Veel ondernemers zien franchise- en distributieovereenkomsten als simpele contracten. Maar eerlijk gezegd, dat is een misvatting.
Deze zakelijke overeenkomsten zitten vol met complexe juridische bepalingen. Ze kunnen flinke gevolgen hebben voor beide partijen.
Verkeerde kwalificatie van het contract, onduidelijke bepalingen over aansprakelijkheid en onjuiste opzegtermijnen kunnen leiden tot kostbare juridische geschillen en verlies van investeringen.
Het verschil tussen een franchiseovereenkomst en distributieovereenkomst lijkt klein. Toch zijn de juridische gevolgen behoorlijk groot.
Bij een franchiseovereenkomst gelden wettelijke verplichtingen voor informatieverstrekking en strengere regelgeving. Distributieovereenkomsten bieden meer vrijheid, maar brengen ook meer risico’s met zich mee.
Ondernemers die deze verschillen niet begrijpen, lopen het risico vast te zitten in een contract dat hun bedrijfsvoering beperkt.
Met de juiste kennis en voorbereiding kun je deze juridische valkuilen vermijden.
Van het goed opstellen van contracten tot het begrijpen van mededingingsrecht en opzegtermijnen—je kunt leren hoe deze overeenkomsten werken en welke stappen nodig zijn om juridische problemen te voorkomen.
Wat zijn franchise- en distributieovereenkomsten?
Franchise- en distributieovereenkomsten zijn belangrijke juridische instrumenten voor bedrijven die hun producten via derden willen verkopen.
Beide contractvormen hebben specifieke kenmerken die bepalen welke rechten en plichten van toepassing zijn.
Definitie en kernverschillen tussen franchise- en distributieovereenkomsten
Een franchiseovereenkomst is een contract waarbij de franchisegever de franchisenemer toestemming geeft om onder zijn naam en met zijn systeem zaken te doen.
De franchisenemer gebruikt daarbij het merk, logo en de werkwijze van de franchisegever.
Bij een distributieovereenkomst koopt de distributeur producten van de leverancier en verkoopt deze door onder zijn eigen naam.
De distributeur handelt zelfstandig en hoeft zich niet aan specifieke bedrijfsvoering te houden.
Het grootste verschil zit in de zichtbaarheid voor klanten. Klanten zien bij franchise vaak geen verschil met een eigen vestiging van het merk.
Bij distributie is het wel duidelijk dat ze bij een andere partij kopen.
Wettelijke basis is ook een belangrijk onderscheid:
- Franchiseovereenkomsten hebben specifieke wettelijke regels.
- Distributieovereenkomsten kun je grotendeels vrij inrichten.
De rol van franchisenemer, franchisegever en distributeur
De franchisegever stelt zijn bedrijfsconcept beschikbaar en ondersteunt de franchisenemer met training, marketing en bedrijfsvoering.
Hij bewaakt hoe zijn merk naar buiten komt.
De franchisenemer betaalt meestal een franchise fee en royalty’s.
Hij moet zich houden aan strikte regels over uitstraling, producten en werkwijze.
Ondanks deze beperkingen werkt hij voor eigen rekening en risico.
Een distributeur heeft meer vrijheid in zijn bedrijfsvoering.
Hij bepaalt zelf hoe hij de producten verkoopt en presenteert.
De leverancier biedt meestal minder ondersteuning dan bij franchise.
Alle partijen zijn zelfstandige ondernemers.
Ze hebben geen arbeidsovereenkomst met elkaar, maar werken samen via commerciële contracten.
Duurovereenkomsten en hun specifieke kenmerken
Beide contractvormen zijn duurovereenkomsten die gericht zijn op langdurige samenwerking.
Dit betekent dat prestaties over langere tijd worden uitgewisseld.
Opzegging werkt verschillend per type overeenkomst:
| Franchise | Distributie |
|---|---|
| Vaak vaste einddatum | Meestal opzegbaar met termijn |
| Beperkte tussentijdse opzegging | Minimaal 3 maanden opzegtermijn |
| Specifieke opzeggingsregels | Algemene duurovereenkomst regels |
Wederzijdse afhankelijkheid kenmerkt beide overeenkomsten.
Partijen bouwen samen aan een zakelijke relatie die tijd en investering vraagt.
Territoriumafspraken komen vaak voor.
Franchisenemers en distributeurs krijgen meestal exclusieve rechten voor een bepaald gebied.
Dit beschermt hun investering en voorkomt onderlinge concurrentie.
