facebook lawandmore.nl   instagram lawandmore.nl   linkedin lawandmore.nl   twitter lawandmore.nl

Afspraak

Law & More Logo

Een groep zakelijke professionals in een vergaderruimte die serieus overleggen aan een tafel met laptops en documenten.

Als een bedrijf met het strafrecht te maken krijgt, komt meteen de vraag op: wie is eigenlijk verantwoordelijk? Bij een besloten vennootschap (BV) ligt dat vaak ingewikkelder dan ondernemers verwachten.

Een BV is weliswaar een rechtspersoon en dus in principe zelf aansprakelijk voor haar daden, maar bestuurders kunnen onder bepaalde omstandigheden toch persoonlijk strafbaar zijn.

De verdeling van verantwoordelijkheden binnen een BV hangt van veel factoren af. Bestuurders lopen risico’s bij onbehoorlijk bestuur, schending van de administratieplicht of als ze bewust de kans hebben aanvaard dat strafbare feiten plaatsvinden.

Zelfs aandeelhouders kunnen soms aansprakelijk worden gesteld, al komt dat minder vaak voor.

Begrip van strafrechtelijke aansprakelijkheid bij een BV

Zakelijke professionals in een kantoorruimte bespreken juridische documenten rond een vergadertafel.

Een BV kan strafrechtelijk aansprakelijk zijn voor bijvoorbeeld fraude. Die aansprakelijkheid werkt net wat anders dan bij mensen van vlees en bloed.

Strafrechtelijk kader voor besloten vennootschappen

Artikel 51 van het Wetboek van Strafrecht regelt de strafrechtelijke aansprakelijkheid van rechtspersonen. De wet zegt: “Strafbare feiten kunnen worden begaan door natuurlijke personen en rechtspersonen.”

Een BV valt dus onder deze regels als rechtspersoon. De onderneming kan zelf vervolgd worden voor strafbare handelingen.

De wet erkent dat bedrijven, net als mensen, strafbare feiten kunnen plegen. Rechtspersonen zoals een BV kunnen daarom een eigen strafblad krijgen.

Het Openbaar Ministerie kan een BV dagvaarden en vervolgen. De rechtbank kan straffen opleggen aan het bedrijf zelf, niet alleen aan individuen.

Deze regels gelden niet alleen voor BV’s. Ook naamloze vennootschappen en commanditaire vennootschappen vallen onder artikel 51.

Verschil tussen natuurlijke personen en rechtspersonen

Natuurlijke personen zijn gewoon mensen. Rechtspersonen zijn juridische constructies zoals een BV, die de wet als “persoon” ziet.

Beide kunnen strafbare feiten plegen, maar de aanpak verschilt:

  • Natuurlijke personen: Kunnen gevangenisstraf krijgen
  • Rechtspersonen: Krijgen boetes of andere maatregelen

Een BV kan natuurlijk niet de cel in. De straffen zijn daarom aangepast aan bedrijven.

Het OM kijkt bij een BV naar de daden van werknemers en bestuurders. Als zij binnen hun werk strafbare feiten plegen, kan de BV daar verantwoordelijk voor zijn.

De BV is aansprakelijk als het strafbare feit past bij de normale bedrijfsactiviteiten. Of de directie het wist, maakt niet uit.

Soorten strafbare feiten binnen een BV

Veel voorkomende strafbare feiten in een BV zijn:

  • Fraude met belastingen of subsidies
  • Milieumisdrijven
  • Arbeidsrecht overtredingen
  • Witwassen van geld
  • Omkoping en corruptie

Fraude komt vaak voor bij rechtspersonen. Dit varieert van btw-fraude tot boekhoudkundige trucs of gesjoemel met subsidies.

Economische delicten zijn aan de orde van de dag, want bedrijven werken dagelijks met geld en contracten. De verleiding om regels te buigen voor winst is soms groot.

Milieumisdrijven ontstaan als een BV zich niet aan milieuwetten houdt. Dat kan flinke boetes opleveren en het imago schaden.

