Gepubliceerd op 7 september 2025 · Laatst bijgewerkt op 29 oktober 2026
Is uw bedrijf in de kern nog gezond, dan is een herstructurering meestal de beste weg: u houdt zelf de leiding en brengt schulden en kosten weer in balans. Werkt het bedrijfsmodel zelf niet meer, dan kan een faillissement de enige realistische uitweg zijn; een curator neemt dan het beheer over en verkoopt de bezittingen voor de schuldeisers.
De belangrijkste uitzondering op die tweedeling is de WHOA, de Wet homologatie onderhands akkoord, die sinds 1 januari 2021 in de Faillissementswet staat. Daarmee legt u schuldeisers een akkoord voor dat na goedkeuring door de rechtbank ook bindend is voor schuldeisers die tegenstemden (artikel 369 tot en met 387 Faillissementswet). Hieronder leest u hoe u de signalen herkent, hoe beide trajecten verlopen en welke keuze bij uw situatie past.
Inhoudsopgave
Welke twee wegen heeft u bij financiële tegenslag?
U kiest tussen herstel via een herstructurering en afwikkeling via een faillissement. De doorslaggevende vraag is of uw bedrijf zonder de huidige schuldenlast winstgevend zou zijn. Is het antwoord ja, dan zit het probleem in de financiering en is redden zinvol. Is het antwoord nee, dan stelt een herstructurering het einde alleen uit en lopen de schulden verder op.
Die keuze heeft gevolgen voor uw personeel, klanten, leveranciers en uzelf als bestuurder. Wie te lang wacht, heeft minder opties en loopt bovendien een groter risico op persoonlijke aansprakelijkheid. Daarover meer verderop.
Wat houdt een bedrijfsherstructurering in?
Bij een herstructurering past u de organisatie, de kosten of de schulden zo aan dat het bedrijf weer gezond kan draaien. U blijft bestuurder en de vennootschap blijft bestaan. Er is geen standaardaanpak, maar meestal speelt een herstructurering zich op twee niveaus tegelijk af.
| Niveau | Waar het om gaat | Voorbeelden |
|---|---|---|
| Operationeel | De dagelijkse organisatie en de kosten | Processen stroomlijnen, huisvesting verkleinen, verlieslatende producten of vestigingen afstoten, personeel inkrimpen |
| Financieel | De verhouding tussen eigen vermogen en schulden | Leningen herschikken, gedeeltelijke kwijtschelding, uitstel van betaling, nieuw kapitaal aantrekken, een WHOA-akkoord |
Een financiële herstructurering begint meestal met onderhandelingen met de bank en de grootste schuldeisers. Lukt het niet om met alle schuldeisers vrijwillig tot overeenstemming te komen, dan biedt de WHOA een uitweg. Ontslag om bedrijfseconomische redenen buiten faillissement verloopt via het UWV en de gewone ontslagregels, met de gewone opzegtermijnen en de transitievergoeding.
Welke signalen vragen direct om actie?
- Aanhoudende kastekorten: er gaat structureel meer geld uit dan er binnenkomt.
- Lenen om rekeningen te betalen: nieuwe financiering dient alleen nog om lopende verplichtingen te voldoen.
- Krimpende marges: de kosten stijgen sneller dan de omzet.
- Achterstanden bij de Belastingdienst of pensioenfondsen: voor loonheffingen en omzetbelasting moet u betalingsonmacht binnen twee weken na de uiterste betaaldag melden; doet u dat niet, dan bent u als bestuurder sneller persoonlijk aansprakelijk (artikel 36 Invorderingswet 1990).
Wie vroeg ingrijpt, onderhandelt vanuit een sterkere positie met bank, leveranciers en verhuurder. Wie wacht tot een schuldeiser het faillissement aanvraagt, heeft die ruimte niet meer.
Hoe verloopt een faillissement stap voor stap?
Een faillissement begint met een verzoek aan de rechtbank en eindigt met de verkoop van de bezittingen en de verdeling van de opbrengst. Vanaf de uitspraak beheert een curator het vermogen, onder toezicht van een rechter-commissaris. De rechtbank kan een schuldenaar failliet verklaren die in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen (artikel 1 Faillissementswet).