Juridische valkuilen bij het opstellen van contracten
Het opstellen van franchise- en distributiecontracten brengt specifieke juridische risico’s met zich mee.
Verkeerde kwalificatie van de overeenkomst en onduidelijke rechten leiden vaak tot geschillen en financiële schade.
Onjuiste kwalificatie van de overeenkomst
Veel ondernemers maken de fout om franchise- en distributieovereenkomsten verkeerd te kwalificeren.
Dat kan onverwachte juridische gevolgen opleveren.
Een franchiseovereenkomst verschilt fundamenteel van een distributieovereenkomst.
Bij franchise krijgt de ondernemer het recht om een compleet bedrijfsconcept te gebruiken.
Distributie draait alleen om de verkoop van producten.
Veelvoorkomende fouten bij kwalificatie:
- Franchise noemen wat eigenlijk distributie is
- Onduidelijke omschrijving van de relatie tussen partijen
- Verkeerde toepassing van wettelijke regels
Verkeerde kwalificatie heeft directe gevolgen voor de rechten en plichten.
De franchisenemer denkt bijvoorbeeld bescherming te hebben onder franchiseregels, terwijl hij in werkelijkheid een distributeur is met minder rechten.
Advocaten zien regelmatig dat partijen de verkeerde algemene voorwaarden gebruiken.
Dit levert conflicten op over teritorium, vergoedingen en beëindiging.
Rechten en plichten van partijen
Onduidelijke omschrijving van rechten en plichten vormt een grote valkuil bij contracten.
Partijen weten dan niet waar ze aan toe zijn.
Kritieke punten die vaak ontbreken:
- Exclusieve gebiedsrechten
- Minimale afnameverplichtingen
- Ondersteuningstaken van de franchisegever
- Rapportageverplichtingen
Franchiseovereenkomsten bevatten vaak vage termen zoals “redelijke ondersteuning” of “best efforts”.
Deze begrippen leiden tot interpretatieverschillen tussen partijen.
De franchisenemer verwacht bijvoorbeeld marketing ondersteuning.
De franchisegever denkt dat alleen materiaal leveren voldoende is.
Zonder concrete afspraken ontstaan er snel geschillen.
Specifieke risico’s:
- Onduidelijke beëindigingsgronden
- Vage omschrijving van intellectueel eigendom gebruik
- Onvolledige regeling van na-concurrentiebeding
Het is echt belangrijk om alle rechten en plichten concreet en meetbaar te formuleren in de overeenkomst.
Risico’s rond contractuele onzekerheden
Contractuele onzekerheden vormen een grote bedreiging voor ondernemers.
Deze ontstaan door incomplete afspraken en ontbrekende clausules.
Veel contracten hebben geen duidelijke regelingen voor wijziging van omstandigheden.
Corona liet zien hoe belangrijk force majeure clausules zijn.
Ondernemers zonder deze bescherming leden grote schade.
Veelvoorkomende onzekerheden:
- Ontbrekende prijsaanpassingsmechanismen
- Geen regeling voor geschiloplossing
- Onduidelijke bepalingen over beëindiging
Algemene voorwaarden worden vaak klakkeloos overgenomen zonder aandacht voor specifieke situaties.
Standaardcontracten passen niet altijd bij de unieke omstandigheden van franchise- of distributierelaties.
De gevolgen van contractuele onzekerheid zijn groot.
Partijen weten niet wat hun rechten zijn bij problemen.
Dit eindigt te vaak in kostbare juridische procedures.
Ondernemers zouden moeten investeren in maatwerk contracten.
Die kosten vooraf vallen meestal in het niet bij de schade van onduidelijke afspraken.
Aansprakelijkheid en wettelijke bepalingen
Ondernemers die kiezen voor franchise- of distributieovereenkomsten moeten rekening houden met verschillende aansprakelijkheidsrisico’s en wettelijke beschermingsmechanismen.
De juridische positie verschilt aanzienlijk tussen franchisenemers en distributeurs.
Aansprakelijkheidsrisico’s voor ondernemers
Bij franchiseovereenkomsten ontstaan er specifieke aansprakelijkheidsrisico’s door de nauwe samenwerking tussen franchisegever en franchisenemer. De franchisenemer moet zelf zorgen voor het naleven van operationele normen en kwaliteitseisen.
Hoofdelijke aansprakelijkheid speelt vaak een grote rol bij bepaalde contractuele afspraken. Denk aan concurrentiebedingen en geheimhoudingsverplichtingen—die krijg je niet goed geregeld zonder hoofdelijke aansprakelijkheid.
