Stalking en belaging: wanneer is het strafbaar en wat kunt u doen?

Donkere straat met een schimmige figuur.

Gepubliceerd op 29 september 2025 · Laatst bijgewerkt op 11 september 2026

Stalking heet in het Nederlandse strafrecht belaging en is strafbaar gesteld in artikel 285b van het Wetboek van Strafrecht. Het gaat om het wederrechtelijk, stelselmatig en opzettelijk inbreuk maken op de persoonlijke levenssfeer van een ander, met het oogmerk die ander ergens toe te dwingen, van iets af te houden of vrees aan te jagen. Belaging is een klachtdelict: zonder klacht van het slachtoffer volgt geen vervolging.

Wanneer is stalking strafbaar als belaging?

Strafbaarheid ontstaat pas als alle bestanddelen van artikel 285b Sr zijn vervuld. Het gedrag moet wederrechtelijk zijn, het moet stelselmatig gebeuren, het moet opzettelijk inbreuk maken op de persoonlijke levenssfeer, en de dader moet daarbij een van de in de wet genoemde oogmerken hebben. Ontbreekt één van die elementen, dan is er misschien sprake van hinderlijk of onaangenaam gedrag, maar niet van belaging.

Het bestanddeel dat in de praktijk de meeste discussie oplevert, is de stelselmatigheid. Er bestaat geen wettelijke ondergrens van een bepaald aantal incidenten; de opvatting dat twee voorvallen automatisch genoeg zijn, is onjuist. De rechter beoordeelt het geheel: de aard, de duur, de frequentie en de intensiteit van de gedragingen, de omstandigheden waaronder ze plaatsvonden en de invloed daarvan op het persoonlijk leven en de persoonlijke vrijheid van het slachtoffer. Twintig neutrale berichten in een week kunnen stelselmatig zijn; twee bezoeken aan de woning midden in de nacht ook.

Belaging is een misdrijf waarop een gevangenisstraf van maximaal drie jaar staat. In de praktijk ziet u vaker een taakstraf, een voorwaardelijke straf met bijzondere voorwaarden zoals een contactverbod, of een combinatie daarvan. Juist die bijzondere voorwaarden zijn voor een slachtoffer vaak waardevoller dan de hoofdstraf, omdat overtreding ervan direct tot tenuitvoerlegging kan leiden.

Persoon kijkt door een raam met gesloten gordijnen; illustratie bij belaging en de bescherming van het slachtoffer onder artikel 285b Sr.

Welke gedragingen vallen onder belaging?

De wet noemt geen limitatieve opsomming van gedragingen, en dat is bewust zo. Belaging kan bestaan uit fysiek achtervolgen, wachten bij de woning, de school of het werk, en het onaangekondigd opduiken op plaatsen waar het slachtoffer komt. Even vaak gaat het om communicatie: aanhoudend bellen, berichten sturen, mailen, ongevraagde cadeaus bezorgen of brieven schrijven. Ook het benaderen van familie, vrienden of collega’s om zo indirect contact te forceren, telt mee.

Digitale gedragingen vallen er onverkort onder. Het aanmaken van nepaccounts om iemand te blijven volgen, het bijhouden van iemands locatie via gedeelde apps of apparatuur, en het verspreiden van berichten over het slachtoffer kunnen samen met de rest van het patroon de stelselmatigheid opleveren. Losse gedragingen die op zichzelf onschuldig lijken, kunnen in samenhang wel degelijk een inbreuk op de persoonlijke levenssfeer vormen. Dat is precies de reden waarom een compleet dossier zo belangrijk is.

Belaging grenst aan andere delicten en overlapt er soms mee. Een enkele dreiging met een misdrijf tegen het leven of met zware mishandeling valt onder bedreiging in artikel 285 Sr, ook zonder patroon. Beschuldigingen die de eer of goede naam aantasten, kunnen smaad of laster opleveren. Speelt het gedrag zich af binnen een gezin of een huiselijke kring, dan raakt het aan huiselijk geweld en aan psychische vormen daarvan zoals gaslighting. Het is niet ongebruikelijk dat het Openbaar Ministerie meerdere feiten tegelijk ten laste legt.

