Als bestuurder van een BV heb je meestal bescherming tegen persoonlijke aansprakelijkheid. De BV is namelijk een aparte rechtspersoon die zelf opdraait voor haar verplichtingen en schulden.
Toch zijn er belangrijke uitzonderingen waarbij bestuurders wél persoonlijk aansprakelijk kunnen worden voor schulden en schade van hun BV. Deze bestuurdersaansprakelijkheid ontstaat bij onbehoorlijk bestuur, het niet opvolgen van wettelijke verplichtingen, of als je blijft handelen terwijl de BV eigenlijk niet meer kan betalen.
Wanneer komt bestuurdersaansprakelijkheid om de hoek kijken? En welke vormen zijn er eigenlijk? Verder zoom ik in op situaties zoals faillissement en deel ik praktische tips om risico’s te vermijden en jezelf als bestuurder te beschermen.
Wat is bestuurdersaansprakelijkheid bij een BV?
Bestuurdersaansprakelijkheid betekent dat je als bestuurder persoonlijk opdraait voor schulden of schade van je BV wanneer je flinke fouten maakt of je taken flink verwaarloost. Dan komt je privévermogen dus echt in gevaar.
Definitie van bestuurdersaansprakelijkheid
Bestuurdersaansprakelijkheid betekent simpel gezegd dat bestuurders van een BV onder omstandigheden persoonlijk aansprakelijk zijn. Normaal gesproken beschermt de BV-structuur je privévermogen.
Er zijn twee smaken:
- Interne aansprakelijkheid: De BV zelf houdt de bestuurder aansprakelijk voor schade
- Externe aansprakelijkheid: Derden zoals schuldeisers of de Belastingdienst houden de bestuurder persoonlijk verantwoordelijk
Bij interne aansprakelijkheid moet je echt flink hebben geblunderd—ernstig verwijtbare onbehoorlijke taakvervulling noemen ze dat. Dus niet zomaar een foutje.
Externe aansprakelijkheid krijg je als je blijft handelen terwijl je weet dat de BV haar verplichtingen niet meer kan nakomen.
Doel en belang van beperkte aansprakelijkheid
Een BV beschermt de ondernemer normaal gesproken tegen persoonlijke aansprakelijkheid. De rechtspersoon neemt het financiële risico van je bedrijf op zich.
Dat is ook logisch: zonder deze bescherming zou bijna niemand het aandurven een eigen zaak te beginnen.
Voordelen van beperkte aansprakelijkheid:
- Je privévermogen blijft buiten schot
- Minder financieel risico voor de ondernemer
- Het stimuleert investeringen en innovatie
De wet zegt wel: deze bescherming is niet oneindig. Je moet als bestuurder je taken serieus nemen en zorgvuldig te werk gaan.
Anders zouden bestuurders hun verantwoordelijkheid makkelijk kunnen ontlopen. Dat zou niet eerlijk zijn tegenover schuldeisers of de economie als geheel.
Wanneer geldt persoonlijke aansprakelijkheid?
Persoonlijke aansprakelijkheid geldt in situaties waarin bestuurders echt de fout in gaan of nalatig zijn.
Voorbeelden van ernstig verwijt:
- Administratie totaal niet op orde
- Fraude plegen
- Leningen afsluiten met absurde kosten
- Beslissingen nemen zonder voorbereiding die grote financiële gevolgen hebben
Bij externe aansprakelijkheid ben je verantwoordelijk als je bijvoorbeeld:
- Contracten aangaat terwijl je weet dat de BV niet kan betalen
- Belastingen niet op tijd betaalt of niet meldt bij de Belastingdienst
- Schuldeisers bewust voor de gek houdt over hoe het bedrijf er financieel voorstaat
De rechter kijkt per geval of er echt sprake is van ernstig verwijt. Niet elke misser leidt meteen tot persoonlijke aansprakelijkheid.
Belangrijk: Er moet wel een duidelijk verband zijn tussen jouw handelen en de schade die ontstaat.
Vormen van bestuurdersaansprakelijkheid
Er zijn twee hoofdvormen van bestuurdersaansprakelijkheid in het ondernemingsrecht. Bij interne aansprakelijkheid ben je verantwoordelijk tegenover je eigen vennootschap, bij externe aansprakelijkheid draait het om schade aan partijen buiten de BV.