Bij distributieovereenkomsten liggen de risico’s weer net anders. Distributeurs werken meestal zelfstandiger.
Dit betekent minder operationele verplichtingen, maar ook minder bescherming. Je staat er dus wat meer alleen voor.
De mate van aansprakelijkheid hangt af van een paar dingen:
- Hoe groot en ervaren de onderneming is
- Hoe afhankelijk je bent van de leverancier
- Wat je contractueel hebt afgesproken over risicoverdeling
Specifieke wetgeving voor franchiseovereenkomsten
De Nederlandse Franchise Wet biedt franchisenemers extra bescherming. De wet erkent dat franchisenemers vaak een zwakkere positie hebben tegenover de franchisegever.
Artikel 7:911 van het Burgerlijk Wetboek stelt duidelijke eisen aan franchiseovereenkomsten. Franchisegevers moeten volledige informatie geven en mogen geen ondeugdelijke prognoses verstrekken.
Belangrijke beschermingen onder de Franchise Wet:
- Informatieverplichting voor franchisegevers
- Bescherming tegen misleidende prognoses
- Bedenktijd voor franchisenemers
- Opzegtermijnen en -procedures
Voor franchisenemers in Nederland geldt dat je niet mag afwijken van deze bepalingen als het in je nadeel werkt. Bedingen die in strijd zijn met de wet zijn gewoon nietig.
Wettelijke positie van distributeurs
Distributeurs vallen niet automatisch onder de bescherming van de Franchise Wet. Zelfs niet als hun contract erg lijkt op een franchiseovereenkomst.
De rechtbank Rotterdam heeft dit bevestigd in een zaak waarin een distributeur zich beriep op franchisejurisprudentie. De rechter wees het af, want distributeurs zijn meestal de sterkere partij.
Verschillen in juridische positie:
- Distributeurs krijgen minder wettelijke bescherming
- Ze moeten zelf hun due diligence doen
- Ze kunnen contractuele bepalingen minder makkelijk aanvechten
De juridische status van dealerovereenkomsten blijft voorlopig onzeker. Totdat er definitieve jurisprudentie is, blijft het voor alle partijen een beetje afwachten.
Opzegging en beëindiging van langdurige samenwerking
Het beëindigen van franchise- en distributieovereenkomsten vraagt om zorgvuldige juridische afweging. Ondernemers moeten goed letten op specifieke opzegtermijnen, mogelijke vergoedingen en de contractvoorwaarden.
Opzegging van franchiseovereenkomsten: regels en vereisten
Nederlandse wetgeving heeft geen aparte regels voor het opzeggen van franchiseovereenkomsten. Je moet dus zelf in het contract vastleggen wanneer en hoe je mag opzeggen.
Franchiseovereenkomsten voor bepaalde tijd zonder tussentijdse opzegregeling kun je in principe niet tussentijds opzeggen. Zo’n overeenkomst eindigt automatisch op de afgesproken einddatum of wordt gewoon verlengd.
Franchiseovereenkomsten voor onbepaalde tijd mag je tussentijds opzeggen, ook als er geen specifieke opzegregeling is. De lengte van de opzegtermijn hangt af van zaken als de duur van de samenwerking en de investeringen die zijn gedaan.
De Hoge Raad stelde in november 2024 dat een duurovereenkomst met opzegregeling in principe opzegbaar is volgens die regeling. Franchisegevers moeten wel rekening houden met mogelijke vergoedingsverplichtingen.
Beëindiging van distributieovereenkomsten: praktische aandachtspunten
Distributieovereenkomsten volgen grotendeels dezelfde regels als franchiseovereenkomsten, maar hebben hun eigen karakter. De distributeur heeft meestal meer vrijheid in zijn bedrijfsvoering.
Opzegtermijnen bij distributieovereenkomsten verschillen per sector en investering, maar liggen vaak tussen de drie en twaalf maanden. Exclusieve distributie vraagt meestal om langere termijnen.
Voorraadafname is een groot aandachtspunt. Distributeurs blijven vaak met flinke voorraden zitten na beëindiging, die ze niet zomaar kwijt kunnen.
Concurrentiebedingen zijn bij distributieovereenkomsten doorgaans minder streng dan bij franchise. De distributeur gebruikt immers niet het hele bedrijfsconcept van de leverancier.
Uitleg van redelijkheid en billijkheid bij opzegging
Het beginsel van redelijkheid en billijkheid speelt een grote rol bij het opzeggen van duurovereenkomsten. Rechters kijken altijd of de opzegging redelijk is, gezien de omstandigheden.
