Gepubliceerd op 2 september 2026 · Laatst bijgewerkt op 8 oktober 2026
Een collectieve overstap naar een concurrent is op zichzelf geen overtreding van een anti-wervingsbeding. Dat verandert pas als u een collega actief overhaalt om op te zeggen, en één zakelijk contact met een oude klant kan wel het relatiebeding schenden. Dat blijkt uit een vonnis van de kantonrechter Amsterdam van 4 augustus 2026 (ECLI:NL:RBAMS:2026:8591).
Fusion Trade Netherlands B.V. vorderde van een voormalig werknemer € 150.000 aan boetes wegens werving, € 230.000 wegens schending van het relatiebeding en € 150.000 wegens schending van de geheimhouding. De kantonrechter wees één boete toe: € 25.000 wegens schending van het relatiebeding. De rest werd afgewezen.
Inhoudsopgave
Wat speelde er?
Negen werknemers stapten in korte tijd over naar een concurrent. Hun oude werkgever eiste van één van hen boetes wegens werving, klantcontact en schending van de geheimhouding.
De werknemer trad in 2011 in dienst bij Fusion Trade, een handelaar in elektronische componenten, en werkte vanaf 2012 als Sales Account Executive. Zijn arbeidsovereenkomst bevatte een geheimhoudings-, anti-wervings- en relatiebeding, met een boete van € 25.000 per overtreding en € 5.000 voor elke dag dat de overtreding voortduurde.
Een concurrentiebeding stond er bewust niet in: Fusion Trade meende dat haar belang met de drie andere bedingen voldoende was gewaarborgd. Het verschil in reikwijdte tussen die bedingen zetten wij eerder uiteen in ons artikel over het verschil tussen een concurrentiebeding en een relatiebeding.
Daarnaast sloten de werknemer en een gelieerde vennootschap in 2018 een afzonderlijke geheimhoudings- en anti-wervingsovereenkomst. Of die overeenkomst afdwingbaar was, hoefde de kantonrechter niet te beoordelen: er stond geen eigen boetebeding in, en het boetebeding uit de arbeidsovereenkomst was daarop niet van toepassing verklaard. De boetevordering werd dus uitsluitend aan de arbeidsovereenkomst getoetst.
De werknemer zegde op 20 februari 2024 op tegen 31 maart 2024 en trad rond 1 april 2024 in dienst bij een concurrent. Acht andere voormalig werknemers van Fusion Trade stapten in dezelfde periode over. Kort na de aankondiging van het vertrek van hun leidinggevende was een WhatsApp-groep aangemaakt waarvan berichten na verloop van tijd automatisch verdwenen.
Wanneer is sprake van werving?
Van werving is pas sprake als u een collega actief probeert over te halen om op te zeggen en elders in dienst te treden. Dat moet per persoon worden bewezen.
Het anti-wervingsbeding verbood de werknemer om gedurende een jaar na het dienstverband personeel van Fusion Trade te benaderen of aan te trekken. Volgens Fusion Trade hadden de vertrokken werknemers elkaar, onder meer via de WhatsApp-groep, aangemoedigd om op te zeggen.
De kantonrechter volgde die redenering niet. Werving veronderstelt een actieve handeling: iemand die een ander probeert te overtuigen om bij de huidige werkgever op te zeggen en elders in dienst te treden. Dat bewijs ontbrak. De groep werd dubieus genoemd, maar de inhoud van de berichten kon niet worden vastgesteld, omdat berichten automatisch werden verwijderd en de deelnemers de groep inmiddels hadden gewist. Uit de berichten die Fusion Trade wél had, bleek geen werving.
Ook de context wees niet noodzakelijk op werving. Een deel van de groep vormde al een vriendengroep, de werknemers verklaarden ontevreden te zijn over de gang van zaken, en het stond hun vrij bij de concurrent in dienst te treden omdat er geen concurrentiebeding gold. Zelfs als er wél was aangemoedigd, viel niet vast te stellen wie wie had geworven. Een gezamenlijke overstap levert dus nog geen individuele wervingshandeling op. De boetes wegens werving werden afgewezen.
Hoe ver reikt het relatiebeding?