Interne bestuurdersaansprakelijkheid
Interne bestuurdersaansprakelijkheid ontstaat als je eigen BV je aansprakelijk stelt. Bijvoorbeeld omdat je flinke fouten hebt gemaakt in het besturen.
Voorwaarden voor interne aansprakelijkheid:
- Ernstig verwijtbare onbehoorlijke taakvervulling
- Er is een direct verband tussen jouw handelen en de schade
- De BV heeft daadwerkelijk schade geleden
Je moet je taken dus echt zwaar verwaarlozen. Dit is meer dan een gewone fout.
Denk aan administratie niet bijhouden, onverantwoord financiële verplichtingen aangaan, of wettelijke verplichtingen negeren. Ook dividend uitkeren terwijl er schulden openstaan valt hieronder.
De BV zelf, aandeelhouders of een curator kunnen je intern aansprakelijk stellen. Meestal gebeurt dit via de rechter.
Externe bestuurdersaansprakelijkheid
Externe bestuurdersaansprakelijkheid betekent dat partijen buiten de BV—zoals crediteuren of leveranciers—je persoonlijk kunnen aanspreken voor schade door jouw handelen.
Belangrijkste gronden:
- Je pleegt een onrechtmatige daad
- Je misleidt derden over de financiële situatie
- Je gaat door met ondernemen terwijl duidelijk is dat betalen niet meer lukt (betalingsonmacht)
Als bestuurder handel je onrechtmatig als je bewust derden misleidt of schade veroorzaakt. Bijvoorbeeld door valse informatie te geven over hoe het bedrijf er financieel voorstaat.
Ook als je doorgaat met bedrijfsactiviteiten terwijl een faillissement eraan komt, kun je extern aansprakelijk worden gesteld. Crediteuren kunnen je dan persoonlijk aanspreken voor hun geld.
De partij die schade lijdt, moet meestal bewijzen dat jij als bestuurder de fout in bent gegaan.
Gronden voor persoonlijke aansprakelijkheid als bestuurder
Bestuurders kunnen om verschillende redenen persoonlijk aansprakelijk worden gehouden voor schulden van de BV. De wet noemt specifieke gronden waarop de normale bescherming van de BV-structuur doorbroken wordt.
Onbehoorlijk bestuur
Je bent persoonlijk aansprakelijk als je je taken onbehoorlijk uitvoert en daardoor schade veroorzaakt. Dit geldt zowel binnen de BV als richting derden.
Interne aansprakelijkheid ontstaat als de BV zelf schade lijdt door jouw slechte bestuur. Jij moet die schade dan vergoeden aan de vennootschap.
Externe aansprakelijkheid komt in beeld bij onrechtmatige daden. Bijvoorbeeld als je:
- Weet dat de BV haar verplichtingen niet kan nakomen
- Opzettelijk schuldeisers benadeelt
- Een valse indruk van kredietwaardigheid wekt
Zijn er meerdere bestuurders? Dan zijn ze in principe allemaal hoofdelijk aansprakelijk. Tenzij iemand kan aantonen dat de fout echt niet aan hem of haar te wijten is.
Kennelijk onbehoorlijk bestuur
Bij faillissement kunnen bestuurders hoofdelijk aansprakelijk zijn voor alle schulden van de BV. Dit gebeurt als het bestuur kennelijk onbehoorlijk heeft gefunctioneerd en dat het faillissement heeft veroorzaakt.
Automatisch vermoeden van onbehoorlijk bestuur ontstaat bij:
- Geen deugdelijke administratie bijhouden
- Niet publiceren van jaarrekeningen
- Selectief betalen vlak voor faillissement
De curator hoeft alleen aan te tonen dat deze verplichtingen niet zijn nagekomen. De bestuurder moet vervolgens zelf bewijzen dat het faillissement niet door zijn of haar handelen kwam.
Deze aansprakelijkheid geldt voor de drie jaar voorafgaand aan het faillissement. Bewijzen dat je niet verantwoordelijk bent is meestal een lastige klus.
Niet-naleving van wettelijke verplichtingen
Bestuurders zijn persoonlijk aansprakelijk als ze specifieke wetten of regels overtreden. Die aansprakelijkheid ontstaat direct bij niet-naleving.