Wie kan een faillissement aanvragen?
- De onderneming zelf (eigen aangifte). Bij een bv beslist de algemene vergadering daarover, tenzij de statuten anders bepalen (artikel 2:246 BW).
- Een of meer schuldeisers. Zij moeten summier aannemelijk maken dat hun vordering opeisbaar en onbetaald is en dat er minstens één andere schuldeiser is (de steunvordering).
- Het Openbaar Ministerie, om redenen van openbaar belang.
Vanaf de faillietverklaring verliest het bestuur de beschikking over het vermogen van de vennootschap (artikel 23 Faillissementswet). Dat werkt terug tot 0.00 uur van de dag van de uitspraak.
Wat doen de curator en de rechter-commissaris?
De curator, meestal een advocaat, beheert en verkoopt de boedel: voorraad, machines, vastgoed en openstaande vorderingen op klanten. Voor belangrijke stappen, zoals de verkoop van het bedrijf aan een doorstarter, heeft hij toestemming van de rechter-commissaris nodig. De curator onderzoekt ook de oorzaken van het faillissement en of er sprake is van onbehoorlijk bestuur.
Voor het personeel geldt een bijzondere regeling. De curator kan de arbeidsovereenkomsten opzeggen met een opzegtermijn van ten hoogste zes weken, ook als de gewone termijn langer is (artikel 40 Faillissementswet). Er is in faillissement geen transitievergoeding verschuldigd. Achterstallig loon wordt binnen grenzen door het UWV overgenomen via de loongarantieregeling; het loon vanaf de faillietverklaring is een boedelschuld.
In welke volgorde worden schuldeisers betaald?
| Rang | Wie | Toelichting |
|---|---|---|
| Buiten de rangorde | Pand- en hypotheekhouders (separatisten) | Kunnen zich op hun zekerheid verhalen alsof er geen faillissement is (artikel 57 Faillissementswet), zo nodig na een afkoelingsperiode |
| 1 | Boedelschuldeisers | Kosten die na de faillietverklaring ontstaan, zoals het salaris van de curator en loon en huur vanaf de faillissementsdatum |
| 2 | Preferente schuldeisers | Schuldeisers met een wettelijk voorrecht, zoals de Belastingdienst en het UWV |
| 3 | Concurrente schuldeisers | Meestal de grootste groep, zoals leveranciers; zij krijgen pas iets als de hogere rangen volledig zijn betaald |
Een voorbeeld ter illustratie. Na verkoop van alle onbezwaarde bezittingen is er € 100.000 beschikbaar. De boedelkosten bedragen € 20.000 en de belastingschuld € 50.000. Dan worden eerst de boedelkosten betaald en daarna de Belastingdienst. De resterende € 30.000 gaat naar de concurrente schuldeisers, die daardoor vaak maar een klein deel van hun vordering terugzien. Meer over de positie van schuldeisers bij een verkoop uit de boedel leest u in het artikel over faillissement en doorstart.
Hoe kiest u tussen redden en loslaten?
Een voorbeeld ter illustratie van een bedrijf dat te redden is: een softwarebedrijf met een goed product en vaste klanten, dat jaren geleden een te grote lening aanging voor een uitbreiding. De rente en aflossingen drukken zo zwaar op de kasstroom dat leveranciers te laat worden betaald. Het probleem zit in de financiering, niet in het bedrijfsmodel. Herschikking van de lening of een WHOA-akkoord ligt dan voor de hand.
Een voorbeeld ter illustratie van het omgekeerde: een winkel waarvan de markt blijvend is weggevallen, bijvoorbeeld door een nieuwe technologie. De omzet dekt de huur en de inkoop al lang niet meer, en bezuinigen verandert daar niets aan. Een herstructurering stelt het einde dan alleen uit. Een ordelijk faillissement, of een gecontroleerde beëindiging zolang er nog geld is, beperkt de schade voor alle betrokkenen.