Het relatiebeding verbiedt niet elk contact met een oude klant. Het verbiedt wel het werven van die klant en het aangaan van een commerciële relatie met hem.
Het relatiebeding verbood de werknemer om gedurende een jaar na het dienstverband klanten van Fusion Trade te werven of daarmee een commerciële relatie aan te gaan. Het beding zag op partijen die op de einddatum klant waren, of dat in het jaar daarvoor waren geweest. De kantonrechter legde het beding uit aan de hand van de bedoeling van partijen en kwam tot drie uitgangspunten.
Niet ieder contact is verboden. In het beding staat niet dat elk contact met een (oud)relatie verboden is. Verboden zijn het werven van die relatie en het aangaan van een commerciële relatie, ongeacht het bedrag dat daarmee gemoeid is.
Het initiatief van de klant is niet beslissend. Neemt de klant zelf contact op, dan sluit dat een overtreding niet uit. Wordt daarna geworven of een commerciële relatie aangegaan, dan is het beding geschonden.
Bij een grote klantenportefeuille telt de kenbaarheid. Van een werknemer kan niet worden verwacht dat hij een zeer groot aantal relaties allemaal kent. Staat vast dat hij niet wist en ook niet kon weten dat een partij relatie was, dan levert contact met die partij geen schending op. Bij algemeen geformuleerde relatiebedingen is het daarom verstandig vast te leggen welke relaties eronder vallen. Over de geldigheidseisen die daarvóór al gelden, schreven wij eerder in ons artikel over wat wel en niet mag bij concurrentie- en relatiebedingen.
Waarom kostte één e-mail € 25.000?
Omdat de werknemer een vraag van een oude klant over een levering zelf beantwoordde en bij die order betrokken was. Dat gold als een commerciële relatie, en dus als schending van het relatiebeding.
Voor klant SQP achtte de kantonrechter een overtreding bewezen. Op 17 juli 2024 mailde een collega aan SQP over een nieuwe order. Op 1 augustus 2024 vroeg een medewerker van SQP rechtstreeks aan de werknemer of bepaalde producten de volgende dag zouden worden geleverd. De werknemer antwoordde daarop op 2 augustus 2024.
Zijn verweer dat hij slechts had gereageerd op een intern doorgestuurde e-mail hield geen stand: de e-mail van SQP was rechtstreeks aan hem gericht, en voor zijn eigen bericht gaf hij geen afdoende verklaring. Omdat SQP een order had geplaatst en de werknemer bij die zakelijke relatie betrokken was, was het relatiebeding geschonden. Eén boete van € 25.000.
De daarnaast gevorderde dagboetes over de periode van 17 juli tot en met 2 augustus 2024 werden afgewezen. Niet was gebleken dat de werknemer al op 17 juli contact met SQP had gehad; die eerdere e-mail was van iemand anders. Voor een dagboete moet dus afzonderlijk worden onderbouwd wanneer de overtreding begon en hoe lang zij voortduurde.
Fusion Trade stelde verder dat drie andere klanten mondeling hadden verklaard dat de werknemer contact met hen had opgenomen. De werknemer betwistte dat gemotiveerd, en nadere onderbouwing ontbrak, zodat ook op dit punt geen schending kon worden vastgesteld. Voor werkgevers betekent dat: leg per klantcontact vast wie benaderde, wanneer, met welke boodschap, en welke commerciële handeling volgde.
Is schending van het relatiebeding ook schending van de geheimhouding?
Nee. Fusion Trade stelde dat elke schending van het relatiebeding automatisch ook het geheimhoudingsbeding schendt, omdat de werknemer namen, contactpersonen en wensen van klanten kende. De kantonrechter wees dat af: het zijn twee afzonderlijke bedingen, en in geen van beide staat dat schending van het ene het andere meebrengt.
Voor een geheimhoudingsschending moet zelfstandig worden vastgesteld dat vertrouwelijke of concurrentiegevoelige informatie is gebruikt, gekopieerd of aan derden verstrekt. In een zaak waarin drie ex-werknemers samen forse boetes verbeurden lag dat anders: daar stond wel vast dat bedrijfsgeheimen waren meegenomen.
Wat valt onder een geheimhoudingsbeding?
