Bij een scheiding op gezamenlijk verzoek, waarbij u het samen eens bent over de kinderen, het huis en het geld, duurt de procedure ongeveer zes tot tien weken. Dat is gerekend vanaf de dag dat uw advocaat het verzoekschrift indient tot de dag dat de scheiding is ingeschreven bij de gemeente. De tijd die u daarvoor nodig hebt om die afspraken op papier te krijgen telt daar niet in mee. Langer wordt het zodra u het over één onderdeel niet eens wordt, want dan komt er een zitting bij en krijgt uw partner een termijn voor verweer.
Uit welke stappen bestaat de procedure, en hoe lang duurt elke stap?
De rechtbank heeft maar een deel van de doorlooptijd in handen. Het grootste deel bepaalt u zelf, in de fase voordat er iets bij de rechtbank ligt.
Stap 1. Afspraken maken. U legt vast wat er met de kinderen, de woning, de pensioenen en de schulden gebeurt. Hoe lang dit duurt, hangt volledig af van u en uw partner. Dit is vrijwel altijd de langste stap, en de enige waarop u zelf invloed hebt.
Stap 2. Het verzoekschrift indienen. Dit doet een advocaat. Zonder advocaat komt uw verzoek de rechtbank niet binnen, ook niet als u het samen eens bent. Artikel 1:150 van het Burgerlijk Wetboek maakt daarbij geen onderscheid: de echtscheiding kan worden uitgesproken op verzoek van één van u of op uw gezamenlijk verzoek. Het indienen zelf kost een dag.
Stap 3. De rechtbank behandelt het verzoek. Dient u samen in en hebt u geen minderjarige kinderen, dan komt er geen zitting en doet de rechter direct uitspraak. Reken in dat geval op een paar weken. Is er wel een zitting, dan wordt daar eerst een datum voor gepland en doet de rechter een aantal weken na die zitting uitspraak.
Stap 4. Wachten tot de beschikking onherroepelijk is, of dat wachten overslaan. Na de uitspraak loopt er drie maanden waarin allebei hoger beroep kunnen instellen. Tekent u samen een akte van berusting, waarin u verklaart dat u niet in beroep gaat, dan hoeft u die drie maanden niet af te wachten. Artikel 358 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering stelt in het eerste lid hoger beroep open behoudens berusting, en geeft in het tweede lid de termijn van drie maanden.
Stap 5. Inschrijven bij de gemeente. De beschikking gaat naar de registers van de burgerlijke stand. Dat moet binnen zes maanden nadat de beschikking onherroepelijk is geworden.
Wanneer bent u officieel gescheiden?
Niet op de dag van de uitspraak. Artikel 1:163 van het Burgerlijk Wetboek bepaalt dat de echtscheiding tot stand komt door de inschrijving van de beschikking in de registers van de burgerlijke stand. Tot dat moment bent u nog getrouwd, met alles wat daarbij hoort.
Aan die inschrijving hangt een termijn die vaak verkeerd wordt weergegeven. Het derde lid van artikel 1:163 zegt dat de beschikking haar kracht verliest als het verzoek tot inschrijving niet is gedaan uiterlijk zes maanden na de dag waarop de beschikking in kracht van gewijsde is gegaan. In kracht van gewijsde betekent: onherroepelijk, dus nadat de beroepstermijn van drie maanden is verstreken of nadat u allebei hebt berust. De zes maanden beginnen dus niet op de dag van de uitspraak. Tekent u geen akte van berusting, dan hebt u in de praktijk drie maanden beroepstermijn plus zes maanden inschrijftermijn. Laat u die laatste termijn verlopen, dan hebt u een uitspraak zonder werking en begint u opnieuw.
Waardoor duurt het langer dan zes tot tien weken?
Er is één hoofdoorzaak: onenigheid. Zodra u het over een onderdeel niet eens wordt, kan de rechter niet meer op papier beslissen.
Als uw partner het niet eens is met de scheiding of met de gevolgen, dient u een eenzijdig verzoek in. Dat kan altijd; artikel 1:151 van het Burgerlijk Wetboek bepaalt dat de echtscheiding op verzoek van één van de echtgenoten wordt uitgesproken als het huwelijk duurzaam ontwricht is. Uw partner krijgt dan zes weken de tijd om een verweerschrift in te dienen, gerekend vanaf de ontvangst van het verzoekschrift. Woont uw partner in het buitenland, dan is die termijn drie maanden. Daarna volgt een zitting, en daarna een uitspraak. Elke ronde kost weken.
