Internationaal co-ouderschap: wat geldt als ouders in verschillende landen wonen?

Kinderrugzak en handbagagekoffer bij de voordeur in een gang

Gepubliceerd op 27 december 2025 · Laatst bijgewerkt op 13 oktober 2026

Bij internationaal co-ouderschap beslist in de regel de rechter van het land waar het kind gewoonlijk woont over gezag, zorgverdeling en omgang. Heeft u gezamenlijk gezag, dan mag u niet zonder toestemming van de andere ouder of vervangende toestemming van de rechter met het kind naar het buitenland verhuizen.

Wekelijks wisselen tussen twee huizen is over de grens meestal niet haalbaar. Daarom maken ouders andere afspraken: langere verblijfsperiodes, vakantieregelingen en vast digitaal contact. Hieronder leest u welke regels gelden, welke verdragen meespelen en wat u in het ouderschapsplan vastlegt.

Acht kinderen van verschillende achtergronden spelen samen in een lichte woonkamer.

Wat is internationaal co-ouderschap?

Van internationaal co-ouderschap is sprake als ouders na een scheiding in verschillende landen wonen en de zorg voor hun kind blijven delen. Juridisch gaat het meestal om gezamenlijk gezag met een zorgregeling die rekening houdt met de afstand.

Gezag, zorgverdeling en hoofdverblijf zijn verschillende begrippen. Bij gezamenlijk gezag beslissen beide ouders samen over belangrijke zaken als school, medische behandeling en woonplaats (artikel 1:251 BW). De zorgregeling bepaalt wanneer het kind bij welke ouder is. Meer daarover leest u in ons artikel over gezag, omgang en hoofdverblijf.

Welke regelingen komen in de praktijk voor?

Meestal woont het kind bij één ouder en brengt het de schoolvakanties bij de andere ouder door. Een gelijke verdeling van 50/50 is over grote afstand zelden haalbaar, omdat het kind maar in één land naar school kan.

  • Vakantieregeling: hoofdverblijf bij één ouder, de zomervakantie en een deel van de kortere vakanties bij de andere ouder.
  • Langere blokken: bij kinderen die nog niet leerplichtig zijn (leerplicht in Nederland vanaf vijf jaar) soms afwisselend enkele weken bij elke ouder.
  • Aanvullend digitaal contact: vaste momenten voor videobellen, vastgelegd in het ouderschapsplan.

Welke rechter is bevoegd als ouders in verschillende landen wonen?

Bevoegd is in beginsel de rechter van het land waar het kind zijn gewone verblijfplaats heeft. De nationaliteit van ouders of kind is daarvoor niet beslissend.

Twee volwassenen van verschillende culturele achtergronden die samen met kinderen in een huiselijke omgeving tijd doorbrengen.

Binnen de EU (behalve Denemarken) geldt de Brussel II-ter-verordening (Verordening (EU) 2019/1111), die sinds 1 augustus 2022 de oude Brussel II-bis-verordening vervangt. Volgens artikel 7 van die verordening is de rechter van de gewone verblijfplaats van het kind bevoegd. Verhuist het kind rechtmatig naar een andere lidstaat, dan blijft de rechter van het oude land nog drie maanden bevoegd om een bestaande omgangsregeling aan te passen (artikel 8).

Met landen buiten de EU geldt vaak het Haags Kinderbeschermingsverdrag van 1996. Ook dat verdrag legt de bevoegdheid bij het land van de gewone verblijfplaats (artikel 5). De bevoegde rechter past in de regel zijn eigen recht toe (artikel 15). Is er geen verdrag, dan bepaalt het eigen internationaal privaatrecht van elk land wie bevoegd is.

Wordt een Nederlandse beslissing in het buitenland erkend?

Binnen de EU worden beslissingen over gezag en omgang zonder aparte procedure erkend en zijn ze uitvoerbaar zonder exequatur (artikel 30 en 34 Brussel II-ter). Buiten de EU hangt het af van het verdrag: onder het Haags Kinderbeschermingsverdrag geldt erkenning van rechtswege, maar voor tenuitvoerlegging is soms een verklaring van uitvoerbaarheid nodig (artikel 23 en 26).

Bij landen zonder verdrag beslist de rechter daar of hij een Nederlandse uitspraak erkent. Laat in dat geval vóór een verhuizing uitzoeken wat de afspraken in het andere land waard zijn. Ook bij een internationale echtscheiding speelt deze vraag.

