Gepubliceerd op 25 juli 2026 · Laatst bijgewerkt op 14 oktober 2026
De beheerder van een gesloten systeem mag zelf zijn tarieven bepalen, maar alleen volgens een vooraf opgestelde en bekendgemaakte berekeningsmethode die leidt tot kostenreflectieve, transparante en niet-discriminerende tarieven (artikel 3.114 Energiewet). De Autoriteit Consument en Markt (ACM) keurt die tarieven niet vooraf goed, maar kan op klacht van een aangeslotene wel achteraf ingrijpen en aanpassing gelasten.
Daarnaast geldt een civielrechtelijke drempel: een tarief is alleen verschuldigd als de overeenkomst er een duidelijke grondslag voor biedt. Het bredere kader van private netten beschrijven wij in ons artikel over private netten en gesloten distributiesystemen.
Inhoudsopgave
Wat is er veranderd met de Energiewet?
Sinds 1 januari 2026 geldt de Energiewet; de Elektriciteitswet 1998 en de Gaswet zijn vervallen. Waar het oude recht in artikel 15 Elektriciteitswet 1998 werkte met een ontheffing van de plicht om een netbeheerder aan te wijzen, moet een gesloten systeem nu als zodanig worden erkend (artikel 3.7 Energiewet).
De Europese basis is gelijk gebleven. Artikel 38 van Richtlijn (EU) 2019/944 behandelt gesloten distributiesystemen als distributiesystemen, maar staat toe dat zij worden vrijgesteld van voorafgaande goedkeuring van tarieven of berekeningsmethoden. Die vrijstelling laat de eisen van transparantie en non-discriminatie onverlet. Had een eigenaar onder het oude recht een ontheffing, dan wordt hij zolang die ontheffing loopt geacht over een erkenning en een aanwijzing onder de Energiewet te beschikken (artikel 7.32 Energiewet).
Waaraan moet het tarief voldoen volgens artikel 3.114 Energiewet?
Het tarief moet volgen uit een berekeningsmethode die vooraf is opgesteld en bekendgemaakt. Die methode moet leiden tot tarieven die de kosten van de wettelijke taken van de beheerder weerspiegelen en die transparant en niet-discriminerend zijn.
Artikel 3.114, eerste lid, Energiewet bevat daarmee drie eisen:
- Vooraf bekendgemaakt: de beheerder stelt tarieven niet achteraf of per geval vast, maar maakt de systematiek vooraf kenbaar aan de aangeslotenen.
- Kostenreflectief: de tarieven weerspiegelen de kosten van de wettelijke taken en verplichtingen van de beheerder, niet meer.
- Transparant en niet-discriminerend: de methode is navolgbaar en vergelijkbare aangeslotenen worden gelijk behandeld, tenzij een objectief verschil iets anders rechtvaardigt.
Binnen die drie eisen heeft de beheerder ruimte voor een systematiek die past bij het terrein en het systeem. Voldoet de methode of het tarief niet, dan gelast de ACM op grond van artikel 3.114, tweede lid, Energiewet aanpassing.
Welke kosten mogen in de berekeningsmethode?
Alleen kosten die verband houden met de taken van de beheerder als systeembeheerder. Kosten van andere activiteiten, of kosten die al langs een andere weg worden vergoed, horen er niet in.
De Energiewet geeft geen kostenlijst, maar uit de eis van kostenreflectiviteit volgt een bruikbare indeling. In beginsel passen in de methode:
- kosten van het aanleggen en wijzigen van aansluitingen;
- kosten van beheer, onderhoud, bediening en meting van het systeem;
- de kosten die de beheerder zelf aan de regionale netbeheerder of TenneT betaalt voor de aansluiting op het openbare net;
- een toerekenbaar deel van de algemene overhead.