Dient u samen in, dan geldt artikel 1:154: de echtscheiding wordt uitgesproken op grond van uw beider oordeel dat het huwelijk duurzaam ontwricht is. Ieder van u kan dat gezamenlijke verzoek tot op het moment van de uitspraak nog intrekken.
Ook zonder ruzie kan het langer duren. Een onderneming, een woning die onder water staat, een pensioen dat verdeeld moet worden of een erfenis die niet meer te herleiden is: dat zijn allemaal dingen die tijd kosten in stap 1, voordat er iets bij de rechtbank ligt.
Wat betekent het voor de duur als u minderjarige kinderen hebt?
Dan moet er een ouderschapsplan bij het verzoek. Artikel 815 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering schrijft dat voor in het tweede lid, en het derde lid zegt wat erin hoort te staan: hoe u de zorg- en opvoedingstaken verdeelt, hoe u elkaar informeert en raadpleegt over gewichtige aangelegenheden, en wat de kosten van verzorging en opvoeding zijn.
Er is één uitweg, en die is voor mensen bij wie de andere ouder niet meewerkt het verschil tussen doorgaan en vastlopen. Het zesde lid van datzelfde artikel bepaalt dat als het ouderschapsplan redelijkerwijs niet kan worden overgelegd, kan worden volstaan met andere stukken of op andere wijze daarin kan worden voorzien, ter beoordeling van de rechter. U legt dan uit wat u hebt geprobeerd en waarom het niet is gelukt.
Het verschil met een scheiding zonder kinderen zit hem verder niet zozeer in de rechtbank, maar in wat u vooraf moet regelen. Daarnaast vervalt de route zonder zitting: blijkt uit het ouderschapsplan dat een zitting nodig is, dan worden u en uw partner opgeroepen.
Kunt u de procedure sneller laten verlopen?
Op de doorlooptijd van de rechtbank hebt u weinig invloed. Op de rest wel.
Wat helpt, is alles in stap 1 compleet aanleveren. Een convenant waarin niets open blijft staan, een ouderschapsplan dat allebei ondertekend hebben, en de stukken die de rechtbank nodig heeft. Artikel 815 somt die stukken op: een afschrift of uittreksel van de huwelijksakte, de geboorteakten van de minderjarige kinderen, en de stukken over eventuele voorlopige voorzieningen.
Wat het meest scheelt, is de akte van berusting. Ondertekent u die allebei, dan is de beschikking meteen onherroepelijk, hoeft u de beroepstermijn van drie maanden niet uit te zitten en kan de beschikking direct naar de gemeente. Zonder die akte bent u pas ruim drie maanden na de uitspraak officieel gescheiden.
Wat niet helpt, is nog een onderwerp openlaten in de hoop dat de rechter het snel afhandelt. Dat is precies wat een zitting oplevert.
Wat kunt u regelen zolang de procedure loopt?
U hoeft niet af te wachten. De rechter kan tijdens de procedure voorlopige voorzieningen treffen: wie er in het huis blijft wonen, bij wie de kinderen wonen en wie welke bijdrage betaalt. Die beslissingen gelden totdat de scheiding rond is. Ieder van u kan daarom verzoeken, op grond van artikel 821 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
Hier staat wel een harde termijn in de wet, en het is een van de weinige. Het tweede lid van artikel 821 bepaalt dat de mondelinge behandeling niet later aanvangt dan in de derde week volgende op die waarin de voorziening is gevraagd, en het derde lid dat de rechter zo spoedig mogelijk na die behandeling beslist. U zit dus niet maandenlang te wachten.
Er hangt ook een termijn aan de andere kant. Vraagt u een voorlopige voorziening voordat de scheiding is aangevraagd, dan verliest die beschikking haar kracht als er niet binnen vier weken na de dagtekening ervan een verzoek tot echtscheiding of tot scheiding van tafel en bed is gedaan.
Wat gebeurt er als uw ex in hoger beroep gaat?
