Etikettering van levensmiddelen: welke vermeldingen zijn verplicht?

Blanco etiketrol op een verpakkingslijn naast gesealde zakjes

Gepubliceerd op 9 november 2025 · Laatst bijgewerkt op 9 oktober 2026

Op voorverpakte levensmiddelen moeten de vermeldingen van artikel 9 van Verordening (EU) nr. 1169/2011 staan, zoals de benaming, de ingrediëntenlijst met benadrukte allergenen, de houdbaarheidsdatum en de voedingswaardevermelding. Voor een aantal producten geldt een uitzondering, bijvoorbeeld voor verse onbewerkte groente en fruit, die geen ingrediëntenlijst nodig hebben.

Het gaat in de praktijk vaak mis bij allergenen, bij claims en bij de leesbaarheid. In dit artikel leest u welke regels gelden, welke uitzonderingen bestaan en wat er gebeurt als de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) een fout vindt.

Iemand bekijkt aandachtig verpakte levensmiddelen in een heldere, moderne omgeving.

Welke regels gelden voor de etikettering van levensmiddelen?

De basis is Verordening (EU) nr. 1169/2011, ook wel de EU-verordening voedselinformatie genoemd, die rechtstreeks in Nederland geldt. In Nederland werkt het Warenwetbesluit informatie levensmiddelen een aantal punten uit, zoals de taal en de regels voor niet-voorverpakte producten.

Daarnaast gelden aparte verordeningen, zoals Verordening (EG) nr. 1924/2006 voor voedings- en gezondheidsclaims en de regels voor biologische producten. Artikel 7 van Verordening 1169/2011 bepaalt dat voedselinformatie nooit misleidend mag zijn, bijvoorbeeld over samenstelling, herkomst of eigenschappen die alle vergelijkbare producten hebben.

Wie is verantwoordelijk voor het etiket?

Verantwoordelijk is de exploitant onder wiens naam of handelsnaam het product in de EU op de markt komt, of bij producten van buiten de EU de importeur (artikel 8 lid 1 Verordening 1169/2011). Die exploitant zorgt dat de informatie aanwezig en juist is.

Ook een winkel of groothandel heeft een eigen plicht. Zij mag geen levensmiddelen leveren waarvan zij weet of moet vermoeden dat ze niet aan de regels voldoen, en mag de informatie niet zelf wijzigen als de consument daardoor wordt misleid (artikel 8 leden 3 en 4). Wie onder een eigen huismerk verkoopt, is zelf verantwoordelijk.

Welke vermeldingen zijn verplicht?

Artikel 9 noemt de verplichte vermeldingen. Op een voorverpakt product staan in elk geval:

  • de benaming van het levensmiddel;
  • de ingrediëntenlijst, in afnemende volgorde van gewicht;
  • de allergenen uit bijlage II, die in de ingrediëntenlijst worden benadrukt, bijvoorbeeld met vet of een andere letter (artikel 21);
  • de hoeveelheid van ingrediënten die in de benaming of afbeelding worden benadrukt (QUID, artikel 22);
  • de nettohoeveelheid;
  • de datum van minimale houdbaarheid (“ten minste houdbaar tot”) of de uiterste consumptiedatum (“te gebruiken tot”);
  • bijzondere bewaar- of gebruiksvoorschriften, als die nodig zijn;
  • naam en adres van de verantwoordelijke exploitant;
  • het land van oorsprong, als dat verplicht is (artikel 26);
  • het alcoholvolumegehalte bij dranken met meer dan 1,2 procent alcohol;
  • de voedingswaardevermelding.

Bijlage II noemt veertien groepen allergenen, waaronder gluten bevattende granen, schaaldieren, ei, vis, pinda, soja, melk, noten, selderij, mosterd, sesamzaad, sulfiet, lupine en weekdieren. Ook bij niet-voorverpakte producten, zoals in de horeca of bij de bakker, moet de allergeneninformatie beschikbaar zijn (artikel 44).

Een bureau met juridische documenten, een hamer en verpakte levensmiddelen die samen het juridisch kader voor etikettering van voedsel voorstellen.

Welke producten hebben geen ingrediëntenlijst nodig?

Artikel 19 Verordening 1169/2011 stelt een aantal producten vrij van de ingrediëntenlijst. Het gaat om producten waarbij de lijst de consument niets extra vertelt.

