facebook lawandmore.nl   instagram lawandmore.nl   linkedin lawandmore.nl   twitter lawandmore.nl

Afspraak

Law & More Logo

Moderne Nederlandse gezinswoning met een Te Koop bord in de voortuin, onder een bewolkte grijze lucht – illustratie bij een blog over echtscheiding en de verdeling van de eigen woning

De gezinswoning is vaak het meest waardevolle bezit tijdens een echtscheiding. Het is ook een van de meest emotioneel geladen vraagstukken: wie mag er blijven? Wie moet vertrekken? En hoe verhoudt zich dat tot de eigendom, de hypotheek en de belangen van de kinderen?

Het antwoord is zelden eenvoudig. Eigendomsverhoudingen, huwelijksvermogensrecht, tijdelijke gebruiksrechten, voorlopige voorzieningen, gedwongen verkoop en hypotheekverplichtingen vormen een complex juridisch kluwen. In dit artikel neemt Law & More je mee door het volledige juridische kader rondom de woning bij echtscheiding. We bespreken wanneer je de rechter kunt inschakelen, welke belangen zwaar wegen, hoe een uitkoop of gedwongen verkoop verloopt, en wat recente rechtsontwikkelingen betekenen voor jouw situatie.

De woning als twistpunt bij echtscheiding

Naast de vraag wie waar woont, spelen ook financiële en juridische aspecten een cruciale rol. Wie is eigenaar? Op wiens naam staat de hypotheek? Hoe wordt de overwaarde of restschuld verdeeld? En wat als één van beide partijen weigert mee te werken aan verkoop of overdracht?

De uitkomst hangt af van een scala aan factoren: de eigendomsverhouding, de aanwezigheid van minderjarige kinderen, de financiële draagkracht van beide partners, eventuele huwelijkse voorwaarden, en de bereidheid tot onderling overleg. Lukt dat overleg niet, dan kan de rechter ingrijpen via voorlopige voorzieningen of definitieve verdelingsbesluiten.

Dit artikel biedt een compleet overzicht van de juridische mogelijkheden en knelpunten, zodat je weet waar je aan toe bent en welke stappen je kunt zetten.

Eigendom en huwelijksvermogensrecht: de basis

De eerste vraag bij echtscheiding is altijd: wie is eigenaar van de woning? Het antwoord bepaalt in grote mate de rechten en plichten van beide partners.

Gemeenschap van goederen

Ben je getrouwd zonder huwelijkse voorwaarden? Dan geldt de wettelijke gemeenschap van goederen (artikel 1:94 BW). Dat betekent dat alle bezittingen en schulden die tijdens het huwelijk zijn verkregen, gemeenschappelijk eigendom zijn. De woning valt daar doorgaans onder, ook als slechts één van beiden als eigenaar in het kadaster staat vermeld. Bij echtscheiding moet deze gemeenschap worden verdeeld, waarbij beide partners in beginsel recht hebben op de helft van de gezamenlijke bezittingen.

Huwelijkse voorwaarden

Heb je wél huwelijkse voorwaarden, dan kan de eigendomsverhouding anders liggen. Afhankelijk van de gekozen regeling kan de woning privévermogen van één partner zijn, of alleen de overwaarde worden verdeeld. Het is cruciaal om de precieze voorwaarden goed na te lezen, want die bepalen wie welke rechten heeft na de scheiding.

Geregistreerd partnerschap

Bij een geregistreerd partnerschap geldt géén wettelijke gemeenschap van goederen, tenzij je dat expliciet hebt vastgelegd in een samenlevingscontract. Staat de woning op naam van één partner, dan is die in beginsel ook de enige eigenaar. De andere partner kan wel aanspraak maken op een tijdelijk gebruiksrecht of een vergoeding, maar dat vereist doorgaans rechterlijke tussenkomst.

Niet zomaar uitzetten

Zelfs als slechts één van beiden eigenaar is, kan die partner de ander niet zomaar uit de woning zetten. Tijdens een huwelijk of geregistreerd partnerschap heeft de niet-eigenaar een beschermd woonrecht. Pas na een rechterlijke beslissing of onderlinge afspraak kan iemand gedwongen worden te vertrekken.

Tijdelijk exclusief gebruik: artikel 1:165 BW

Na inschrijving van de echtscheiding in de registers van de burgerlijke stand kan één van de ex-partners de rechter verzoeken om het gebruik van de woning voor maximaal zes maanden voort te zetten, zelfs als de ander eigenaar is. Dit staat bekend als het zesmaandenrecht uit artikel 1:165 BW.

