Ontzettingsbesluit: wanneer vernietigt de rechter een royement?

Vernietiging Ontzettingsbesluit: Wat Zijn Uw Opties?

Gepubliceerd op 25 januari 2017 · Laatst bijgewerkt op 30 oktober 2026

Mag een vereniging een lid zomaar royeren?

Nee. Ontzetting (royement) mag alleen als het lid de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging overtreedt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt (artikel 2:35, derde lid, BW). Onderbouwt de vereniging dat laatste onvoldoende, dan vernietigt de rechter het besluit, zoals in het vonnis van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant van 25 januari 2017.

In die zaak werd een lid van de lokale politieke partij Leefbaar Reimerswaal (LR) door het bestuur geroyeerd op grond van artikel 2:35 BW en de statuten. Hij vorderde vernietiging van dat besluit. De rechtbank kon niet vaststellen welk effect zijn gedrag had op het functioneren van LR.

Wat zijn de wettelijke gronden voor ontzetting?

Artikel 2:35, derde lid, BW geeft een vereniging maar twee gronden om een lid te ontzetten: handelen in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging, of onredelijke benadeling van de vereniging. Het bestuur moet het besluit schriftelijk en met redenen aan het lid meedelen. Het lid kan daarna binnen een maand in beroep gaan bij het orgaan dat de statuten aanwijzen, of anders bij de algemene vergadering (artikel 2:35, vierde lid, BW). Tijdens die termijn en hangende het beroep is het lid geschorst.

Royement of opzegging?

Een vereniging kan een lid ook het lidmaatschap opzeggen, bijvoorbeeld als van haar redelijkerwijs niet kan worden gevraagd het lidmaatschap te laten voortduren (artikel 2:35, tweede lid, BW). Dat is een ander middel met een andere maatstaf.

Opzegging door de verenigingOntzetting (royement)
GrondOnder meer: voortzetting kan redelijkerwijs niet worden gevraagdStrijd met statuten, reglementen of besluiten, of onredelijke benadeling
KarakterNiet bestraffendBestraffend
Beroep bij orgaan van de verenigingVolgens de statutenBinnen een maand, lid intussen geschorst
Toets door de rechterTerughoudend: kon het bestuur in redelijkheid zo beslissen?Dragen de gronden het besluit inhoudelijk?

De Rechtbank Amsterdam oordeelde op 17 februari 2023 dat ontzetting bestraffend van aard is. Een bestuur mag dus niet opzeggen in een situatie die eigenlijk om royement vraagt. In die zaak was er geen verwijtbaar wangedrag ten nadele van de vereniging, en bleef de opzegging in stand. De Rechtbank Gelderland oordeelde op 29 januari 2025 dat dezelfde feiten onvoldoende kunnen zijn voor royement, maar wel voldoende voor opzegging. Daar hield een opzegging stand nadat eerder een schorsing en royement op dezelfde feiten waren vernietigd.

Wat speelde er in de zaak van Leefbaar Reimerswaal?

Eiser was lid van LR, een partij in de gemeente Reimerswaal, en ook lid van de vereniging Partij voor Zeeland (PvZ). De voorzitter van LR was eveneens lid van PvZ. LR en PvZ waren formeel niet met elkaar verbonden. Het bestuur van LR besloot op 22 januari 2015 tot royement en deelde dat op 24 januari 2015 per e-mail mee.

Reden voor het royement was een reeks beledigende e-mails en opmerkingen aan partijleden van LR en van andere partijen, over een periode van ongeveer tien maanden. Het bestuur verweet eiser verder wispelturig en oncollegiaal gedrag, onder meer tegenover de voorzitter. De druppel was een telefoongesprek waarin eiser zich ongepast uitliet tegenover de echtgenote van de voorzitter.

Waarom vernietigde de rechtbank het besluit?