Mag u met uw kind naar het buitenland verhuizen?

Bij gezamenlijk gezag heeft u voor een verhuizing naar het buitenland toestemming van de andere ouder nodig. Geeft die geen toestemming, dan kunt u de rechtbank vragen om vervangende toestemming op grond van artikel 1:253a BW.

De rechter weegt alle omstandigheden af, met het belang van het kind voorop. Hij kijkt onder meer naar de noodzaak van de verhuizing, hoe goed die is voorbereid, de gevolgen voor het contact met de achterblijvende ouder, de leeftijd en wensen van het kind en de vraag of de verhuizende ouder compenserende maatregelen aanbiedt, zoals het dragen van reiskosten. Lees ook ons artikel over co-ouderschap bij een internationale verhuizing.

Een procedure over vervangende toestemming duurt vaak enkele maanden, zeker als de rechter de Raad voor de Kinderbescherming om onderzoek vraagt. Begin daarom ruim voor de geplande verhuisdatum.

Wat gebeurt er als een ouder zonder toestemming vertrekt?

Neemt een ouder het kind zonder toestemming mee naar het buitenland of houdt hij het daar na een vakantie vast, dan is dat internationale kinderontvoering. De achterblijvende ouder kan dan via het Haags Kinderontvoeringsverdrag van 1980 de terugkeer van het kind vragen.

In Nederland loopt een teruggeleidingsverzoek via de Centrale autoriteit internationale kinderaangelegenheden van het ministerie van Justitie en Veiligheid. Binnen de EU moet de rechter in elke instantie in beginsel binnen zes weken beslissen (artikel 24 Brussel II-ter). Ontvoering kan ook strafbaar zijn als onttrekking aan het wettig gezag (artikel 279 Wetboek van Strafrecht), ook voor een ouder die zelf gezag heeft. Meer leest u in ons artikel over internationale kinderontvoering.

Hoe voorkomt u een ontvoering?

Een paspoort of identiteitskaart voor een minderjarige wordt alleen verstrekt met toestemming van beide gezaghebbende ouders (artikel 34 Paspoortwet). Bij een concreet risico kunt u de rechter vragen om aanvullende maatregelen.

  • Leg in het ouderschapsplan vast dat reizen naar het buitenland vooraf schriftelijk wordt gemeld, met adres en terugreisdatum.
  • Spreek af wie de reisdocumenten van het kind bewaart.
  • Vraag bij acute dreiging de voorzieningenrechter om een verbod om met het kind naar het buitenland te reizen of om afgifte van de reisdocumenten.
  • Neem bij twijfel contact op met het Centrum Internationale Kinderontvoering, dat ouders informeert over preventie en terugkeer.

Ook voor een gewone vakantie naar het buitenland heeft u bij gezamenlijk gezag toestemming van de andere ouder nodig. Zie ons artikel over vakantie met kinderen na een scheiding.

Wat legt u vast in een internationaal ouderschapsplan?

Bij een echtscheiding of beëindiging van een geregistreerd partnerschap met minderjarige kinderen is een ouderschapsplan verplicht (artikel 815 lid 2 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering). Bij internationaal co-ouderschap moet dat plan concreter zijn dan gebruikelijk.

Een gelukkig kind dat hand in hand loopt met twee volwassenen van verschillende afkomst in een zonnig park.
  • Het hoofdverblijf van het kind en de verdeling van alle schoolvakanties en feestdagen, per jaar uitgeschreven.
  • Wie het kind brengt en haalt, wie reist als begeleider en wie de reiskosten betaalt.
  • Vaste momenten voor videobellen, rekening houdend met het tijdsverschil.
  • Hoe beide ouders informatie over school en gezondheid delen.
  • De kinderalimentatie en de verdeling van bijzondere kosten.
  • Hoe u de afspraken evalueert en wat u doet bij een geschil, bijvoorbeeld eerst mediation.

Afspraken veranderen mee met het kind. Bij gewijzigde omstandigheden kan de rechter een zorgregeling of omgangsregeling aanpassen (artikel 1:253a BW). Lees hierover ons artikel over het ouderschapsplan later aanpassen.

Hoe werken kinderalimentatie en kinderbijslag over de grens?

Kinderalimentatie blijft verschuldigd als een ouder in het buitenland woont. Welk recht op de alimentatie van toepassing is, bepaalt binnen de EU het Haags Alimentatieprotocol van 2007, meestal het recht van het land waar het kind woont.