Belastingschuld wordt persoonlijk als een bestuurder:
- Niet tijdig meldt dat de BV haar belastingen niet kan betalen
- Geen aangifte doet of verkeerde gegevens verstrekt
- Bewust belasting ontduikt
Andere wettelijke verplichtingen zijn onder meer:
- Arbeidsomstandigheden en veiligheidsvoorschriften
- Milieuwetgeving en vergunningen
- Handelsregistratie en publicatieplichten
Dividenduitkering kan ook risico opleveren. Bestuurders zijn hoofdelijk aansprakelijk als ze dividend uitkeren terwijl de BV daardoor haar schulden niet meer kan betalen.
Bestuurdersaansprakelijkheid bij oprichting BV
In de oprichtingsfase loop je als bestuurder extra risico op persoonlijke aansprakelijkheid. Oprichters en bestuurders blijven aansprakelijk voor handelingen voordat de BV volledig operationeel is.
Voor oprichting geldt aansprakelijkheid als:
- Er namens een BV i.o. wordt gehandeld die nooit wordt opgericht
- De oprichter weet dat de BV haar verplichtingen niet kan nakomen
- De BV binnen een jaar failliet gaat (wettelijk vermoeden)
Na oprichting blijft de bestuurder aansprakelijk tot inschrijving in het handelsregister. Die aansprakelijkheid verdwijnt niet direct na registratie.
Praktische tip: Ga pas verplichtingen aan vanaf de dag na oprichting en registratie. Zo voorkom je persoonlijke aansprakelijkheid voor bedrijfsschulden.
De oprichter blijft verantwoordelijk voor alle rechtshandelingen tot de BV deze officieel bekrachtigt. Die bescherming geldt niet als het duidelijk was dat de BV financieel niet levensvatbaar zou zijn.
Bestuurdersaansprakelijkheid bij faillissement
Bij een faillissement onderzoekt de curator altijd of bestuurders persoonlijk aansprakelijk zijn voor de schulden. Dit kan grote gevolgen hebben voor het privévermogen van bestuurders, vooral bij administratieve fouten.
Rol van de curator bij faillissement
De curator moet onderzoek doen naar bestuurdersaansprakelijkheid. Dat onderzoek start direct na het faillissement.
De curator kijkt naar onbehoorlijk bestuur in de drie jaar voor het faillissement. Hij moet aantonen dat dat wanbeleid een belangrijke oorzaak was van het faillissement.
Onderzoekspunten van de curator:
- Schending van de boekhoudplicht
- Te late indiening van jaarrekeningen
- Onverantwoorde bedrijfsbeslissingen
- Dividenduitkeringen zonder dekking
- Schulden aangaan zonder betaalcapaciteit
Alleen de curator mag bestuurders aansprakelijk stellen voor alle schulden. Individuele schuldeisers kunnen wel proberen invloed uit te oefenen op het handelen van de curator.
Aansprakelijkheid door nalatigheid in administratie
Te late deponering jaarrekening levert automatisch onbehoorlijk bestuur op. De curator hoeft dan niet te bewijzen dat het wanbeleid het faillissement veroorzaakte.
De bestuurder moet dan aantonen dat er andere belangrijke oorzaken waren. Dat valt meestal niet mee.
Schending van de boekhoudplicht heeft hetzelfde effect. De administratie moet een helder beeld geven van rechten, plichten en het vermogen van de BV.
Bij een bestuur met meerdere mensen zijn alle bestuurders aansprakelijk. Ook als maar één bestuurder een fout maakte. Het bestuur geldt als collectief.
Feitelijke beleidsbepalers kunnen ook aansprakelijk zijn. Dat zijn mensen die niet officieel bestuurder zijn, maar wel feitelijk het beleid bepalen.
Privévermogen en schulden in faillissement
Bestuurdersaansprakelijkheid betekent dat bestuurders persoonlijk moeten betalen. Hun privévermogen kan dan worden aangesproken voor alle schulden van de BV.
Dat kan grote gevolgen hebben. Bestuurders kunnen hun huis, spaargeld en andere bezittingen kwijtraken.
Belastingschulden vormen een apart risico. Bestuurders zijn persoonlijk aansprakelijk voor belastingen als ze hebben verzuimd betalingsonmacht te melden.
De hoogte van de aansprakelijkheid is gelijk aan het totale tekort in het faillissement. Dat bedrag kan flink hoger uitpakken dan het oorspronkelijke kapitaal van de BV.
Bankgaranties en borgstellingen komen daar vaak nog bovenop. Bestuurders hebben soms persoonlijke garanties gegeven voor leningen of huur.