Belangrijke factoren waar rechters op letten zijn:
- Hoe lang partijen samenwerken
- Welke investeringen de ander heeft gedaan
- Wat partijen van elkaar mochten verwachten
- Waarom er wordt opgezegd
Een franchisegever die puur om strategische redenen opzegt, zonder dat de franchisenemer iets te verwijten valt, loopt sneller tegen een vergoedingsplicht aan. Dit geldt trouwens ook bij distributeurs die jarenlang goed hebben gepresteerd.
Te korte opzegtermijnen kunnen botsen met redelijkheid en billijkheid, zeker als er veel is geïnvesteerd en de samenwerking al lang loopt.
Vergoeding en schade bij beëindiging van duurovereenkomsten
Een vergoeding aanbieden is niet altijd verplicht bij opzegging, maar soms kan het niet anders. De Hoge Raad bevestigde in 2024 dat je een vergoeding niet per se meteen met de opzegging hoeft te betalen.
Vergoedingsplicht ontstaat sneller als:
- De opzegging volledig bij de opzegger ligt
- De andere partij flink heeft geïnvesteerd
- Er sprake is van een langdurige succesvolle samenwerking
- De ander niets te verwijten valt
Gelijktijdige vergoeding kan nodig zijn als de opzegtermijn heel kort is, of als de ander echt direct geld nodig heeft na de beëindiging.
Hoe hoog de vergoeding uitvalt, hangt af van zaken als goodwill, niet-terugverdiende investeringen en gederfde winst. Vaak moet een expert er echt even naar kijken om het bedrag goed te bepalen.
Toepassing van mededingingsrecht en marktpositie
Het mededingingsrecht stelt strenge eisen aan franchise- en distributieovereenkomsten. Ondernemers moeten oppassen voor kartelverboden en marktbeperkingen.
De wetgeving beïnvloedt direct contractuele verplichtingen, exclusiviteitsafspraken en concurrentieclausules.
Beperkingen en verplichtingen onder het mededingingsrecht
Het kartelverbod uit artikel 6 van de Mededingingswet en artikel 101 van het EU-verdrag verbiedt afspraken die de concurrentie merkbaar beperken. Franchise- en distributieovereenkomsten vallen hier ook onder.
Franchisegevers mogen franchisenemers bepaalde beperkingen opleggen. Die moeten wel noodzakelijk zijn om bijvoorbeeld know-how te beschermen of het netwerk herkenbaar te houden.
Toegestane beperkingen zijn bijvoorbeeld:
- Verplichte inkoop bij goedgekeurde leveranciers
- Eisen aan kwaliteit en standaarden
- Gebruik van voorgeschreven merknamen en huisstijl
- Training en operationele richtlijnen
Niet toegestaan zijn afspraken over:
- Vaste doorverkoopprijzen
- Verdeling van klanten of markten tussen franchisenemers
- Beperking van verkoop aan bepaalde klantgroepen
De ACM kan boetes uitdelen als je deze regels overtreedt. Contractbepalingen die in strijd zijn met het mededingingsrecht zijn automatisch nietig.
Invloed van exclusiviteit en selectieve distributie
Exclusiviteitsafspraken in distributie en franchise vragen om een zorgvuldige juridische afweging. Soms mag het, soms niet—het hangt af van de impact op de markt.
Territoriale exclusiviteit mag onder bepaalde voorwaarden. Franchisegevers kunnen franchisenemers exclusieve rechten geven voor een gebied, maar het mag de concurrentie niet te sterk beperken.
Selectieve distributie is toegestaan als:
- De productkwaliteit dat rechtvaardigt
- Criteria objectief en niet-discriminerend zijn
- Het aantal distributeurs niet kunstmatig laag wordt gehouden
| Type afspraak | Toegestaan | Voorwaarden |
|---|---|---|
| Gebiedsexclusiviteit | Ja | Proportioneel en beperkt |
| Leveranciersexclusiviteit | Beperkt | Maximum 5 jaar |
| Klantenexclusiviteit | Nee | Verboden |
Franchiseformules moeten voorzichtig zijn met strenge selectiecriteria. Je mag niet zomaar kandidaten uitsluiten zonder goede reden.
De marktpositie van de franchisegever telt zwaar mee. Grote spelers hebben minder ruimte voor exclusiviteitsafspraken dan kleinere partijen.
