Gepubliceerd op 4 oktober 2025 · Laatst bijgewerkt op 6 oktober 2026
Er is sprake van overmacht als u een verplichting niet nakomt door een oorzaak die u niet te wijten is en die ook niet voor uw risico komt. U hoeft de schade van de wederpartij dan niet te vergoeden; wel kan de wederpartij de overeenkomst in de regel nog ontbinden.
Ondernemers kennen de term force majeure uit contracten. In de praktijk wordt het beroep op overmacht vaak afgewezen. De wet legt veel risico’s bij de partij die moet presteren, zoals het risico van eigen personeel, eigen leveranciers en eigen apparatuur. Hieronder leest u wat artikel 6:75 BW precies vraagt, wat de gevolgen zijn en hoe u overmacht in een contract regelt. Voor advies over aansprakelijkheid kunt u ook terecht op onze pagina over aansprakelijkheidsrecht.
Inhoudsopgave
Wat is overmacht?
Overmacht is een tekortkoming in de nakoming die de schuldenaar niet kan worden toegerekend. Het tegenovergestelde is wanprestatie: een tekortkoming die wel voor rekening van de schuldenaar komt.
De schuldenaar is de partij die iets moet doen, zoals leveren, bouwen of betalen. Komt hij zijn verplichting niet, niet op tijd of niet goed na, dan is er een tekortkoming. Volgens artikel 6:74 BW moet hij de schade die daardoor ontstaat vergoeden, tenzij de tekortkoming hem niet kan worden toegerekend. Dat laatste noemen we overmacht, of een niet-toerekenbare tekortkoming. Het Franse force majeure betekent hetzelfde.
Het verschil tussen overmacht en tekortkoming in de nakoming die wel toerekenbaar is, bepaalt dus of de schuldenaar schadevergoeding moet betalen. Het is geen verschil in de vraag of er is tekortgeschoten. In beide gevallen is niet geleverd wat was afgesproken.
Wat zegt artikel 6:75 BW?
Volgens artikel 6:75 BW kan een tekortkoming de schuldenaar niet worden toegerekend als zij niet is te wijten aan zijn schuld, en ook niet krachtens de wet, een rechtshandeling of de in het verkeer geldende opvattingen voor zijn rekening komt. Er zijn dus twee vragen. Heeft de schuldenaar iets verkeerd gedaan? En zo nee: komt de oorzaak volgens de wet, het contract of de verkeersopvattingen toch voor zijn risico?
Die tweede vraag is in de praktijk beslissend. De verkeersopvattingen leggen veel risico’s bij de schuldenaar. Wie een contract sluit, neemt de gewone risico’s van zijn bedrijf voor zijn rekening. Een beroep op overmacht slaagt daarom alleen als er iets gebeurt dat buiten die gewone risico’s valt.
Welke risico’s liggen volgens de wet bij de schuldenaar?
De wet noemt zelf een aantal risico’s. Volgens artikel 6:76 BW is de schuldenaar aansprakelijk voor gedragingen van personen die hij bij de uitvoering inschakelt, zoals werknemers en onderaannemers, alsof het zijn eigen gedragingen waren. Volgens artikel 6:77 BW komt ook het gebruik van een ongeschikte zaak, zoals een defecte machine of foute software, in beginsel voor zijn rekening.
Daarnaast gelden de verkeersopvattingen. Een geldgebrek is nooit overmacht. Ook een toeleverancier die niet levert, geldt meestal niet als overmacht, omdat de schuldenaar zelf voor die leverancier heeft gekozen. Een schuldenaar die te laat bij zijn eigen leverancier bestelt, kan zich al helemaal niet op overmacht beroepen.
Welke omstandigheden kunnen overmacht opleveren?
Overmacht kan ontstaan door gebeurtenissen buiten de invloedssfeer van de schuldenaar, zoals natuurgeweld, oorlog of dwingende overheidsmaatregelen. Beslissend is steeds of het risico daarvan in het concrete geval bij de schuldenaar ligt.
Denk aan een overstroming die een fabriek onbruikbaar maakt, een exportverbod of een sanctiemaatregel waardoor levering verboden wordt, of een brand die ontstaat zonder dat de schuldenaar iets te verwijten valt. Ook een langdurige, landelijke staking in de transportsector kan meespelen. Maar het blijft maatwerk. Kon de schuldenaar via een andere route of een andere leverancier toch presteren, dan is er meestal geen overmacht.
