facebook lawandmore.nl   instagram lawandmore.nl   linkedin lawandmore.nl   twitter lawandmore.nl

Afspraak

Law & More Logo

Wanneer een werknemer ziek is, moeten beide partijen samenwerken aan herstel en re-integratie.

Maar wat gebeurt er als een zieke werknemer deze verplichtingen niet nakomt?

Een zieke werknemer en een manager in een kantoor, in een serieuze bespreking aan een tafel.

Een werknemer wordt als samenwerkingsonwillig beschouwd wanneer hij of zij zonder geldige reden weigert mee te werken aan re-integratie activiteiten, afspraken met de bedrijfsarts niet nakomt, of passend werk weigert.

Dit kan serieuze gevolgen hebben voor de loondoorbetalingsplicht en zelfs voor het dienstverband.

Het vaststellen van samenwerkingsonwilligheid is niet eenvoudig.

Werkgevers moeten aan strikte criteria voldoen en het UWV beoordeelt elke situatie zorgvuldig.

Dit artikel legt uit wanneer een werknemer samenwerkingsonwillig is, welke rol de werkgever speelt, en hoe het beoordelingsproces werkt.

Definitie van samenwerkingsonwilligheid

Een groep werknemers en een manager in een kantoor vergaderen met een gespannen sfeer, waarbij één werknemer terughoudend lijkt.

Samenwerkingsonwilligheid bij ziekteverzuim ontstaat wanneer een werknemer bewust of structureel weigert mee te werken aan zijn herstel en re-integratie.

Dit gedrag kan leiden tot stopzetting van loondoorbetaling en zelfs ontslag.

Betekenis in de context van ziekteverzuim

Samenwerkingsonwilligheid betekent dat een zieke werknemer niet voldoet aan zijn verplichtingen tijdens de re-integratie.

De werknemer moet actief meewerken aan zijn herstel en terugkeer naar werk.

Dit houdt in dat hij afspraken met de bedrijfsarts nakomt.

Hij moet voorgeschreven behandelingen volgen en passend werk accepteren als dat wordt aangeboden.

Voorbeelden van samenwerkingsonwillig gedrag:

  • Niet verschijnen bij afspraken met de bedrijfsarts zonder geldige reden
  • Weigeren van passend werk dat binnen medische mogelijkheden ligt
  • Niet volgen van medische adviezen of behandeltrajecten
  • Activiteiten ondernemen die herstel belemmeren
  • Niet meewerken aan het opstellen van een re-integratieplan

Een enkele gemiste afspraak maakt iemand nog geen samenwerkingsonwillige werknemer.

Er moet sprake zijn van een patroon van onwillig gedrag.

Juridisch kader en wettelijke verplichtingen

De Wet verbetering poortwachter (WVP) legt verplichtingen op aan zowel werkgever als werknemer.

Beide partijen moeten zich maximaal inspannen voor herstel en werkhervatting.

De werknemer is verplicht:

  • Mee te werken aan zijn re-integratie
  • Voorgeschreven maatregelen op te volgen
  • Passend werk te accepteren
  • Zich te houden aan afspraken in het plan van aanpak

Bij structurele weigering kan de werkgever het UWV om een oordeel vragen.

Het UWV beoordeelt of de werknemer inderdaad samenwerkingsonwillig is.

Als dit wordt vastgesteld, mag de werkgever de loondoorbetaling stopzetten of zelfs tot ontslag overgaan.

Rol van wederzijds vertrouwen

Wederzijds vertrouwen vormt de basis voor succesvolle re-integratie.

Zonder vertrouwen wordt samenwerking moeilijk en kunnen misverstanden ontstaan.

De werkgever moet de werknemer serieus nemen en zijn beperkingen respecteren.

Hij moet passende begeleiding en aangepast werk aanbieden waar mogelijk.

De werknemer moet open communiceren over zijn klachten en mogelijkheden.

Hij toont zijn bereidheid om te herstellen en terug te keren naar werk.

Wanneer dit vertrouwen ontbreekt, kan dit leiden tot conflicten.

Een werknemer die zich niet gehoord voelt, kan minder gemotiveerd zijn om mee te werken.