Voorkomen van bestuurdersaansprakelijkheid
Bestuurders kunnen hun persoonlijke aansprakelijkheidsrisico’s flink verkleinen door vier dingen goed te regelen. Denk aan een goede administratie, tijdig deponeren van jaarstukken, verzekeringen afsluiten en het nakomen van alle wettelijke verplichtingen.
Correcte en tijdige administratie
Een goede administratie vormt de basis voor verantwoord bestuur en helpt gedoe met aansprakelijkheid voorkomen. Bestuurders moeten zorgen dat alle financiële gegevens kloppen en actueel blijven.
De administratie moet altijd inzicht geven in de financiële positie van het bedrijf. Dus: alle inkomsten, uitgaven, schulden en vorderingen netjes bijhouden.
Belangrijke administratieve taken:
- Alle facturen en betalingen registreren
- Bankafschriften elke maand controleren
- Voorraad en vaste activa bijhouden
- Personeelsadministratie bijhouden
Zonder goede administratie kun je als bestuurder niet zien of het bedrijf nieuwe verplichtingen nog aankan. Dat gebrek aan inzicht maakt het risico op persoonlijke aansprakelijkheid bij problemen alleen maar groter.
De wet verplicht ondernemers een administratie te voeren. Bestuurders die dat negeren, lopen het risico aansprakelijk te worden gesteld voor schade die daardoor ontstaat.
Het deponeren van jaarstukken
Te laat opstellen of deponeren van jaarstukken zorgt direct voor meer aansprakelijkheidsrisico voor bestuurders. Je moet de wettelijke termijnen goed in de gaten houden.
Wettelijke termijnen voor jaarstukken:
| Document | Opsteltermijn | Deponeertermijn |
|---|---|---|
| Jaarrekening | 5 maanden na boekjaar | 8 maanden na boekjaar |
| Bestuursverslag | 5 maanden na boekjaar | 8 maanden na boekjaar |
Bestuurders moeten zorgen dat de jaarstukken een eerlijk beeld geven van de financiële situatie. Onjuiste of misleidende informatie in jaarstukken kan leiden tot persoonlijke aansprakelijkheid.
Als je deze verplichtingen niet nakomt, kunnen crediteuren, aandeelhouders of curatoren bestuurders persoonlijk aanspreken. De rechter ziet het overtreden van deze basisverplichtingen vaak als een ernstig verwijt.
Het belang van bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering
Een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering beschermt bestuurders tegen de financiële gevolgen van claims. Deze verzekering dekt vaak juridische kosten en eventuele schadeclaims.
Word je als bestuurder persoonlijk aangesproken, dan vergoedt de verzekering meestal de kosten van juridisch verweer. Ook schadeclaims vallen vaak onder de dekking.
Wat dekt de verzekering typisch:
- Juridische bijstand en proceskosten
- Schadevergoeding bij gegronde claims
- Kosten van extern advies tijdens procedures
- Reputatieschade (afhankelijk van polis)
Bestuurders moeten echt goed naar de polisvoorwaarden kijken. Niet alles is gedekt, bijvoorbeeld opzettelijk wangedrag of persoonlijk gewin valt er vaak buiten.
Zelfs als je zorgvuldig werkt, kun je door onverwachte omstandigheden toch risico lopen. Een verzekering is dan een belangrijk vangnet.
Alertheid op fiscale en juridische verplichtingen
Bestuurders moeten scherp blijven op alle fiscale en juridische verplichtingen van hun bedrijf. Als je deze niet nakomt, kun je zomaar persoonlijk aansprakelijk worden.
Heb je betalingsproblemen met de belastingdienst? Meld dat dan direct schriftelijk. Doe je dat niet, dan kun je persoonlijk aansprakelijk worden voor belastingschulden.
Cruciale fiscale verplichtingen:
- BTW-aangiften tijdig indienen
- Loonheffingen correct afdragen
- Vennootschapsbelasting betalen
- Omzetbelasting voldoen
Weet je dat het bedrijf verplichtingen niet kan nakomen? Ga dan geen nieuwe verplichtingen aan. Dat geldt als onrechtmatig handelen en maakt de kans op aansprakelijkheid veel groter.
Check regelmatig alle deadlines en verplichtingen. Twijfel je ergens over, haal dan extern advies – dat voorkomt vaak grotere problemen.