Dan komt er een procedure bij het gerechtshof bovenop de doorlooptijd die u al hebt gehad. Voor u beiden, als partijen die in de procedure zijn verschenen, loopt de termijn van drie maanden vanaf de dag van de uitspraak. Dat staat in artikel 358, tweede lid van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Alleen voor belanghebbenden die niet in de procedure zijn verschenen begint de termijn later, namelijk bij de betekening of op het moment dat de beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.
Vaak gaat het beroep niet over de scheiding zelf, maar over een onderdeel: de alimentatie, de verdeling of de omgangsregeling. De scheiding kan dan in veel gevallen al worden ingeschreven terwijl de rest nog loopt. Of dat in uw geval kan, hangt af van waar het beroep precies tegen gericht is.
Wat kost het griffierecht?
Voor een echtscheidingsverzoek rekent de rechtbank het tarief voor een zaak van onbepaalde waarde. Dat is voor een natuurlijke persoon 341 euro in 2026, en 93 euro als u een toevoeging of een inkomensverklaring van de Raad voor Rechtsbijstand meestuurt. Die bedragen staan in de tabel die als bijlage bij de Wet griffierechten burgerlijke zaken hoort.
Dient u samen één verzoekschrift in via dezelfde advocaat, dan wordt het griffierecht maar één keer geheven. Dat volgt uit artikel 15 van diezelfde wet.
Veelgestelde vragen
Hoe lang duurt het voordat je officieel gescheiden bent?
Officieel gescheiden bent u pas als de uitspraak van de rechter is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand, niet op de dag van de uitspraak zelf. Bij een gezamenlijk verzoek waarin alles is geregeld en waarin u allebei een akte van berusting tekent, ligt daar ongeveer zes tot tien weken tussen, gerekend vanaf het indienen. Zijn er geschilpunten, dan komt er een zitting bij en loopt het op tot een half jaar of langer. De Rechtspraak zelf houdt het op minimaal zes weken tot meer dan een jaar. Voor de inschrijving hebt u zes maanden nadat de beschikking onherroepelijk is geworden.
Wat is een zware fout bij echtscheiding?
Het Nederlandse recht kent bij een echtscheiding geen schuldvraag. De enige grond is duurzame ontwrichting van het huwelijk. Er is dus geen partner die de scheiding wint door aan te tonen dat de ander een zware fout heeft gemaakt, en overspel of vertrek uit de woning maakt op zichzelf niets uit voor de vraag of de scheiding wordt uitgesproken. Ook instemming is niet nodig: als één van u de scheiding wil, komt die er via een eenzijdig verzoek. Gedrag kan wel meewegen bij losse onderdelen, bijvoorbeeld bij partneralimentatie of bij een verdeling waarbij vermogen is weggesluisd. Dat is dan een discussie over dat onderdeel, niet over de scheiding zelf.
Hoeveel kost een simpele scheiding?
Er zijn twee posten. De eerste is het griffierecht van de rechtbank, dat in 2026 341 euro bedraagt voor een natuurlijke persoon bij een verzoek van onbepaalde waarde, of 93 euro met een toevoeging. De tweede zijn de kosten van de advocaat, en die zijn niet vast: ze hangen af van hoeveel er te regelen valt en hoeveel u samen al eens bent. Deelt u bij een gezamenlijk verzoek één advocaat, dan is dat doorgaans de goedkoopste route, en wordt het griffierecht ook maar één keer geheven. Ligt uw inkomen onder de grens, dan komt u mogelijk in aanmerking voor gesubsidieerde rechtsbijstand en betaalt u een eigen bijdrage.
Wat is de moeilijkste fase van een scheiding?
Meestal niet de procedure, maar de periode ervoor: de maanden waarin u nog samen in één huis zit, nog niets is vastgelegd en u wel al besluiten moet nemen. Juridisch is de zwaarste fase de onderhandeling over het convenant en het ouderschapsplan, omdat daar alles tegelijk op tafel ligt terwijl u er allebei niet nuchter in staat. Wat die fase korter maakt, is hem opknippen: eerst de kinderen, dan de woning, dan de rest. En als het vastloopt op één punt, is het vaak sneller om daar een beslissing over te vragen dan om erover te blijven praten.