Laatst bijgewerkt op 27 oktober 2026
Belediging is het opzettelijk aantasten van de eer of goede naam van een ander, zonder dat sprake is van smaad. Het gaat om scheldwoorden, kwetsende gebaren of grievende teksten. Eenvoudige belediging is strafbaar gesteld in artikel 266 Wetboek van Strafrecht (Sr). De maximumstraf is drie maanden gevangenisstraf of een geldboete van de tweede categorie.
Inhoudsopgave
Wettelijke basis
Artikel 266 lid 1 Sr noemt drie vormen. De belediging gebeurt in het openbaar, mondeling of op schrift. Of zij gebeurt in de aanwezigheid van het slachtoffer, mondeling of met een gebaar of handeling. Of zij staat in een brief, bericht of afbeelding die naar het slachtoffer wordt gestuurd. Belediging is een misdrijf, geen overtreding.
Artikel 266 lid 2 Sr maakt een uitzondering. Een uitlating met als doel een oordeel te geven over de behartiging van openbare belangen is niet strafbaar. Dat geldt niet als de uitlating er ook op gericht is de ander op een andere manier of zwaarder te kwetsen.
Artikel 267 Sr maakt de gevangenisstraf een derde hoger als de belediging gericht is tegen een ambtenaar tijdens of vanwege zijn werk. Hetzelfde geldt voor de Koning en zijn naaste familie, en voor een openbaar lichaam of openbare instelling. Leden van gekozen organen, zoals de gemeenteraad, vallen niet onder de ambtenarenregel.
Hoe het in de praktijk werkt
Belediging is volgens artikel 269 Sr een klachtdelict. Het Openbaar Ministerie vervolgt alleen als het slachtoffer een klacht indient. Die klacht moet binnen drie maanden nadat het slachtoffer van het feit hoorde (artikel 66 Sr). Een gewone aangifte is niet genoeg. U moet bij de politie uitdrukkelijk vragen om vervolging.
Belediging van een ambtenaar in functie, zoals een politieagent, is geen klachtdelict. Het OM vervolgt dan zelfstandig. Omdat de maximumstraf laag is, kiest de officier van justitie vaak voor een strafbeschikking. Daartegen kunt u binnen veertien dagen verzet doen (artikel 257e Wetboek van Strafvordering). Anders volgt een dagvaarding en beslist de politierechter.
Waar het misgaat
Slachtoffers laten de termijn van drie maanden vaak verlopen. Na die termijn kan het OM de zaak niet meer vervolgen. Bewaar daarom direct screenshots, berichten en namen van getuigen.
Verdachten denken soms dat een uitlating op sociale media privé is. Een openbaar bericht valt onder artikel 266 lid 1 Sr. Ook een privébericht dat naar het slachtoffer wordt gestuurd, kan strafbaar zijn.
Niet elke harde uitspraak is belediging. De rechter kijkt naar de context, de toon en de bedoeling. Een fel oordeel over beleid kan onder de uitzondering van artikel 266 lid 2 Sr vallen. Een scheldwoord tegen een agent tijdens een staandehouding valt daar meestal niet onder.
Gaat het om een bewering over een concreet feit dat iemands naam schaadt, dan is mogelijk sprake van smaad of laster. Daarvoor gelden andere artikelen en hogere straffen.
Verwante begrippen
Smaad en laster, Klachtdelict, Bedreiging en Strafbeschikking.
Onze strafrechtadvocaten staan verdachten en slachtoffers bij in zaken over belediging.