De ernst van het delict bepaalt de straf. Kleine overtredingen krijgen een boete; bij zware misdrijven kan de onderneming zelfs (tijdelijk) stilgelegd worden.

Verdeling van verantwoordelijkheden binnen de BV

Een groep zakelijke professionals bespreekt verantwoordelijkheden binnen een BV in een moderne vergaderruimte.

In een BV zijn de rollen en verantwoordelijkheden behoorlijk duidelijk verdeeld. Het bestuur runt de dagelijkse gang van zaken, terwijl aandeelhouders vooral bevoegdheden hebben binnen hun beperkte aansprakelijkheid.

Rol en plichten van het bestuur

Het bestuur vormt het hart van de vennootschap. Zij nemen de dagelijkse leiding en strategische keuzes op zich.

Hoofdtaken van het bestuur:

  • Correcte administratie voeren
  • Jaarrekening opstellen
  • Contracten afsluiten namens de BV
  • Personeel aansturen
  • Financiële gezondheid bewaken

Het bestuur moet altijd in het belang van de BV handelen. Dat vraagt om zorgvuldigheid bij beslissingen.

Bestuurders hebben een informatieplicht naar de aandeelhouders. Ze moeten belangrijke ontwikkelingen tijdig melden.

De wet schrijft voor dat bestuurders hun taken goed moeten uitvoeren. Doen ze dat niet, dan kunnen ze persoonlijk aansprakelijk worden gesteld.

Verantwoordelijkheid van individuele bestuurders

Elke bestuurder is persoonlijk verantwoordelijk voor zijn eigen handelen. Dat geldt niet alleen voor zakelijke beslissingen.

Rechters kijken bij strafbare feiten naar drie dingen:

  1. Bewustheid: Wist de bestuurder van de verboden handelingen?
  2. Betrokkenheid: Was hij actief betrokken, of heeft hij niet ingegrepen?
  3. Positie: Had hij de macht om het te voorkomen?

Een bestuurder kan strafrechtelijk worden vervolgd als hij feitelijk leiding gaf aan strafbare daden. Ook als hij bewust niet ingreep, kan dat gevolgen hebben.

Passieve bestuurders zijn niet automatisch veilig. Zij moeten aantonen dat ze niet betrokken waren bij de misstappen.

De functie binnen het bestuur speelt een rol in de mate van verantwoordelijkheid. Een CEO draagt meestal meer gewicht dan een gewone bestuurder.

Bevoegdheden en aansprakelijkheid van aandeelhouders

Aandeelhouders hebben hun eigen rechten en bevoegdheden. Hun aansprakelijkheid blijft meestal beperkt tot wat ze hebben ingebracht.

Belangrijkste bevoegdheden:

  • Benoemen en ontslaan van bestuurders
  • Goedkeuren van de jaarrekening
  • Besluiten over winstuitkeringen
  • Statuten wijzigen

Door de beperkte aansprakelijkheid zijn aandeelhouders normaal gesproken niet persoonlijk aansprakelijk voor schulden van de BV.

Een passieve aandeelhouder zonder bestuurstaken is doorgaans niet strafrechtelijk verantwoordelijk. Hij riskeert alleen zijn kapitaal.

Aandeelhouders die actief meebesturen kunnen wel aansprakelijk zijn, vooral als het gaat om DGA’s (directeur-grootaandeelhouders).

Bij misbruik van de rechtspersoon kan de rechter de aansprakelijkheid “doorbreken”. Dan kunnen aandeelhouders alsnog persoonlijk worden aangesproken.

Bestuurdersaansprakelijkheid en onbehoorlijk bestuur

Bestuurders van een BV zijn normaal niet persoonlijk aansprakelijk voor schulden van het bedrijf. Maar als ze onbehoorlijk bestuur plegen, kan die bescherming zomaar wegvallen.

Interne en externe bestuurdersaansprakelijkheid

Interne bestuurdersaansprakelijkheid betekent dat de BV zelf schade kan verhalen op bestuurders. Dat gebeurt alleen bij ernstig verwijtbaar gedrag.

