facebook lawandmore.nl   instagram lawandmore.nl   linkedin lawandmore.nl   twitter lawandmore.nl

Afspraak

Law & More Logo

Wanneer u een internationale relatie heeft en er een conflict ontstaat over de kinderen, kan onduidelijkheid ontstaan over welke rechter bevoegd is. Dit is geen simpele kwestie, want verschillende landen hebben verschillende regels en procedures.

Het antwoord hangt af van meerdere factoren, zoals waar uw kinderen wonen en wat de omstandigheden van uw gezin zijn.

Een rechter zit aan een bureau in een rechtszaal met Nederlandse kinderen en volwassenen rondom haar.

De rechter van het land waar uw kinderen hun gewone verblijfplaats hebben, is in de meeste gevallen bevoegd om beslissingen te nemen over gezag, hoofdverblijfplaats en omgang. Dit betekent dat niet automatisch de Nederlandse rechter bevoegd is, zelfs als uw kinderen de Nederlandse nationaliteit hebben.

De gewone verblijfplaats wordt bepaald aan de hand van concrete feiten zoals de duur van het verblijf, schoolbezoek, sociale banden en uw intenties als gezin.

In dit artikel krijgt u duidelijkheid over de regels rond internationale bevoegdheid bij kindconflicten. U leest welke factoren bepalen welke rechter bevoegd is, welk recht van toepassing wordt, en hoe u strategische keuzes kunt maken.

Ook komen praktische voorbeelden aan bod die laten zien hoe rechters in de praktijk beslissen.

Basisprincipes van internationale bevoegdheid bij familiezaken

Een rechter die documenten bekijkt terwijl een diverse familie met Nederlandse kinderen in een moderne rechtszaal aanwezig is.

Bij internationale familieconflicten bepalen specifieke regels welke rechter bevoegd is om een beslissing te nemen. De Europese Unie heeft hiervoor duidelijke kaders vastgesteld die aangeven wanneer de Nederlandse rechtbank rechtsmacht heeft.

Definitie van internationale rechtsmacht

Internationale rechtsmacht gaat over de vraag welke nationale rechter de bevoegdheid heeft om in een internationale zaak een vonnis te wijzen. Dit verschilt van gewone bevoegdheid binnen Nederland.

Als u een conflict heeft over uw kinderen en er spelen internationale aspecten, moet eerst worden vastgesteld of de Nederlandse rechter überhaupt mag beslissen. De rechter onderzoekt daarbij welke aanknopingspunten er zijn met Nederland.

Bij familiezaken speelt vooral de vraag waar uw kinderen wonen. De jurisdictie hangt af van concrete feiten zoals woonplaats, verblijfsduur en sociale binding.

Verschillende rechtsstelsels kunnen van toepassing zijn afhankelijk van deze omstandigheden.

Juridische bronnen en regelgeving

De belangrijkste regelgeving voor internationale familiezaken vindt u in Europese verordeningen. Brussel II-ter is de centrale Europese verordening die regelt welke rechter bevoegd is bij kinderzaken.

Deze Europese regelgeving geldt direct in alle EU-lidstaten. U hoeft dus niet te zoeken in verschillende nationale wetten.

Het internationaal privaatrecht vormt het juridische kader waarbinnen deze regels werken. Daarnaast speelt het Nederlandse Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) een rol.

Dit wetboek bevat aanvullende regels over rechtsmacht wanneer Europese regelgeving niet van toepassing is.

Rol van Nederlandse wetgeving en EU-verordeningen

De Europese Unie heeft voorrang op Nederlandse wetgeving bij internationale familiezaken binnen Europa. Als u dus een conflict heeft met een ex-partner in een EU-land, gelden eerst de Europese regels.

De rechtbank in Nederland past deze Europese verordening direct toe. Uw rechter moet eerst onderzoeken of de EU-regels van toepassing zijn voordat hij kijkt naar nationale wetgeving.

Buiten de EU gelden andere regels. Dan gebruikt de Nederlandse rechter het Rv en kijkt naar internationale verdragen.

De rechten van toepassing verschillen dus per situatie. Bij twijfel bepaalt de rechtbank aan de hand van alle relevante feiten en omstandigheden welk rechtsstelsel van toepassing is.

Welke rechter is bevoegd bij conflicten rondom Nederlandse kinderen?