  • verse groenten en vruchten, inclusief aardappelen, die niet geschild of gesneden zijn;
  • koolzuurhoudend water, als de benaming vermeldt dat koolzuur is toegevoegd;
  • azijn uit één enkel basisproduct, zonder andere ingrediënten;
  • kaas, boter en gefermenteerde melk of room, waaraan alleen melkproducten, enzymen, culturen en bij kaas zout zijn toegevoegd;
  • levensmiddelen die uit één ingrediënt bestaan, als de benaming gelijk is aan de naam van dat ingrediënt.

Dranken met meer dan 1,2 procent alcohol hoeven ook geen ingrediëntenlijst en voedingswaardevermelding te hebben (artikel 16 lid 4). Voor verpakkingen waarvan het grootste vlak kleiner is dan 10 cm² zijn alleen de benaming, allergenen, nettohoeveelheid en datum verplicht op het etiket (artikel 16 lid 2). Let op: ook als de ingrediëntenlijst vervalt, blijven allergenen vermeldingsplichtig (artikel 9 lid 1 sub c en artikel 21 lid 1).

Wat moet er in de voedingswaardevermelding staan?

De verplichte voedingswaardevermelding bevat de energiewaarde en de hoeveelheden vet, verzadigde vetzuren, koolhydraten, suikers, eiwitten en zout (artikel 30 lid 1). De waarden worden uitgedrukt per 100 gram of per 100 milliliter (artikel 32).

Vezels, enkelvoudig onverzadigde vetzuren en enkele andere stoffen mogen vrijwillig worden vermeld. Bijlage V noemt producten die geen voedingswaardevermelding hoeven te hebben, zoals onverwerkte producten met één ingrediënt en ambachtelijke producten die de fabrikant in kleine hoeveelheden rechtstreeks aan de consument of aan een lokale winkel levert. De Nutri-Score is in Nederland een vrijwillig logo; gebruikt u hem, dan moet u de rekenregels juist toepassen.

Wanneer mag u een voedings- of gezondheidsclaim gebruiken?

Een voedings- of gezondheidsclaim mag alleen als die is toegelaten en u aan de voorwaarden voldoet (Verordening (EG) nr. 1924/2006). Claims die niet in de bijlage of in het EU-register staan, zijn verboden.

Een voedingsclaim zoals “rijk aan vezels” of “zoutarm” mag alleen als het product aan de drempelwaarden in de bijlage van die verordening voldoet. Gezondheidsclaims, zoals “calcium is nodig voor het behoud van normale botten”, moeten letterlijk of bijna letterlijk aansluiten bij een toegelaten claim, onder meer uit Verordening (EU) nr. 432/2012. Claims dat een levensmiddel een ziekte voorkomt of geneest, zijn verboden (artikel 7 lid 3 Verordening 1169/2011).

Hoe moet het etiket leesbaar zijn?

De verplichte vermeldingen moeten worden gedrukt in een letter met een x-hoogte van ten minste 1,2 mm; is het grootste vlak van de verpakking kleiner dan 80 cm², dan ten minste 0,9 mm (artikel 13 lid 2 en 3). De benaming, nettohoeveelheid en het alcoholgehalte moeten in hetzelfde gezichtsveld staan (artikel 13 lid 5).

In Nederland moeten de verplichte vermeldingen in het Nederlands staan; een vertaling met een sticker is toegestaan als die goed vastzit en niets verbergt. De informatie moet goed zichtbaar en onuitwisbaar zijn en mag niet worden verborgen door andere tekst of afbeeldingen.

Iemand bekijkt aandachtig het etiket van een voedingsproduct in een keuken of supermarkt.

Wat gebeurt er als het etiket niet klopt?

De NVWA houdt toezicht en kan bij een overtreding een schriftelijke waarschuwing geven, een bestuurlijke boete op grond van de Warenwet opleggen of een last onder dwangsom opleggen. De hoogte van een boete hangt af van het soort overtreding en of het om herhaling gaat.

