Gepubliceerd op 13 oktober 2026
Aanranding is het verrichten van seksuele handelingen zonder seksueel binnendringen met iemand bij wie de wil daartoe ontbreekt. Sinds 1 juli 2024 hoeft daarvoor geen dwang of geweld meer te worden bewezen; voor handelingen van vóór die datum geldt in beginsel het oude recht, tenzij het nieuwe recht gunstiger is voor de verdachte (artikel 1 Sr).
Inhoudsopgave
Wat is aanranding volgens de wet?
Aanranding gaat over seksuele handelingen zonder seksueel binnendringen, terwijl de wil van de ander daartoe ontbreekt. Onder seksuele handelingen valt ook dat de ander zulke handelingen moet verrichten of ondergaan (artikel 239 Sr). Een typisch voorbeeld is het betasten van borsten, billen of geslachtsdelen.
De Wet seksuele misdrijven heeft op 1 juli 2024 een nieuwe titel in het Wetboek van Strafrecht ingevoerd, die begint bij artikel 239 Sr. Het oude artikel 246 Sr, “feitelijke aanranding van de eerbaarheid”, is daarbij vervallen. Voor feiten van na 30 juni 2024 is artikel 246 Sr dus niet meer de maatstaf.
Bestaan de seksuele handelingen uit of mede uit seksueel binnendringen, dan gaat het om schuld- of opzetverkrachting (artikelen 242 en 243 Sr). Dat onderscheid bepaalt het strafmaximum en de verjaringstermijn.
Welke vormen van aanranding kent de wet?
De wet kent drie vormen, in de artikelen 240 en 241 Sr. Ze verschillen in wat de verdachte wist of ernstige reden had te vermoeden, en in of er dwang was.
| Vorm | Wanneer | Artikel | Maximale gevangenisstraf | Verjaring |
|---|---|---|---|---|
| Schuldaanranding | U had ernstige reden om te vermoeden dat de ander het niet wilde | 240 Sr | 2 jaar | 6 jaar |
| Opzetaanranding | U wist dat de ander het niet wilde, of nam die kans bewust voor lief | 241 Sr | 6 jaar | 12 jaar |
| Gekwalificeerde opzetaanranding | Opzetaanranding met dwang, geweld of bedreiging | 241 Sr | 8 jaar | 20 jaar |
Bij schuldaanranding hoeft niet te worden bewezen dat de verdachte het ontbreken van de wil wilde of wist. Het gaat om een verkeerde risico-inschatting: er waren duidelijke signalen dat de ander niet wilde, en de verdachte ging toch door (artikel 240 Sr).
Bij opzetaanranding telt ook voorwaardelijk opzet: wie beseft dat de ander misschien niet wil en dat negeert, valt onder het zwaardere artikel 241 Sr.
Bij gekwalificeerde opzetaanranding is dwang een strafverzwarende omstandigheid. Of een onverwachte aanraking al dwang oplevert, hangt af van de omstandigheden. De Hoge Raad oordeelde op 14 juli 2026 dat onverhoeds seksueel betasten dwang in de zin van artikel 241 lid 2 Sr kan opleveren, als het slachtoffer de handelingen daardoor moest dulden (ECLI:NL:HR:2026:1235). Het hof had zulke aanrakingen als gewone opzetaanranding beoordeeld; de Hoge Raad vernietigde dat arrest gedeeltelijk en wees de zaak terug.
Bij gekwalificeerde opzetaanranding mag het OM de zaak niet zelf afdoen met een strafbeschikking of transactie (OM-richtlijn voor strafvordering aanranding 2026R001, geldend sinds 15 april 2026). Die zaak komt altijd bij de rechter.
Wat veranderde op 1 juli 2024?
Vóór 1 juli 2024 moest het OM bewijzen dat de verdachte het slachtoffer had gedwongen, bijvoorbeeld met geweld of een andere feitelijkheid. Sinds de Wet seksuele misdrijven is het ontbreken van de wil van de ander de kern.