Het beding beschermt echte bedrijfsgeheimen, niet de algemene vakkennis en ervaring die een werknemer in zijn loopbaan opdoet. Die kennis mag hij na zijn dienstverband blijven gebruiken. Dat sluit aan bij de Wet bescherming bedrijfsgeheimen, die verlangt dat informatie geheim is, handelswaarde heeft omdát zij geheim is, en met redelijke maatregelen geheim is gehouden.
Ook het gebruik van LinkedIn Sales Navigator leverde geen schending op. De werknemer had daar een eigen leadlijst mee samengesteld. De kantonrechter noemde die handelwijze bedenkelijk, maar de informatie is toegankelijk voor iedere licentiehouder en dus geen bedrijfsgevoelige informatie van Fusion Trade. Dat betekent niet dat gegevens uit een commerciële databank nooit vertrouwelijk kunnen zijn: beslissend blijven de inhoud, de toegankelijkheid, de wijze van verzamelen en de contractuele afspraken. Wie vertrouwelijkheid wil vastleggen, moet specificeren om welke informatie het gaat; wij schreven daarover in ons artikel over geheimhoudingsovereenkomsten.
Waarom werd de boete niet gematigd?
De kantonrechter vond de boete niet buitensporig. De schending was ernstig en de werknemer had kort voor zijn vertrek forse bonussen en commissies ontvangen.
Matiging kan op grond van artikel 6:94 van het Burgerlijk Wetboek alleen als de billijkheid dat klaarblijkelijk eist: als toepassing van het beding tot een buitensporig en daarom onaanvaardbaar resultaat leidt. Daarbij tellen de verhouding tussen schade en boete, de aard van de overeenkomst, de inhoud en strekking van het beding, en de omstandigheden waaronder het is ingeroepen.
Matiging bleef hier uit. De boete heeft een aansporingsfunctie, dus dat zij hoger uitvalt dan de werkelijke schade is op zichzelf onvoldoende. De schending werd als ernstig aangemerkt omdat het relatiebeding het bedrijfsdebiet beschermt. Meegewogen werd bovendien dat de werknemer in de periode voorafgaand aan zijn vertrek aanzienlijke bonussen en commissies had ontvangen.
Die uitkomst is geen automatisme. Waar de draagkracht van de werknemer geringer is, de overtreding incidenteel blijft en geen omzetverlies is aangetoond, matigen feitenrechters wel degelijk. Voorbeelden daarvan zijn te vinden bij de rechtbank Limburg (ECLI:NL:RBLIM:2025:3973), waar een boete van € 48.500 werd teruggebracht tot € 25.000, en het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch (ECLI:NL:GHSHE:2014:6), waar een boete van € 12.500 werd gematigd tot € 5.000. De verhouding tussen schade en boete is daarbij belangrijk, maar nooit alleen beslissend: het gaat om alle omstandigheden van het geval.
Waar moet een boetebeding in een arbeidsovereenkomst aan voldoen?
Het boetebeding moet schriftelijk zijn overeengekomen, en het voorschrift en het boetebedrag moeten er nauwkeurig in staan (artikel 7:650 BW).
Artikel 6:91 van het Burgerlijk Wetboek merkt ieder beding aan als boetebeding waarbij de werknemer bij een tekortkoming een geldsom verschuldigd wordt, ongeacht of dat tot schadevergoeding of tot aansporing strekt. Voor de arbeidsovereenkomst gelden daarnaast de eisen van artikel 7:650 van het Burgerlijk Wetboek: het beding moet schriftelijk zijn aangegaan, en het voorschrift waarop de boete ziet en het bedrag moeten nauwkeurig zijn vermeld.
Die bepaling is van dwingend recht. Alleen bij werknemers die meer dan het minimumloon verdienen, kan schriftelijk worden afgeweken van de overige eisen, waaronder de bestemming en de hoogte van de boete. Artikel 7:651 bepaalt bovendien dat de werkgever wegens hetzelfde feit niet zowel een boete kan heffen als schadevergoeding kan vorderen. Meer daarover in ons artikel over het boetebeding in de arbeidsovereenkomst.
