Gepubliceerd op 7 november 2025 · Laatst bijgewerkt op 30 oktober 2026
Woont uw ex-partner in het buitenland, dan kunt u de alimentatie via het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen (LBIO) laten innen, mits u een rechterlijke uitspraak of een notariële akte met executoriale kracht heeft. Binnen de EU is zo’n Nederlandse beslissing in de regel zonder aparte procedure uitvoerbaar; buiten de EU hangt het af van de verdragen met het betreffende land.
Het LBIO is de Nederlandse centrale autoriteit voor grensoverschrijdende alimentatie. Het werkt samen met de centrale autoriteit in het land waar de betalingsplichtige woont. Die autoriteit spreekt de betaler aan, probeert een betalingsregeling te treffen en zet zo nodig dwangmiddelen in volgens het eigen recht.
Hieronder leest u welke regels gelden, hoe de inning verloopt, welk recht de hoogte bepaalt en waar het in de praktijk vaak vastloopt.
Inhoudsopgave
Over welke alimentatie gaat het?
Internationale inning kan gaan over kinderalimentatie en over partneralimentatie. Naar Nederlands recht loopt de onderhoudsplicht voor kinderen tot 21 jaar (artikel 1:392 en 1:395a BW). De duur van partneralimentatie hangt onder meer af van de duur van het huwelijk.
Een verhuizing naar het buitenland verandert niets aan de plicht om te betalen. Wel kan het recht van een ander land gaan gelden voor de hoogte of de duur, en verloopt de inning via andere wegen.
Welke verdragen en regels gelden?
Welke regeling geldt, hangt af van het land waar de betaler woont. De tabel geeft het overzicht.
| Regeling | Wat het regelt | Waar het geldt |
|---|---|---|
| Alimentatieverordening (EG) nr. 4/2009, sinds 18 juni 2011 | Bevoegde rechter, erkenning en tenuitvoerlegging, samenwerking centrale autoriteiten | EU-lidstaten |
| Haags Alimentatieprotocol 2007 | Welk recht de hoogte en duur bepaalt | EU-lidstaten (niet Denemarken) |
| Haags Alimentatieverdrag 2007 | Samenwerking en erkenning, vooral voor kinderalimentatie | Verdragsstaten binnen en buiten de EU |
| Verdrag van New York 1956 | Samenwerking bij inning via centrale instanties | Oudere verdragsstaten |
| Geen verdrag | Procedure volgens het recht van het land van de betaler | Overige landen |
Binnen de EU
Een alimentatiebeslissing uit een EU-land dat gebonden is aan het Haags Protocol, wordt in een ander EU-land erkend en is daar uitvoerbaar zonder aparte procedure (artikel 17 Alimentatieverordening). U heeft dan geen exequatur nodig. Wel vraagt de buitenlandse instantie een afschrift van de beslissing en een formulier met een uittreksel, vaak in vertaling.
Buiten de EU
Buiten de EU moet een Nederlandse uitspraak meestal eerst worden erkend of uitvoerbaar verklaard in het land van de betaler. Hoe dat gaat, hangt af van het verdrag. Is er geen verdrag, dan bent u aangewezen op een procedure bij de rechter daar, vaak met een lokale advocaat. Meer over het omgekeerde, een buitenlands vonnis in Nederland afdwingen, leest u in een apart artikel.
Welk recht bepaalt de hoogte?
Het Haags Alimentatieprotocol bepaalt welk recht van toepassing is. Hoofdregel: het recht van het land waar de alimentatiegerechtigde gewoonlijk verblijft (artikel 3). Voor kinderen gelden aanvullende regels, waardoor de rechter in sommige gevallen het recht van de rechter zelf toepast (artikel 4). Voor partneralimentatie kan een echtgenoot zich verzetten tegen de hoofdregel als het huwelijk een nauwere band heeft met een ander land (artikel 5).
Dat kan betekenen dat een Nederlandse rechter partneralimentatie naar buitenlands recht vaststelt en kinderalimentatie naar Nederlands recht. Zo ging het in een zaak die op 22 januari 2021 bij de Hoge Raad eindigde (ECLI:NL:HR:2021:100). De vrouw woonde in Maleisië; rechtbank en hof pasten voor de partneralimentatie Maleisisch recht toe, omdat zij daar haar gewone verblijfplaats had. Voor de kinderalimentatie gold Nederlands recht op grond van artikel 4 lid 3 van het Protocol. De Hoge Raad liet dat in stand zonder nadere motivering (artikel 81 RO).
Elk land heeft eigen normen voor de berekening. Een voorbeeld ter illustratie: geldt Duits recht, dan rekent de rechter met Duitse normen, die anders uitvallen dan de Nederlandse Tremanormen. Laat daarom vooraf berekenen wat het toepasselijke recht betekent voor de vaststelling van alimentatie.
Welke rechter is bevoegd?
