Gepubliceerd op 7 september 2020 · Laatst bijgewerkt op 8 oktober 2026
Inhoudsopgave
Wat is een dwangakkoord?
Een dwangakkoord is een beslissing van de rechtbank die een weigerende schuldeiser dwingt alsnog in te stemmen met een minnelijke schuldregeling (artikel 287a Faillissementswet, Fw). Als schuldeiser hoeft u een gedeeltelijke betaling in beginsel niet te accepteren, behalve als de rechter oordeelt dat u in redelijkheid niet tot weigering heeft kunnen komen. U vraagt een dwangakkoord aan als het minnelijk traject vastloopt omdat een of meer schuldeisers niet meewerken.
Welke mogelijkheden heeft u als schuldenaar?
U kunt een minnelijke schuldregeling proberen, toelating tot de wettelijke schuldsanering vragen of uw eigen faillissement aanvragen.
Kunt u uw openstaande schulden niet meer betalen, dan heeft u een aantal mogelijkheden. U kunt uw eigen faillissement aanvragen of verzoeken om toelating tot de wettelijke schuldsanering (WSNP, Wet schuldsanering natuurlijke personen). Ook een schuldeiser kan uw faillissement aanvragen. Voordat u tot de WSNP wordt toegelaten, doorloopt u eerst een minnelijk traject: u probeert dan met al uw schuldeisers een regeling te treffen. Werkt een of meer schuldeisers daar niet aan mee, dan kunt u de rechtbank vragen om deze schuldeisers te dwingen alsnog in te stemmen met de regeling.
Hoe werkt de procedure voor een dwangakkoord?
U dient het verzoek om een dwangakkoord tegelijk in met uw verzoek om toelating tot de WSNP, bij de rechtbank. De rechtbank roept vervolgens alle weigerende schuldeisers op voor de zitting. Zij kunnen een schriftelijk verweerschrift indienen of hun verweer tijdens de zitting voeren. De rechter beoordeelt daarna of de schuldeiser redelijkerwijs tot de weigering heeft kunnen komen.
Daarbij weegt de rechter het belang van de schuldeiser bij weigering af tegen de belangen van u als schuldenaar en van de overige schuldeisers die door die weigering worden geraakt. Komt de rechter tot het oordeel dat de schuldeiser in redelijkheid niet heeft kunnen weigeren, dan wijst hij het verzoek tot een dwangakkoord toe.
Wordt het verzoek toegewezen, dan moet de weigerende schuldeiser alsnog akkoord gaan met de aangeboden regeling en genoegen nemen met een gedeeltelijke afbetaling van de vordering. De rechtbank veroordeelt de weigerende schuldeiser dan ook in de proceskosten. Wijst de rechtbank het verzoek af, dan beoordeelt zij of u alsnog tot de schuldsanering kunt worden toegelaten, als u dat verzoek handhaaft.
Moet u als schuldeiser akkoord gaan?
Nee, niet zonder meer. Het uitgangspunt is dat u als schuldeiser recht heeft op volledige betaling van uw vordering. U hoeft dan ook niet in te stemmen met een gedeeltelijke betaling of een minnelijke betalingsregeling.
De rechter houdt bij de beoordeling van het verzoek rekening met verschillende feiten en omstandigheden. Hij toetst daarbij vaak aan de volgende aspecten:
- is er sprake van een goed en betrouwbaar gedocumenteerd voorstel;
- is het saneringsvoorstel getoetst door een onafhankelijke en deskundige partij, bijvoorbeeld een gemeentelijke kredietbank;
- is voldoende duidelijk gemaakt dat het aanbod het uiterste is waartoe de schuldenaar financieel in staat moet worden geacht;
- biedt het alternatief van faillissement of schuldsanering enig uitzicht voor de schuldenaar;
- biedt het alternatief van faillissement of schuldsanering enig uitzicht voor de schuldeiser, oftewel: hoe groot is de kans dat de weigerende schuldeiser dan evenveel of meer ontvangt;
- werkt gedwongen medewerking aan de schuldregeling concurrentieverstorend voor de schuldeiser;
- bestaat er precedentwerking voor vergelijkbare gevallen;
- hoe zwaar weegt het financiële belang van de schuldeiser bij volledige nakoming;
- hoe groot is het aandeel van de weigerende schuldeiser in de totale schuldenlast;
- staat de weigerende schuldeiser alleen tegenover de overige, wel instemmende schuldeisers;
- is er eerder een minnelijke of gedwongen schuldregeling geweest die niet naar behoren is nagekomen.
