Gepubliceerd op 30 december 2025 · Laatst bijgewerkt op 9 oktober 2026
Na een alcoholcontrole boven de limiet meldt de politie u bij het CBR. Het CBR legt dan los van de strafzaak een educatieve maatregel, een onderzoek naar uw rijgeschiktheid of de ongeldigverklaring van uw rijbewijs op, en tegen dat besluit maakt u binnen zes weken bezwaar.
De ruimte voor een andere uitkomst is wel klein: de regels schrijven de maatregel grotendeels voor, en alleen procedurefouten, onjuiste feiten of zeer bijzondere omstandigheden geven een kans. Hieronder leest u hoe de procedure verloopt en welke rechtsmiddelen u heeft.
Inhoudsopgave
De CBR-procedure na een alcoholcontrole: het korte antwoord
Na een alcoholcontrole boven de grenswaarde meldt de politie u bij het CBR, dat los van het strafrecht een educatieve maatregel, een onderzoek naar de rijgeschiktheid of ongeldigverklaring van het rijbewijs kan opleggen. De criteria staan bij het CBR.
Let op: Dit artikel gaat specifiek over de bestuursrechtelijke CBR-procedure. De strafrechtelijke vervolging door het Openbaar Ministerie is een apart traject met eigen regels en procedures.
Op welke wetsartikelen steunt de CBR-procedure?
De bevoegdheden van het CBR bij alcoholincidenten zijn geregeld in de Wegenverkeerswet 1994 en de Regeling maatregelen rijvaardigheid en geschiktheid 2011. De belangrijkste wetsartikelen zijn:
- Artikel 130 WVW – de politie meldt een alcoholincident aan het CBR bij vermoeden van onvoldoende geschiktheid.
- Artikel 131 WVW – het CBR kan een onderzoek of educatieve maatregel opleggen en de geldigheid van het rijbewijs schorsen tijdens de procedure. Schorst het CBR uw rijbewijs, dan moet u het inleveren.
- Artikel 134 WVW – het CBR kan het rijbewijs ongeldig verklaren als uit onderzoek blijkt dat u niet aan de geschiktheidseisen voldoet.
- Artikel 164 WVW – de politie kan het rijbewijs onmiddellijk vorderen bij zeer hoge alcoholwaarden.
Belangrijk: De CBR-procedure is een bestuursrechtelijk traject dat volledig los staat van een eventuele strafrechtelijke procedure. U kunt dus tegelijkertijd te maken hebben met zowel het CBR als het Openbaar Ministerie, maar dit zijn twee aparte procedures met eigen regels en uitkomsten.
Hoe verloopt de CBR-procedure stap voor stap?
De procedure loopt van de melding door de politie, via de beoordeling en de maatregel van het CBR, naar een besluit over uw rijbewijs. Dat zijn vijf stappen.
Stap 1: de politie meldt u bij het CBR
Na een alcoholcontrole waarbij u boven de limiet zit, maakt de politie een proces-verbaal op en doet automatisch melding aan het CBR. Deze melding vormt de basis voor de bestuursrechtelijke procedure. Bij zeer hoge waarden kan de politie uw rijbewijs direct vorderen op basis van artikel 164 WVW.
Stap 2: het CBR beoordeelt de melding
Het CBR beoordeelt op basis van het proces-verbaal of er een gerechtvaardigd vermoeden bestaat van onvoldoende geschiktheid om een voertuig te besturen. Bij een vastgesteld hoog alcoholgehalte is dit vermoeden vrijwel altijd aanwezig. Het CBR stuurt u vervolgens een brief waarin staat welke maatregel wordt opgelegd.
Stap 3: het CBR legt een maatregel op
Het CBR kan verschillende maatregelen opleggen, afhankelijk van de ernst van het incident en eventuele eerdere overtredingen:
- Educatieve Maatregel Alcohol en verkeer (EMA) – een verplichte cursus over de gevaren van alcohol in het verkeer
- Medisch onderzoek – bij twijfel over uw lichamelijke geschiktheid
- Psychologisch onderzoek – bij twijfel over uw mentale geschiktheid of bij recidive
- Praktijkonderzoek – een nieuwe rijtest
- Schorsing – tijdelijk niet mogen rijden tijdens de onderzoeken
Tijdens een schorsing mag u niet rijden. Doet u dat toch, dan pleegt u een strafbaar feit.
Stap 4: u voert de maatregel uit
U moet de opgelegde maatregel binnen de gestelde termijn uitvoeren. Voor een EMA-cursus moet u zich inschrijven en de cursus met goed gevolg afronden. Bij onderzoeken moet u verschijnen op de afspraken die het CBR of een CBR-erkende instantie maakt.
Stap 5: het CBR besluit na het onderzoek
Als uit het onderzoek blijkt dat u niet (meer) voldoet aan de geschiktheidseisen, dan is het CBR op grond van artikel 134 WVW verplicht uw rijbewijs ongeldig te verklaren. De wetgeving laat hierbij weinig ruimte voor belangenafweging. Voldoet u wel aan de eisen, dan krijgt u uw rijbewijs terug of blijft uw rijbewijs geldig.