Wie kan het aanvragen?

Zowel de eigenaar als de niet-eigenaar kan dit recht inroepen. De rechter wijst het toe aan degene bij wie het zwaarste belang ligt, tegen betaling van een redelijke gebruiksvergoeding aan de andere partij.

Welke omstandigheden wegen mee?

De rechter maakt een uitgebreide belangenafweging. Factoren die vaak een doorslaggevende rol spelen zijn:

  • Belang van de kinderen: Continuïteit en stabiliteit voor minderjarige kinderen wegen zwaar. De rechter kijkt welke ouder de hoofdverzorger is, waar de kinderen naar school gaan, en welke woonsituatie het meest in hun belang is.
  • Beschikbaarheid van alternatieve woonruimte: Kan de vertrekkende partner elders terecht? Heeft die de financiële middelen om andere woonruimte te vinden?
  • Financiële draagkracht: Wie kan zich een nieuwe woning veroorloven, en wie heeft meer tijd nodig om een oplossing te vinden?
  • Bijzondere omstandigheden: Denk aan medische beperkingen (zoals een rolstoelvriendelijke woning), een eigen onderneming aan huis, of sterke sociale banden met de buurt.

Het is belangrijk te begrijpen dat het zesmaandenrecht tijdelijk is. Het biedt een adempauze, maar lost het onderliggende eigendomsvraagstuk niet op. Na zes maanden moet alsnog een definitieve regeling worden getroffen: uitkoop, verkoop, of een verlengde gebruiksregeling.

Compensatie voor de andere partij

De partner die niet in de woning verblijft, heeft recht op een redelijke gebruiksvergoeding. Die vergoeding wordt vaak afgemeten aan de huurwaarde van de woning, rekening houdend met de betaalde hypotheeklasten en andere woonkosten. De rechter bepaalt de hoogte op basis van wat redelijk en billijk is in de concrete situatie.

Voorlopige voorzieningen tijdens de procedure: artikel 822 Rv

Tijdens de echtscheidingsprocedure zelf kan de rechter al een voorlopige voorziening treffen over wie in de woning mag blijven. Dit gebeurt op grond van artikel 822 Rv, waarbij de rechter kijkt naar de spoedeisendheid en het belang van beide partijen.

Wanneer treedt de rechter op?

Een voorlopige voorziening wordt toegewezen als de situatie in de woning onhoudbaar is of als de belangen van de kinderen dat vereisen. Denk aan:

  • Ernstige conflicten of spanningen tussen de partners die het dagelijks leven verstoren.
  • Huiselijk geweld of een onveilige thuissituatie.
  • Een situatie waarin de kinderen last hebben van de voortdurende aanwezigheid van beide ouders onder één dak.

De rechter maakt opnieuw een belangenafweging, waarbij het belang van de kinderen vaak doorslaggevend is. De voorziening is tijdelijk en geldt totdat de echtscheiding definitief is of totdat partijen een andere regeling treffen.

Urgentie en snelheid

Bij huiselijk geweld of acute onveiligheid wordt urgentie in beginsel aangenomen. De rechter kan dan snel ingrijpen, soms zelfs binnen enkele weken na het indienen van het verzoek. Ook kan de rechter dwangsommen opleggen om ervoor te zorgen dat de vertrekkende partner daadwerkelijk vertrekt.

Gebruiksvergoeding als voorwaarde

Net als bij het zesmaandenrecht kan de rechter ook bij een voorlopige voorziening een gebruiksvergoeding opleggen aan de partij die in de woning blijft. Dit voorkomt dat de andere partner onevenredig wordt benadeeld.

Uitkoop: wanneer één partner de woning overneemt

Als beide partners het erover eens zijn dat één van hen de woning wil overnemen, dan is uitkoop vaak de snelste en meest definitieve oplossing. Maar hoe verloopt dat juridisch en financieel?

Waardebepaling

Eerst moet de waarde van de woning worden vastgesteld. Dit gebeurt doorgaans via een professionele taxatie door een erkend makelaar of taxateur. De waarde minus de resterende hypotheekschuld is de overwaarde (of bij een negatief saldo: de restschuld).