Specifieke situaties en extra aandachtspunten
Bepaalde zakelijke situaties brengen extra risico’s voor bestuurders met zich mee. Denk aan concernstructuren, meerdere bestuurders of specifieke beschermingsmogelijkheden.
Aansprakelijkheid binnen concernstructuren
Bestuurders van dochterondernemingen lopen extra risico’s binnen een concern. Een dochter blijft juridisch zelfstandig, zelfs als ze onderdeel is van een groter geheel.
Belangrijkste risico’s:
- Belangenverstrengeling tussen moeder- en dochtermaatschappij
- Doorschuiven van verliezen naar zwakkere vennootschappen
- Financiële ondersteuning die continuïteit bedreigt
Je mag als bestuurder niet zomaar het belang van de vennootschap opofferen voor het concern. Ook niet als de moedermaatschappij dat van je vraagt.
De rechter kijkt vooral naar wat je daadwerkelijk hebt gedaan. Heb je bewust risico’s genomen die de dochteronderneming schade hebben berokkend?
Bescherming binnen concerns:
- Documenteer alle beslissingen uitgebreid
- Laat onafhankelijke analyses maken bij grote transacties
- Zorg voor goede financiering van elke rechtspersoon afzonderlijk
Gezamenlijke en individuele bestuurdersaansprakelijkheid
Zijn er meerdere bestuurders? Dan kunnen ze allemaal aansprakelijk worden gesteld. De ondernemer hoeft niet te bewijzen wie precies wat heeft gedaan.
Hoofdregel: Alle bestuurders zijn verantwoordelijk voor het hele bestuur van de vennootschap. Dat geldt ook als je taken hebt verdeeld.
Wil je je onttrekken aan aansprakelijkheid, dan moet je bewijzen dat:
- De schade niet aan jou te wijten is
- Je geen verwijt treft
- Je op tijd hebt geprotesteerd tegen verkeerde beslissingen
- Elke bestuurder kan voor het volledige bedrag worden aangesproken
- Verhaal op medebestuurders gebeurt in een aparte procedure
- Verzekeringen dekken vaak niet alle gevallen
De rechtspersoon of curator kiest meestal de bestuurder met de beste financiële positie. Andere bestuurders blijven alsnog volledig aansprakelijk.
Decharge en bescherming van bestuurders
Decharge door aandeelhouders biedt maar beperkte bescherming. Het ontslaat je niet van aansprakelijkheid tegenover derden of bij fraude.
Wat decharge wel doet:
- Bescherming tegen claims van aandeelhouders zelf
- Bewijs van goedkeuring door de vennootschap
- Signaal dat het bestuur correct heeft gehandeld
Belangrijke beperkingen:
- Geen bescherming bij misleiding van aandeelhouders
- Geen effect op curator- of crediteurclaims
- Geen dekking voor strafbare feiten
Een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering (BAV) biedt vaak betere bescherming. Die dekt meestal onzorgvuldig handelen, maar niet als je opzettelijk schade veroorzaakt.
Check altijd de uitsluitingen in de polis. Fiscale boetes of strafrechtelijke sancties zijn meestal uitgesloten.
Risico’s voor ondernemers bij onrechtmatig handelen
Ondernemers die ook bestuurder zijn, lopen extra risico door de mix van persoonlijke en zakelijke belangen. De rechtspersoon beschermt je niet bij bewust onrechtmatig handelen.
Hoogrisicosituaties:
- Doorgaan met activiteiten bij duidelijke insolventie
- Crediteuren misleiden over de financiële positie
- Privégebruik van bedrijfsmiddelen zonder goede administratie
Ondernemer-bestuurders worden vaak sneller aansprakelijk gehouden. Rechters verwachten van hen meer kennis van de bedrijfsvoering dan van externe bestuurders.
Strafrechtelijke risico’s komen daar nog bovenop. Belastingfraude, valsheid in geschrifte en oplichting leiden tot persoonlijke vervolging.
De vennootschap kan deze kosten meestal niet vergoeden. Strafrechtelijke procedures vallen buiten de dekking van aansprakelijkheidsverzekeringen.
Veelgestelde Vragen
Bestuurders hebben vaak praktische vragen over hun persoonlijke aansprakelijkheid en de situaties waarin risico’s ontstaan. De nieuwe regelgeving per 2025 brengt extra aandachtspunten met zich mee voor het beperken van aansprakelijkheidsrisico’s.
Wat zijn de situaties waarin bestuurdersaansprakelijkheid kan optreden?