Belaging is een klachtdelict: wat betekent dat?

Anders dan bij de meeste misdrijven vervolgt het Openbaar Ministerie belaging alleen als het slachtoffer daar uitdrukkelijk om vraagt. Artikel 285b Sr maakt belaging een klachtdelict. Een aangifte is daarvoor niet automatisch voldoende: een aangifte is een melding, een klacht is een uitdrukkelijk verzoek tot vervolging. Zeg bij de politie dus met zoveel woorden dat u wilt dat er wordt vervolgd, en controleer of dat in het proces-verbaal staat.

De achtergrond van die eis is dat vervolging het privéleven van het slachtoffer verder blootlegt en soms de situatie verergert. De wetgever laat die afweging daarom bij het slachtoffer. Bedenkt u zich, dan kunt u de klacht intrekken; artikel 67 Sr geeft daarvoor een termijn van acht dagen. Na die termijn kan het Openbaar Ministerie zelfstandig doorzetten, ook als u dat niet meer wilt.

Het klachtvereiste geldt voor belaging, niet voor alles wat een stalker doet. Bedreiging, vernieling, mishandeling en het schenden van een opgelegd verbod zijn gewone ambtshalve te vervolgen feiten. Wie twijfelt over een klacht, sluit daarmee dus niet alle strafrechtelijke routes af.

Aangifte doen en bewijs verzamelen

Een strafzaak wegens belaging staat of valt met het dossier. Omdat de rechter naar een patroon kijkt, telt niet alleen wat er gebeurde maar ook wanneer, hoe vaak en met welk effect. Leg daarom vanaf het eerste moment een logboek aan waarin u per voorval datum, tijdstip, plaats, wat er gebeurde, wie het zag en wat het met u deed noteert. Dat klinkt bureaucratisch, maar het is het document waarop een officier van justitie zijn beslissing baseert.

Bewaar daarnaast het onbewerkte bewijs zelf: berichten, e-mails, voicemails, screenshots met zichtbare datum en tijd, foto’s, camerabeelden en verzendbewijzen. Verwijder niets, ook geen berichten die u liever niet meer ziet. Vraag getuigen om hun waarneming kort op te schrijven en te dateren. Meldt u het ook bij uw werkgever of school, bewaar dan die melding; het maakt de impact op uw dagelijks leven aantoonbaar.

Een aangetekend verzonden brief waarin u eenmalig en ondubbelzinnig meedeelt dat u geen contact wenst, is meer dan een gebaar. Het maakt de wederrechtelijkheid van verder contact zichtbaar en het bewijst dat de ander wist dat zijn gedrag ongewenst was. Stuur die brief één keer, bewaar het verzendbewijs en reageer daarna niet meer. Hoe de aangifte vervolgens verloopt en wat er daarna met uw dossier gebeurt, leest u in ons artikel over aangifte doen bij de politie. Bij acuut gevaar belt u uiteraard 112.

Welke bescherming kunt u krijgen tijdens het strafrechtelijk onderzoek?

U hoeft niet te wachten op een eindvonnis. Het Openbaar Ministerie kan een verdachte al tijdens het onderzoek een gedragsaanwijzing geven op grond van artikel 509hh van het Wetboek van Strafvordering. Zo’n aanwijzing kan een contactverbod, een gebiedsverbod of een meldplicht inhouden en geldt zodra zij is uitgereikt. Het niet naleven ervan is zelfstandig strafbaar.

Wordt de verdachte in voorlopige hechtenis genomen en daarna geschorst, dan kan de rechter aan die schorsing bijzondere voorwaarden verbinden, opnieuw in de vorm van een contact- of gebiedsverbod. Bij een veroordeling kunnen dezelfde voorwaarden aan een voorwaardelijke straf worden gekoppeld, vaak met toezicht van de reclassering.

