Artikel 77c Sr

Hark en herfstbladeren op een parkpad met een kruiwagen

Artikel 77c van het Wetboek van Strafrecht (Sr) bepaalt dat de rechter bij een verdachte die ten tijde van het feit 18 jaar of ouder was maar nog geen 23, het jeugdstrafrecht kan toepassen. Dat doet hij als hij daarvoor grond vindt in de persoonlijkheid van de dader of de omstandigheden waaronder het feit is begaan.

Wat regelt artikel 77c Sr?

Artikel 77c vormt samen met artikel 77b het adolescentenstrafrecht. Het doel is om de straf beter af te stemmen op de ontwikkeling van jongvolwassenen.

  • Artikel 77c: jeugdstrafrecht voor jongvolwassenen van 18 tot 23 jaar.
  • Artikel 77b: volwassenenstrafrecht voor 16- en 17-jarigen, waarbij levenslange gevangenisstraf is uitgesloten.

Welke sancties kan de rechter dan opleggen?

Bij toepassing van artikel 77c kan de rechter kiezen uit de jeugdsancties. Denk aan jeugddetentie, een taakstraf volgens het jeugdstrafrecht en de PIJ-maatregel, een behandelmaatregel voor jongeren.

Hoe beslist de rechter in de praktijk?

De rechter beoordeelt dit per zaak. Rapporten van de reclassering, en soms van een psycholoog of psychiater, spelen daarbij een grote rol.

Daarin staat bijvoorbeeld of de verdachte nog bij zijn ouders woont, naar school gaat, beïnvloedbaar is of nog in ontwikkeling is. De verdediging kan de rechter vragen artikel 77c toe te passen en dat onderbouwen met deze rapporten.

Hoe werkt dit in een concreet geval?

Een 19-jarige student woont nog thuis en raakt onder invloed van oudere vrienden betrokken bij een straatroof. De reclassering beschrijft hem als beïnvloedbaar en sterk gericht op zijn opleiding. De verdediging vraagt om toepassing van het jeugdstrafrecht. De rechter weegt de rapporten en de ernst van het feit en bepaalt welk sanctiestelsel past.

Waar vindt u meer informatie?

Lees verder bij advocaat jeugdstrafrecht en in ons artikel jeugdstrafrecht of volwassenenstrafrecht. De wettekst staat op wetten.overheid.nl.