Niet in de tarieven horen kosten van andere bedrijfsactiviteiten van de beheerder, en kosten die al in de huurprijs of de servicekosten voor het terrein zijn verwerkt. Dubbele doorberekening is in strijd met de eis van kostenreflectiviteit. De beheerder moet elke kostencomponent controleerbaar kunnen onderbouwen: wat hij bij een klacht van de ACM niet kan verantwoorden, kan hij niet doorberekenen.
Is een tarief verschuldigd zonder duidelijk beding in de overeenkomst?
Nee. Naast de wettelijke tariefnorm moet de overeenkomst een duidelijke grondslag bieden voor het bedrag dat de beheerder in rekening brengt.
Het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch oordeelde dat leveringsovereenkomsten voor stadsverwarming geen grondslag boden voor een periodieke aansluitbijdrage, omdat die betalingsverplichting niet duidelijk uit de contractstukken bleek (ECLI:NL:GHSHE:2024:2263). De Hoge Raad verwierp op 23 januari 2026 het cassatieberoep daartegen (ECLI:NL:HR:2026:94). Die zaak ging over warmtelevering, maar de les is ook voor gesloten systemen bruikbaar: leg vast waarvoor een bedrag wordt geheven, hoe het wordt berekend en op welke dienst het ziet.
Staat het tariefbeding in algemene voorwaarden, dan kan een aangeslotene het vernietigen als het onredelijk bezwarend is (artikel 6:233 BW). Bij twijfel over de betekenis van een beding in algemene voorwaarden geldt tegenover een consument de voor hem gunstigste uitleg (artikel 6:238 lid 2 BW). Een algemeen voorbehoud om tarieven te wijzigen, zonder maatstaf of moment, is daarom kwetsbaar.
Ook de technische inrichting van een privaat net blijft een eigen aandachtspunt. Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden oordeelde op 20 januari 2026 dat een recreatiepark met een particulier net moet meewerken aan de vrije leverancierskeuze van een aangeslotene, maar zelf geen EAN-code kan toekennen; de aangeslotene kan een eigen aansluiting bij de regionale netbeheerder aanvragen (ECLI:NL:GHARL:2026:316).
Hoe dient u een klacht in bij de ACM?
Een aangeslotene kan op grond van artikel 5.4 Energiewet een geschil met de systeembeheerder aan de Autoriteit Consument en Markt voorleggen. Dat geldt ook voor de beheerder van een gesloten systeem: artikel 3.114, tweede lid, Energiewet verwijst uitdrukkelijk naar deze klacht. De ACM beslist binnen twee maanden; vraagt zij aanvullende gegevens, dan kan zij die termijn met twee maanden verlengen, en met instemming van de indiener nog langer (artikel 5.4 lid 2 Energiewet).
In de procedure krijgt de beheerder gelegenheid om op de klacht te reageren. Stelt de ACM vast dat de berekeningsmethode of het tarief niet voldoet aan artikel 3.114, eerste lid, Energiewet, dan gelast zij aanpassing. De ACM toetst daarbij aan de taken en kenmerken van het concrete systeem en past de tariefsystematiek voor publieke netbeheerders niet zonder meer toe. Het besluit van de ACM is bindend (artikel 5.4 lid 3 Energiewet). Een klacht laat andere rechtsmiddelen onverlet (artikel 5.4 lid 4), dus ook de gang naar de civiele rechter blijft open. Voor de beheerder betekent een klacht dat de volledige kostenstructuur op tafel komt.
Welke geschilpunten moet u vooraf regelen?
Drie situaties leiden in de praktijk het vaakst tot discussie, en de Energiewet regelt ze niet in detail. Leg ze daarom vast in de berekeningsmethode en in de aansluit- en transportovereenkomsten.
- Verzwaring: moet het systeem worden uitgebreid voor de groei of elektrificatie van één aangeslotene, wie draagt die investering en hoe telt zij mee in de tarieven?
- Vertrek: verlaat een grote aangeslotene het terrein, ligt het risico van de vaste kosten dan bij de beheerder of bij de overblijvende aangeslotenen?