Voorzienbaarheid speelt een belangrijke rol bij de risicoverdeling. Was een gebeurtenis bij het sluiten van de overeenkomst al te voorzien, dan ligt het voor de hand dat de schuldenaar dat risico heeft aanvaard. Een leverancier van schaatsen die een zachte winter meemaakt, of een bouwbedrijf dat regen in november tegenkomt, kan zich daarom niet op overmacht beroepen. Wie een contract sloot toen een crisis al gaande was, zal overmacht ook moeilijker kunnen aantonen.
Ziekte van personeel is in de regel geen overmacht. Het uitvallen van werknemers is een gewoon bedrijfsrisico. Dat kan anders zijn bij een eenmanszaak of een persoonlijke opdracht die alleen de schuldenaar zelf kan uitvoeren, bijvoorbeeld een optreden van een artiest die ernstig ziek wordt.
Wat moet de schuldenaar doen om overmacht aan te tonen?
De schuldenaar die zich op overmacht beroept, moet de feiten stellen en zo nodig bewijzen. Hij moet laten zien welke oorzaak de tekortkoming had en waarom die niet voor zijn rekening komt.
Volgens artikel 150 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering draagt de partij die zich op een rechtsgevolg beroept de bewijslast. Voor overmacht is dat de schuldenaar. Hij moet aantonen welke gebeurtenis zich voordeed, dat die gebeurtenis de nakoming heeft verhinderd, en dat hij redelijkerwijs niets kon doen om de gevolgen te voorkomen of te beperken. Algemene verwijzingen naar een crisis zijn niet genoeg. De rechter wil concreet zien waarom nakoming in dit geval niet mogelijk was.
Rechters kijken daarbij naar wat de schuldenaar heeft gedaan. Heeft hij alternatieve leveranciers gezocht? Heeft hij extra voorraad aangehouden voor kritieke onderdelen? Heeft hij de wederpartij tijdig gewaarschuwd? Wie passief afwacht, maakt een beroep op overmacht vrijwel kansloos. Het gaat daarbij niet om plannen op papier, maar om maatregelen die ook echt zijn genomen.
Een voorbeeld maakt dit duidelijk. Een webwinkel die tijdens een drukke actieweek overbelast raakt omdat hij geen extra servercapaciteit heeft geregeld, kan zich niet op overmacht beroepen. Die drukte was te voorzien en de maatregel lag binnen zijn bereik. Leg daarom van begin af aan vast wat er gebeurt en welke stappen u zet.
Wat zijn de gevolgen van overmacht?
Bij overmacht hoeft de schuldenaar geen schadevergoeding te betalen en raakt hij niet in verzuim. De overeenkomst blijft wel bestaan, en de wederpartij kan haar eigen prestatie opschorten of de overeenkomst ontbinden.
Moet de schuldenaar bij overmacht schade vergoeden?
Het belangrijkste gevolg is dat de schuldenaar niet aansprakelijk is voor de schade van de wederpartij. De wederpartij draagt die schade dan zelf, tenzij het contract iets anders regelt of zij verzekerd is. Volgens artikel 6:81 BW raakt de schuldenaar bovendien niet in verzuim zolang de vertraging hem niet kan worden toegerekend. Hij is dan ook geen vertragingsrente of andere vertragingsschade verschuldigd.
Er is één uitzondering. Volgens artikel 6:78 BW moet de schuldenaar die dankzij de tekortkoming een voordeel geniet, dat voordeel aan de wederpartij vergoeden. Denk aan een verkoper die de verloren zaak vergoed krijgt van zijn verzekeraar. De wederpartij kan dan aanspraak maken op die vergoeding, tot het bedrag van haar schade.
Wat is het verschil tussen tijdelijke en blijvende overmacht?
Bij tijdelijke overmacht moet de schuldenaar alsnog presteren zodra de oorzaak voorbij is. Bij blijvende overmacht vervalt de nakoming en kan de wederpartij de overeenkomst ontbinden.
Overmacht kan tijdelijk of blijvend zijn. Bij tijdelijke overmacht blijft de verplichting bestaan. Zodra de oorzaak voorbij is, moet de schuldenaar alsnog presteren. Bij blijvende overmacht is nakoming voorgoed onmogelijk. De wederpartij kan dan geen nakoming meer eisen, maar wel de overeenkomst ontbinden.