Hoe pakt de rechter dit in de praktijk uit? Een voorbeeld
De rechter beslist per geval. Een schuldeiser mag bijvoorbeeld weigeren als het aanbod niet het uiterste is wat de schuldenaar kan betalen.
Een voorbeeld ter illustratie, gebaseerd op een uitspraak van het Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch van 9 juli 2020 (ECLI:NL:GHSHE:2020:2101): de schuldenaar had een minnelijke regeling aangeboden die volgens het hof niet kon worden beschouwd als het uiterste waartoe zij financieel redelijkerwijs in staat moest worden geacht. Van belang was dat de schuldenaar nog relatief jong was en mede daardoor over een grote potentiële verdiencapaciteit beschikte.
Zij zou bovendien op korte termijn een werkstage vervullen, waardoor het in de lijn der verwachting lag dat zij een betaalde baan zou vinden. Deze arbeidsverwachtingen waren in de aangeboden regeling niet meegenomen, waardoor ook onduidelijk bleef wat de weg van de wettelijke schuldsanering voor uitkomsten zou bieden. Verder betrof de vordering van de weigerende schuldeiser een groot aandeel van de totale schuldenlast. Het hof oordeelde dat deze schuldeiser in redelijkheid mocht weigeren in te stemmen met de minnelijke regeling.
Dit voorbeeld illustreert dat de uitkomst sterk afhangt van de specifieke feiten en omstandigheden van uw zaak. Of u als schuldeiser mag weigeren akkoord te gaan met een minnelijke regeling, verschilt dus per geval.
Waar let u als schuldenaar op?
- Dien het verzoek om een dwangakkoord tegelijk in met uw verzoek om toelating tot de WSNP (art. 287a Fw).
- Laat uw voorstel toetsen door een onafhankelijke deskundige, zoals de gemeentelijke kredietbank of schuldhulpverlening.
- Onderbouw met stukken dat uw aanbod het uiterste is wat u kunt betalen, ook gelet op uw toekomstige inkomen.
- Voeg de verklaring van de gemeente toe waaruit blijkt dat een minnelijke regeling niet is gelukt (art. 285 Fw).
Waar let u als schuldeiser op?
- Controleer of het aanbod is getoetst door een onafhankelijke partij en hoe de afloscapaciteit is berekend.
- Vergelijk het aanbod met wat u bij schuldsanering of faillissement naar verwachting zou ontvangen.
- Dien vóór de zitting een schriftelijk verweerschrift in of voer uw verweer op de zitting.
- Wijs op uw aandeel in de totale schuldenlast en op eerdere regelingen die niet zijn nagekomen.
Wat kunnen wij voor u doen bij een dwangakkoord?
Wij staan zowel schuldenaars als schuldeisers bij in een procedure over een dwangakkoord.
- Wij toetsen of het schuldregelingsvoorstel voldoet aan de maatstaven die rechters hanteren.
- Wij stellen het verzoek om een dwangakkoord op grond van art. 287a Fw op, of het verweerschrift namens de weigerende schuldeiser.
- Wij berekenen wat de schuldeiser bij schuldsanering of faillissement naar verwachting zou ontvangen.
- Wij staan u bij op de zitting bij de rechtbank.
- Wij beoordelen na de uitspraak of hoger beroep zinvol is en bewaken de korte beroepstermijn.
Samengevat
- Een dwangakkoord dwingt een weigerende schuldeiser om alsnog in te stemmen met uw schuldregeling (art. 287a Fw).
- U vraagt dit tegelijk aan met uw verzoek om toelating tot de WSNP.
- De rechter toetst of de schuldeiser in redelijkheid niet heeft kunnen weigeren, gelet op de belangen van alle betrokkenen.
- Als schuldeiser heeft u in beginsel recht op volledige betaling, maar de rechter kan u toch tot instemming dwingen.
- Wordt het verzoek toegewezen, dan draait de weigerende schuldeiser ook op voor de proceskosten.
[1] Gerechtshof ’s-Hertogenbosch 9 juli 2020, ECLI:NL:GHSHE:2020:2101.
[2] Gerechtshof ‘s-Hertogenbosch 12 april 2018, ECLI:NL:GHSHE:2018:1583.
Meer over hoe Law & More u hierbij helpt, leest u op de pagina civiel recht advocaat.