- Nieuwkomers: tegen welke voorwaarden krijgt een nieuwe partij toegang, en betaalt zij mee aan eerdere investeringen?
Waar let u als beheerder van een gesloten systeem op?
- Controleer of uw systeem is erkend op grond van artikel 3.7 Energiewet of onder overgangsrecht valt.
- Maak de berekeningsmethode vooraf schriftelijk bekend aan alle aangeslotenen.
- Onderbouw elke kostencomponent met stukken en voorkom dubbele doorberekening via huur of servicekosten.
- Leg in de overeenkomst vast welke kosten worden doorberekend, volgens welke verdeelsleutel en wanneer wordt geïndexeerd.
Waar let u als aangeslotene op?
- Vraag de bekendgemaakte berekeningsmethode op.
- Controleer of elk gefactureerd bedrag een duidelijke grondslag in de overeenkomst heeft.
- Ga na of dezelfde kosten niet ook al in uw huur of servicekosten zitten.
- Beding vooraf inzage in de kostenonderbouwing en houd rekening met de verjaringstermijn van vijf jaar voor terugvordering (artikel 3:309 BW).
Wat kunnen wij voor u doen bij tarieven van een gesloten distributiesysteem?
- De berekeningsmethode en de tarieven toetsen aan artikel 3.114 Energiewet.
- Aansluit- en transportovereenkomsten en tariefbedingen opstellen of beoordelen.
- De erkenning van een gesloten systeem en het overgangsrecht beoordelen.
- Een klacht bij de ACM opstellen of de beheerder daarin bijstaan.
- Procederen bij de civiele rechter over betaling of terugvordering; zie ook onze dienst advocaat energierecht.
Samengevat
- De ACM stelt de tarieven van een gesloten systeem niet vooraf vast, maar artikel 3.114 Energiewet stelt wel eisen.
- De berekeningsmethode moet vooraf bekend zijn en leiden tot kostenreflectieve, transparante en niet-discriminerende tarieven.
- Zonder duidelijk beding in de overeenkomst is een tarief kwetsbaar (ECLI:NL:HR:2026:94).
- Een aangeslotene kan een klacht indienen bij de ACM op grond van artikel 5.4 Energiewet; de ACM beslist binnen twee maanden, met mogelijke verlenging, en haar besluit is bindend.
Veelgestelde vragen
Is de beheerder van een gesloten systeem vrij in zijn tarieven?
Nee. De ACM keurt de tarieven niet vooraf goed, maar artikel 3.114 Energiewet eist een vooraf bekendgemaakte berekeningsmethode met kostenreflectieve, transparante en niet-discriminerende tarieven.
Geldt artikel 15 Elektriciteitswet 1998 nog?
Nee. Sinds 1 januari 2026 geldt de Energiewet. Een gesloten systeem wordt erkend op grond van artikel 3.7 Energiewet; een bestaande ontheffing geldt voor haar resterende looptijd als erkenning en aanwijzing (artikel 7.32 Energiewet).
Mag de beheerder de kosten van de regionale netbeheerder doorberekenen?
Ja, de kosten van de aansluiting op het openbare net horen bij zijn taken. De verdeling over de aangeslotenen moet wel transparant en niet-discriminerend zijn (artikel 3.114 Energiewet).
Kan een aangeslotene te veel betaalde bedragen terugvorderen?
Dat hangt vooral af van de contractuele grondslag. Ontbreekt een duidelijk beding, dan kan betaling onverschuldigd zijn geweest; een vordering daartoe verjaart in beginsel vijf jaar na het moment waarop u de betaling en de schuldenaar kende (artikel 3:309 BW).
Hoe snel beslist de ACM op een klacht?
De ACM beslist binnen twee maanden. Vraagt zij aanvullende gegevens, dan kan de termijn met twee maanden worden verlengd (artikel 5.4 lid 2 Energiewet). Het besluit is bindend.