De verschillen in één overzicht
| Aspect | Herstructurering (eventueel met WHOA) | Faillissement |
|---|---|---|
| Doel | De onderneming redden | De onderneming afwikkelen en de bezittingen te gelde maken |
| Wie heeft de leiding | Het bestuur blijft aan zet; bij de WHOA kan de rechtbank een herstructureringsdeskundige of observator aanwijzen | De curator, onder toezicht van de rechter-commissaris |
| Personeel | Gewone ontslagregels, met transitievergoeding | Opzegging door de curator met maximaal zes weken (artikel 40 Faillissementswet), geen transitievergoeding |
| Openbaarheid | Onderhandelingen zijn vertrouwelijk; de WHOA kent een besloten variant | Openbaar, met inschrijving in het Centraal Insolventieregister |
| Toekomst | Het bedrijf gaat door | De vennootschap houdt op te bestaan, tenzij een doorstart volgt |
Hoe werkt een WHOA-akkoord?
Vóór de WHOA kon één dwarsliggende schuldeiser een reddingsplan buiten faillissement blokkeren. Met de WHOA kunt u een akkoord aanbieden aan schuldeisers en aandeelhouders, ingedeeld in klassen, en de rechtbank vragen het goed te keuren. Een gehomologeerd akkoord bindt alle betrokken schuldeisers en aandeelhouders, ook in klassen die tegenstemden. Voorwaarde is dat redelijkerwijs aannemelijk is dat u niet in staat zult zijn met de betaling van uw schulden voort te gaan (artikel 370 Faillissementswet).
- Voorbereiding: u brengt de financiële situatie in kaart en stelt een akkoord op, met een vergelijking van wat schuldeisers in een faillissement zouden krijgen.
- Indeling in klassen: schuldeisers met wezenlijk verschillende rechten komen in aparte klassen, zoals zekerheidsgerechtigden, de Belastingdienst, gewone leveranciers en aandeelhouders.
- Stemming: per klasse wordt gestemd. Een klasse stemt in als twee derde van het bedrag van de vorderingen van de stemmers voor is.
- Homologatie: heeft ten minste één klasse ingestemd die in een faillissement naar verwachting een uitkering zou ontvangen, dan kunt u de rechtbank om goedkeuring vragen (artikel 383 Faillissementswet). Op verzoek van een tegenstemmer toetst de rechter onder meer of die schuldeiser niet slechter af is dan bij een faillissement.
De rechtbank Noord-Holland homologeerde op 19 februari 2021 een van de eerste akkoorden onder de WHOA (ECLI:NL:RBNHO:2021:1398). Het ging om twee vennootschappen uit één groep. De rechtbank oordeelde dat elke vennootschap in beginsel een eigen akkoord moet aanbieden, maar verbond er geen gevolgen aan omdat het in feite om twee akkoorden ging en alle klassen hadden ingestemd. Het bezwaar van een tegenstemmende concurrente schuldeiser werd verworpen: die werd met het akkoord beter bediend dan bij een faillissement. De rechtbank stond bovendien toe dat een duurovereenkomst met een schuldeiser werd opgezegd.
Dat laatste is een belangrijk instrument van de WHOA: weigert een wederpartij een verlieslatende duurovereenkomst aan te passen, dan kan de rechtbank onder voorwaarden toestemming geven om die op te zeggen (artikel 373 Faillissementswet). Arbeidsovereenkomsten vallen niet onder het akkoord.
WHOA of surseance van betaling?
Surseance van betaling geeft uitstel tegenover gewone, concurrente schuldeisers. Preferente schuldeisers, zoals de Belastingdienst, en zekerheidsgerechtigden worden er niet door gebonden. De rechtbank benoemt een bewindvoerder zonder wiens medewerking het bestuur niet over het vermogen kan beschikken. In de praktijk is surseance daardoor vaak een tussenstap naar faillissement. Bij de WHOA blijft het bestuur aan zet en kan het akkoord ook preferente schuldeisers en aandeelhouders binden.
Wanneer bent u als bestuurder persoonlijk aansprakelijk?