Ontslag uit hoofdelijke aansprakelijkheid

Staat de hypotheek op naam van beide partners, dan zijn jullie hoofdelijk aansprakelijk. Dat betekent dat de bank ieder van jullie kan aanspreken voor het volledige bedrag. Wil één partner de woning overnemen, dan moet die partner de bank vragen om de ander te ontslaan uit de hoofdelijke aansprakelijkheid. De bank zal dan beoordelen of de overnemende partner alleen de hypotheek kan dragen.

Financiële toets door de bank

De bank beoordeelt de inkomsten, vaste lasten en kredietwaardigheid van de overnemende partner. Voldoet die niet aan de eisen, dan zal de bank geen toestemming geven voor ontslag uit de hoofdelijke aansprakelijkheid. In dat geval blijft verkoop van de woning de enige optie.

Notariële overdracht

Als de bank akkoord gaat, wordt de overdracht bij de notaris geregeld. De overnemende partner betaalt de helft van de overwaarde (of anderszins overeengekomen bedrag) aan de ander, en de notaris draagt de woning over. Vanaf dat moment is de overnemende partner de enige eigenaar en de enige schuldenaar tegenover de bank.

Gedwongen verkoop en rechterlijke machtiging: artikel 3:174 en 3:178 BW

Soms lukt uitkoop niet, bijvoorbeeld omdat de overnemende partner niet genoeg verdient of omdat de andere partner niet wil meewerken. In dat geval kan gedwongen verkoop noodzakelijk zijn.

Juridische grondslag

Ieder van de deelgenoten kan te allen tijde verdeling van de gemeenschap vorderen (artikel 3:178 BW). Dat betekent dat je niet eeuwig vastzit aan een gezamenlijke woning. Weigert de ander mee te werken aan de verkoop, dan kan de rechter op grond van artikel 3:174 BW een machtiging tot verkoop verlenen.

Verloop van de procedure

Je dient een verzoekschrift in bij de rechtbank, waarin je uitlegt waarom verkoop noodzakelijk is en waarom de andere partij niet meewerkt. De rechter beoordeelt of er gewichtige redenen zijn, zoals:

  • Financiële noodzaak (hypotheekachterstanden, oplopende schulden).
  • Structurele weigering van de andere partij om mee te werken.
  • Het belang bij een definitieve verdeling van het vermogen.

De rechter kan de verkoop toestaan en bepalen dat deze via een makelaar plaatsvindt. Ook kan de rechter dwangsommen opleggen als de weigerachtige partij blijft tegenwerken.

Vonnis in de plaats van handtekening

Als de andere partij ook na een rechterlijke machtiging weigert om de overdracht bij de notaris te ondertekenen, kan de rechter bepalen dat het vonnis in de plaats treedt van die handtekening (artikel 3:300 BW). Zo kan de verkoop alsnog worden geëffectueerd, zonder dat de weigerende partij daar verdere controle over heeft.

Schadevergoeding bij opzettelijke obstructie

Recente rechtspraak laat zien dat de rechter bereid is om schadevergoeding toe te kennen als één partij doelbewust de verkoop frustreert. In zo’n geval kan de benadeelde partij aanspraak maken op vergoeding van geleden schade, zoals doorlopende hypotheeklasten, waardedaling van de woning, of gemiste verkoopkansen. De lat ligt hoog: de weigering moet onrechtmatig zijn en de schade moet goed worden onderbouwd, maar het is zeker mogelijk.

De hypotheek: gedeelde aansprakelijkheid tot aan de overdracht

Een cruciaal punt dat vaak over het hoofd wordt gezien: zolang de hypotheek op beider naam staat, blijven beide partners hoofdelijk aansprakelijk. Dat geldt ook na de echtscheiding, totdat de hypotheek formeel is overgedragen of volledig is afgelost.

Wat betekent hoofdelijke aansprakelijkheid?

Hoofdelijke aansprakelijkheid houdt in dat de bank ieder van jullie afzonderlijk kan aanspreken voor het volledige hypotheekbedrag. Als één van beiden stopt met betalen, kan de bank dus bij de ander aankloppen voor de volledige maandlast.

Risico’s bij niet-betaling

Stel: je ex-partner blijft in de woning zitten maar betaalt de hypotheek niet meer. De bank zal jou dan aanspreken, ook al woon je er niet meer. Als je niet betaalt, kan de bank overgaan tot executoriale verkoop van de woning, met alle gevolgen van dien voor je kredietwaardigheid en financiële positie.

