Artikel 6 RWN

Rij gelijke fietsen in een fietsenrek op een brug

Artikel 6 van de Rijkswet op het Nederlanderschap (RWN) somt limitatief op welke groepen het Nederlanderschap door optie kunnen verkrijgen. Optie is een verklaring bij de gemeente, gevolgd door een bevestiging door de burgemeester.

Wie kan het Nederlanderschap door optie verkrijgen?

Artikel 6, eerste lid, RWN noemt onder meer de meerderjarige die in het Koninkrijk is geboren en daar sindsdien toelating en hoofdverblijf heeft, en de meerderjarige met toelating en hoofdverblijf sinds zijn vierde jaar. Ook oud-Nederlanders met ten minste een jaar toelating en hoofdverblijf, 65-plussers met vijftien jaar toelating en hoofdverblijf, bepaalde staatlozen en erkende minderjarigen kunnen opteren.

Hoe verloopt de procedure?

U legt de optieverklaring af bij uw gemeente. De burgemeester beslist binnen dertien weken; die termijn kan eenmaal met ten hoogste dertien weken worden verlengd. Optanten van zestien jaar en ouder moeten bereid zijn een verklaring van verbondenheid af te leggen.

Wat is het verschil met naturalisatie?

Optie is sneller en eenvoudiger dan naturalisatie en kent geen inburgeringsvereiste. De route staat alleen open voor de groepen in artikel 6, en voor sommige groepen geldt op grond van artikel 6a RWN ook bij optie de afstandseis.

Wat betekent dit in de praktijk?

Valt u in een van de groepen, dan is optie vaak de beste route. Controleer wel vooraf of uw toelating en hoofdverblijf onafgebroken zijn geweest, want een periode zonder geldige verblijfsvergunning kan de route blokkeren.

Hoe werkt dit in een concreet geval?

Een 19-jarige vrouw is in Tilburg geboren uit Turkse ouders en heeft altijd met een verblijfsvergunning in Nederland gewoond. Zij valt onder de eerste groep van artikel 6 en legt bij de gemeente een optieverklaring af. Na de bevestiging, binnen dertien weken, woont zij de ceremonie bij en is zij Nederlander. Lees meer over naturalisatie en optie en over dubbele nationaliteit.