Risico’s rond non-concurrentiebedingen
Non-concurrentiebedingen in franchise- en distributieovereenkomsten vallen onder strikte mededingingsregels. Deze clausules kunnen zowel tijdens als na afloop van het contract gelden.
Tijdens de overeenkomst zijn concurrentiebeperkingen meestal toegestaan. Franchisenemers mogen bijvoorbeeld niet zomaar concurrerende merken verkopen.
Dit verbod moet wel echt nodig zijn om de franchiseformule te beschermen. Anders kan het te ver gaan.
Na afloop van het contract gelden strengere regels:
- Maximaal 2 jaar voor non-concurrentie
- Alleen binnen een specifiek geografisch gebied
- Uitsluitend ter bescherming van know-how
Distributeurs hebben doorgaans meer vrijheid dan franchisenemers. Ze mogen vaak concurrerende producten verkopen, behalve als het contract dit uitdrukkelijk verbiedt.
Risico’s voor ondernemers zijn onder meer:
- Nietigheid van te brede clausules
- Boetes van de ACM bij systematische overtredingen
- Schadeclaims van benadeelden
De rechter kijkt kritisch naar non-concurrentiebedingen en toetst op noodzakelijkheid en proportionaliteit. Te ruime of te lange beperkingen houden meestal geen stand.
Juridisch advies en best practices voor ondernemers
Ondernemers doen er verstandig aan om tijdig juridisch advies in te winnen bij franchise- en distributieovereenkomsten. Fouten kunnen flink in de papieren lopen.
Het loont om contracten regelmatig te updaten en kennis te houden van verschillende overeenkomsttypen. Dat maakt ondernemen net wat veiliger.
Het belang van tijdig juridisch advies
Wie te lang wacht met juridisch advies, neemt onnodige risico’s. Een advocaat kan al in de onderhandelingsfase waarschuwen voor lastige clausules.
Veel ondernemers denken dat juridisch advies alleen nodig is bij ruzie. Dat is eigenlijk zonde van het geld, want voorkomen is goedkoper dan genezen.
Belangrijke momenten om advies te vragen:
- Voor het tekenen van een contract
- Als je het netwerk uitbreidt
- Wanneer de formule verandert
- Bij het beëindigen van overeenkomsten
Een ervaren franchiseadvocaat weet waar de valkuilen liggen in jouw branche. Hij begrijpt de balans tussen de rechten van franchisegevers en franchisenemers.
Ook op het gebied van intellectuele eigendom en concurrentieverboden is advies belangrijk. Zonder goede begeleiding kun je daar flink spijt van krijgen.
Actualiseren van algemene voorwaarden
Algemene voorwaarden bij franchise- en distributieovereenkomsten moet je regelmatig laten controleren. De wet verandert en nieuwe rechtspraak kan bestaande clausules onderuit halen.
Laat contracten minstens eens per twee jaar beoordelen. Zo voorkom je dat je werkt met achterhaalde bepalingen.
Belangrijke aandachtspunten:
- Nieuwe franchisewetgeving
- Wijzigingen in consumentenbescherming
- Aanpassingen in het mededingingsrecht
- Privacy en databescherming (AVG)
Standaardcontracten van internet zijn meestal niet toereikend. Elke onderneming vraagt om maatwerk.
Een jurist kan algemene voorwaarden aanpassen aan jouw situatie. Dat voelt misschien overdreven, maar het voorkomt veel ellende.
Franchisegevers moeten ook hun formulehandboeken bijhouden. Die maken vaak deel uit van het contract en hebben juridische gevolgen.
Vergelijking met agentuurovereenkomsten
Een agentuurovereenkomst werkt wezenlijk anders dan franchise- of distributieovereenkomsten. Het is slim om die verschillen goed te snappen.
Bij een agentuurovereenkomst verkoopt de agent namens de principaal. De agent krijgt provisie en soms een klantenvergoeding bij einde van het contract.
Belangrijke verschillen:
| Aspect | Agentuurovereenkomst | Franchiseovereenkomst |
|---|---|---|
| Eigendomsrecht | Bij principaal | Bij franchisenemer |
| Risico | Beperkt voor agent | Volledig voor franchisenemer |
| Vergoeding | Provisie | Eigen winst minus fees |
| Beëindiging | Klantenvergoeding mogelijk | Meestal geen vergoeding |
Distributeurs kopen goederen in en verkopen ze door. Zij lopen meer risico dan agenten, maar hebben ook meer vrijheid.