Dit betekent echter niet automatisch dat hij samenwerkingsonwillig is volgens de wet.

Criteria voor samenwerkingsonwilligheid bij ziekte

Een groep zakelijke professionals in een kantoor die een serieus gesprek voert over samenwerking tijdens ziekte.

Een werknemer moet actief meewerken aan zijn herstel en terugkeer naar werk.

De wet stelt duidelijke eisen aan deze medewerking, maar sommige situaties zijn lastiger te beoordelen dan andere.

Eisen aan de werknemer tijdens re-integratie

De Wet verbetering poortwachter verplicht een zieke werknemer om mee te werken aan re-integratie.

Hij moet zich houden aan de afspraken met de bedrijfsarts.

Dit betekent dat hij voorgeschreven behandelingen moet volgen en adviezen moet opvolgen.

De werknemer moet bereikbaar zijn tijdens het ziekteverzuim.

Hij geeft zijn werkgever actuele contactgegevens.

Afspraken met de bedrijfsarts of andere zorgverleners moet hij bijwonen.

Belangrijke verplichtingen:

  • Meewerken aan opstellen van een plan van aanpak
  • Voorgesteld passend werk aanvaarden
  • Deelnemen aan re-integratieactiviteiten
  • Informatie verstrekken over de gezondheidssituatie (voor zover relevant)
  • Reageren op verzoeken van werkgever en bedrijfsarts

De werknemer hoeft geen behandelingen te ondergaan die medisch niet nodig zijn.

Hij mag een second opinion vragen bij twijfel over het advies van de bedrijfsarts.

Voorbeelden van onvoldoende medewerking

Samenwerkingsonwilligheid toont zich in concrete gedragingen.

Een werknemer die herhaaldelijk niet verschijnt bij de bedrijfsarts zonder geldige reden is samenwerkingsonwillig.

Hetzelfde geldt voor iemand die weigert passend werk te doen terwijl de bedrijfsarts dit goedkeurt.

Het negeren van afspraken uit het plan van aanpak is een duidelijk voorbeeld.

Ook het niet bereikbaar zijn zonder goede verklaring valt hieronder.

Sommige werknemers weigeren mededelingen te doen over hun situatie die nodig zijn voor re-integratie.

Een werknemer die bewust zijn herstel vertraagt door medische adviezen te negeren, werkt niet mee.

Dit geldt ook voor iemand die voorgestelde aanpassingen in werktijden of -taken afwijst zonder onderbouwing.

Onduidelijke situaties en grijze gebieden

Niet elke situatie is zwart-wit.

Een werknemer die alternatieve behandelingen prefereert boven schuldig medische behandeling zit in een grijs gebied.

De bedrijfsarts moet beoordelen of dit redelijk is.

Psychische klachten maken beoordeling vaak ingewikkelder.

Angst voor terugkeer naar werk kan een symptoom zijn of een teken van onwil.

De bedrijfsarts bepaalt dit onderscheid.

Meningsverschillen over de passendheid van aangeboden werk komen regelmatig voor.

De werknemer vindt het werk misschien te zwaar, terwijl de werkgever het passend acht.

Een deskundigenoordeel van het UWV kan hier uitkomst bieden.

Soms is onduidelijk of iemand echt niet bereikbaar was of bewust contact vermeed.

De werkgever moet dan eerst waarschuwen en duidelijke afspraken maken.

Pas bij herhaaldelijk gedrag ontstaat samenwerkingsonwilligheid.

Verantwoordelijkheden van de werkgever

De werkgever moet actief sturen op re-integratie, duidelijke afspraken vastleggen en tijdig ingrijpen wanneer een zieke werknemer niet meewerkt aan herstel.

Begeleiding en communicatie

De werkgever draagt de verantwoordelijkheid voor een goede re-integratiebegeleiding.

Dit betekent dat hij regelmatig contact onderhoudt met de zieke werknemer en duidelijk communiceert over verwachtingen.

Hij moet de werknemer informeren over:

  • De verplichtingen tijdens ziekte
  • Aangepast werk of werkzaamheden
  • Afspraken met de bedrijfsarts
  • Consequenties bij niet-meewerken

De werkgever hoeft niet alles zelf te doen.