Urgentie van regeling

Het is daarom van groot belang om zo snel mogelijk helderheid te krijgen over de hypotheek. Maak duidelijke afspraken over wie de maandlasten betaalt, en regel zo spoedig mogelijk ontslag uit de hoofdelijke aansprakelijkheid of verkoop van de woning. Wacht hier niet mee tot de echtscheiding definitief is; onderbreek het risico zo snel mogelijk.

Verdeling van overwaarde of restschuld

Bij verkoop of uitkoop moet de overwaarde of restschuld worden verdeeld. De hoofdregel is simpel: alles bij helfte, tenzij de redelijkheid en billijkheid een andere verdeling rechtvaardigen.

50/50 als uitgangspunt

Staat de woning in de huwelijksgemeenschap of is deze gezamenlijk gekocht, dan wordt de netto-opbrengst (verkoopprijs minus hypotheek en verkoopkosten) gedeeld bij helfte. Hetzelfde geldt voor een eventuele restschuld: beide partners dragen die in beginsel voor 50%.

Afwijken van de hoofdregel

De rechter kan afwijken van een gelijke verdeling als dat in de concrete situatie redelijk en billijk is. Dat gebeurt bijvoorbeeld bij:

  • Langdurige periode tussen echtscheiding en verkoop: Als de verkoop jarenlang wordt uitgesteld door één partij en de woning in die tijd in waarde daalt, kan de rechter bepalen dat die partij een groter deel van het verlies draagt.
  • Bijzondere persoonlijke omstandigheden: Denk aan huiselijk geweld, PTSS, of andere traumatische omstandigheden die het voor één partij onmogelijk maken om normaal mee te werken aan de verdeling.
  • Onvoldoende draagkracht: Als één partner echt niet in staat is om de helft van de restschuld te dragen, kan de rechter die last beperken. Dit gebeurt echter alleen in uitzonderlijke gevallen, en de rechter zal zorgvuldig afwegen of het onverhaalbare deel ten laste komt van de andere partij of op een andere manier wordt verdeeld.

Vergoeding van woonlasten

Als één partner langer in de woning blijft wonen terwijl de ander elders woont, kan de rechter een gebruiksvergoeding opleggen. Die vergoeding kan worden verrekend met de uiteindelijke verdeling van de overwaarde of restschuld.

Recente rechtsontwikkelingen

Het rechtsgebied rondom echtscheiding en de woning is volop in beweging. Rechters tonen zich steeds bereidwilliger om in te grijpen bij structurele blokkades en om schadevergoeding toe te kennen bij opzettelijke obstructie.

Snellere machtigingen tot verkoop

Waar rechters vroeger terughoudend waren, zien we nu dat machtigingen tot verkoop vaker en sneller worden verleend. De rechter erkent dat langdurige impasses schadelijk zijn voor beide partijen en neemt daarom steeds vaker het heft in handen.

Gebruiksvergoeding als voorwaarde voor schorsing

Bij hoger beroep tegen een verkoopbeschikking kan de rechter schorsing van de verkoop koppelen aan een gebruiksvergoeding. Dat betekent dat de partij die in de woning wil blijven, een marktconforme vergoeding moet betalen aan de ander. Dit voorkomt onevenredige benadeling en stimuleert partijen om sneller tot een oplossing te komen.

Schadevergoeding bij sabotage

De rechtspraak laat steeds vaker zien dat doelbewuste sabotage van de verkoop kan leiden tot schadevergoeding. Bedragen van tienduizenden euro’s zijn geen uitzondering meer. De boodschap is helder: weiger je structureel mee te werken zonder valide reden, dan loop je het risico dat je financieel opdraait voor de schade die daaruit voortvloeit.

Maatwerk blijft leidend

Ondanks deze ontwikkelingen blijft elke zaak uniek. De rechter kijkt altijd naar de specifieke omstandigheden: de eigendomsverhouding, de financiële draagkracht, het belang van de kinderen, en de mate van samenwerking tussen de partners. Geen twee echtscheidingen zijn hetzelfde, en dat geldt ook voor de juridische beoordeling van de woning.

Echtscheiding en de woning: altijd maatwerk

De vraag wie in de woning blijft en wie vertrekt, is juridisch complex en emotioneel zwaar. Het antwoord hangt af van eigendomsverhoudingen, hypotheekverplichtingen, het belang van de kinderen, financiële draagkracht, en de bereidheid van beide partners om constructief samen te werken.