De vennootschap moet bewijzen dat het bestuur echt heeft gefaald. Bestuurders mogen zich verdedigen en laten zien dat ze hun best hebben gedaan om schade te voorkomen.

Externe bestuurdersaansprakelijkheid houdt in dat derden, meestal schuldeisers, bestuurders persoonlijk kunnen aanspreken.

Die externe aansprakelijkheid ontstaat als bestuurders contracten sluiten terwijl ze weten dat de BV niet kan betalen. Ook bij onrechtmatig handelen kunnen bestuurders persoonlijk worden aangepakt.

Bij faillissement onderzoekt de curator of er sprake was van onbehoorlijk bestuur. De curator kan bestuurders dan persoonlijk aansprakelijk stellen voor de schulden van de BV.

Voorbeelden van onbehoorlijk bestuur

Onbehoorlijk bestuur zie je in allerlei vormen. De meest voorkomende voorbeelden zijn:

Financiële wanbeleid:

  • Leningen afsluiten tegen absurd hoge rentes
  • Onnodige financiële risico’s nemen
  • Snel beslissen zonder voorbereiding, met grote financiële gevolgen

Handelen in strijd met regelgeving:

  • De statuten van de BV negeren
  • Buiten de doelstelling van de vennootschap handelen
  • Wettelijke verplichtingen niet naleven

Betalingsproblemen met overheid:

  • Te laat betalingsonmacht melden bij de Belastingdienst
  • Belastingen en premies niet betalen, terwijl dat wel kan
  • Doorgaan met ondernemen terwijl faillissement eigenlijk al onafwendbaar is

Bij een meerhoofdig bestuur zijn alle bestuurders in principe aansprakelijk. Alleen als een bestuurder kan bewijzen dat hij het onbehoorlijk bestuur actief heeft proberen te voorkomen, ontspringt hij de dans.

Artikel 2:9 BW en relevante wetgeving

Artikel 2:9 BW vormt de basis voor bestuurdersaansprakelijkheid in Nederland. Dit artikel schrijft voor dat bestuurders hun taken behoorlijk moeten uitvoeren tegenover de rechtspersoon.

Belangrijke wetsartikelen:

  • Artikel 2:9 BW: Algemene norm voor behoorlijk bestuur
  • Artikel 2:248 BW: Bestuurdersaansprakelijkheid bij faillissement
  • Artikel 6:162 BW: Onrechtmatige daad

Bestuurders moeten zorgvuldig handelen en de belangen van de BV voorop stellen. Onnodige risico’s nemen mag gewoon niet.

Artikel 2:248 BW helpt de curator bij faillissement. Hiermee kan de curator makkelijker aantonen dat er sprake was van onbehoorlijk bestuur. Bestuurders moeten dan bewijzen dat ze niet tekort zijn geschoten.

Bescherming tegen aansprakelijkheid:

  • Een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering kan dekking bieden
  • Goede documentatie van besluiten is cruciaal
  • Schakel op tijd externe adviseurs in bij problemen

Aansprakelijkheid bij faillissement van de BV

Gaat een BV failliet? Dan kunnen bestuurders persoonlijk aansprakelijk worden voor schulden en tekorten. Dit komt vooral voor bij kennelijk onbehoorlijk bestuur.

De verantwoordelijkheid geldt richting schuldeisers, en de curator speelt een centrale rol bij het verhalen van boedeltekorten.

Kennelijk onbehoorlijk bestuur bij faillissement

Bestuurders van een failliete BV lopen risico op persoonlijke aansprakelijkheid als er sprake is van kennelijk onbehoorlijk bestuur. Dat betekent dat ze taken hebben verwaarloosd die een normaal bestuurder niet zou laten liggen.

Voorbeelden van onbehoorlijk bestuur:

  • Geen deugdelijke administratie bijhouden
  • Jaarrekeningen te laat publiceren
  • Boekhouding niet bewaren zoals het hoort
  • Doorgaan terwijl faillissement eigenlijk niet meer te vermijden is

De curator moet bewijzen dat het bestuur onbehoorlijk heeft gehandeld. Bij sommige tekortkomingen gaat men daar trouwens al snel van uit.

