Diefstal

Lege vitrine met een leeg sieradenbuste in een winkel

Laatst bijgewerkt op 27 oktober 2026

Diefstal is het wegnemen van een goed dat geheel of gedeeltelijk van een ander is, met het doel het zich zonder recht toe te eigenen. Het is strafbaar gesteld in artikel 310 Wetboek van Strafrecht (Sr). De maximumstraf is vier jaar gevangenisstraf of een geldboete van de vierde categorie.

Wettelijke basis

Gewone diefstal staat in artikel 310 Sr. Het gaat om twee elementen: het wegnemen van het goed en het oogmerk van toe-eigening. Dat oogmerk betekent dat u zich als eigenaar wilde gedragen. Diefstal is een misdrijf.

Gekwalificeerde diefstal staat in artikel 311 Sr. Het maximum is dan zes jaar gevangenisstraf of een geldboete. Het gaat onder meer om diefstal door twee of meer personen samen, diefstal met braak of valse sleutels en diefstal in een woning door iemand die daar buiten weten of tegen de wil van de bewoner is. Komen die vormen samen, dan is het maximum negen jaar (artikel 311 lid 2 Sr).

Diefstal met geweld of bedreiging met geweld staat in artikel 312 Sr. Het maximum is negen jaar gevangenisstraf of een geldboete van de vijfde categorie. Bij onder meer zwaar lichamelijk letsel of diefstal ’s nachts in een woning is dat twaalf jaar. Volgt de dood, dan is het maximum vijftien jaar.

Hoe het in de praktijk werkt

Bij winkeldiefstal wordt de verdachte vaak op heterdaad aangehouden en aan de politie overgedragen. Bij gewone diefstal kan de officier van justitie een strafbeschikking opleggen (artikel 257a Wetboek van Strafvordering). Dat kan ook bij artikel 311 Sr, omdat het maximum daar zes jaar is.

Bij diefstal met geweld ligt het maximum hoger. De zaak gaat dan met een dagvaarding naar de rechter. Vaak zit de verdachte eerst in verzekering of in voorlopige hechtenis.

Tussen echtgenoten die niet van tafel en bed zijn gescheiden, is vervolging uitgesloten (artikel 316 Sr). Bij diefstal binnen de naaste familie is soms een klacht van het slachtoffer nodig.

Waar het misgaat

Verdachten denken soms dat iets lenen geen diefstal is. Toch kan de rechter oogmerk van toe-eigening aannemen als u het goed lang houdt of als eigenaar gebruikt. Dan is ook een goede bedoeling achteraf vaak geen verweer.

Het verschil tussen artikel 310 en 311 Sr is groot. Een verdachte die samen met een ander handelde, kan onder artikel 311 vallen. Het maximum stijgt dan van vier naar zes jaar.

Slachtoffers doen soms geen aangifte omdat de waarde laag is. Zonder aangifte kan de politie niet onderzoeken en is schadevergoeding via het strafproces niet mogelijk.

Verwante begrippen

Heling, verduistering, heterdaad en klachtdelict.

Onze strafrechtadvocaten staan verdachten en slachtoffers bij in zaken over diefstal.

Verder lezen

Uitgebreider over dit onderwerp: Diefstal, verduistering of oplichting: wat is het verschil?.