Dit artikel heeft je laten zien welke juridische instrumenten beschikbaar zijn: tijdelijk exclusief gebruik via artikel 1:165 BW, voorlopige voorzieningen tijdens de procedure, uitkoop met ontslag uit hoofdelijke aansprakelijkheid, en gedwongen verkoop met rechterlijke machtiging. Ook heb je gezien dat de rechter steeds actiever ingrijpt bij structurele blokkades en dat schadevergoeding bij sabotage reële mogelijkheden biedt.

Maar uiteindelijk is elke situatie anders. De wet biedt kaders, maar de precieze uitkomst is altijd maatwerk. Een zorgvuldige afweging van alle relevante factoren is cruciaal om tot een rechtvaardige en haalbare oplossing te komen.

Zit jij vast in een discussie over de woning na echtscheiding? Law & More begeleidt je door dit ingewikkelde proces. Onze advocaten kennen de meest recente jurisprudentie, begrijpen de emotionele lading, en zorgen ervoor dat jouw belangen en die van je kinderen optimaal worden behartigd. Neem vandaag nog contact met ons op voor een persoonlijk gesprek.


Veelgestelde vragen

Kan een echtgenoot de ander zomaar uit de woning zetten, ook als die mede-eigenaar is?

Nee, dat kan niet. Ook als één van de partners de enige eigenaar is, heeft de ander tijdens het huwelijk een beschermd woonrecht. Je kunt elkaar niet eenzijdig uit de woning zetten; daarvoor is een rechterlijke beslissing of een onderlinge afspraak nodig. De rechter kan tijdens de echtscheidingsprocedure een voorlopige voorziening treffen waarin wordt bepaald wie de woning mag gebruiken. Bij structurele conflicten, huiselijk geweld of in het belang van de kinderen kan de rechter één van de partners verplichten te vertrekken. Na inschrijving van de echtscheiding kan de niet-eigenaar bovendien een beroep doen op het zesmaandenrecht uit artikel 1:165 BW, waardoor tijdelijk gebruik van de woning kan worden voortgezet. Kortom: uitzetten zonder rechter of wederzijdse instemming is juridisch niet mogelijk. Het resultaat hangt altijd af van een zorgvuldige belangenafweging door de rechter, waarbij omstandigheden als de aanwezigheid van kinderen, financiële draagkracht en beschikbaarheid van alternatieve woonruimte zwaar wegen. Wil je weten hoe jouw concrete situatie juridisch kan worden aangepakt? Neem dan contact op met Law & More voor persoonlijk advies.

Wat houdt het zesmaandenrecht van artikel 1:165 BW precies in, en hoe vraag je het aan?

Het zesmaandenrecht uit artikel 1:165 BW geeft één van de ex-partners het recht om na inschrijving van de echtscheiding het gebruik van de woning gedurende maximaal zes maanden voort te zetten, zelfs als de ander eigenaar is. Dit recht geldt tegen betaling van een redelijke vergoeding aan de andere partij. Je vraagt het aan door een verzoekschrift in te dienen bij de rechtbank, waarin je motiveert waarom jouw belang bij gebruik van de woning zwaarder weegt dan dat van je ex-partner. De rechter maakt een belangenafweging waarbij factoren zoals de belangen van minderjarige kinderen, beschikbaarheid van alternatieve woonruimte, financiële draagkracht en bijzondere persoonlijke omstandigheden (zoals medische beperkingen) worden meegewogen. Het belang van de kinderen speelt vaak een doorslaggevende rol, vooral als continuïteit in hun woonomgeving en schoolsituatie op het spel staat. De vergoeding die je betaalt, wordt meestal afgemeten aan de huurwaarde van de woning, minus eventuele hypotheeklasten die je al betaalt. Het zesmaandenrecht is tijdelijk en lost het eigendomsvraagstuk niet definitief op; na zes maanden moet alsnog een permanente regeling worden getroffen via uitkoop of verkoop. Voor juridische begeleiding bij het indienen van zo’n verzoek kun je terecht bij Law & More.

Welke factoren wegen mee bij de rechterlijke beslissing over exclusief gebruik van de woning?