Het is belangrijk om bewust te kiezen voor de juiste contractvorm. Een verkeerde keuze kan onverwachte verplichtingen en kosten opleveren bij het beëindigen van de samenwerking.
Veelgestelde Vragen
Ondernemers zitten vaak met vragen over franchisewetgeving, beëindiging, intellectuele eigendomsrechten en het beschermen van hun bedrijf. Praktische antwoorden zijn nodig om fouten te voorkomen.
Welke rechten en verplichtingen zijn er voor de franchisegever en franchisenemer?
De franchisegever moet bepaalde financiële informatie delen met de franchisenemer. Denk aan cijfers over de financiële positie en info over de locatie.
De franchisenemer moet ook open zijn over zijn eigen financiële situatie. Beide partijen horen zich als een goede franchisegever en franchisenemer te gedragen.
De franchisegever geeft het recht om zijn naam, merken, producten en knowhow te gebruiken. De franchisenemer moet zich aan de gemaakte afspraken houden.
De franchisenemer werkt voor eigen rekening en risico. Hij is geen werknemer, maar een zelfstandige ondernemer.
Hoe kan ik een distributieovereenkomst correct beëindigen?
Voor distributieovereenkomsten gelden de standaardregels voor duurovereenkomsten. Je moet meestal een opzegtermijn van minstens drie maanden aanhouden.
Soms heb je een goede reden nodig om op te zeggen, afhankelijk van het contract. Check altijd de bepalingen.
Bij beëindiging kan financiële compensatie of schadevergoeding nodig zijn. De distributeur kan recht hebben op vergoeding voor investeringen of goodwill.
Als de andere partij het contract breekt, kun je vaak eerder stoppen. Dan is juridisch advies echt verstandig.
Wat zijn de wettelijke vereisten voor het opstellen van een franchiseovereenkomst in Nederland?
Het Burgerlijk Wetboek heeft specifieke regels voor franchiseovereenkomsten. Die gelden automatisch, hoe je het contract ook noemt.
Je moet verplicht informatie geven vóór het tekenen. Financiële gegevens en locatie-informatie zijn daarbij onmisbaar.
Het contract moet afspraken bevatten over duur, formule en merkgebruik. Ook vergoedingen, non-concurrentie en beëindiging horen erin.
Exclusiviteit en instemmingsrechten vragen om duidelijke afspraken. Leg geschilbeslechting ook vast.
Hoe worden intellectuele eigendomsrechten geregeld binnen franchise- en distributieovereenkomsten?
In franchiseovereenkomsten mag de franchisenemer merken, logo’s en knowhow gebruiken. Die rechten blijven wel eigendom van de franchisegever.
De franchisenemer moet zich houden aan de richtlijnen van de franchisegever. Wijkt hij daar vanaf, dan kan dat contractbreuk zijn.
Bij distributieovereenkomsten blijft de distributeur onder zijn eigen naam werken. Hij mag merken van de leverancier maar beperkt gebruiken.
Na beëindiging moet je alle intellectuele eigendomsrechten teruggeven. Voor resterende voorraden met merken zijn vaak aparte afspraken nodig.
Op welke manier kan ik mijn belangen als ondernemer beschermen bij het internationaal uitbreiden via franchising?
Maak in het contract duidelijk welke wet geldt en waar je een conflict uitvecht. Dat voorkomt veel onduidelijkheid.
De lokale wetgeving in het buitenland kan flink afwijken van de Nederlandse regels. Juridisch advies per land is dus geen overbodige luxe.
Leg valutarisico’s en betalingsafspraken goed vast. Wisselkoersen kunnen je winst behoorlijk beïnvloeden.
Kwaliteitscontrole en het naleven van standaarden worden lastiger als je over de grens werkt. Zorg dat de procedures en sancties duidelijk zijn.
Wat zijn de consequenties van het niet naleven van een non concurrentiebeding in een franchiseovereenkomst?
Overtreding van het concurrentiebeding kan ervoor zorgen dat je franchiseovereenkomst direct stopt. De franchisegever hoeft dan helemaal geen opzegtermijn te hanteren.
De franchisegever mag schadevergoeding eisen. Denk aan gemiste omzet of reputatieschade bij andere franchisenemers.
Vaak volgt er ook een dwangsom per dag of per overtreding. Dat bedrag kan best snel oplopen als je blijft doorgaan.
Het non-concurrentiebeding stopt meestal niet meteen na het einde van de overeenkomst. Vaak geldt het nog een tijdje en is het beperkt tot een bepaald gebied, anders houdt het juridisch geen stand.