Psychische druk en schuld: wanneer is er psychische overmacht?

Mensen in een rechtszaal met een verdachte die er gespannen en bezorgd uitziet.

Gepubliceerd op 16 oktober 2025 · Laatst bijgewerkt op 9 oktober 2026

Wie een strafbaar feit pleegt onder zware psychische druk van buitenaf, is niet strafbaar als hij redelijkerwijs geen weerstand kon en ook niet hoefde te bieden: dat heet psychische overmacht (artikel 40 Wetboek van Strafrecht). Het feit blijft bewezen, maar de rechter ontslaat de verdachte van alle rechtsvervolging; het is dus geen vrijspraak, en rechters nemen psychische overmacht maar zelden aan.

Is de druk minder zwaar, dan kan de rechter die wel meewegen bij de straf. Komt het gedrag voort uit een psychische stoornis, dan gelden andere regels: die van de ontoerekeningsvatbaarheid. Hieronder leest u hoe de rechter die verweren beoordeelt.

Een rechtbankscène met een advocaat, een verdachte en een rechter die ernstige en bezorgde gezichten tonen.

Wat is psychische overmacht?

Psychische overmacht is een van buiten komende drang waaraan de verdachte redelijkerwijs geen weerstand kon en ook niet behoefde te bieden. Denk aan iemand die onder ernstige bedreiging van zijn gezin wordt gedwongen drugs te vervoeren.

Artikel 40 Sr zegt kort: niet strafbaar is hij die een feit begaat waartoe hij door overmacht is gedrongen. De rechtspraak onderscheidt daarin twee vormen: psychische overmacht en noodtoestand. Meer over beide leest u op onze pagina over overmacht.

Wat is het verschil tussen psychische overmacht en noodtoestand?

Bij psychische overmacht valt de schuld van de verdachte weg; het feit blijft onrechtmatig. Bij noodtoestand is het handelen juist gerechtvaardigd, omdat de verdachte koos voor het zwaarder wegende belang.

Het klassieke voorbeeld van noodtoestand is de opticien die een bril verkocht na sluitingstijd aan iemand die zijn bril kwijt was (Hoge Raad 1923, het Opticien-arrest). In beide gevallen volgt ontslag van alle rechtsvervolging. Psychische overmacht is een schulduitsluitingsgrond; noodtoestand en noodweer zijn rechtvaardigingsgronden. Het overzicht staat in ons artikel over strafuitsluitingsgronden.

Een groep juridische professionals bespreekt serieus psychische overmacht in een moderne kantooromgeving.

Aan welke eisen toetst de rechter een beroep op psychische overmacht?

De rechter toetst of de druk van buiten kwam, of die zo zwaar was dat weerstand redelijkerwijs niet kon worden gevergd, en of de reactie in verhouding stond tot de dreiging. Een beroep slaagt alleen als aan al die eisen is voldaan.

  • Drang van buitenaf: een bedreiging of dwang door een ander of door omstandigheden, niet alleen innerlijke spanning.
  • Onweerstaanbaarheid: de verdachte kon redelijkerwijs geen weerstand bieden.
  • Niet verplicht tot weerstand: van de verdachte kon in die situatie ook niet worden gevergd dat hij weerstand bood.
  • Proportionaliteit: het gepleegde feit staat in redelijke verhouding tot de dreiging.
  • Subsidiariteit: er was geen minder ingrijpende uitweg, zoals de politie inschakelen.

De rechter legt daarbij een objectieve maatstaf aan, maar houdt rekening met de persoon van de verdachte, zoals leeftijd en kwetsbaarheid. Hoe ernstiger het feit, hoe zwaarder de druk moet zijn geweest.

Wanneer faalt een beroep op psychische overmacht?

Een beroep faalt vaak omdat de verdachte een andere uitweg had, of omdat hij zichzelf vrijwillig in de situatie heeft gebracht. Dat laatste heet eigen schuld aan de situatie: wie zich bewust aansluit bij een criminele groep, kan zich later moeilijk beroepen op druk vanuit die groep.

Ook algemene levensomstandigheden, zoals schulden of relatieproblemen, zijn in de regel geen drang van buitenaf in de zin van artikel 40 Sr. Die omstandigheden kunnen wel een rol spelen bij de straf.

Moet u de psychische druk bewijzen?