Bestuurdersaansprakelijkheid ontstaat bij ernstige verwijtbaarheid van de bestuurder. Vaak gebeurt dit als je wettelijke verplichtingen niet naleeft of onbehoorlijk bestuur pleegt.
Veel voorkomende situaties zijn het niet tijdig aanvragen van faillissement. Ook het doorgaan met activiteiten terwijl de BV duidelijk niet kan betalen, leidt tot aansprakelijkheid.
Het niet bijhouden van boeken of het niet indienen van jaarrekeningen is ook een grond voor aansprakelijkheid. Fiscale verwijtbaarheid speelt mee, vooral als je loonbelasting of omzetbelasting niet afdraagt.
Hoe kan ik mij als bestuurder indekken tegen aansprakelijkheidsrisico’s?
Een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering biedt financiële bescherming tegen claims. Die verzekering dekt vaak ook de juridische kosten van procedures.
Goede administratie en naleving van alle verplichtingen zijn essentieel. Houd je aan alle wettelijke deadlines.
Check regelmatig de financiële positie van de BV, zo herken je risico’s eerder. Komt er een probleem aan, onderneem dan snel actie.
Professioneel advies van accountants en juristen helpt veel ellende voorkomen. Vooral bij financiële moeilijkheden of juridische kwesties is dat verstandig.
Welke rol spelen de statuten van een BV bij bestuurdersaansprakelijkheid?
De statuten regelen de bevoegdheden en taken van bestuurders. Deze afspraken bepalen de mate van verantwoordelijkheid van elke bestuurder.
In sommige statuten staan vrijwaringsregelingen voor bestuurders, maar die beschermen je niet tegen ernstig verwijtbaar handelen.
Je kunt de taakverdeling tussen bestuurders in de statuten vastleggen. Dat maakt duidelijk wie waarvoor verantwoordelijk is.
Staan er regels in de statuten over goedkeuring van bepaalde bestuursbesluiten? Houd je daar niet aan, dan kan dat tot aansprakelijkheid leiden.
Op welke wijze kan een crediteur een bestuurder persoonlijk aansprakelijk stellen?
Crediteuren pakken bestuurders aan via artikel 2:248 en 2:9 BW. Ze moeten bewijzen dat de bestuurder echt ernstig verwijtbaar heeft gehandeld.
De crediteur moet laten zien dat zijn schade direct te maken heeft met dat gedrag. Ook moet hij aantonen dat normale betaling niet langer mogelijk was.
Vaak handelt een faillissementscurator namens alle crediteuren. Dat werkt meestal sneller dan wanneer iedereen apart een procedure start.
De Belastingdienst kan trouwens ook bestuurders persoonlijk aansprakelijk stellen. Vooral als het gaat om niet-betaalde loonbelasting of btw.
Wat is het verschil tussen interne en externe bestuurdersaansprakelijkheid?
Interne aansprakelijkheid draait om de relatie tussen de bestuurder en de BV zelf. De BV kan schade verhalen als bestuurders hun taken niet goed uitvoeren.
Externe aansprakelijkheid gaat juist over claims van buitenaf, bijvoorbeeld van crediteuren. Zij kunnen bestuurders direct aanspreken.
Bij interne aansprakelijkheid ligt de drempel voor verwijtbaarheid lager. Bestuurders moeten zich netjes gedragen tegenover de vennootschap.
Voor externe aansprakelijkheid is er pas sprake van serieuze verwijtbaarheid of echt onrechtmatig handelen. Die lat ligt dus duidelijk hoger.
Welke jurisprudentie is bepalend geweest voor de huidige omgang met bestuurdersaansprakelijkheid?
Het Staleman/Van de Ven arrest van de Hoge Raad uit 1997 was echt een keerpunt. Door deze uitspraak werden de criteria voor bestuurdersaansprakelijkheid ineens een stuk strenger.
De Hoge Raad zei eigenlijk: als het overduidelijk is dat betaling onmogelijk is, dan ben je als bestuurder aansprakelijk. Op dat moment moet je direct stoppen met zakendoen.
Het Ontvanger/Roelofsen arrest uit 2003 legde de nadruk op fiscale aansprakelijkheid van bestuurders. Vooral bij loonbelasting en btw voel je dat meteen.
In recente uitspraken zie je dat een goede administratie steeds belangrijker wordt. Rechters vinden het ontbreken daarvan nu sneller een ernstig verwijt.