Ook gedeeltelijke overmacht komt voor. Kan de schuldenaar een deel van de bestelling wel leveren, dan moet hij dat deel ook leveren. Voor het deel dat onmogelijk is, is hij niet aansprakelijk.
Wat kan de wederpartij doen?
Ook bij overmacht staat de wederpartij niet met lege handen. Volgens artikel 6:262 BW mag zij haar eigen prestatie opschorten, bijvoorbeeld de betaling, zolang zij zelf niets ontvangt. En volgens artikel 6:265 BW geeft iedere tekortkoming de wederpartij in beginsel het recht de overeenkomst te ontbinden, ook als de tekortkoming niet toerekenbaar is. Is nakoming nog mogelijk, dan moet de schuldenaar voor een ontbinding eerst in verzuim zijn. Is nakoming blijvend of tijdelijk onmogelijk, zoals bij overmacht vaak het geval is, dan is dat verzuim niet nodig. Een tekortkoming van geringe betekenis rechtvaardigt geen ontbinding.
Na ontbinding hoeven partijen hun verplichtingen niet meer na te komen. Wat al is gepresteerd, moet volgens artikel 6:271 BW ongedaan worden gemaakt. Schadevergoeding is bij overmacht dan niet verschuldigd. Meer over deze gevolgen leest u in ons artikel over contractbreuk.
Hoe regelt u overmacht in een contract?
Partijen mogen in een contract zelf afspreken wat als overmacht geldt en wat de gevolgen zijn. Een goede force majeure-clausule voorkomt discussie achteraf.
Artikel 6:75 BW is geen dwingend recht. Partijen kunnen het begrip overmacht verruimen, bijvoorbeeld door vast te leggen dat een staking bij een toeleverancier of een storing bij een hostingbedrijf als overmacht geldt. Zij kunnen het ook beperken, bijvoorbeeld door af te spreken dat bepaalde risico’s altijd voor rekening van de leverancier blijven. Dat is de vrijheid die het opstellen van een contract u geeft.
Een goede clausule regelt ook de gevolgen. Hoe snel moet de getroffen partij de ander informeren? Hoe lang mag de nakoming worden opgeschort? Na hoeveel tijd mag een partij de overeenkomst opzeggen of ontbinden? En wie draagt welke kosten? Een clausule die alleen een lijst gebeurtenissen noemt, laat die vragen open.
Er zijn grenzen. Een clausule die in strijd is met de redelijkheid en billijkheid, kan volgens artikel 6:248 lid 2 BW buiten toepassing blijven. In algemene voorwaarden tegenover een consument is een beding dat de gebruiker ontslaat van een wettelijke plicht tot schadevergoeding, volgens artikel 6:237 BW vermoedelijk onredelijk bezwarend. Een overmachtsclausule die zeer ruim is geformuleerd, bijvoorbeeld “iedere omstandigheid buiten onze wil”, kan tegenover een consument daarom vernietigd worden. Hulp bij dit soort bepalingen vindt u bij het opstellen van contracten.
Wat als er geen overmacht is, maar de omstandigheden wel ingrijpend veranderd zijn?
Dan kan een beroep op onvoorziene omstandigheden uitkomst bieden. Volgens artikel 6:258 BW kan de rechter een overeenkomst wijzigen of ontbinden als ongewijzigde voortzetting naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet mag worden verwacht.
Het verschil met overmacht is belangrijk. Overmacht gaat over de vraag of de schuldenaar aansprakelijk is voor een tekortkoming. Onvoorziene omstandigheden gaan over situaties waarin nakoming nog mogelijk is, maar veel zwaarder of duurder is geworden. De rechter past artikel 6:258 BW terughoudend toe. Contracten kunnen daarvoor een hardship-clausule bevatten. Meer daarover leest u in ons artikel over de hardship-clausule.
Hoe gaat de rechter om met crises, stakingen en cyberaanvallen?
Ook bij een grote crisis beoordeelt de rechter per geval of de tekortkoming voor rekening van de schuldenaar komt. Een crisis is dus niet automatisch overmacht.