Daardoor valt meer gedrag onder de strafbaarstelling. Ook als het slachtoffer bevroor of niet protesteerde, kan sprake zijn van aanranding. Beslissend blijft wat de verdachte wist of ernstige reden had te vermoeden over het ontbreken van de wil; de precieze grenzen daarvan worden nog in de rechtspraak uitgewerkt.
De wet werkt niet terug: voor handelingen van vóór 1 juli 2024 is in beginsel het oude artikel 246 Sr de maatstaf. Omdat de wetgeving na het feit is veranderd, moet wel worden nagegaan of de nieuwe regeling gunstiger is voor de verdachte; is dat zo, dan geldt die (artikel 1 Sr). Voor oudere zaken moet daarom per feit worden nagegaan welk strafmaximum en welke verjaringstermijn gelden.
Dezelfde wet maakte ook seksuele intimidatie in het openbaar strafbaar (artikel 429ter Sr). Dat is een overtreding en dus een lichter feit dan aanranding. Meer over de juridische gevolgen leest u in ons artikel over seksueel grensoverschrijdend gedrag.
Hoe lang kan aanranding worden vervolgd?
De verjaringstermijn volgt uit het strafmaximum (artikel 70 Sr): 6 jaar voor schuldaanranding, 12 jaar voor opzetaanranding en 20 jaar voor gekwalificeerde opzetaanranding. Was het slachtoffer jonger dan 18 jaar, dan verjaren opzetaanranding en gekwalificeerde opzetaanranding niet. Was de verdachte zelf jonger dan 18 bij het feit, dan gelden afwijkende, meestal kortere termijnen (artikel 77d Sr).
De termijn begint in beginsel op de dag na het feit (artikel 71 Sr). Ook na jaren kan aangifte daarom nog zin hebben; de politie beoordeelt dan eerst of het feit al verjaard is.
Hoe wordt aanranding bewezen?
Aanranding gebeurt meestal zonder getuigen, en dat maakt het bewijs lastig. De rechter mag een veroordeling niet baseren op de verklaring van één getuige alleen (artikel 342 Sv). Er moet dus ander bewijs zijn dat die verklaring ondersteunt; welk bewijs voldoende is, beoordeelt de rechter per zaak. In de praktijk gaat het vaak om berichten, sporen of verklaringen van mensen die het slachtoffer kort daarna spraken. Daarnaast moet de rechter zelf overtuigd zijn (artikel 338 Sv).
De uitkomst verschilt sterk per zaak. De rechtbank Gelderland veroordeelde in mei 2026 een verdachte voor opzetaanranding en sprak hem vrij van de gekwalificeerde vorm. De straf was 60 dagen gevangenisstraf, waarvan 59 voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. Daarnaast kreeg hij 180 uur taakstraf, te vervangen door 90 dagen hechtenis als hij die niet uitvoert (ECLI:NL:RBGEL:2026:4176).
Waar let u op als u verdacht wordt van aanranding?
- Leg geen verklaring af voordat u een advocaat bij het politieverhoor heeft gesproken. U bent niet verplicht te antwoorden (artikel 29 Sv) en u heeft recht op overleg met een advocaat vóór het eerste verhoor (artikel 28c Sv).
- Bewaar alle berichten, chats en foto’s van vóór en na het contact. Verwijderen kan als belastend worden uitgelegd.
- Neem geen contact op met de aangever, ook niet om het uit te praten. Dat kan worden gezien als beïnvloeding.
- Controleer van welke vorm het OM u beschuldigt. Het verschil tussen schuld, opzet en dwang bepaalt het strafmaximum en de verjaring.
- Controleer de datum van het feit. Voor handelingen van vóór 1 juli 2024 geldt in beginsel het oude recht, tenzij het nieuwe recht gunstiger voor u is.
- Accepteer een strafbeschikking, een straf die het OM zelf oplegt, niet zonder advies. Die komt op uw strafblad (justitiële documentatie), wat kan meewegen bij een latere VOG-aanvraag. Verzet doet u binnen 14 dagen nadat de beschikking u in persoon is uitgereikt of u er op een andere manier van op de hoogte bent (artikel 257e Sv).
Wanneer zwijgen verstandig is en wanneer juist niet, leest u in ons artikel over het zwijgrecht.
Waar let u op als u slachtoffer bent van aanranding?