U hoeft de druk niet volledig te bewijzen, maar u moet het beroep wel aannemelijk maken met concrete feiten. Een enkele stelling dat u bedreigd werd, is niet genoeg.

Denk aan berichten, getuigenverklaringen, aangiftes of medische stukken die de bedreiging ondersteunen. Voert uw advocaat het verweer uitdrukkelijk en onderbouwd, dan moet de rechter er in het vonnis gemotiveerd op ingaan (artikel 359 lid 2 Sv).

Wat als de oorzaak een psychische stoornis is?

Komt het gedrag voort uit een psychische stoornis, dan gaat het niet om overmacht maar om ontoerekeningsvatbaarheid (artikel 39 Sr). Is het feit de verdachte niet toe te rekenen, dan volgt ook ontslag van alle rechtsvervolging; de rechter kan dan wel tbs of plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis opleggen (artikel 37 en 37a Sr).

Is de verdachte verminderd toerekeningsvatbaar, dan blijft hij strafbaar. De rechter houdt daar wel rekening mee bij de straf, vaak op basis van een rapport van een psycholoog of psychiater van het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie (NIFP).

Hoe weegt psychische druk mee als overmacht niet slaagt?

Ook als het beroep op overmacht niet slaagt, kan de rechter de druk meewegen bij de strafmaat. De rechter moet bij de straf rekening houden met de omstandigheden waaronder het feit is begaan en met de persoon van de verdachte.

Dat kan leiden tot een lagere straf, een voorwaardelijke straf of een taakstraf. Bij jongeren speelt beïnvloedbaarheid een grotere rol; zie ons artikel over jeugdstrafrecht.

Wat kunnen wij voor u doen bij een beroep op psychische overmacht?

Onze strafrechtadvocaten beoordelen of een beroep op overmacht of verminderde toerekeningsvatbaarheid in uw zaak kans maakt. Wij doen onder meer het volgende:

  • Wij toetsen uw verklaring en het dossier aan de eisen van artikel 40 Sr, inclusief proportionaliteit en subsidiariteit.
  • Wij verzamelen ondersteunend bewijs, zoals berichten, getuigen en eerdere aangiftes.
  • Wij vragen zo nodig om een onderzoek door een psycholoog of psychiater, bijvoorbeeld via het NIFP.
  • Wij voeren het verweer uitdrukkelijk en onderbouwd, zodat de rechter erop moet ingaan (artikel 359 lid 2 Sv).
  • Wij bepleiten subsidiair dat de druk meeweegt in de strafmaat.

Samengevat

  • Psychische overmacht is een drang van buitenaf waaraan u redelijkerwijs geen weerstand kon en hoefde te bieden (artikel 40 Sr).
  • Een geslaagd beroep leidt tot ontslag van alle rechtsvervolging, niet tot vrijspraak.
  • De rechter toetst ook proportionaliteit en subsidiariteit; eigen schuld aan de situatie staat in de weg.
  • Bij een psychische stoornis gaat het om ontoerekeningsvatbaarheid (artikel 39 Sr).
  • Slaagt het beroep niet, dan kan de druk nog meewegen bij de straf.

Veelgestelde vragen

Is psychische overmacht hetzelfde als vrijspraak?

Nee. Bij vrijspraak is het feit niet bewezen. Bij psychische overmacht is het feit wel bewezen, maar is de verdachte niet strafbaar; de rechter ontslaat hem van alle rechtsvervolging.

Telt langdurige druk binnen een relatie als psychische overmacht?

Dat kan, maar de rechter is streng. De druk moet van buiten komen, onweerstaanbaar zijn en er mag geen redelijke andere uitweg zijn geweest.

Wat is het verschil met ontoerekeningsvatbaarheid?

Bij psychische overmacht komt de druk van buitenaf. Bij ontoerekeningsvatbaarheid komt het gedrag voort uit een psychische stoornis van de verdachte zelf (artikel 39 Sr).

Moet ik een deskundigenrapport laten maken?

Niet altijd. Bij een beroep op een stoornis of verminderde toerekeningsvatbaarheid is een rapport van een psycholoog of psychiater meestal wel nodig.

Wilt u weten of wij u kunnen helpen?

Plan een gratis kennismaking. Daarin bespreken wij of wij u kunnen helpen en wat dat kost. Inhoudelijk advies valt er niet onder. Wij beoordelen geen zaken of stukken per e-mail zonder opdracht.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.