Bestuurders kunnen zich verdedigen door te laten zien dat ze wel degelijk zorgvuldig hebben gehandeld. Of ze tonen aan dat het onbehoorlijk bestuur niet de belangrijkste oorzaak van het faillissement was.

Verantwoordelijkheid tegenover schuldeisers en crediteuren

Schuldeisers krijgen bij faillissement meestal niet hun hele vordering betaald. De curator kan namens hen bestuurders aansprakelijk stellen voor het tekort.

Fiscale schulden zijn een extra risico. De Belastingdienst kan bestuurders persoonlijk aanspreken als je betalingsonmacht niet op tijd meldt. Dat geldt vooral voor loonbelasting en btw.

Er kunnen meerdere aansprakelijkstellingen tegelijk lopen. Zowel de curator als de Belastingdienst kunnen zich tot bestuurders wenden.

Hoofdelijke aansprakelijkheid betekent dat elke bestuurder voor het hele bedrag kan worden aangesproken. Heeft één bestuurder betaald? Dan kan die verhaal halen bij de anderen.

Curator en boedeltekort

De curator heeft het alleenrecht om bestuurders aan te spreken voor het boedeltekort. Dat is het verschil tussen de schulden en wat er uit de faillissementsboedel komt.

Stappen die de curator neemt:

  1. Onderzoek naar het gevoerde bestuur
  2. Boedeltekort vaststellen
  3. Kijken of bestuurders aansprakelijk zijn
  4. Eventueel aansprakelijk stellen

Het boedeltekort ontstaat als de opbrengst van verkochte bedrijfsmiddelen niet genoeg is om alle schuldeisers te betalen. Bestuurders zijn alleen aansprakelijk als hun onbehoorlijk bestuur een belangrijke oorzaak was van het tekort.

De curator moet binnen twee jaar na het faillissement actie ondernemen. Daarna vervalt die mogelijkheid.

Administratieplicht, boekhouding en preventie van aansprakelijkheid

Een goede administratie en correcte boekhouding zijn onmisbaar om bestuurdersaansprakelijkheid te voorkomen. Bedrijven moeten voldoen aan wettelijke verplichtingen voor registratie, jaarrekeningen en interne controles.

Belang van correcte administratie en boekhouding

Het bestuur van een BV heeft volgens artikel 2:10 BW een wettelijke administratieplicht. Je moet de administratie zo inrichten dat je rechten en verplichtingen altijd kunt overzien.

Bij faillissement kan de rechter bestuurders hoofdelijk aansprakelijk stellen als de boekhouding niet klopt. Dan moeten bestuurders met tegenbewijs komen om onder aansprakelijkheid uit te komen.

Belangrijke administratieve verplichtingen:

  • Volledige boekhouding bijhouden
  • Relevante documenten bewaren
  • Alle zakelijke transacties registreren
  • Financiële gegevens tijdig verwerken

Wie zich niet aan de administratieplicht houdt, riskeert strafrechtelijke vervolging. Recente wetgeving maakt schending van administratieve verplichtingen zelfs een economisch delict, ook als er geen faillissement is.

Bestuurders blijven samen aansprakelijk, ook als één iemand de financiële taken op zich neemt.

Jaarrekening en publicatieverplichtingen

BV’s moeten elk jaar een jaarrekening opstellen, en wel binnen vijf maanden na het boekjaar. Die verplichting geldt voor alle besloten vennootschappen, hoe groot of klein ook.

Verplichte onderdelen jaarrekening:

  • Balans
  • Winst- en verliesrekening
  • Toelichting
  • Bestuursverslag (voor grotere BV’s)

De algemene vergadering van aandeelhouders moet de jaarrekening goedkeuren. Daarna moet de BV de jaarrekening binnen acht dagen publiceren bij de Kamer van Koophandel.

Micro-BV’s mogen een vereenvoudigde jaarrekening gebruiken. Kleine BV’s hebben meer vrijstellingen dan middelgrote en grote ondernemingen.