De rechter maakt een brede belangenafweging waarin alle relevante omstandigheden van het geval worden meegewogen. Het belang van minderjarige kinderen staat centraal: hun behoefte aan rust, stabiliteit en continuïteit in de vertrouwde woonomgeving wordt vaak als zwaarst beschouwd, zeker als één ouder de hoofdverzorger is. Daarnaast kijkt de rechter naar de vraag of gezamenlijke bewoning nog mogelijk is of dat spanningen, conflicten, huiselijk geweld of onveiligheid het samenwonen onhoudbaar maken. De zorgverdeling speelt ook een rol: welke ouder draagt feitelijk de meeste zorg voor de kinderen, en bij wie voelen de kinderen zich het meest thuis? De beschikbaarheid van alternatieve woonruimte en financiële draagkracht van beide partners worden eveneens meegewogen: kan de vertrekkende partner elders terecht, en heeft deze de middelen om andere woonruimte te vinden? Tot slot kunnen specifieke omstandigheden zoals fysieke beperkingen (bijvoorbeeld een rolstoelvriendelijke woning), sociale netwerken in de buurt, of het belang van voortzetting van werk of school een doorslaggevende rol spelen. De rechter motiveert de beslissing altijd aan de hand van deze belangenafweging, waarbij het belang van de kinderen doorgaans zwaarder weegt dan de individuele belangen van de ouders. Elke situatie is uniek en vraagt om maatwerk; laat je daarom goed adviseren door een gespecialiseerde advocaat van Law & More.

Wat gebeurt er met de hypotheek als één partner vertrekt maar de hypotheek nog op beider naam staat?

Zolang de hypotheek op naam van beide partners staat, blijven jullie allebei hoofdelijk aansprakelijk voor de volledige maandlast. Dat betekent dat de bank ieder van jullie afzonderlijk kan aanspreken voor het hele hypotheekbedrag, ongeacht wie er in de woning woont. Als de partner die achterblijft stopt met betalen, zal de bank jou daarvoor aanspreken, ook al woon je er zelf niet meer. Niet betalen kan leiden tot betalingsachterstanden, negatieve BKR-registratie en uiteindelijk zelfs executoriale verkoop van de woning. Dit risico blijft bestaan totdat de hypotheek formeel is overgedragen naar één naam, of totdat de woning is verkocht en de hypotheek volledig is afgelost. Het is daarom van groot belang om zo snel mogelijk duidelijke afspraken te maken over wie de maandlasten betaalt, en om bij de bank ontslag uit de hoofdelijke aansprakelijkheid aan te vragen voor degene die vertrekt. De bank zal beoordelen of de achterblijvende partner alleen de hypotheek kan dragen; voldoet die niet aan de eisen, dan blijft verkoop van de woning vaak de enige haalbare oplossing. Wacht hier niet mee tot de echtscheiding definitief is; regel dit zo spoedig mogelijk om financiële risico’s te beperken. Voor juridische ondersteuning en strategisch advies kun je contact opnemen met Law & More.

Hoe verloopt een uitkoopprocedure en wanneer moet de bank toestemming geven?

Een uitkoopprocedure begint met een professionele taxatie van de woning door een erkend makelaar of taxateur, om de huidige marktwaarde vast te stellen. De overwaarde (of bij een negatief saldo de restschuld) wordt berekend door de hypotheekschuld af te trekken van de taxatiewaarde. Vervolgens moeten beide partners het eens worden over de uitkoopsom: meestal betaalt de overnemende partner de helft van de overwaarde aan de ander, tenzij anders is overeengekomen. Daarna moet de overnemende partner bij de bank toestemming vragen om de andere partner te ontslaan uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypotheek. De bank beoordeelt of de overnemende partner alleen de hypotheek kan dragen, op basis van inkomsten, vaste lasten, kredietwaardigheid en de hoogte van de resterende hypotheekschuld. Voldoet de overnemende partner niet aan de financieringseisen, dan weigert de bank toestemming en blijft verkoop de enige optie. Als de bank wel akkoord gaat, wordt de overdracht bij de notaris geregeld: de overnemende partner betaalt de overeengekomen uitkoopsom, en de notaris draagt de woning officieel over. Vanaf dat moment is de overnemende partner de enige eigenaar en de enige schuldenaar tegenover de bank. Het is verstandig om je tijdens dit proces juridisch te laten bijstaan, zodat alle afspraken waterdicht worden vastgelegd en je geen onverwachte verrassingen krijgt. Law & More begeleidt je graag bij elke stap van de uitkoopprocedure.

Wat kan ik doen als mijn ex structureel weigert mee te werken aan de verkoop?