Woont de stalker bij u of deelt u een woning, dan bestaat een aparte route. Op grond van de Wet tijdelijk huisverbod kan de burgemeester iemand bij ernstig en onmiddellijk gevaar uit de woning weren. Artikel 2 van die wet stelt de duur op tien dagen; artikel 9 maakt verlenging mogelijk tot ten hoogste vier weken. Die maatregel is bestuursrechtelijk en staat los van de strafzaak, wat betekent dat u er niet op hoeft te wachten. Meer achtergrond over deze route vindt u bij de rijksoverheid over huiselijk geweld.

Een contact- of straatverbod via de civiele rechter

Loopt het strafrechtelijk traject vast of gaat het u niet snel genoeg, dan kunt u zelf naar de civiele rechter. Stelselmatig lastigvallen is een inbreuk op het recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer en daarmee een onrechtmatige daad in de zin van artikel 6:162 BW. In een kort geding vraagt u de voorzieningenrechter om een contactverbod, een straatverbod of een gebiedsverbod, versterkt met een dwangsom per overtreding.

Deze route heeft twee voordelen. Zij is snel, en de bewijsmaatstaf is minder streng dan in het strafrecht: u hoeft niet buiten redelijke twijfel aan te tonen dat alle bestanddelen van artikel 285b Sr zijn vervuld, maar aannemelijk te maken dat het gedrag onrechtmatig is en dat een verbod gerechtvaardigd is. Het logboek dat u voor de aangifte aanlegde, doet hier opnieuw dienst.

De rechter weegt uw belang bij rust en veiligheid af tegen de bewegingsvrijheid van de ander. Een verbod wordt daarom vrijwel altijd in tijd en plaats begrensd: bijvoorbeeld ieder contact verboden en een straal rond uw woning en werk verboden, voor een bepaalde periode, met verlengingsmogelijkheid. Overtreedt de ander het verbod, dan verbeurt hij de dwangsom en kunt u die innen; daarnaast kan overtreding zelfstandig strafbaar zijn.

Uw rechten als slachtoffer in de strafzaak

Komt het tot een strafzaak, dan bent u geen toeschouwer. U hebt recht op informatie over het verloop van de zaak en op inzage in de processtukken die u aangaan, en u kunt zich laten bijstaan door een advocaat. Voor ernstige delicten geeft artikel 51e van het Wetboek van Strafvordering u spreekrecht: u mag op de zitting zeggen wat het feit met u heeft gedaan, zonder dat u zich over de strafmaat hoeft uit te laten.

Voor uw schade kunt u zich als benadeelde partij voegen in het strafproces op grond van artikel 51f Sv. U kunt dan zowel materiële schade vorderen, zoals kosten van beveiliging, een verhuizing of misgelopen inkomsten, als immateriële schade. Wijst de rechter de vordering toe, dan kan hij daarbij de schadevergoedingsmaatregel opleggen, waardoor de staat de inning op zich neemt. Is uw vordering te ingewikkeld voor het strafproces, dan verklaart de rechter u niet-ontvankelijk en kunt u alsnog een civiele procedure beginnen; wat die route inhoudt, beschrijven wij bij de rechten van slachtoffers tegen daders in het civiele recht.

Naast het juridische spoor loopt het praktische. Slachtofferhulp Nederland biedt kosteloze begeleiding bij aangifte, zitting en schadeclaim. Veilig Thuis is het advies- en meldpunt voor huiselijk geweld en kan ook anoniem meedenken. Beide kunt u inschakelen zonder dat u al besloten hebt of u wilt vervolgen.