Zowel de statuten van LR als artikel 2:35, eerste lid, onder d, in samenhang met het derde lid, BW staan ontzetting alleen toe bij strijd met de statuten of bij onredelijke benadeling van de vereniging. LR baseerde het royement op de tweede grond.

De rechtbank toetste de logische inhoud van het besluit, niet de letterlijke bewoordingen. Zij beoordeelde de gedragingen in onderlinge samenhang. De vraag was of de belangen van LR zo ernstig en onredelijk waren benadeeld dat ontzetting gerechtvaardigd was.

De rechtbank vond de opmerkingen over een fractievoorzitster van een andere partij vrouwonvriendelijk en het telefoongesprek ongepast. Toch had LR niet gesteld welk effect dat gedrag had op haar functioneren. Voor opmerkingen over vrouwelijke LR-leden gaf LR geen namen of verklaringen. De echtgenote van de voorzitter bleek geen lid van LR te zijn. Ook was niet onderbouwd waarom LR juist bij PvZ een goede naam moest houden.

De rechtbank vernietigde het ontzettingsbesluit. De vordering tot nietigverklaring en de buitengerechtelijke kosten wees zij af. LR moest de proceskosten van € 1.291,87 betalen.

Wat betekent dit voor uw bestuur?

Wilt u als bestuur een lid ontzetten, onderbouw dan concreet welke schade het gedrag van het lid aan de vereniging toebrengt. Algemene verwijten over toon of gedrag zijn onvoldoende; de rechter toetst of de gestelde gronden het besluit ook echt dragen (artikel 2:35, derde lid, BW).

  • Noem de grond: strijd met statuten, reglementen of besluiten, of onredelijke benadeling van de vereniging.
  • Leg met namen, data en verklaringen vast welk concreet nadeel de vereniging door het gedrag lijdt.
  • Hoor het lid voordat u besluit en deel het besluit zo snel mogelijk schriftelijk en met redenen mee.
  • Wijs het lid op de beroepstermijn van een maand.
  • Overweeg of opzegging beter past als er geen verwijtbaar wangedrag is.

Hoe komt u als lid op tegen een royement?

Als lid let u vooral op de motivering van het besluit en op twee termijnen.

  • Controleer of u het besluit schriftelijk en met opgave van redenen hebt ontvangen (artikel 2:35, vierde lid, BW).
  • Ga binnen een maand na ontvangst van de kennisgeving in beroep bij de algemene vergadering of het orgaan dat de statuten aanwijzen.
  • Leg de redenen naast de statuten en reglementen: welke bepaling zou u precies hebben overtreden?
  • Vraag de e-mails en andere stukken op waarop het bestuur zich beroept.
  • Vordert u later vernietiging bij de rechter, let dan op de vervaltermijn van een jaar (artikel 2:15, vijfde lid, BW).

Hoe helpen wij bij een royement uit een vereniging?

Wij staan zowel leden als besturen bij in een geschil over ontzetting.

  • Wij toetsen het besluit aan de statuten, de reglementen en de twee gronden van artikel 2:35, derde lid, BW.
  • Wij stellen het beroepschrift aan de algemene vergadering of het aangewezen orgaan op.
  • Wij beoordelen of het besluit vernietigbaar is op grond van artikel 2:15 BW en bewaken de vervaltermijn.
  • Voor besturen onderbouwen wij het besluit zo dat het concrete nadeel voor de vereniging blijkt.

Meer over hoe Law & More u hierbij helpt, leest u op de pagina ondernemingsrecht advocaat.

Een vraag over uw eigen situatie?

Mail ons in een paar zinnen waar uw vraag over gaat. Wij laten u weten of wij u kunnen helpen en wat de volgende stap is. Wij beoordelen geen zaken of stukken per e-mail zonder opdracht.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.

Een vraag over uw eigen situatie?

Mail ons in een paar zinnen waar uw vraag over gaat. Wij laten u weten of wij u kunnen helpen en wat de volgende stap is. Wij beoordelen geen zaken of stukken per e-mail zonder opdracht.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.