Hoe komt u op tegen een CBR-besluit?
Tegen besluiten van het CBR staan bestuursrechtelijke rechtsmiddelen open. De procedure verloopt volgens de regels van de Algemene wet bestuursrecht (Awb):
1. Bezwaar bij het CBR (artikel 7:1 Awb)
U kunt binnen zes weken na bekendmaking van het CBR-besluit schriftelijk bezwaar maken bij het CBR. In uw bezwaarschrift legt u uit waarom u het niet eens bent met het besluit. Mogelijke gronden zijn:
- Het proces-verbaal bevat onjuistheden of is niet zorgvuldig opgesteld
- Het CBR heeft de verkeerde maatregel opgelegd
- Het onderzoek is niet correct uitgevoerd
- Er zijn zeer bijzondere omstandigheden die het CBR niet heeft meegewogen
Het CBR beoordeelt uw bezwaar opnieuw, maar is streng gebonden aan de wettelijke regels. Het CBR kan alleen van de maatregel afwijken in zeer uitzonderlijke gevallen.
2. Beroep bij de bestuursrechter (artikel 8:1 Awb)
Als het CBR uw bezwaar afwijst, kunt u binnen zes weken beroep instellen bij de rechtbank. De bestuursrechter toetst of:
- Het CBR de juiste procedure heeft gevolgd
- Het CBR terecht een vermoeden van ongeschiktheid heeft vastgesteld
- De opgelegde maatregel passend en proportioneel is
- Het besluit voldoende is gemotiveerd
- Er sprake is van zeer bijzondere omstandigheden
De rechter kan het CBR-besluit vernietigen als er procedurele fouten zijn gemaakt of als de maatregel in het concrete geval evident onevenredig is. Dit laatste komt echter zelden voor.
3. Hoger beroep bij de Raad van State (artikel 8:104 Awb)
Tegen de uitspraak van de rechtbank kunnen zowel u als het CBR binnen zes weken hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Dit is de hoogste bestuursrechter in Nederland.
4. Voorlopige voorziening (artikel 8:81 Awb)
Wilt u niet wachten op de uitkomst van de bezwaar- of beroepsprocedure, dan kunt u een voorlopige voorziening aanvragen bij de voorzieningenrechter. Deze kan besluiten de werking van het CBR-besluit tijdelijk te schorsen, zodat u in afwachting van de definitieve uitspraak weer mag rijden. Een voorlopige voorziening wordt alleen toegewezen als:
- Er een spoedeisend belang is (u lijdt direct ernstige schade)
- U een redelijke kans maakt in de hoofdprocedure
In de praktijk is de kans op succes bij een voorlopige voorziening beperkt, maar het kan in specifieke situaties wel degelijk slagen.
Kunt u het proces-verbaal aanvechten in de CBR-procedure?
Ja, maar alleen met concreet en onderbouwd tegenbewijs. Een algemene ontkenning is niet genoeg.
In de bestuursrechtelijke CBR-procedure mag het CBR in principe uitgaan van de juistheid van het proces-verbaal dat door de politie is opgemaakt. Dit heet het bijzonder gezag van het proces-verbaal. Dit geldt voor zover het gaat om eigen waarnemingen van de verbalisant.
Met welk bewijs vecht u het proces-verbaal aan?
U kunt het proces-verbaal aanvechten door concreet en onderbouwd tegenbewijs te leveren dat zodanige twijfel oproept aan de juistheid, dat het CBR of de rechter niet langer van de inhoud mag uitgaan. Dit kan bijvoorbeeld door:
- Getuigenverklaringen die het relaas van de politie weerleggen
- Technische rapporten over kalibratie of werking van het meetapparaat
- Medische verklaringen die een alternatieve verklaring bieden voor de meetwaarden
- Video- of audiomateriaal dat de gang van zaken anders weergeeft
- Deskundigenrapporten over meetfouten of andere technische aspecten
Algemene of niet-onderbouwde betwistingen zijn onvoldoende. De bewijslast ligt bij u. In de praktijk slaagt men er zelden in het proces-verbaal te ontkrachten, maar het is juridisch wel mogelijk.
Weegt het CBR uw persoonlijke belangen mee?
Nauwelijks. De regels schrijven de maatregel grotendeels voor, en de rechter grijpt alleen in bij zeer uitzonderlijke omstandigheden.
Een belangrijk beginsel in het bestuursrecht is het evenredigheidsbeginsel (proportionaliteitsbeginsel) uit artikel 3:4 lid 2 Awb. Dit houdt in dat de nadelige gevolgen van een besluit niet onevenredig mogen zijn in verhouding tot het doel – in dit geval de bescherming van de verkeersveiligheid.
Bij CBR-maatregelen na een alcoholincident is de ruimte voor belangenafweging echter zeer beperkt. De wetgeving is dwingendrechtelijk: het CBR moet bepaalde maatregelen opleggen bij een vastgesteld alcoholincident. De proportionaliteit is in beginsel al door de wetgever in de regels verwerkt.