Een advocaat bespreekt juridische documenten met een moeder en haar kind in een kantoor met een wereldkaart en een Nederlandse vlag.

Bij conflicten over Nederlandse kinderen in internationale relaties bepaalt de gewone verblijfplaats van het kind welke rechter bevoegd is. De nationaliteit van uw kind speelt daarbij een minder belangrijke rol dan u misschien denkt.

Hoofdregel: gewone verblijfplaats van het kind

De Brussel II-ter verordening regelt welke rechter bevoegd is bij geschillen over gezag, hoofdverblijfplaats en zorgregeling. De rechter van het land waar uw kind zijn gewone verblijfplaats heeft, is bevoegd om een beslissing te nemen.

De gewone verblijfplaats wordt bepaald op het moment dat u het verzoekschrift bij de rechtbank indient. Als uw kinderen op dat moment in Nederland wonen, heeft de Nederlandse rechter rechtsmacht.

Wonen ze in een ander land, dan heeft de rechter van dat land rechtsmacht. De rechter kijkt naar verschillende factoren om de gewone verblijfplaats vast te stellen.

Het gaat om de duur en regelmatigheid van het verblijf, de nationaliteit van het kind, waar het naar school gaat, de talenkennis en de familiale banden. Ook de intentie om ergens duurzaam te blijven wonen speelt een rol.

Uitzonderingen op de hoofdregel

Er bestaan uitzonderingen op de hoofdregel van gewone verblijfplaats. Als één ouder het kind zonder toestemming van de andere ouder naar een ander land verhuist, betekent dit niet automatisch dat de bevoegdheid verschuift.

In een zaak bij de rechtbank Rotterdam keerde een moeder met haar kind zonder toestemming terug naar Nederland vanuit Frankrijk. De rechter oordeelde dat het kind nog steeds zijn gewone verblijfplaats in Frankrijk had.

De moeder had geen werk in Nederland, woonde tijdelijk bij haar ouders en had niet de intentie om permanent te blijven. U kunt in sommige gevallen gezamenlijk afspraken maken over welke rechter bevoegd is (een forumkeuzebeding).

Dit is echter niet altijd mogelijk bij geschillen over kinderen, omdat het belang van het kind voorop staat.

Relevantie van nationaliteit en woonplaats

De Nederlandse nationaliteit van uw kinderen is niet doorslaggevend voor de bevoegdheid. Ook als uw Nederlandse kinderen in het buitenland wonen, kan de buitenlandse rechter bevoegd zijn.

De woonplaats telt zwaarder dan het paspoort dat uw kind heeft. Dit betekent dat u niet automatisch naar de Nederlandse rechter kunt gaan alleen omdat uw kind een Nederlands paspoort heeft.

De concrete leefomstandigheden en het centrum van het leven van uw kind bepalen welke rechter bevoegd is. Bij internationale geschillen moet u dus goed onderzoeken waar uw kind daadwerkelijk zijn gewone verblijfplaats heeft.

Dit voorkomt dat u een procedure start bij een rechter die zich uiteindelijk onbevoegd verklaart.

Toepasselijk recht in internationale familiezaken

Het toepasselijke recht bepaalt welke wetten de rechter gebruikt bij een beslissing over uw gezin. Dit kan Nederlands recht zijn, maar ook het recht van een ander land.

Vaststellen van het toepasselijke recht

De rechter kijkt naar meerdere factoren om te bepalen welk recht geldig is in uw zaak. Internationaal privaatrecht bevat de regels die hierbij helpen.

U moet weten dat de bevoegde rechter niet altijd het recht van zijn eigen land toepast. Een Nederlandse rechter kan dus buitenlands recht gebruiken als de situatie daarom vraagt.

De belangrijkste factoren zijn:

  • Gewone verblijfplaats van u en uw kinderen
  • Nationaliteit van beide ouders
  • Gemeenschappelijke keuze voor een bepaald rechtsstelsel
  • Eerdere verblijfplaatsen van het gezin

Nederlandse versus buitenlandse rechtsregels

Nederlands recht geldt meestal als uw kinderen hun gewone verblijfplaats in Nederland hebben. Buitenlands recht kan van toepassing zijn bij een sterke band met een ander land.

