Laatst bijgewerkt op 22 oktober 2026
Verjaring is de termijn waarna een vordering niet meer kan worden afgedwongen. De vordering verdwijnt niet helemaal, maar wordt onafdwingbaar: de schuldenaar kan zich op verjaring beroepen en de rechter moet de vordering dan afwijzen.
Inhoudsopgave
De termijnen die ertoe doen
Artikel 3:306 BW kent een algemene termijn van twintig jaar, maar de kortere termijnen gelden veel vaker. Een vordering tot nakoming van een contractuele verbintenis verjaart na vijf jaar op grond van artikel 3:307 BW, te rekenen vanaf de dag na opeisbaarheid. Een vordering tot schadevergoeding, uit contract of onrechtmatige daad, verjaart na vijf jaar op grond van artikel 3:310 BW, te rekenen vanaf de dag nadat de benadeelde zowel met de schade als met de aansprakelijke persoon bekend is geworden, met een absolute grens van twintig jaar na de schadeveroorzakende gebeurtenis.
Daarnaast bestaan bijzondere termijnen, en bij personenschade geldt de twintigjaarsgrens niet.
Stuiting
De artikelen 3:316 tot en met 3:318 BW regelen de stuiting. Het instellen van een eis stuit de verjaring, evenals erkenning door de schuldenaar, en ook een schriftelijke aanmaning op grond van artikel 3:317 BW waarin de schuldeiser zich ondubbelzinnig zijn recht op nakoming voorbehoudt. Na stuiting begint een nieuwe termijn van dezelfde lengte, met een maximum van vijf jaar als de oorspronkelijke langer was.
Zo’n aanmaning moet duidelijk zijn. Een bericht met de vraag wanneer betaling kan worden verwacht is doorgaans niet genoeg; een brief waarin staat dat de vordering wordt gehandhaafd en betaling wordt gevorderd wel.
Waar het misgaat
Schuldeisers gaan er regelmatig van uit dat onderhandelingen de termijn opschorten. Dat is niet zo. Langdurig schikkingsoverleg is de klassieke manier waarop een vordering verjaart, en de oplossing is een korte stuitingsbrief elke paar jaar of een schriftelijke afspraak om de termijn te verlengen.
Wanneer verjaart een schuld?
Een gewone schuld uit een overeenkomst verjaart na 5 jaar, maar voor een aantal schulden geldt een andere termijn. De termijn begint meestal op de dag na de dag waarop de betaling opeisbaar werd.
- Consumentenkoop: de vordering van de verkoper tot betaling van de koopprijs verjaart na 2 jaar (art. 7:28 BW). Dit geldt ook voor de levering van gas en elektriciteit aan consumenten.
- Periodieke betalingen: huur, rente en alimentatie verjaren per termijn na 5 jaar (art. 3:308 BW).
- Vonnis: een vonnis kunt u 20 jaar ten uitvoer leggen. Voor rente en andere periodieke bedragen uit dat vonnis geldt 5 jaar (art. 3:324 BW).
Hoe werkt verjaring bij een onrechtmatige daad?
Een vordering uit onrechtmatige daad verjaart 5 jaar nadat u de schade en de aansprakelijke persoon daadwerkelijk kent, en uiterlijk 20 jaar na de schadeveroorzakende gebeurtenis (art. 3:310 lid 1 BW). Het gaat om werkelijke kennis, niet om wat u had kunnen weten.
Een voorbeeld: de gebeurtenis vond plaats in 2019, maar u ontdekte de schade en de veroorzaker pas in 2024. Dan kunt u tot 2029 vorderen. Bij verontreiniging van lucht, water of bodem geldt een buitengrens van 30 jaar (art. 3:310 lid 2 BW).
Veelgestelde vragen
Moet ik een verjaarde schuld nog betalen?
Nee, maar u moet de verjaring zelf inroepen. De rechter doet dat niet uit zichzelf (art. 3:322 BW). Betaalt u toch, dan kunt u het geld niet terugvorderen: de schuld blijft bestaan als natuurlijke verbintenis (art. 6:3 BW).
Begint de termijn opnieuw na een betalingsherinnering?
Alleen als de brief voldoet aan de eisen voor stuiting van verjaring. Na stuiting begint een nieuwe termijn van maximaal 5 jaar.
Verwante begrippen
Zie ook wanprestatie, ingebrekestelling en conservatoir beslag.
Verder lezen
Uitgebreider over dit onderwerp: Verjaring van vorderingen begrijpelijk uitgelegd, Verjaring van de erfgrens: hoe u bewijst dat de grond van u is, Verjaring vordering wordt gestuit door betalingsbelofte schuldenaar in de vorm van schulderkenning.
Lees meer over ons civiel recht. Twijfelt u of uw vordering nog bestaat, leg die vraag dan voor binnen onze praktijk civiel recht.