Dien je de jaarrekening niet op tijd in? Dan pleeg je een economisch delict. Bestuurders lopen dan risico op persoonlijke aansprakelijkheid.

Compliance-programma’s en interne controles

Goede compliance-programma’s helpen bestuurders om juridische risico’s te beperken. Zo’n programma zorgt voor systematische naleving van wet- en regelgeving binnen de organisatie.

Elementen van een goed compliance-programma:

  • Duidelijke procedures en richtlijnen
  • Regelmatige training voor medewerkers
  • Interne controles
  • Rapportagestructuren voor overtredingen

Interne controles moeten passen bij de omvang en complexiteit van het bedrijf. Kleinere BV’s kunnen het simpel houden, grotere organisaties hebben meer uitgebreide systemen nodig.

Juridisch advies is vaak slim bij het opzetten van compliance-systemen. Advocaten kunnen helpen om specifieke risico’s te herkennen en passende maatregelen te ontwikkelen.

Documentatie van compliance-inspanningen is handig om te laten zien dat bestuurders zorgvuldig zijn geweest. Dat kan bescherming bieden tegen aansprakelijkheidsclaims.

Passieve aandeelhouders en hun risico’s binnen een BV

Passieve aandeelhouders hebben meestal beperkte aansprakelijkheid binnen een BV. Toch kunnen ze onder bepaalde omstandigheden risico lopen.

De grootste risico’s liggen bij uitkeringen tijdens financiële problemen en als ze hun aandelen niet volstorten.

Beperkte aansprakelijkheid van aandeelhouders

Een passieve aandeelhouder is in principe niet wettelijk aansprakelijk voor de schulden van de BV. Deze aandeelhouders bezitten alleen aandelen en bemoeien zich niet met het dagelijks bestuur.

De beperkte aansprakelijkheid houdt in dat aandeelhouders hooguit hun investering kunnen verliezen. Hun privévermogen blijft buiten schot bij claims van schuldeisers.

Toch bestaat er een belangrijke uitzondering. Als aandeelhouders zich gedragen als bestuurders of beleidsbepalers, lopen ze wél risico op aansprakelijkheid zoals bestuurders dat doen.

Aansprakelijkheid in een bv kan ook spelen bij aandeelhouders die:

  • Zich bemoeien met het dagelijks bestuur
  • Beslissingen nemen namens de BV
  • Feitelijk leiding geven aan het bedrijf

Risico’s bij uitkeringen en terugvorderingen

Passieve aandeelhouders lopen risico als zij uitkeringen ontvangen terwijl de BV financieel wankelt. Die uitkeringen kunnen later worden teruggevraagd.

Terugvordering gebeurt bijvoorbeeld als:

  • De uitkering bijdroeg aan het faillissement
  • Het bedrijf daardoor niet meer aan verplichtingen kon voldoen
  • De aandeelhouder wist of had moeten weten van de financiële problemen

Een ander risico is het niet volgestorte aandelenkapitaal. Aandeelhouders kunnen alsnog moeten bijstorten tot het afgesproken bedrag.

Bij faillissement kunnen curatoren dividenduitkeringen die vlak voor het faillissement zijn gedaan, terugvorderen. Vooral als die uitkeringen eigenlijk niet hadden gemogen.

Veelgestelde vragen

De strafrechtelijke verantwoordelijkheid binnen een BV hangt af van verschillende factoren. Denk aan feitelijk leidinggeven en de rol van betrokken personen.

Hoe wordt de verantwoordelijkheid binnen een besloten vennootschap (BV) vastgesteld wanneer er sprake is van strafbare feiten?

Ze bepalen de verantwoordelijkheid door te kijken naar het concept van feitelijk leidinggeven. Daarbij onderzoeken ze wie echt de touwtjes in handen had bij de activiteiten waar strafbare feiten zijn gepleegd.

Het draait niet alleen om iemands formele functie. De rechter kijkt naar wie daadwerkelijk beslissingen nam en de situatie controleerde.