Online stalking, doxing en ongewenst beeldmateriaal

Digitale belaging is gewone belaging: artikel 285b Sr maakt geen onderscheid tussen de voordeur en de tijdlijn. Daarnaast heeft de wetgever de afgelopen jaren losse strafbaarstellingen toegevoegd die vaak samen met belaging voorkomen. Sinds 1 januari 2024 is doxing zelfstandig strafbaar in artikel 285d Sr: het zich verschaffen, verspreiden of anderszins ter beschikking stellen van persoonsgegevens van een ander met het oogmerk die ander vrees aan te jagen of ernstige overlast aan te doen. Het publiceren van iemands adres of werkgever in een online groep valt daar dus onder.

Voor seksueel beeldmateriaal geldt sinds 1 juli 2024 de Wet seksuele misdrijven. Het openbaar maken van seksueel beeldmateriaal zonder toestemming, inclusief met kunstmatige intelligentie gemaakte deepfakes, valt sindsdien onder artikel 254ba Sr; gaat het om een minderjarige, dan komt artikel 252 Sr in beeld. De oude bepaling van artikel 139h Sr is daarmee vervallen. Wie in een ouder artikel of model nog naar 139h Sr verwijst, hanteert verouderd recht.

Naast het strafrecht hebt u civiele en bestuursrechtelijke mogelijkheden. U kunt platformen verzoeken om verwijdering, en waar het om persoonsgegevens gaat kunt u een beroep doen op uw rechten onder de Algemene verordening gegevensbescherming. Ook hier geldt: leg alles vast voordat u om verwijdering vraagt, want een verwijderd bericht is ook verdwenen bewijs. Over de grens tussen scherpe kritiek en onrechtmatig handelen op sociale media schreven wij eerder in ons artikel over bedreiging via WhatsApp of social media. De wetteksten zelf vindt u in het Wetboek van Strafrecht.

Veelgestelde vragen

Hoeveel incidenten zijn nodig voordat sprake is van belaging?

De wet noemt geen aantal. De rechter beoordeelt de aard, duur, frequentie en intensiteit van de gedragingen en het effect daarvan op uw persoonlijk leven. Een klein aantal zeer indringende voorvallen kan stelselmatig zijn, terwijl veel lichte contacten dat soms niet zijn.

Kan ik aangifte doen zonder fysiek bewijs?

Ja. Een logboek, getuigenverklaringen en digitale sporen zijn bruikbaar bewijs. Vermeld bij de aangifte uitdrukkelijk dat u een klacht indient en dat u vervolging wenst, want belaging is een klachtdelict.

Kan ik een contactverbod krijgen zonder strafzaak?

Ja. U kunt in kort geding een contact- of straatverbod met dwangsom vragen op grond van artikel 6:162 BW. Dat staat volledig los van de vraag of het Openbaar Ministerie tot vervolging overgaat.

Wat als de stalker een familielid of een goede bekende is?

Juridisch verandert er niets: artikel 285b Sr geldt ongeacht de relatie. Speelt het binnen een huishouden, dan komt daar de route van het tijdelijk huisverbod bij, die via de burgemeester loopt en niet via de strafrechter.

Kan ik mijn klacht nog intrekken?

Binnen acht dagen na indiening kunt u de klacht intrekken op grond van artikel 67 Sr. Daarna beslist het Openbaar Ministerie zelfstandig of het de zaak doorzet.

Hulp bij belaging en stalking

Stalking is zelden een reeks losse voorvallen; het is een patroon dat pas zichtbaar wordt als u het vastlegt. Wie vroeg begint met documenteren, houdt alle routes open: de klacht en aangifte, de gedragsaanwijzing van de officier van justitie, het tijdelijk huisverbod en het kort geding. Welke route het snelst tot rust leidt, verschilt per situatie en hangt vooral af van het bewijs dat u in handen hebt. De strafrechtadvocaten van Law & More in Eindhoven staan slachtoffers bij vanaf de aangifte tot en met de vordering als benadeelde partij, en voeren waar nodig het kort geding om een contactverbod te krijgen. Neem gerust contact op om uw situatie voor te leggen.

Juridische hulp nodig?

Neem contact op met Law & More voor deskundig advies over uw juridische zaken. Ons meertalige team staat klaar om u te helpen.