Hij kan een arbeidsdeskundige of casemanager inschakelen voor professionele ondersteuning.

Communicatie moet schriftelijk worden bevestigd.

Dit voorkomt onduidelijkheid over wat er is afgesproken en wanneer.

Vastlegging van afspraken

Alle gemaakte afspraken moeten op papier staan.

De werkgever legt concrete re-integratieafspraken vast in een plan van aanpak.

Dit plan bevat:

  • Te nemen stappen voor herstel en terugkeer
  • Concrete taken die de werknemer kan uitvoeren
  • Termijnen waarbinnen acties plaatsvinden
  • Evaluatiemomenten om voortgang te bespreken

De werkgever moet de werknemer een exemplaar van alle afspraken geven.

Ook verslagen van gesprekken met de bedrijfsarts of andere betrokkenen worden gedocumenteerd.

Deze vastlegging is belangrijk bewijs.

Als de werknemer later ontkent dat afspraken zijn gemaakt, kan de werkgever aantonen wat er is besproken.

Signaleren van samenwerkingsproblemen

De werkgever moet signalen van samenwerkingsonwil herkennen. Dit betekent dat hij alert is op gedrag dat re-integratie belemmert.

Voorbeelden van signalen zijn het niet nakomen van afspraken, afwezigheid bij gesprekken of weigering om aangepast werk te verrichten. Ook onduidelijke mededelingen over beperkingen kunnen een signaal zijn.

Wanneer de werkgever deze signalen ziet, moet hij direct actie ondernemen. Hij spreekt de werknemer hierop aan en vraagt om uitleg.

De werkgever waarschuwt de werknemer schriftelijk. Hij geeft aan welk gedrag hij verwacht en wat de consequenties zijn bij verdere niet-medewerking.

Dit creëert een heldere basis voor eventuele verdere stappen.

Gevolgen van samenwerkingsonwilligheid

Een werknemer die niet meewerkt aan re-integratie loopt het risico op financiële sancties en een verstoord herstelproces. De werkgever heeft wettelijke mogelijkheden om op te treden.

Risico’s voor de werknemer

De belangrijkste consequentie is dat de werknemer zijn recht op loondoorbetaling kan verliezen. Dit gebeurt niet direct, maar na een zorgvuldig proces waarin de werkgever waarschuwingen geeft.

Een andere consequentie is dat UWV bij een latere WIA-aanvraag negatief kan oordelen. Als blijkt dat de werknemer niet heeft meegewerkt, kan dit leiden tot een lagere uitkering of zelfs afwijzing.

De werknemer moet kunnen aantonen dat hij actief heeft bijgedragen aan zijn herstel. Daarnaast kan samenwerkingsonwilligheid de arbeidsrelatie beschadigen.

Het vertrouwen tussen werkgever en werknemer raakt verstoord. Dit maakt terugkeer naar werk moeilijker, zelfs als de gezondheid verbetert.

Sancties zoals loondoorbetaling opschorten

De werkgever mag de loondoorbetaling stopzetten als de werknemer blijvend weigert mee te werken. Dit moet wel volgens strikte regels gebeuren.

Eerst geeft de werkgever een schriftelijke waarschuwing waarin staat wat er mis gaat. De werknemer krijgt een redelijke termijn om zijn gedrag aan te passen.

Pas als dit niet gebeurt, mag de werkgever het loon opschorten. De werkgever moet kunnen bewijzen dat de werknemer echt onwillig is en niet onmachtig.

Belangrijke voorwaarden:

  • Duidelijke schriftelijke waarschuwing
  • Concrete voorbeelden van niet-meewerken
  • Redelijke termijn om gedrag te verbeteren
  • Bewijs van onwilligheid

Impact op het re-integratietraject

Samenwerkingsonwilligheid verstoort het hele re-integratieproces. De bedrijfsarts kan geen goed herstelplan maken zonder input van de werknemer.

Afspraken worden niet nagekomen en voortgang stagneert. Het traject duurt hierdoor langer dan nodig.