De rechter beoordeelt of Nederlands familierecht of buitenlands recht het meest passend is. Dit hangt af van uw specifieke omstandigheden.

Let op: buitenlands recht kan andere regels hebben over gezag, omgang en onderhoud. De Nederlandse rechter moet dit buitenlandse recht dan eerst onderzoeken en correct toepassen in uw zaak.

Conflictregels en hun toepassing

Conflictregels zijn internationale afspraken die bepalen welk recht voorrang krijgt. Deze regels staan in Europese verordeningen en verdragen.

De belangrijkste bronnen zijn:

  • Brussel II-ter verordening voor gezag en omgang
  • Haags Kinderbeschermingsverdrag voor beschermingsmaatregelen
  • Haags Onderhoudsprotocol voor alimentatie

Deze conflictregels zorgen voor duidelijkheid wanneer meerdere landen betrokken zijn. De rechter past deze regels toe voordat hij beslist welk recht geldt voor uw situatie.

Praktische voorbeelden en bijzondere situaties in internationale kindzaken

De rechter bepaalt aan de hand van concrete feiten welk land bevoegd is om te beslissen over kinderen. Bij internationale relaties spelen factoren zoals de gewone verblijfplaats, nationaliteit en de omstandigheden van een verhuizing een cruciale rol in de bevoegdheidsvraag.

Scheidingen met internationale component

Bij een echtscheiding met internationale aspecten moet u weten dat de bevoegdheid van de rechter afhangt van waar uw kinderen wonen. De rechter van het land waar de kinderen hun gewone verblijfplaats hebben, krijgt de rechtsmacht.

De gewone verblijfplaats wordt bepaald door verschillende factoren. De rechter kijkt naar de duur van het verblijf, waar het kind naar school gaat en welke taal het spreekt.

Ook de sociale en familiale banden in een land spelen een rol.

Belangrijke criteria voor gewone verblijfplaats:

  • Duur en regelmatigheid van het verblijf
  • Schoolbezoek en taalkennis
  • Familiale en sociale banden
  • Intentie om permanent te blijven

Een voorbeeld: een moeder verhuisde met haar kind van Nederland naar Frankrijk. Later keerde zij zonder toestemming van de vader terug naar Nederland.

De rechtbank Rotterdam oordeelde dat het kind nog steeds de gewone verblijfplaats in Frankrijk had. De moeder had geen werk in Nederland en woonde tijdelijk bij haar ouders.

Het was niet de bedoeling dat het kind daar naar school zou gaan. De Nederlandse rechter was daarom niet bevoegd.

Grensoverschrijdende verhuizing en kinderontvoering

Een verhuizing naar het buitenland zonder toestemming van de andere ouder kan als kinderontvoering worden beschouwd. Bij internationale kinderontvoering speelt het Haags Kinderontvoeringsverdrag een belangrijke rol.

Als één ouder het kind naar een ander land brengt zonder toestemming, kan de achterblijvende ouder vervangende toestemming vragen. De rechter bepaalt dan of de verhuizing mag plaatsvinden.

Bij een weigering moet het kind terugkeren naar het land van de gewone verblijfplaats. De intentie om te blijven is cruciaal.

Verblijft u tijdelijk in een land zonder concrete plannen voor werk of school? Dan behoudt het kind waarschijnlijk de gewone verblijfplaats in het land van herkomst.

Omgangsregeling en gezag bij dubbele nationaliteit

Een dubbele nationaliteit van uw kind betekent niet automatisch dat er sprake is van forumkeuze tussen twee landen. De gewone verblijfplaats blijft het uitgangspunt voor de bevoegdheid van de rechter.

Bij het opstellen van alimentatie-afspraken en een omgangsregeling in een internationaal geschil moet u rekening houden met de praktische uitvoerbaarheid. Een omgangsregeling met veel reizen tussen landen vraagt om duidelijke afspraken over reiskosten en logistiek.

Aandachtspunten bij internationale omgangsregelingen:

  • Verdeling van reiskosten
  • Vakantieperiodes en feestdagen
  • Paspoortbeheer en reisdocumenten
  • Communicatiemogelijkheden tussen bezoeken

Beide ouders houden in principe het gezag, ook als zij in verschillende landen wonen. Voor belangrijke beslissingen over het kind is toestemming van beide ouders nodig.