Reiskosten voor de omgang kunnen meewegen bij de berekening van de kinderalimentatie. Betaalt de andere ouder niet, dan helpt het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen (LBIO) bij inning in het buitenland, zie ons artikel over internationale inning van alimentatie. Voor kinderbijslag binnen de EU bepaalt Verordening (EG) 883/2004 welk land betaalt; de Sociale Verzekeringsbank (SVB) beoordeelt dit voor Nederland.

Waar let u als verhuizende ouder op?

  • Vraag schriftelijk toestemming aan de andere ouder voordat u een woning, baan of school vastlegt.
  • Onderbouw de noodzaak van de verhuizing met stukken, zoals een arbeidscontract of huurovereenkomst.
  • Stel een concrete omgangsregeling voor, met een voorstel voor de reiskosten.
  • Controleer of een Nederlandse beslissing in het nieuwe land wordt erkend.

Waar let u als achterblijvende ouder op?

  • Geef geen toestemming voordat de omgang, de reiskosten en het digitale contact schriftelijk zijn geregeld.
  • Laat de rechter beslissen als u het niet eens bent; vertrek zonder toestemming kunt u laten terugdraaien via het Haags Kinderontvoeringsverdrag.
  • Handel snel bij een ontvoering: na een jaar kan de rechter de terugkeer weigeren als het kind in het nieuwe land is geworteld (artikel 12 Haags Kinderontvoeringsverdrag).
  • Bewaar de reisdocumenten van het kind als dat zo is afgesproken.

Wat kunnen wij voor u doen bij internationaal co-ouderschap?

  • Beoordelen welke rechter bevoegd is en welk recht geldt in uw situatie.
  • Een internationaal ouderschapsplan opstellen of controleren.
  • Onderhandelen met de andere ouder of diens advocaat over verhuizing, omgang en kosten.
  • Een verzoek om vervangende toestemming of een verweer daartegen indienen bij de rechtbank.
  • Bij dreigende of voltooide ontvoering spoedmaatregelen vragen en de termijnen bewaken.

Meer over onze aanpak leest u op de pagina van onze familierecht advocaat en onze scheidingsadvocaat.

Samengevat

  • Bevoegd is in de regel de rechter van het land waar het kind gewoonlijk woont (Brussel II-ter of het Haags Kinderbeschermingsverdrag).
  • Bij gezamenlijk gezag is voor een verhuizing naar het buitenland toestemming van de andere ouder of de rechter nodig (artikel 1:253a BW).
  • Vertrek zonder toestemming is kinderontvoering; de achterblijvende ouder kan terugkeer vragen en het kan strafbaar zijn (artikel 279 Sr).
  • Een internationaal ouderschapsplan regelt vakanties, reiskosten, digitaal contact en alimentatie concreet.

Veelgestelde vragen

Bepaalt de nationaliteit van het kind wie het gezag krijgt?

Nee. Beslissend is de gewone verblijfplaats van het kind, zowel voor de bevoegde rechter als in de regel voor het toepasselijke recht. Wie van rechtswege gezag heeft, bepaalt het Haags Kinderbeschermingsverdrag naar het recht van het land waar het kind woont (artikel 16).

Vervalt de bestaande regeling als een ouder naar het buitenland verhuist?

Nee. Een rechterlijke beslissing of vastgelegde regeling blijft gelden totdat ouders iets anders afspreken of de rechter haar wijzigt. Bij een verhuizing is een nieuwe regeling wel bijna altijd nodig.

Kan de andere ouder een verhuizing altijd tegenhouden?

Nee. Weigert de andere ouder, dan kan de rechter vervangende toestemming geven. Hij beslist na een afweging van alle belangen, met het belang van het kind voorop.

Wat doet u als de andere ouder zich in het buitenland niet aan de omgang houdt?

Binnen de EU kunt u een Nederlandse omgangsbeslissing direct laten uitvoeren in de andere lidstaat. Daarbuiten hangt het af van het verdrag met dat land. Lees ook ons artikel over een omgangsregeling die niet wordt nageleefd.

Juridische hulp nodig?

Heeft u een brief, dagvaarding of vonnis ontvangen? Stuur de stukken aan ons toe. Wij controleren welke termijnen lopen en wat uw mogelijkheden zijn.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.