. Ontbinding vereist een tekortkoming, maar geen toerekenbaarheid. Ook als uw wederpartij zich met succes op overmacht beroept, kunt u dus ontbinden. Wat u dan niet kunt, is schadevergoeding vorderen, want artikel 6:74 BW verbindt die vordering aan een toerekenbare tekortkoming.

Wat als mijn wederpartij zegt dat de tekortkoming te klein is?

Dan beroept zij zich op de tenzij-bepaling van artikel 6:265 BW. De rechter beoordeelt dan of de tekortkoming, gezien haar aard of geringe betekenis, de ontbinding met haar gevolgen rechtvaardigt, waarbij alle omstandigheden meewegen. Overweeg in zo’n geval gedeeltelijke ontbinding of prijsvermindering: hoe geringer de tekortkoming, hoe groter de kans dat die route wel slaagt.

Hoelang heb ik de tijd om te ontbinden?

Er staat geen vaste termijn op de ontbindingsbevoegdheid zelf, maar wachten is riskant. Bij consumentenkoop moet u het gebrek binnen bekwame tijd melden, en twee maanden na ontdekking is in elk geval tijdig. Daarnaast kan langdurig stilzitten worden uitgelegd als aanvaarding van de gebrekkige prestatie, en verjaren vorderingen op enig moment. Handel daarom zodra de hersteltermijn is verstreken.

Juridische hulp nodig?

Heeft u een brief, dagvaarding of vonnis ontvangen? Stuur de stukken aan ons toe. Wij controleren welke termijnen lopen en wat uw mogelijkheden zijn.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.

Juridische hulp nodig?

Heeft u een brief, dagvaarding of vonnis ontvangen? Stuur de stukken aan ons toe. Wij controleren welke termijnen lopen en wat uw mogelijkheden zijn.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.