Tijdens de coronapandemie hebben rechters dat laten zien. Waar overheidsmaatregelen nakoming werkelijk verhinderden, bijvoorbeeld een verbod op evenementen, kon overmacht worden aangenomen. Waar de pandemie nakoming alleen duurder of lastiger maakte, kwam eerder artikel 6:258 BW in beeld. Bij bedrijfsruimte die door de maatregelen niet te gebruiken was, hebben rechters in een aantal zaken de huurprijs tijdelijk verlaagd op grond van onvoorziene omstandigheden. Contracten die tijdens de pandemie zijn gesloten, bieden die ruimte veel minder, omdat de pandemie toen al bekend was.
Bij stakingen maakt het uit wie er staakt. Een staking van eigen personeel geldt zelden als overmacht, omdat de werkgever daar invloed op heeft en het een bedrijfsrisico is. Een landelijke staking bij een derde partij, zoals een haven, maakt meer kans. Voor cyberaanvallen geldt hetzelfde principe. Gewone storingen en een aanval die met redelijke beveiliging had kunnen worden voorkomen, komen voor rekening van de schuldenaar. Een grootschalige aanval op kritieke infrastructuur buiten de invloedssfeer van de schuldenaar kan wel overmacht opleveren. Ook oorlog en sancties, zoals na de Russische inval in Oekraïne, kunnen een rol spelen; dat bespreken wij in ons artikel over overmacht in tijden van oorlog of pandemie.
Ook in ketens van leveranciers speelt dit. Wie zich beroept op een tekortkoming van zijn eigen toeleverancier, draagt in de regel zelf het risico. Hoe dat uitpakt, leest u in ons artikel over contractbreuk door leveranciersketens.
Wat doet u als u zich op overmacht wilt beroepen?
Informeer de wederpartij direct en schriftelijk, onderbouw de oorzaak en laat zien welke maatregelen u neemt. Controleer ook wat uw contract voorschrijft.
Veel contracten bevatten een termijn waarbinnen u een beroep op overmacht moet melden, bijvoorbeeld binnen enkele dagen na het ontstaan. Mist u die termijn, dan kan dat uw beroep ondermijnen. Leg vast wat er is gebeurd: berichten van leveranciers, overheidsbesluiten, weerberichten of rapporten over een storing. Zoek alternatieven en leg ook dat vast. Bent u de wederpartij, vraag dan om die onderbouwing en overweeg of opschorting of ontbinding verstandig is.
Wat betekent overmacht in het strafrecht?
In het strafrecht is overmacht een reden om iemand niet te straffen. Volgens artikel 40 Wetboek van Strafrecht is niet strafbaar wie een feit begaat waartoe hij door overmacht is gedrongen.
De rechter onderscheidt twee vormen. Bij psychische overmacht handelt iemand onder een van buiten komende drang waaraan hij redelijkerwijs geen weerstand kon en hoefde te bieden. Bij noodtoestand moet iemand kiezen tussen strijdige plichten en belangen, en laat hij het zwaarstwegende belang voorgaan.
Slaagt het beroep op overmacht, dan volgt ontslag van alle rechtsvervolging. Het feit is dan wel bewezen, maar de verdachte krijgt geen straf. Meer hierover leest u in ons artikel over strafuitsluitingsgronden.
Waar let u als leverancier of opdrachtnemer op?
- De meldtermijn in de overmachtsclausule van uw contract.
- Een schriftelijke melding aan de wederpartij, met de oorzaak en de verwachte duur.
- Bewijs van de oorzaak, zoals overheidsbesluiten, berichten van leveranciers of storingsrapporten.
- Vastlegging van de alternatieven die u heeft gezocht, zoals een andere leverancier of route.
- Levering van het deel dat nog wel mogelijk is.
Waar let u als afnemer of opdrachtgever op?
- Vraag schriftelijk om onderbouwing van de oorzaak en de verwachte duur.
- Controleer of de oorzaak in de overmachtsclausule staat of onder de gewone bedrijfsrisico’s valt (artikelen 6:76 en 6:77 BW).
- Schort zo nodig uw eigen prestatie op, zoals de betaling (artikel 6:262 BW).
- Ontbind schriftelijk als de tekortkoming blijvend of ernstig is (artikelen 6:265 en 6:267 BW).
- Vraag of de wederpartij een verzekeringsuitkering ontvangt waarop u aanspraak kunt maken (artikel 6:78 BW).
Wat kunnen wij voor u doen bij een beroep op overmacht?