Wanneer kan de rechter ingrijpen?
De bestuursrechter kan alleen ingrijpen in zeer uitzonderlijke gevallen, wanneer:
- Toepassing van de regeling tot onevenredig zware gevolgen leidt die de wetgever niet heeft voorzien
- Er sprake is van unieke, niet-voorzienbare omstandigheden
- De gevolgen evident onevenredig zijn in het concrete geval
Persoonlijke omstandigheden die vrijwel nooit als voldoende bijzonder worden aangemerkt:
- Afhankelijkheid van het rijbewijs voor werk
- Financiële problemen of dreigende werkloosheid
- Psychische of sociale problemen
- Zorgtaken voor familie
- Wonen in een gebied met slecht openbaar vervoer
De bescherming van de verkeersveiligheid weegt in de ogen van de bestuursrechter vrijwel altijd zwaarder dan individuele belangen. De kans op succes met een proportionaliteitsverweer is daarom zeer klein.
Krijgt u schadevergoeding na een onrechtmatig CBR-besluit?
Soms wel, maar u vraagt die eerst bij het CBR zelf aan. De rechter kent schadevergoeding alleen bij hoge uitzondering toe.
Als achteraf blijkt dat het CBR een onrechtmatig besluit heeft genomen, kunt u in sommige gevallen aanspraak maken op schadevergoeding. Dit kan bijvoorbeeld het geval zijn wanneer:
- De rechter het CBR-besluit heeft vernietigd wegens strijd met de wet
- Het CBR essentiële procedureregels niet heeft nageleefd
- Het CBR heeft nagelaten maatwerk toe te passen terwijl dat wel had gemoeten
U moet eerst het CBR zelf om schadevergoeding vragen voordat u naar de bestuursrechter kunt stappen (artikel 8:90 Awb). De rechter zal alleen schadevergoeding toekennen als:
- Het besluit onrechtmatig was
- U daadwerkelijk schade heeft geleden
- Er een causaal verband is tussen het besluit en de schade
- De schade boven het normale maatschappelijke risico uitgaat
In de praktijk wordt schadevergoeding slechts bij hoge uitzondering toegekend. De drempel is hoog, maar het is niet onmogelijk.
Waar let u op in de CBR-procedure?
1. Reageer tijdig
Alle termijnen in de bestuursrechtelijke procedure zijn fataal: overschrijdt u de termijn, dan wordt uw bezwaar of beroep niet-ontvankelijk verklaard. Zorg dus dat u binnen zes weken reageert op elk CBR-besluit waarmee u het niet eens bent.
2. Vraag inzage in alle stukken
U heeft op grond van de Wet open overheid (Woo) en de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) recht op inzage in alle stukken die het CBR over u heeft. Dit kan belangrijke informatie opleveren voor uw verweer.
3. Overweeg een voorlopige voorziening bij spoedeisend belang
Als u zonder rijbewijs direct in grote problemen komt (dreigende werkloosheid, zware financiële schade, geen alternatief vervoer), overweeg dan een voorlopige voorziening. De kans van slagen is niet groot, maar in sommige gevallen kan dit tijdelijke verlichting bieden.
Wat kunnen wij voor u doen bij de CBR-procedure na een alcoholcontrole?
Bij een CBR-procedure telt elke termijn. Wij kunnen u in elke fase bijstaan:
- Wij beoordelen het CBR-besluit en het proces-verbaal en controleren of de opgelegde maatregel past bij de regels.
- Wij dienen binnen zes weken een gemotiveerd bezwaarschrift in bij het CBR (artikel 7:1 Awb) en bereiden de hoorzitting voor.
- Wij vragen bij het CBR de stukken over u op en verzamelen tegenbewijs, zoals gegevens over het meetapparaat of getuigenverklaringen.
- Wij stellen beroep in bij de rechtbank en zo nodig hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
- Wij vragen een voorlopige voorziening aan (artikel 8:81 Awb) als u niet kunt wachten op de uitkomst.
- Wij dienen na een vernietigd besluit een verzoek om schadevergoeding in bij het CBR (artikel 8:90 Awb).
Samengevat
- De politie meldt een alcoholincident bij het CBR (artikel 130 WVW); die procedure staat los van de strafzaak.
- Het CBR kan een educatieve maatregel of onderzoek opleggen en uw rijbewijs schorsen (artikel 131 WVW).
- Blijkt u niet geschikt, dan moet het CBR uw rijbewijs ongeldig verklaren (artikel 134 WVW).
- Tegen een CBR-besluit maakt u binnen zes weken bezwaar; daarna volgen beroep bij de rechtbank en hoger beroep bij de Raad van State.
- Persoonlijke belangen, zoals werk, wegen zelden zwaar genoeg om een maatregel van tafel te krijgen.
Meer over hoe Law & More u hierbij helpt, leest u op de pagina strafrecht advocaat.