Als jouw ex-partner structureel weigert mee te werken aan de verkoop van de gezamenlijke woning, kun je de rechter verzoeken om een machtiging tot verkoop op grond van artikel 3:174 BW. Je dient daartoe een verzoekschrift in bij de rechtbank, waarin je uitlegt waarom verkoop noodzakelijk is en waarom de andere partij niet meewerkt. De rechter beoordeelt of er gewichtige redenen zijn, zoals financiële noodzaak (hypotheekachterstanden, oplopende schulden), structurele weigering zonder valide reden, of het belang bij een definitieve verdeling van het vermogen. De rechter kan de verkoop toestaan en bepalen dat deze via een makelaar plaatsvindt, en kan dwangsommen opleggen als de weigerachtige partij blijft tegenwerken. Als jouw ex zelfs na een rechterlijke machtiging weigert de overdracht bij de notaris te ondertekenen, kan de rechter bepalen dat het vonnis in de plaats treedt van die handtekening (artikel 3:300 BW), zodat de verkoop alsnog kan worden geëffectueerd. Daarnaast bestaat de mogelijkheid om schadevergoeding te vorderen als de weigering aantoonbare financiële schade veroorzaakt, zoals doorlopende hypotheeklasten, waardedaling van de woning of gemiste verkoopkansen. De rechtspraak laat zien dat rechters steeds vaker bereid zijn om schadevergoeding toe te kennen bij doelbewuste sabotage, maar de lat ligt hoog: de weigering moet onrechtmatig zijn en de schade moet goed worden onderbouwd. Zit jij vast in zo’n situatie? Neem dan contact op met Law & More voor strategisch advies en juridische bijstand.

Kan ik schadevergoeding eisen als mijn ex de verkoop saboteert?

Ja, schadevergoeding is mogelijk als jouw ex-partner zonder redelijke grond weigert mee te werken aan de verkoop en daardoor aantoonbare financiële schade veroorzaakt. De juridische grondslag hiervoor is artikel 6:162 BW (onrechtmatige daad) of een tekortkoming in de nakoming van een vaststellingsovereenkomst. De rechtspraak laat zien dat rechters bereid zijn om schadevergoeding toe te kennen bij doelbewuste frustratie van de verkoop, maar de lat ligt hoog: je moet kunnen aantonen dat de weigering onrechtmatig is, dat deze daadwerkelijk schade heeft veroorzaakt, en dat er causaal verband bestaat tussen de weigering en de geleden schade. Voorbeelden van schadeposten die voor vergoeding in aanmerking kunnen komen, zijn doorlopende hypotheeklasten, waardedaling van de woning, gemiste verkoopkansen, makelaarskosten, juridische kosten en eventuele huurkosten voor vervangende woonruimte. In een recente zaak werd een schadevergoeding van ruim € 77.000 toegekend wegens doelbewuste sabotage en schending van een vaststellingsovereenkomst. In andere zaken werd een vordering afgewezen omdat onvoldoende was aangetoond dat de weigering onrechtmatig was of daadwerkelijk tot schade leidde. Het is daarom cruciaal om je schade goed te onderbouwen met bijvoorbeeld betalingsbewijzen, correspondentie, taxatierapporten en verklaringen van derden. Overweeg je een schadeclaim in te dienen? Law & More helpt je bij de juridische onderbouwing en begeleiding van je vordering.

Hoe wordt de overwaarde verdeeld, en wanneer wijkt de rechter af van de 50/50 regel?

De hoofdregel is dat de overwaarde bij verkoop of uitkoop van de woning bij helfte wordt verdeeld tussen beide ex-partners, tenzij uit huwelijkse voorwaarden of eerdere afspraken iets anders volgt. Deze 50/50-verdeling geldt zowel bij gemeenschap van goederen als bij gezamenlijk eigendom. De rechter kan echter afwijken van deze hoofdregel op grond van redelijkheid en billijkheid (artikel 1:100 BW), als een gelijke verdeling in de concrete situatie onaanvaardbaar zou zijn. Dat gebeurt bijvoorbeeld bij een langdurige periode tussen echtscheiding en verkoop, waarbij de woning in waarde is gedaald door toedoen van één partij; in zo’n geval kan de rechter bepalen dat die partij een groter deel van het verlies draagt. Ook bijzondere persoonlijke omstandigheden kunnen een rol spelen, zoals huiselijk geweld, PTSS of andere traumatische gebeurtenissen die het voor één partij onmogelijk maken om normaal mee te werken aan de verdeling. Bij zeer beperkte draagkracht van één partner kan de rechter diens aandeel in een restschuld beperken, hoewel dit alleen in uitzonderlijke gevallen gebeurt. De rechter weegt alle relevante factoren zorgvuldig af en motiveert uitgebreid waarom wordt afgeweken van de hoofdregel. Denk je dat jouw situatie aanleiding geeft om af te wijken van een gelijke verdeling? Laat je dan adviseren door een gespecialiseerde advocaat van Law & More, die jouw belangen optimaal kan behartigen.