Of u zich op overmacht wilt beroepen of juist met zo’n beroep wordt geconfronteerd, wij helpen u met deze stappen:
- Wij beoordelen aan de hand van artikel 6:75 BW en uw contract of de tekortkoming voor uw rekening of voor die van de wederpartij komt.
- Wij stellen de overmachtsmelding op, of de reactie op een beroep op overmacht, binnen de termijn uit het contract.
- Wij brengen in kaart welk bewijs u nodig heeft om overmacht aan te tonen of te weerleggen.
- Wij adviseren over opschorting (artikel 6:262 BW) en stellen zo nodig de ontbindingsverklaring op (artikel 6:267 BW).
- Wij toetsen of een beroep op onvoorziene omstandigheden (artikel 6:258 BW) of een hardship-clausule meer ruimte biedt.
- Wij stellen voor nieuwe contracten een overmachtsclausule op die ook meldtermijn, opschorting en opzegging regelt.
Samengevat
- Overmacht is een tekortkoming die de schuldenaar niet kan worden toegerekend (artikel 6:75 BW).
- Veel risico’s liggen bij de schuldenaar: eigen personeel, hulpmiddelen, toeleveranciers en geldgebrek.
- Bij overmacht is geen schadevergoeding verschuldigd, maar de wederpartij kan opschorten en ontbinden.
- Partijen kunnen overmacht in het contract ruimer of beperkter regelen, binnen de grenzen van redelijkheid en billijkheid.
- Maakt een omstandigheid nakoming alleen zwaarder, dan kan artikel 6:258 BW (onvoorziene omstandigheden) een rol spelen.
Veelgestelde vragen
Wat zijn de wettelijke vereisten voor overmacht?
Volgens artikel 6:75 BW is er overmacht als de tekortkoming niet aan de schuld van de schuldenaar is te wijten en ook niet krachtens de wet, een rechtshandeling of de verkeersopvattingen voor zijn rekening komt. Of een gebeurtenis te voorzien was, weegt mee bij die risicoverdeling.
Hoe bewijst u dat er sprake is van overmacht?
Wie zich op overmacht beroept, moet de feiten stellen en zo nodig bewijzen. Laat met stukken zien welke gebeurtenis de nakoming verhinderde en welke maatregelen u hebt genomen om de gevolgen te voorkomen of te beperken. Algemene verwijzingen naar een crisis zijn onvoldoende.
Kunt u overmacht in een contract uitsluiten of beperken?
Ja. Artikel 6:75 BW is geen dwingend recht, dus partijen kunnen overmacht verruimen of beperken. Tegenover consumenten gelden grenzen: een beding in algemene voorwaarden dat de gebruiker ontslaat van zijn plicht tot schadevergoeding is volgens artikel 6:237 BW vermoedelijk onredelijk bezwarend.
Wat zijn de gevolgen als overmacht vaststaat?
De schuldenaar hoeft geen schade te vergoeden en raakt niet in verzuim. Bij tijdelijke overmacht moet hij later alsnog presteren. De wederpartij kan haar eigen prestatie opschorten en de overeenkomst in beginsel ontbinden.
Heeft de wederpartij nog rechten na overmacht?
Ja. Zij kan haar eigen prestatie opschorten en de overeenkomst ontbinden. Geniet de schuldenaar door de tekortkoming een voordeel, zoals een verzekeringsuitkering, dan kan zij volgens artikel 6:78 BW vergoeding van dat voordeel vragen, tot het bedrag van haar schade.
Welke mogelijkheden zijn er als overmacht niet kan worden aangetoond?
Dan bent u in beginsel aansprakelijk voor de schade. U kunt nog proberen uitstel of een regeling af te spreken. Is nakoming niet onmogelijk maar wel veel zwaarder geworden door onvoorziene omstandigheden, dan kan de rechter de overeenkomst volgens artikel 6:258 BW wijzigen of ontbinden.
Law & More adviseert ondernemers over overmacht, hardship en aansprakelijkheid, bij het opstellen van contracten en als een geschil al is ontstaan. Wilt u meer weten over de juridische kant van contracten, lees dan ook onze uitleg daarover. De wettekst van artikel 6:75 BW vindt u in Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek. Twijfelt u over uw positie? Leg uw situatie aan ons voor. Wij laten u binnen één werkdag weten wat uw opties zijn.
Meer over hoe Law & More u hierbij helpt, leest u op de pagina civiel recht advocaat.