Tot slot verdient aandacht dat een relatiebeding volgens de Hoge Raad moet worden aangemerkt als een concurrentiebeding in de zin van artikel 7:653 van het Burgerlijk Wetboek (HR 3 maart 2017, ECLI:NL:HR:2017:364). Daarmee gelden voor het relatiebeding dezelfde vormvereisten: het moet schriftelijk met een meerderjarige werknemer zijn overeengekomen, en in een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd is het alleen geldig bij een schriftelijk gemotiveerd zwaarwegend bedrijfsbelang. In deze zaak speelde dat niet, omdat het om een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd ging.
Waar let u als werkgever op?
U moet elk beding afzonderlijk en per werknemer bewijzen. Een ontbrekend concurrentiebeding is met andere bedingen niet te repareren.
| Onderwerp | Praktische les |
|---|---|
| Concurrentiebeding | Het ontbreken ervan is niet te repareren met een anti-wervings-, relatie- of geheimhoudingsbeding |
| Anti-wervingsbeding | Toon per werknemer aan wie door wie is benaderd en met welk doel; een gezamenlijke overstap bewijst dat niet |
| Digitale communicatie | Verdwijnende of gewiste berichten leiden tot bewijsnood; zorg tijdig voor een rechtmatige bewijsstrategie |
| Relatiebeding | Omschrijf welke relaties eronder vallen en houd een actuele, kenbare relatielijst bij |
| Klantcontact | Leg vast wie het initiatief nam, wat is besproken en welke transactie volgde |
| Geheimhouding | Benoem concreet welke informatie vertrouwelijk is en tref aantoonbaar redelijke beveiligingsmaatregelen, zoals de Wet bescherming bedrijfsgeheimen verlangt |
| Openbare informatie | Wat via een algemeen toegankelijk platform beschikbaar is, is niet zonder meer vertrouwelijk |
| Dagboete | Onderbouw per dag de duur van de overtreding; één handeling rechtvaardigt geen doorlopende boete |
| Cumulatie | Schending van het relatiebeding is niet automatisch schending van de geheimhouding |
| Boetebeding | Controleer schriftelijkheid, omschrijving, bestemming en hoogte aan artikel 7:650 BW |
| Relatiebeding en 7:653 BW | Behandel het relatiebeding als concurrentiebeding: schriftelijk, met een meerderjarige werknemer en bij bepaalde tijd met een gemotiveerd zwaarwegend bedrijfsbelang |
Waar let u als werknemer op?
Zonder concurrentiebeding staat het u vrij bij een concurrent in dienst te treden, ook als meerdere collega’s rond dezelfde tijd overstappen. Een anti-wervingsbeding beperkt dat pas wanneer u collega’s actief probeert over te halen. Het relatiebeding is het beding waar u in de praktijk het vaakst tegenaan loopt: het beantwoorden van een bericht van een oude klant is niet per definitie verboden, maar worden daarna zaken gedaan en bent u daarbij betrokken, dan is de boete verbeurd. Aanvaard commerciële opdrachten van relaties van uw vorige werkgever daarom niet zonder juridisch advies, neem geen bestanden of klantgegevens mee, en laat bij twijfel de tekst van uw beding beoordelen.
- Lees welke relaties onder uw relatiebeding vallen en hoe lang het geldt.
- Controleer of het beding schriftelijk is overeengekomen en, bij een contract voor bepaalde tijd, schriftelijk is gemotiveerd (artikel 7:653 BW).
- Neem geen bestanden, klantlijsten of e-mails van uw oude werkgever mee.
- Benader geen collega’s om mee over te stappen zolang een anti-wervingsbeding geldt.
- Bewaar berichten van oude klanten die zelf contact zoeken, en neem geen order aan voordat u uw beding hebt laten beoordelen.
Wat was de uitkomst van de procedure?
De werknemer werd veroordeeld tot betaling van € 25.000, vermeerderd met wettelijke rente vanaf de datum waarop Fusion Trade voor het eerst rente vorderde. De overige boetevorderingen en de buitengerechtelijke incassokosten werden afgewezen. Fusion Trade werd veroordeeld in de proceskosten van € 3.026. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Wat kunnen wij voor u doen bij een anti-wervings- of relatiebeding?
