Schadestaatprocedure

Regelmatig bevatten de vonnissen van de rechters een veroordeling van één van de partijen tot schadevergoeding op te maken bij staat. Daarmee staan de procespartijen aan de voet van een nieuwe procedure, namelijk de schadestaatprocedure. Toch zijn de procespartijen in dat geval niet terug bij af. De schadestaatprocedure kan namelijk worden gezien als voortzetting van het geding dat slechts ertoe strekt de schadeposten en de omvang van de te betalen schadevergoeding vast te stellen. In deze procedure kan het bijvoorbeeld gaan om de vraag of een bepaalde schadepost voor vergoeding in aanmerking komt of om de vraag in hoeverre de vergoedingsplicht wordt verminderd door omstandigheden aan de zijde van de benadeelde. Daarin verschilt de schadestaatprocedure van de bodemprocedure waar het met name gaat over het vaststellen van de grondslag van aansprakelijkheid en daarmee de toerekening van schadevergoeding.

Schadestaatprocedure

Staat de grondslag van aansprakelijkheid in de bodemprocedure vast, dan kan de rechter partijen naar de schadestaatprocedure verwijzen. Echter, een dergelijke verwijzing behoort niet altijd tot de mogelijkheden van de bodemrechter. Als uitgangspunt geldt namelijk dat de rechter de schade in beginsel zelf dient te begroten in het vonnis waarin tot schadevergoeding wordt veroordeeld. Enkel wanneer de schadebegroting in de hoofdprocedure niet mogelijk is, bijvoorbeeld omdat het om toekomstige schade gaat of omdat nader onderzoek nodig is, kan de bodemrechter van dit uitgangspunt afwijken en partijen naar de schadestaatprocedure verwijzen. Bovendien kan de schadestaatprocedure uitsluitend toepassing vinden bij wettelijke verplichtingen tot schadevergoeding, zoals die uit wanprestatie of onrechtmatige daad en is de schadestaatprocedure niet aan de orde als het gaat om een verplichting tot schadevergoeding die voortvloeit uit een rechtshandeling, zoals een overeenkomst.

De mogelijkheid van weliswaar afzonderlijke, doch opvolgende schadestaatprocedure kent een aantal voordelen. De splitsing tussen de bodem- en de schadestaatprocedure maakt het namelijk mogelijk om eerst over het aansprakelijkheidsvraagstuk te discussiëren zonder de noodzaak om ook de omvang van de schade aan de orde te stellen en aanzienlijke kosten ter onderbouwing daarvan te maken. Immers, het is niet uit te sluiten dat de rechter de aansprakelijkheid van de wederpartij zal afwijzen. In dat geval zou de gevoerde discussie over de omvang van de schade en de daarvoor gemaakte kosten tevergeefs zijn geweest. Bovendien is het mogelijk dat de partijen vervolgens buiten rechte overeenstemming bereiken over de omvang van de schadevergoeding, mocht aansprakelijkheid wel door de bodemrechter zijn vastgesteld. In dat geval blijven de koste en moeite met betrekking tot de omvang gespaard. Een ander belangrijk voordeel voor de eisende partij schuilt in de hoogte van de proceskosten. Wanneer de eisende partij in de bodemprocedure enkel over de aansprakelijkheidskwestie procedeert, worden de proceskosten afgestemd op een vordering van onbepaalde waarde. Dit leidt tot lagere kosten dan wanneer in de bodemprocedure meteen een aanzienlijk bedrag aan schadevergoeding zou worden vorderen.
Hoewel de schadestaatprocedure kan worden gezien als voortzetting van de bodemprocedure, dient het als een zelfstandige procedure aanhangig te worden gemaakt. Dit gebeurt door middel van betekening van de schadestaat aan de wederpartij. Daarbij dient rekening te worden gehouden met de wettelijke vereisten die ook aan een dagvaarding worden gesteld. Inhoudelijk omvat de schadestaat ‘het beloop van de schade waarvan de vereffening wordt gevorderd, gespecificeerd wordt opgegeven’ oftewel een overzicht van de gevorderde schadeposten. Daarin is in beginsel niet nodig om betaling van de schadevergoeding opnieuw te vorderen of exacte bedrag voor iedere schadepost te noemen. De rechter zal immers zelfstandig de schade moeten begroten op basis van de aangevoerde feiten. Wel dienen in de schadestaat de gronden van de eis nader te worden vermeld. De opgestelde schadestaat is beginsel niet bindend en is het mogelijk om ook na betekening van de schadestaat nieuwe posten aan te voeren.

Het verdere verloop van de schadestaatprocedure lijkt op de gewone dagvaardingsprocedure. Zo vindt er eveneens de gewone conclusiewisseling en een zitting bij de rechter plaats. Ook kunnen in deze procedure bewijsopdrachten worden gegeven of deskundigenberichten worden verzocht en zal opnieuw griffierecht in rekening worden gebracht. Voor de gedaagde is het in deze procedure nodig om opnieuw advocaat te stellen. Indien gedaagde niet verschijnt in de schadestaatprocedure, kan verstek worden verleend. Als het aankomt op de einduitspraak, gelden daarvoor eveneens de gebruikelijk regels waarin tot betaling van alle vormen van schadevergoeding kan worden veroordeeld. De uitspraak in de schadestaatprocedure levert voorts een executoriale titel op en heeft tot gevolg dat de schade is bepaald, oftewel vereffend.

Wanneer het aankomt op de schadestaatprocedure, is het raadzaam om een advocaat te raadplegen. In het geval van de gedaagde is dit zelfs noodzakelijk. Dit is niet vreemd. Immers, het leerstuk van schadebegroting is zeer omvangrijk en complex. Heeft u te maken met schadebegroting of wilt u meer informatie over de schadestaatprocedure? Neem dan contact op met de advocaten van Law & More. De advocaten van Law & More zijn deskundig op het gebied van procesrecht en schadebegroting en voorzien u graag van juridisch advies dan wel bijstand tijdens de schadestaatprocedure.

Share