De arbeidsdeskundige en andere professionals kunnen hun werk niet goed doen. Zij zijn afhankelijk van de actieve deelname van de werknemer.

Zonder medewerking mislukken re-integratie-inspanningen, zelfs bij goed opgezette trajecten.

Hoe beoordeelt het UWV samenwerkingsonwilligheid?

Het UWV volgt een vaste procedure om te bepalen of een werknemer samenwerkingsonwillig is. Deze beoordeling gebeurt aan de hand van medische documenten, eigen onderzoek en verslagen van gesprekken.

Rol van medische rapportages

Medische rapportages vormen de basis voor de beoordeling van het UWV. De bedrijfsarts levert informatie over de gezondheidstoestand van de werknemer en de mogelijkheden om te werken.

Het UWV bekijkt of de werknemer medische adviezen opvolgt. Dit kan gaan om voorgeschreven behandelingen, medicatie of therapieën.

De rapportages moeten aantonen of de werknemer actief meewerkt aan herstel. Ook de medische diagnose speelt een rol.

Het UWV controleert of de klachten een rechtvaardige reden zijn om niet te werken. Bij twijfel kan het UWV een eigen arts inschakelen voor een second opinion.

Onderzoek door het UWV

Het UWV voert zelf onderzoek uit wanneer een werkgever melding maakt van mogelijke samenwerkingsonwilligheid. Een verzekeringsarts bestudeert alle medische informatie en kan de werknemer uitnodigen voor een onderzoek.

Tijdens dit onderzoek beoordeelt de arts de medische beperkingen. De arts stelt vragen over de klachten, behandelingen en het functioneren van de werknemer.

Deze informatie vergelijkt het UWV met eerdere rapportages van de bedrijfsarts. Het UWV controleert ook of de werknemer afspraken nakomt.

Dit betekent dat ze kijken naar gemiste afspraken, geweigerde werkzaamheden of het niet uitvoeren van re-integratieactiviteiten. Het onderzoek resulteert in een besluit over de loondoorbetalingsverplichting.

Belang van gespreksverslagen

Gespreksverslagen zijn belangrijk bewijs in de beoordeling. Werkgevers moeten alle contactmomenten met de werknemer documenteren.

Deze verslagen tonen het gedrag en de houding van de werknemer. Het UWV leest deze verslagen om een patroon te herkennen.

Wanneer een werknemer herhaaldelijk afspraken verzet, negatief reageert of weigert mee te werken, weegt dit zwaar. Eenmalige incidenten leiden meestal niet direct tot een oordeel van samenwerkingsonwilligheid.

De verslagen moeten feitelijk en objectief zijn. Persoonlijke meningen of aannames helpen niet bij de beoordeling.

Data, tijdstippen en exacte uitspraken van de werknemer maken een verslag sterker.

Veelvoorkomende valkuilen en misverstanden

Werkgevers en werknemers maken regelmatig fouten bij het beoordelen van samenwerkingsonwilligheid tijdens ziekte. Deze fouten leiden vaak tot onnodige conflicten en juridische problemen.

Interpretatiefouten door werkgevers

Werkgevers beoordelen soms te snel dat een zieke werknemer niet meewerkt. Een veelgemaakte fout is het interpreteren van angst of onzekerheid als onwil.

Een werknemer die twijfelt over een re-integratievoorstel is niet automatisch onwillig. Een andere fout is het niet herkennen van medische beperkingen.

Als een werknemer niet verschijnt bij een afspraak vanwege zijn ziekte, is dat geen onwil. De werkgever moet eerst controleren of de afwezigheid met de ziekte te maken heeft.

Werkgevers vergissen zich ook vaak over de snelheid van herstel. Ze verwachten soms dat werknemers sneller terugkeren dan medisch mogelijk is.

Dit leidt tot onredelijke eisen die de werknemer niet kan nakomen. Het negeren van bedrijfsarts-adviezen is een ernstige fout.

Als de bedrijfsarts aangeeft dat bepaalde taken nog niet mogelijk zijn, mag de werkgever dit niet zien als onwil van de werknemer.