Gaat het om een veiligheidsrisico, zoals een allergeen dat niet op het etiket staat, dan moet het bedrijf het product uit de handel nemen, zo nodig terugroepen en de NVWA direct informeren (artikel 19 Verordening (EG) nr. 178/2002). Tegen een boetebesluit kunt u binnen zes weken bezwaar maken (artikel 6:7 Algemene wet bestuursrecht). Daarnaast kunnen afnemers schade verhalen als een etiketteringsfout leidt tot een terugroepactie, afhankelijk van wat in het contract is afgesproken.

Waar let u als producent of importeur op?

  • Controleer elk etiket op alle vermeldingen van artikel 9 en de benadrukking van allergenen.
  • Toets claims aan het EU-register en de voorwaarden van Verordening 1924/2006.
  • Meet de x-hoogte: ten minste 1,2 mm, of 0,9 mm bij een grootste vlak onder 80 cm².
  • Leg in leverancierscontracten vast wie verantwoordelijk is voor de juistheid van de etiketgegevens.
  • Zorg voor een terugroepprocedure die direct melding bij de NVWA mogelijk maakt.

Waar let u als winkelier of horecaondernemer op?

  • Verkoop geen producten waarvan u weet of moet vermoeden dat het etiket niet klopt.
  • Zorg dat allergeneninformatie ook voor niet-voorverpakte producten beschikbaar is.
  • Controleer bij geïmporteerde producten of een Nederlandse vertaling aanwezig is.
  • Wijzig de etiketinformatie niet zelf zonder overleg met de leverancier.

Wat kunnen wij voor u doen bij etikettering van levensmiddelen?

Onze advocaten bestuursrecht staan levensmiddelenbedrijven bij in vragen over etikettering en in procedures tegen de NVWA.

  • Wij toetsen etiketten en claims aan Verordening 1169/2011 en Verordening 1924/2006 voordat een product op de markt komt.
  • Wij stellen een zienswijze op tegen een voornemen tot een boete of last onder dwangsom van de NVWA.
  • Wij maken binnen de termijn van zes weken bezwaar tegen een boetebesluit en procederen zo nodig bij de rechtbank.
  • Wij beoordelen leverancierscontracten op de verdeling van verantwoordelijkheid en kosten bij een terugroepactie.
  • Wij adviseren over de meldplicht en de communicatie bij een allergeen dat niet op het etiket stond.

Samengevat

  • Artikel 9 Verordening 1169/2011 bepaalt welke vermeldingen op een voorverpakt levensmiddel moeten staan.
  • Artikel 19 stelt onder meer verse onbewerkte groente en fruit, kaas, boter en producten met één ingrediënt vrij van de ingrediëntenlijst; allergenen blijven verplicht.
  • Claims mogen alleen als ze zijn toegelaten en aan de voorwaarden voldoen.
  • De minimale x-hoogte is 1,2 mm, of 0,9 mm bij kleine verpakkingen.
  • De NVWA kan waarschuwen, beboeten en een last onder dwangsom opleggen; bezwaar maakt u binnen zes weken.

Veelgestelde vragen

Moet ik allergenen vermelden als mijn product geen ingrediëntenlijst heeft?

Ja. Allergenen uit bijlage II moeten worden vermeld, zo nodig met het woord “bevat” gevolgd door het allergeen (artikel 21 lid 1).

Wat is het verschil tussen “ten minste houdbaar tot” en “te gebruiken tot”?

“Ten minste houdbaar tot” geeft aan tot wanneer het product zijn eigenschappen behoudt. “Te gebruiken tot” staat op snel bederfelijke producten; na die datum is het product niet meer veilig en mag het niet meer worden verkocht (artikel 24).

Is de Nutri-Score verplicht?

Nee. In Nederland is de Nutri-Score vrijwillig, maar wie hem gebruikt, moet de officiële rekenregels volgen.

Moet het land van oorsprong altijd op het etiket?

Nee. Het is verplicht als weglating de consument kan misleiden en voor bepaalde producten, zoals vers vlees, verse groente en fruit, honing en olijfolie (artikel 26).

Juridische hulp nodig?

Heeft u een brief, dagvaarding of vonnis ontvangen? Stuur de stukken aan ons toe. Wij controleren welke termijnen lopen en wat uw mogelijkheden zijn.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.

Juridische hulp nodig?

Heeft u een brief, dagvaarding of vonnis ontvangen? Stuur de stukken aan ons toe. Wij controleren welke termijnen lopen en wat uw mogelijkheden zijn.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.