- Bel bij acuut gevaar 112. Voor medische en forensische hulp kunt u dag en nacht terecht bij het Centrum Seksueel Geweld (0800-0188).
- Laat sporen zo snel mogelijk vastleggen. Het CSG adviseert u bij voorkeur binnen zeven dagen te melden.
- Bewaar berichten, kleding en namen van mensen die u kort na het voorval sprak. Dat is vaak het steunbewijs.
- U kunt eerst een informatief gesprek met de zedenpolitie voeren voordat u besluit om aangifte te doen.
- Als slachtoffer kunt u zich met een schadevergoeding voegen in de strafzaak (artikel 51f Sv). De rechter kan de dader dan verplichten via de Staat te betalen (artikel 36f Sr).
- U heeft spreekrecht op de zitting en recht op een eigen slachtofferadvocaat.
Wat kunnen wij voor u doen bij aanranding?
Als advocaat in zedenzaken staan wij zowel verdachten als slachtoffers bij.
- Wij staan u bij tijdens het politieverhoor en bespreken vooraf of u verklaart of zwijgt.
- Wij toetsen of de beschuldiging van het OM (de tenlastelegging) de juiste vorm noemt: schuld, opzet of dwang.
- Wij controleren of het oude of het nieuwe recht geldt en of het feit verjaard is.
- Wij beoordelen een strafbeschikking en tekenen zo nodig verzet aan.
- Wij begeleiden slachtoffers bij aangifte, voeging als benadeelde partij en het spreekrecht.
- Wij voeren de verdediging of de belangen van het slachtoffer ter zitting.
Samenvatting
- Aanranding is een seksuele handeling zonder binnendringen terwijl de wil van de ander ontbreekt.
- Sinds 1 juli 2024 kent de wet schuldaanranding (max. 2 jaar), opzetaanranding (max. 6 jaar) en gekwalificeerde opzetaanranding (max. 8 jaar).
- Dwang hoeft niet meer bewezen te worden; het gaat om het ontbreken van de wil.
- Voor feiten van vóór 1 juli 2024 geldt in beginsel het oude artikel 246 Sr, tenzij het nieuwe recht gunstiger is.
- Aanranding van een minderjarige met opzet verjaart niet.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen aanranding en verkrachting?
Bij verkrachting is er sprake van seksueel binnendringen van het lichaam, bij aanranding niet. Verkrachting kent hogere strafmaxima (artikelen 242 en 243 Sr).
Is ongewenst aanraken over de kleding ook aanranding?
Dat kan. Ook betasten over de kleding is een seksuele handeling. Of het aanranding is, hangt af van wat de verdachte wist of had moeten vermoeden over de wil van de ander.
Wat is de straf voor aanranding?
Het wettelijk maximum is 2 jaar voor schuldaanranding, 6 jaar voor opzetaanranding en 8 jaar bij dwang, geweld of bedreiging. Dat zijn wettelijke maxima, geen gebruikelijke straffen. Het OM gebruikt een richtlijn als uitgangspunt voor de strafeis; de rechter bepaalt de straf per zaak.
Kan ik na jaren nog aangifte doen van aanranding?
Vaak wel. Opzetaanranding verjaart na 12 jaar en de gekwalificeerde vorm na 20 jaar. Was u minderjarig, dan verjaart opzetaanranding niet.
Moet ik een verklaring afleggen als ik verdacht word?
Nee. U bent niet verplicht te antwoorden en u heeft recht op overleg met een advocaat vóór het eerste verhoor. Bespreek eerst met uw advocaat of verklaren in uw belang is.
Bronnen
- Rijksoverheid: Wet seksuele misdrijven
- Staatsblad 2024, 59
- NJB: Nieuwe Wet seksuele misdrijven
- OM: Richtlijn voor strafvordering aanranding (2026R001)
- Wetboek van Strafrecht (wetten.overheid.nl)
- HR 14 juli 2026, ECLI:NL:HR:2026:1235, over onverhoedse aanraking en dwang (bijzonderstrafrecht.nl)
- Rb. Gelderland 22 mei 2026, ECLI:NL:RBGEL:2026:4176