Onterechte verwijten aan werknemers

Werknemers krijgen soms onterecht het verwijt dat ze niet meewerken. Dit gebeurt vooral wanneer ze bezwaar maken tegen voorgestelde re-integratiemaatregelen.

Het uiten van bezwaren is echter een recht en geen vorm van onwil. Een werknemer die een second opinion vraagt, werkt niet automatisch tegen.

Dit is een legitiem instrument binnen de Wet verbetering poortwachter. De werkgever mag dit niet zien als gebrek aan medewerking.

Ook het niet direct akkoord gaan met voorgestelde werkzaamheden betekent geen onwil. De werknemer mag redelijke bedenkingen hebben over passend werk.

Hij moet wel concrete argumenten geven waarom het werk niet past.

Belangrijke punten:

  • Bezwaar maken ≠ niet meewerken
  • Vragen stellen ≠ tegenwerken
  • Twijfelen ≠ weigeren

Het weigeren van medisch onverantwoord werk is nooit onwil. De werknemer mag werk afwijzen dat zijn gezondheid verder schaadt.

Miscommunicatie over afspraken

Onduidelijke communicatie veroorzaakt veel problemen rondom re-integratie. Werkgevers en werknemers interpreteren afspraken vaak verschillend.

Dit leidt tot situaties waarin beide partijen denken dat de ander niet meewerkt. Het niet schriftelijk vastleggen van afspraken is een veelvoorkomend probleem.

Mondeling gemaakte afspraken leiden tot misverstanden over wat precies is besproken. Beide partijen herinneren zich soms andere details.

Onduidelijkheid over verwachtingen speelt ook een grote rol. Als de werkgever niet duidelijk uitlegt wat hij van de werknemer verwacht, kan de werknemer niet goed meewerken.

Dit geldt ook andersom voor verwachtingen van de werknemer. Taalproblemen en culturele verschillen maken communicatie extra moeilijk.

Niet elke werknemer begrijpt juridische termen of medische uitleg even goed. De werkgever moet ervoor zorgen dat de werknemer de informatie begrijpt.

Het niet tijdig reageren op berichten creëert ook problemen. Als een partij lang wacht met antwoorden, denkt de andere partij snel aan onwil.

Veelgestelde vragen

Werkgevers en werknemers hebben vaak vragen over wanneer gedrag van een zieke werknemer als samenwerkingsonwillig beschouwd kan worden. De antwoorden hieronder verduidelijken de tekenen, eisen en procedures rondom dit onderwerp.

Wat zijn de tekenen van onvoldoende medewerking van een zieke werknemer?

Een zieke werknemer toont onvoldoende medewerking wanneer hij herhaaldelijk afspraken met de bedrijfsarts mist zonder geldige reden. Ook het weigeren van voorgestelde re-integratiemaatregelen is een teken.

Andere signalen zijn het niet beantwoorden van telefoontjes of e-mails van de werkgever over het ziekteverloop. Wanneer een werknemer de voorgeschreven behandeling door een arts niet volgt zonder goede uitleg, kan dit ook duiden op gebrek aan medewerking.

Het actief tegenwerken van het re-integratieproces valt hier ook onder. Dit gebeurt bijvoorbeeld als iemand aangepast werk weigert dat hij wel kan uitvoeren.

Aan welke eisen moet voldaan worden bij het vaststellen van samenwerkingsonwil bij ziekte?

De werkgever moet kunnen aantonen dat de werknemer duidelijk op de hoogte was van zijn verplichtingen. Er moeten concrete voorbeelden zijn van momenten waarop de werknemer niet meewerkte.

De werkgever dient de werknemer eerst schriftelijk te waarschuwen over het gebrek aan medewerking. In deze waarschuwing moet staan welk gedrag verwacht wordt en wat de gevolgen zijn bij verdere weigering.

Een bedrijfsarts moet betrokken zijn geweest bij het re-integratietraject. De voorgestelde maatregelen moeten passend zijn bij de gezondheidssituatie van de werknemer.

De werkgever mag geen onredelijke eisen stellen die de werknemer niet kan vervullen vanwege zijn ziekte.

