Artikel 495 van het Wetboek van Strafvordering bepaalt welke rechter een jeugdstrafzaak behandelt.
Wettelijke basis
Vervolging vindt in eerste aanleg plaats bij de kinderrechter. In een aantal gevallen behandelt de meervoudige kamer de zaak, bijvoorbeeld wanneer naar het aanvankelijk oordeel van de officier van justitie plaatsing in een inrichting voor jeugdigen of een zwaardere hoofdstraf dan zes maanden vrijheidsstraf aan de orde is, wanneer de zaak ingewikkeld is, of wanneer de zaak niet te splitsen is van die van een meerderjarige medeverdachte. De kinderrechter neemt dan deel aan het onderzoek ter terechtzitting.