De BV als rechtspersoon kan ook strafrechtelijk aansprakelijk zijn. Dat gebeurt als strafbare feiten binnen de normale bedrijfsvoering plaatsvinden of door de rechtspersoon worden bevorderd.

Welke criteria worden er gehanteerd om te bepalen wie er binnen een BV strafrechtelijk vervolgd kan worden?

Het belangrijkste criterium is feitelijk leidinggeven. Dus: had iemand echt invloed op de beslissingen die tot strafbare feiten leidden?

De rechter beoordeelt of personen wisten of hadden moeten weten van de strafbare handelingen. Ook kijkt hij of ze hadden kunnen ingrijpen.

De functie binnen de BV speelt een rol. Bestuurders dragen meestal meer verantwoordelijkheid dan gewone werknemers, simpelweg door hun positie.

Op welke wijze kan het handelen van een werknemer leiden tot strafrechtelijke aansprakelijkheid van de BV?

Werknemers treden vaak op namens de BV. Als zij strafbare feiten plegen tijdens hun werk, kan dat de BV in de problemen brengen.

De BV wordt aansprakelijk als die strafbare feiten passen binnen de normale bedrijfsvoering. Het maakt dan niet uit of het bestuur het gedrag goedkeurde.

Ook als het strafbare gedrag voordeel oplevert voor de BV, kan die aansprakelijk zijn. Zelfs als de werknemer buiten zijn boekje ging.

Wat zijn de gevolgen voor bestuurders van een BV bij overtreding van strafrechtelijke normen?

Bestuurders kunnen persoonlijk strafrechtelijk worden vervolgd, naast de BV zelf. Dat gebeurt als ze feitelijk leiding gaven aan de strafbare handelingen.

Straf? Denk aan boetes, gevangenisstraf, of zelfs een beroepsverbod.

Bestuurders kunnen daarnaast civielrechtelijk aansprakelijk worden gesteld. Dan moeten ze persoonlijk schade vergoeden aan de BV of aan derden.

Hoe verhoudt de strafrechtelijke aansprakelijkheid van een BV zich tot de persoonlijke aansprakelijkheid van de bestuurders?

De BV en de bestuurders kunnen tegelijk strafrechtelijk worden vervolgd. Dat zijn aparte trajecten die naast elkaar lopen.

De rechtspersoon beschermt bestuurders niet tegen persoonlijke vervolging. Dat de BV wordt vervolgd, betekent dus niet automatisch dat bestuurders vrijuit gaan.

Het Openbaar Ministerie kiest vaak strategisch wie het vervolgt. Soms de BV, soms de mensen, soms allebei—hangt er maar net van af.

Welke preventieve maatregelen kunnen genomen worden door een BV om strafrechtelijke risico’s te beheersen?

Een goed compliance programma helpt je om risico’s te herkennen en aan te pakken. Denk aan praktische procedures, trainingen en regelmatig toezicht op hoe wetten en regels worden nageleefd.

Als je duidelijke richtlijnen en procedures voor medewerkers opstelt, verklein je de kans op strafbare fouten. Trainingen, liefst met enige regelmaat, zorgen dat iedereen de regels ook echt snapt.

Intern toezicht en controle zijn belangrijk. Met goede systemen kun je overtredingen sneller ontdekken en direct reageren.

Laat ook eens een externe audit uitvoeren of vraag juridisch advies. Zo blijf je op de hoogte van de laatste regels en kun je risico’s beter inschatten.

Privacy Settings
We use cookies to enhance your experience while using our website. If you are using our Services via a browser you can restrict, block or remove cookies through your web browser settings. We also use content and scripts from third parties that may use tracking technologies. You can selectively provide your consent below to allow such third party embeds. For complete information about the cookies we use, data we collect and how we process them, please check our Privacy Policy
Youtube
Consent to display content from - Youtube
Vimeo
Consent to display content from - Vimeo
Google Maps
Consent to display content from - Google
Spotify
Consent to display content from - Spotify
Sound Cloud
Consent to display content from - Sound

facebook lawandmore.nl   instagram lawandmore.nl   linkedin lawandmore.nl   twitter lawandmore.nl