Bij onenigheid beslist de rechter van het land waar het kind de gewone verblijfplaats heeft.

Erkenning en tenuitvoerlegging van buitenlandse rechterlijke uitspraken

Een buitenlands vonnis heeft niet automatisch kracht in Nederland. Er gelden specifieke voorwaarden en procedures voordat een buitenlandse rechterlijke uitspraak kan worden erkend of ten uitvoer gelegd op Nederlands grondgebied.

Voorwaarden en procedure in Nederland

Als u een gunstige veroordelende rechterlijke beslissing buiten de EU hebt verkregen, kunt u deze niet zonder meer ten uitvoer leggen in Nederland. U moet eerst naar de Nederlandse rechter stappen voor erkenning en tenuitvoerlegging.

Artikel 431 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) vormt de basis voor deze procedure. De Nederlandse rechter toetst of de buitenlandse beslissing aan bepaalde eisen voldoet.

Deze zogenoemde Gazprombank-criteria bepalen of uw vonnis geldig is in Nederland.

De belangrijkste voorwaarden zijn:

  • De buitenlandse rechter was bevoegd volgens Nederlands recht
  • De procedure in het buitenland voldeed aan beginselen van een behoorlijke rechtsgang
  • Het vonnis is niet in strijd met de Nederlandse openbare orde
  • Er bestaat geen onverenigbaar Nederlands vonnis over dezelfde zaak

De Nederlandse rechter is onbevoegd als een buitenlandse beslissing al vatbaar is voor erkenning en tenuitvoerlegging volgens artikel 12 Rv.

Tenuitvoerlegging van buitenlandse vonnissen

Het proces van tenuitvoerlegging verschilt per land van herkomst. Voor vonnissen uit landen waarmee Nederland geen verdrag heeft, geldt de procedure via artikel 431 Rv als standaardroute.

U dient een exequaturprocedure te starten bij de Nederlandse rechtbank. Dit is een formeel verzoek om het buitenlandse vonnis uitvoerbaar te verklaren.

De rechter beoordeelt of aan alle voorwaarden is voldaan. Een buitenlands vonnis kan pas ten uitvoer worden gelegd nadat de Nederlandse rechter dit heeft toegestaan.

Zonder deze toestemming heeft het vonnis geen juridische kracht in Nederland. Dit geldt voor alle soorten vorderingen, van financiële eisen tot beslissingen over ouderlijk gezag.

De Staatscommissie voor het Internationaal Privaatrecht heeft advies uitgebracht over mogelijke herziening van artikel 431 Rv. Dit onderzoek bekijkt hoe Nederland omgaat met internationale geschillen vergeleken met andere landen.

Samenwerking binnen de Europese Unie

Binnen de Europese Unie gelden eenvoudigere regels voor erkenning en tenuitvoerlegging. Een rechterlijke beslissing uit een EU-lidstaat wordt bijna automatisch erkend in Nederland.

Voor niet-betwiste schuldvorderingen bestaat een versnelde procedure. U kunt deze beslissingen eenvoudiger laten erkennen en ten uitvoer leggen dan vonnissen uit landen buiten de EU.

EU-verordeningen zorgen voor uniforme regels over wederzijdse erkenning. Deze harmonisatie maakt het gemakkelijker om rechten af te dwingen over grenzen heen.

U hoeft geen volledige exequaturprocedure te doorlopen zoals bij vonnissen uit derde landen.

De samenwerking binnen Europa richt zich op wederzijds vertrouwen tussen rechtsstelsels. Dit betekent dat procedures sneller verlopen en kosten lager zijn bij geschillen met een internationale dimensie.

De rol van advocaten en strategische keuzes bij internationale familiezaken

Bij internationale geschillen over kinderen zijn juridische keuzes bepalend voor de uitkomst. Advocaten beoordelen welke rechter bevoegd is en welke strategie de beste bescherming biedt voor uw positie en die van uw kinderen.

Advocaten internationaal familierecht

Advocaten internationaal familierecht hebben specifieke kennis van zowel Nederlands als buitenlands recht. Zij bepalen welke rechter bevoegd is en welk recht van toepassing is op uw situatie.

Dit vereist begrip van internationale verdragen en Europese verordeningen. Deze advocaten werken vaak in zaken waarbij ouders in verschillende landen wonen of verschillende nationaliteiten hebben.