Hoe kan een werkgever omgaan met een zieke werknemer die adviezen van de bedrijfsarts niet opvolgt?

De werkgever bespreekt eerst met de werknemer waarom hij de adviezen niet opvolgt. Soms zijn er begrijpelijke redenen die tot een andere aanpak kunnen leiden.

Als de werknemer zonder goede reden weigert, stuurt de werkgever een schriftelijke waarschuwing. In deze brief staat welke adviezen niet opgevolgd worden en welke gevolgen dit heeft.

De werkgever informeert de bedrijfsarts over de situatie. De bedrijfsarts kan beoordelen of de adviezen aangepast moeten worden of dat er werkelijk sprake is van onwil.

Bij blijvende weigering kan de werkgever overwegen om de loonbetaling stop te zetten.

Welke stappen moet een werkgever ondernemen als er sprake is van samenwerkingsonwil bij een zieke werknemer?

De werkgever voert eerst een gesprek met de werknemer om de situatie te bespreken. Hij legt uit welke medewerking hij verwacht en vraagt naar eventuele belemmeringen.

Na dit gesprek volgt een schriftelijke waarschuwing als het gedrag niet verbetert. Deze waarschuwing bevat concrete voorbeelden van het onwillige gedrag en een duidelijke termijn voor verbetering.

De werkgever overlegt met de bedrijfsarts over de situatie. Hij vraagt of de bedrijfsarts het gebrek aan medewerking ook waarneemt en vastlegt.

Als de werknemer na de waarschuwing niet meewerkt, kan de werkgever het loon opschorten. Dit moet wel gebeuren volgens de juiste procedure.

De werkgever kan ook contact opnemen met het UWV voor een deskundigenoordeel.

Wat zijn de gevolgen voor een zieke werknemer die als samenwerkingsonwillig wordt beschouwd?

De werkgever mag de loonbetaling stopzetten bij vastgestelde samenwerkingsonwil. Dit gebeurt meestal nadat de werknemer een officiële waarschuwing heeft gekregen en de situatie niet verbeterd is.

De werknemer verliest ook het recht op een WIA-uitkering als het UWV de samenwerkingsonwil bevestigt. Het UWV beoordeelt of de werkgever terecht aanspraak maakt op samenwerkingsonwil.

In ernstige gevallen kan de werkgever ontslag aanvragen bij het UWV. Een ontslag op deze grond heeft negatieve gevolgen voor toekomstige werkzoekenden.

De werknemer kan een langere tijd geen WW-uitkering krijgen als sanctie voor het niet meewerken.

Op welke wijze dient een werkgever het dossier te documenteren in geval van samenwerkingsonwil?

De werkgever moet alle communicatie met de werknemer bewaren. Dit omvat e-mails, brieven en verslagen van gesprekken met data en concrete afspraken.

Hij verzamelt bewijsstukken van gemiste afspraken en geweigerde maatregelen. Rapportages van de bedrijfsarts over het re-integratietraject horen ook in het dossier.

Alle waarschuwingen moeten schriftelijk zijn en in het dossier zitten. De werkgever noteert welke stappen hij heeft ondernomen om de werknemer te begeleiden.

Ook eventuele reacties of bezwaren van de werknemer worden gedocumenteerd. Het dossier bevat het re-integratieplan en alle updates daarvan.

De werkgever houdt bij wanneer en hoe vaak hij contact heeft gezocht met de werknemer over zijn herstel en werkhervatting.

Privacy Settings
We use cookies to enhance your experience while using our website. If you are using our Services via a browser you can restrict, block or remove cookies through your web browser settings. We also use content and scripts from third parties that may use tracking technologies. You can selectively provide your consent below to allow such third party embeds. For complete information about the cookies we use, data we collect and how we process them, please check our Privacy Policy
Youtube
Consent to display content from - Youtube
Vimeo
Consent to display content from - Vimeo
Google Maps
Consent to display content from - Google
Spotify
Consent to display content from - Spotify
Sound Cloud
Consent to display content from - Sound

facebook lawandmore.nl   instagram lawandmore.nl   linkedin lawandmore.nl   twitter lawandmore.nl