Binnen de EU kunt u in beginsel kiezen tussen de rechter van de woonplaats van de betaler en die van uw eigen gewone verblijfplaats (artikel 3 Alimentatieverordening). Loopt er in Nederland een echtscheiding, dan kan de Nederlandse rechter vaak ook over de alimentatie beslissen. Bij een echtscheiding met een buitenlandse partner spelen deze vragen tegelijk.
Hoe verloopt de inning via het LBIO?
U heeft een executoriale titel nodig: een rechterlijke uitspraak, of een notariële akte waarin de alimentatie is vastgelegd. Afspraken in een onderhands convenant dat niet door de rechter is bekrachtigd, kan het LBIO niet afdwingen. Ontbreekt een titel, dan moet u eerst een gerechtelijke uitspraak krijgen.
- U dient een aanvraag in bij het LBIO met de uitspraak of akte, eventueel het convenant en het ouderschapsplan, en een overzicht van de achterstand.
- Het LBIO beoordeelt of de titel bruikbaar is en vraagt zo nodig aanvullende stukken op.
- Het LBIO laat de stukken vertalen en stuurt het verzoek naar de centrale autoriteit van het andere land.
- Die autoriteit neemt contact op met de betaler en probeert een betalingsregeling te treffen.
- Lukt dat niet, dan volgen dwangmaatregelen of een procedure volgens het recht van dat land.
- Betalingen lopen via de buitenlandse autoriteit en het LBIO naar u.
Het omgekeerde kan ook: woont u zelf in het buitenland en de betaler in Nederland, dan kan de buitenlandse centrale autoriteit het LBIO vragen in Nederland te innen.
Wat kost het?
De dienstverlening van het LBIO bij internationale inning is in de regel kosteloos. Buitenlandse instanties kunnen eigen kosten rekenen of inhouden op wat zij innen, en bankkosten en wisselkoersen beïnvloeden het bedrag dat u ontvangt. Vraag het LBIO vooraf wat in uw geval geldt.
Waar loopt internationale inning vaak op vast?
- Er is geen executoriale titel, alleen onderlinge afspraken.
- Het land van de betaler is geen partij bij een verdrag, zodat alleen een lokale procedure overblijft.
- Vertalingen, apostilles of het bewijs van betekening ontbreken of zijn niet in orde.
- De betaler verhuist of verbergt zijn inkomen, zodat opsporen en beslag leggen lastig is.
- De alimentatie moet worden gewijzigd, en de nieuwe Nederlandse uitspraak moet opnieuw in het buitenland worden erkend.
Hoe lang het duurt, verschilt per land. Werkt de betaler mee, dan kan het binnen enkele maanden lopen; anders kan het jaren duren. Het LBIO houdt u op de hoogte via de buitenlandse autoriteit.
Wijziging van de alimentatie
Veranderen de omstandigheden, dan kunt u de Nederlandse rechter om wijziging vragen (artikel 1:401 BW), als die bevoegd is. Een wijziging geldt in het buitenland pas als de nieuwe uitspraak daar wordt erkend of uitvoerbaar is. Binnen de EU gaat dat volgens dezelfde regels als de oorspronkelijke beslissing.
Wanneer schakelt u een advocaat in?
Een advocaat is vooral nodig als er nog geen uitspraak is, als onduidelijk is welke rechter bevoegd is of welk recht geldt, of als in het buitenland een procedure moet worden gevoerd. Bij internationale echtscheidingen spelen deze vragen vaak tegelijk met verdeling en gezag.
Wat kunnen wij doen bij internationale alimentatie?
- controleren of uw uitspraak of notariële akte een executoriale titel is waarmee het LBIO kan innen;
- beoordelen welke rechter bevoegd is en welk recht geldt;
- de rechtbank vragen alimentatie vast te stellen of te wijzigen;
- de aanvraag bij het LBIO voorbereiden met de stukken die het andere land vraagt;
- afstemmen met een advocaat in het buitenland als daar een procedure nodig is.
Veelgestelde vragen
Kan ik ook innen als ik zelf in het buitenland woon?
Ja. U wendt zich dan tot de centrale autoriteit in uw woonland. Die stuurt het verzoek naar het LBIO, dat in Nederland int als de betaler hier woont.
Werkt het LBIO ook met de Verenigde Staten?
De Verenigde Staten zijn partij bij het Haags Alimentatieverdrag 2007, zodat samenwerking via de centrale autoriteiten mogelijk is. Vraag het LBIO hoe het verzoek in uw geval loopt.
Wat als de betaler in een land zonder verdrag woont?
Dan moet u meestal via een lokale advocaat een procedure voeren volgens het recht van dat land. Verzamel vooraf bewijs van de Nederlandse uitspraak, de achterstand en het inkomen van de betaler.
Meer over hoe Law & More u hierbij helpt, leest u op de pagina familierecht advocaat.