Wat zijn de gevolgen van een restschuld als één partner financieel niet kan bijdragen?

Als na verkoop van de woning een restschuld overblijft, zijn beide ex-partners in beginsel ieder voor de helft draagplichtig, tenzij uit de redelijkheid en billijkheid een andere verdeling voortvloeit (artikel 1:100 BW). Kan één partner zijn aandeel niet voldoen, dan bepaalt artikel 6:13 BW dat het onverhaalbare deel in beginsel wordt omgeslagen over de andere schuldenaar. Omdat de bank beide partners hoofdelijk kan aanspreken, zal deze vaak degene die financieel het sterkst staat, aanspreken voor het volledige bedrag. De betalende partner kan vervolgens regres nemen op de andere partner voor diens aandeel, maar als verhaal onmogelijk is, blijft het risico bij de betalende partij. De rechter kan op grond van redelijkheid en billijkheid afwijken van een gelijke verdeling, bijvoorbeeld bij zeer beperkte draagkracht, bijzondere persoonlijke omstandigheden of als sprake is van onaanvaardbare gevolgen. In een recente zaak werd de draagplicht van de minst draagkrachtige partij beperkt, omdat een gelijke verdeling onaanvaardbaar werd geacht vanwege een langdurige periode tussen echtscheiding en verkoop, waardedaling van de woning en persoonlijke omstandigheden zoals huiselijk geweld en PTSS. In de praktijk betaalt de meest draagkrachtige partij soms (tijdelijk) het volledige bedrag aan de bank, waarna via juridische stappen wordt geprobeerd alsnog verhaal te halen op de ander. Het is verstandig om vroegtijdig te inventariseren wat de financiële positie van beide partners is en om juridisch advies in te winnen over de verdeling van een eventuele restschuld. Law & More denkt graag met je mee over de beste strategie in jouw situatie.

Hoe zit het met de woning als er minderjarige kinderen zijn – heeft dat invloed op wie mag blijven?

Ja, de aanwezigheid van minderjarige kinderen heeft vaak een doorslaggevende invloed op wie in de woning mag blijven. De rechter weegt het belang van de kinderen zwaar mee bij de beslissing over exclusief gebruik van de woning, zowel tijdens de echtscheidingsprocedure (via een voorlopige voorziening) als daarna (via het zesmaandenrecht uit artikel 1:165 BW). Factoren die daarbij een rol spelen, zijn de behoefte van de kinderen aan rust, stabiliteit en continuïteit in hun vertrouwde woonomgeving, de vraag wie de hoofdverzorger is, waar de kinderen naar school gaan, en welke sociale netwerken zij in de buurt hebben. Als één ouder de primaire verzorger is en de kinderen het meest bij die ouder thuis zijn, zal de rechter vaak het exclusieve gebruik van de woning aan die ouder toewijzen. Ook de leeftijd en kwetsbaarheid van de kinderen spelen een rol: bij zeer jonge kinderen of kinderen met bijzondere behoeften weegt het belang van continuïteit extra zwaar. De rechter kijkt ook naar de beschikbaarheid van alternatieve woonruimte voor beide ouders en de financiële draagkracht om elders te wonen. Het belang van de kinderen prevaleert doorgaans boven de individuele belangen van de ouders, maar de rechter maakt altijd een integrale belangenafweging waarbij alle relevante omstandigheden worden meegewogen. Wil je weten hoe de rechter in jouw concrete situatie zal beslissen? Law & More biedt persoonlijk juridisch advies en begeleiding, waarbij de belangen van jouw kinderen centraal staan.

Privacy Settings
We use cookies to enhance your experience while using our website. If you are using our Services via a browser you can restrict, block or remove cookies through your web browser settings. We also use content and scripts from third parties that may use tracking technologies. You can selectively provide your consent below to allow such third party embeds. For complete information about the cookies we use, data we collect and how we process them, please check our Privacy Policy
Youtube
Consent to display content from - Youtube
Vimeo
Consent to display content from - Vimeo
Google Maps
Consent to display content from - Google
Spotify
Consent to display content from - Spotify
Sound Cloud
Consent to display content from - Sound

facebook lawandmore.nl   instagram lawandmore.nl   linkedin lawandmore.nl   twitter lawandmore.nl