Zij onderzoeken of de Nederlandse rechter bevoegd is of dat een buitenlandse rechtbank de zaak moet behandelen. Een gespecialiseerde advocaat beoordeelt ook of buitenlandse beslissingen in Nederland erkend worden.

Dit is belangrijk wanneer er al uitspraken zijn gedaan in een ander land over gezag of omgang. Zij zorgen dat afspraken juridisch uitvoerbaar zijn in alle relevante landen.

Forumkeuze en forumkeuzebeding als strategie

Forumkeuze betekent dat u bepaalt in welk land u een procedure start. Wanneer meerdere rechters bevoegd zijn, heeft de rechter waar u als eerste een procedure start meestal voorrang binnen de EU.

Deze keuze beïnvloedt het toepasselijke recht, de duur van de procedure en de kosten. Snel handelen voorkomt dat de andere ouder eerder een zaak start in een voor u ongunstig land.

Uw advocaat beoordeelt strategisch waar u de beste kansen heeft op een uitspraak die uw belangen en die van de kinderen beschermt.

Een forumkeuzebeding is een afspraak tussen ouders over welke rechter geschillen behandelt. Dit kan in huwelijkse voorwaarden of andere internationale afspraken worden vastgelegd.

Zo’n beding moet wel voldoen aan wettelijke eisen om geldig te zijn.

Samenwerking tussen Nederlandse en buitenlandse advocaten

Bij internationale geschillen werken Nederlandse advocaten vaak samen met advocaten in andere landen. Dit is nodig wanneer procedures in meerdere landen tegelijk lopen of wanneer buitenlandse uitspraken moeten worden erkend.

U houdt één Nederlandse advocaat als vast aanspreekpunt. Deze coördineert de communicatie met buitenlandse advocaten en zorgt dat alle juridische stappen op elkaar zijn afgestemd.

Dit voorkomt verwarring en tegenstrijdige beslissingen. De samenwerking tussen advocaten is vooral belangrijk bij internationale afspraken over omgang of gezag.

Uitspraken moeten in beide landen erkend en uitgevoerd kunnen worden. Zonder goede coördinatie ontstaan er praktische problemen die de kinderen belasten.

Veelgestelde Vragen

De bevoegdheid van rechters bij internationale geschillen over kinderen hangt af van specifieke wettelijke criteria en internationale regels. De gewone verblijfplaats van het kind speelt hierbij de belangrijkste rol.

Hoe wordt de bevoegde rechter bepaald bij een conflict in internationale relaties met Nederlandse kinderen?

De rechter van het land waar uw kind woont op het moment van het indienen van het verzoekschrift is bevoegd. Dit heet de gewone verblijfplaats van het kind.

De gewone verblijfplaats wordt bepaald aan de hand van verschillende factoren. De rechter kijkt naar de duur van het verblijf, de regelmatigheid, en de omstandigheden waaronder uw kind in een land verblijft.

Ook de redenen van de verhuizing spelen een rol. Andere belangrijke factoren zijn de nationaliteit van uw kind, waar het naar school gaat, en de talenkennis.

De familiale en sociale banden in het land worden ook meegewogen. De intentie om permanent in een land te blijven is bepalend voor de gewone verblijfplaats.

Als uw kind in Nederland woont bij het indienen van het verzoek, is de Nederlandse rechter bevoegd. Woont uw kind in het buitenland, dan is de rechter van dat land bevoegd.

Welke wetgeving is van toepassing op grensoverschrijdende geschillen met betrekking tot kinderen in Nederland?

De Brussel II-ter verordening is de belangrijkste wetgeving voor internationale kinderzaken. Artikel 7 van deze verordening bepaalt welke rechter rechtsmacht heeft bij beslissingen over gezag, hoofdverblijfplaats en zorgregelingen.

Deze Europese regelgeving zorgt voor duidelijkheid in grensoverschrijdende situaties binnen de EU. De verordening heeft voorrang op nationale wetgeving bij internationale geschillen.

Uw advocaat moet deze regels toepassen naast het Nederlandse familierecht. De rechter moet alle relevante feiten en omstandigheden van uw specifieke situatie onderzoeken.

Het gaat niet alleen om waar uw kind fysiek verblijft, maar ook om de context en de intentie van het verblijf.