Wij staan werknemers en werkgevers bij in geschillen over bedingen na het einde van het dienstverband, vanuit onze praktijk arbeidsrecht.
- Wij beoordelen of uw relatie-, anti-wervings- of geheimhoudingsbeding geldig is, onder meer aan de vormvereisten van artikel 7:653 BW.
- Wij toetsen het boetebeding aan artikel 7:650 BW en beoordelen of matiging op grond van artikel 6:94 BW aan de orde kan zijn.
- Wij brengen per contact met een klant of collega in kaart wat wel en niet te bewijzen is.
- Wij reageren op een sommatie of een boetevordering van de (oud-)werkgever.
- Wij stellen voor werkgevers bedingen en relatielijsten op die aansluiten op de eisen die de rechter stelt.
- Wij voeren de procedure bij de kantonrechter, ook in kort geding.
Samengevat
- Een collectieve overstap naar een concurrent is op zichzelf geen bewijs van werving; daarvoor is een aantoonbare, actieve wervingshandeling nodig.
- Een relatiebeding kan al door één concreet klantcontact worden geschonden, ook als de klant zelf het initiatief nam.
- Schending van het relatiebeding levert niet automatisch schending van de geheimhouding op; beide vergen zelfstandig bewijs.
- Informatie die voor iedere licentiehouder van een platform als LinkedIn Sales Navigator toegankelijk is, geldt niet zonder meer als bedrijfsgeheim.
- Matiging van een contractuele boete komt alleen in beeld bij een klaarblijkelijk buitensporig en onaanvaardbaar resultaat.
Veelgestelde vragen
Mag ik samen met collega’s overstappen naar een concurrent?
Zonder concurrentiebeding mag dat. Een gezamenlijke overstap is op zichzelf geen bewijs van werving. Wel kan sprake zijn van een overtreding als u een collega actief probeert over te halen om op te zeggen en bij uw nieuwe werkgever in dienst te treden.
Wanneer schend ik een anti-wervingsbeding?
Dat hangt af van de formulering. In deze zaak was een actieve handeling nodig waarbij iemand een ander probeert te overtuigen om op te zeggen en elders in dienst te treden, en moest per persoon duidelijk zijn wie wie had benaderd.
Is ieder contact met een oude klant verboden?
Volgens de uitleg in deze zaak niet. Verboden waren het werven van de relatie en het aangaan van een commerciële relatie, niet het contact als zodanig.
Maakt het uit wie het eerste contact legde?
Nee. Ook als de klant u benadert, kan het vervolg leiden tot werving of tot het aangaan van een commerciële relatie.
Geldt een relatiebeding voor alle klanten van mijn werkgever?
Niet zonder meer. Bij een zeer grote relatieportefeuille kan van een werknemer niet worden verwacht dat hij alle relaties kent. Wist u niet en kon u niet weten dat een partij klant was, dan is dat relevant voor de beoordeling.
Is informatie uit LinkedIn Sales Navigator altijd vrij te gebruiken?
Nee. In deze zaak was de informatie toegankelijk voor iedere licentiehouder en daarom geen bedrijfsgeheim. Dat oordeel hangt af van de aard en toegankelijkheid van de informatie en van wat partijen zijn overeengekomen.
Kan een boete van € 25.000 worden gematigd?
Alleen als toepassing van het boetebeding tot een buitensporig en onaanvaardbaar resultaat leidt. Dat de boete hoger is dan de schade, is op zichzelf onvoldoende.
Wat betekent deze uitspraak voor uw bedingen?
Elk beding wordt afzonderlijk uitgelegd en moet afzonderlijk worden bewezen. Het ene beding weegt daarbij niet zwaarder dan het andere. Een gezamenlijke overstap is te weinig voor een wervingsverbod. Eén concrete commerciële handeling is genoeg voor een relatiebeding, ook als de klant zelf begon. En voor de geheimhouding is zelfstandig bewijs nodig dat vertrouwelijke informatie is gebruikt of verstrekt.
Bron: Rechtbank Amsterdam (kantonrechter), 4 augustus 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:8591, zaaknummer 12121989 / CV EXPL 26-3003.
Meer over hoe Law & More u hierbij helpt, leest u op de pagina arbeidsrecht advocaat.