In beginsel niet: de bv is een aparte rechtspersoon. De curator kan u wel aanspreken voor het tekort in het faillissement als het bestuur zijn taak kennelijk onbehoorlijk heeft vervuld en dat een belangrijke oorzaak van het faillissement is (artikel 2:248 BW). Heeft het bestuur de administratieplicht (artikel 2:10 BW) of de publicatieplicht voor de jaarrekening niet nagekomen, dan staat het onbehoorlijk bestuur vast en wordt vermoed dat dit een belangrijke oorzaak is (artikel 2:248 lid 2 BW). Ook wie namens de bv nieuwe verplichtingen aangaat terwijl hij weet of moet weten dat de bv die niet kan nakomen, loopt risico. Meer hierover leest u bij bestuurdersaansprakelijkheid in de bv.
Wat regelt u als ondernemer nu al?
- Deponeer de jaarrekening op tijd bij de KVK, uiterlijk twaalf maanden na afloop van het boekjaar.
- Houd een administratie bij waaruit rechten en verplichtingen steeds te kennen zijn (artikel 2:10 BW).
- Meld betalingsonmacht voor loonheffingen en omzetbelasting binnen twee weken na de uiterste betaaldag (artikel 36 Invorderingswet 1990).
- Leg besluiten over nieuwe verplichtingen en betalingen in de periode van financiële krapte schriftelijk vast, met de onderbouwing.
- Bereid een WHOA-akkoord voor zolang de onderneming levensvatbaar is, niet pas na een faillissementsaanvraag.
Wat doet u als schuldeiser?
- Dien uw vordering met bewijsstukken in bij de curator vóór de datum die daarvoor is bepaald (artikel 110 Faillissementswet).
- Roep een eigendomsvoorbehoud tijdig in; houd rekening met een mogelijke afkoelingsperiode van maximaal vier maanden (artikel 63a Faillissementswet).
- Controleer of u een pand- of hypotheekrecht heeft waarmee u zich buiten het faillissement kunt verhalen (artikel 57 Faillissementswet).
- Ga bij een WHOA-akkoord na in welke klasse u bent ingedeeld en of u niet slechter af bent dan bij een faillissement.
Hoe helpen wij bij herstructurering of faillissement?
- Wij beoordelen met u en uw accountant welke route bij uw onderneming past.
- Wij onderhandelen met bank, leveranciers en verhuurder over uitstel, herschikking of gedeeltelijke kwijtschelding.
- Wij bereiden een WHOA-akkoord voor, stellen de klassenindeling op en verzoeken de rechtbank om homologatie.
- Wij brengen het risico op bestuurdersaansprakelijkheid in kaart.
- Wij staan u bij in een faillissementsprocedure, als schuldenaar of schuldeiser, en bij gesprekken met de curator over een doorstart.
In het kort
- De kernvraag is of het bedrijf zonder de huidige schulden winstgevend zou zijn.
- Een WHOA-akkoord kan na homologatie ook tegenstemmende schuldeisers binden, mits ten minste één klasse met uitzicht op een uitkering in faillissement instemt.
- In faillissement zegt de curator arbeidsovereenkomsten op met maximaal zes weken en is geen transitievergoeding verschuldigd.
- Een te late jaarrekening of gebrekkige administratie maakt persoonlijke aansprakelijkheid van de bestuurder veel waarschijnlijker.
Veelgestelde vraag
Kunt u na een faillissement een doorstart maken?
Ja. Bij een doorstart koopt een nieuwe of bestaande partij, soms het oude management, de gezonde onderdelen uit de boedel. De curator beslist, met toestemming van de rechter-commissaris, en moet streven naar de hoogste opbrengst voor alle schuldeisers samen. Een doorstarter is niet verplicht al het personeel over te nemen. Een onderbouwd bod waaruit blijkt dat het de beste uitkomst voor de schuldeisers is, vergroot de kans dat de curator ermee instemt.
Meer over hoe Law & More u hierbij helpt, leest u op de pagina ondernemingsrecht advocaat.