Op welke manier wordt de rechtsmacht van Nederlandse rechters vastgesteld in internationale familiezaken?

De Nederlandse rechter onderzoekt eerst waar de gewone verblijfplaats van uw kind zich bevindt. Dit gebeurt op het moment dat u uw verzoekschrift indient bij de rechtbank.

De rechter kijkt naar concrete feiten zoals waar uw kind school gaat en bij wie het woont. Ook worden uw intenties als ouders onderzocht.

Als één ouder tijdelijk met het kind naar Nederland verhuist zonder de intentie om te blijven, kan de gewone verblijfplaats nog steeds in het buitenland liggen. Een voorbeeld hieruit is een uitspraak van de rechtbank Rotterdam uit mei 2025.

Een moeder keerde met haar kind terug naar Nederland na een verhuizing naar Frankrijk, maar woonde tijdelijk bij haar ouders. Ze had geen werk in Nederland en het was niet de bedoeling dat het kind in Nederland naar school zou blijven gaan.

De rechter oordeelde dat de gewone verblijfplaats nog steeds in Frankrijk lag. De Nederlandse rechter moet zich onbevoegd verklaren als de gewone verblijfplaats van uw kind in een ander land ligt.

In dat geval moet u bij de buitenlandse rechter zijn.

Wat zijn de procedures voor het behandelen van internationale kinderbeschermingszaken in Nederland?

U dient een verzoekschrift in bij de rechtbank als u een beslissing wilt over gezag, hoofdverblijfplaats of een zorgregeling. De rechtbank onderzoekt meteen of zij bevoegd is om over uw zaak te beslissen.

De rechter vraagt alle relevante stukken en informatie op over de verblijfplaats van uw kind. U moet aantonen waar uw kind woont, naar school gaat, en waar de sociale en familiale banden liggen.

Ook moet u duidelijk maken wat uw intenties zijn voor de toekomst. Als de Nederlandse rechter bevoegd is, volgt de normale procedure voor kinderzaken.

Dit betekent dat de Raad voor de Kinderbescherming kan worden ingeschakeld. Er kunnen zittingen plaatsvinden waarbij beide ouders hun standpunt kunnen toelichten.

Bij twijfel over de bevoegdheid kan de procedure langer duren. De rechter moet dan eerst uitgebreid onderzoeken waar de gewone verblijfplaats van uw kind ligt voordat inhoudelijk besloten wordt.

Hoe wordt het internationaal privaatrecht toegepast bij conflicten over Nederlandse kinderen tussen ouders in verschillende landen?

Het internationaal privaatrecht bepaalt welke rechter bevoegd is en welk recht van toepassing is. Bij kinderzaken is de rechter van de gewone verblijfplaats van het kind bevoegd op grond van de Brussel II-ter verordening.

De bevoegde rechter past meestal het eigen nationale recht toe op de inhoudelijke vragen. Als de Nederlandse rechter bevoegd is, wordt dus Nederlands familierecht toegepast op kwesties zoals gezag en omgang.

Dit betekent dat de Nederlandse wetten over ouderlijk gezag en de belangen van het kind leidend zijn. U moet rekening houden met twee gescheiden vragen: welke rechter is bevoegd en welk recht wordt toegepast.

Deze vragen worden niet altijd op dezelfde manier beantwoord. De rechter zoekt naar een nauwe band tussen het geschil en het land.

Dit uitgangspunt zorgt ervoor dat de meest geschikte rechter uw zaak behandelt.

Welke invloed hebben internationale verdragen op het gezag en omgangsregelingen van Nederlandse kinderen bij grensoverschrijdende conflicten?

De Bru

Privacy Settings
We use cookies to enhance your experience while using our website. If you are using our Services via a browser you can restrict, block or remove cookies through your web browser settings. We also use content and scripts from third parties that may use tracking technologies. You can selectively provide your consent below to allow such third party embeds. For complete information about the cookies we use, data we collect and how we process them, please check our Privacy Policy
Youtube
Consent to display content from - Youtube
Vimeo
Consent to display content from - Vimeo
Google Maps
Consent to display content from - Google
Spotify
Consent to display content from - Spotify
Sound Cloud
Consent to display content from - Sound

facebook lawandmore.nl   instagram lawandmore.nl   linkedin lawandmore.nl   twitter lawandmore.nl