Een strafbeschikking is een straf die het Openbaar Ministerie zelf oplegt, zonder dat er een rechter aan te pas komt. Er staat in wat u volgens de officier van justitie hebt gedaan en welke straf daarbij hoort. Het is geen voorstel en geen schikking: het OM stelt daarin vast dat u het feit hebt begaan. Bent u het er niet mee eens, dan moet u in verzet, en daarvoor hebt u in de meeste gevallen veertien dagen. Betaalt u, dan aanvaardt u de beschikking en is verzet niet meer mogelijk.
In welke zaken kan het Openbaar Ministerie zelf straffen?
Niet in alle zaken. Artikel 257a van het Wetboek van Strafvordering laat de officier van justitie een strafbeschikking uitvaardigen bij overtredingen en bij misdrijven waarop naar de wettelijke omschrijving maximaal zes jaar gevangenisstraf staat. Ligt het strafmaximum daarboven, dan kan de zaak alleen via een dagvaarding bij de rechter komen.
In de praktijk gaat het om zaken als rijden onder invloed, winkeldiefstal, vernieling, eenvoudige mishandeling en een deel van de verkeersdelicten. Dat het OM de zaak zelf mag afdoen, betekent niet dat het altijd gebeurt. De officier kan nog steeds besluiten te dagvaarden of de zaak te seponeren. Welke van die drie routes wordt gekozen en wat het verschil voor u betekent, leest u in OM-transactie, strafbeschikking of dagvaarding: wat is het verschil voor u?
Er zit een voorwaarde aan die vaak over het hoofd wordt gezien. De officier van justitie mag een strafbeschikking alleen uitvaardigen als hij vaststelt dat u het feit hebt begaan. Er zit dus een schuldvaststelling in. Dat is precies het verschil met de vroegere transactie, waarbij u een bedrag betaalde om vervolging te voorkomen. Die transactie bestaat niet meer, en dat verschil verklaart waarom een strafbeschikking wel tot registratie kan leiden.
Welke straffen kan het OM opleggen, en welke niet?
Artikel 257a, tweede lid noemt de straffen en maatregelen die de officier van justitie zelf kan opleggen: een taakstraf van ten hoogste honderdtachtig uren, een geldboete, onttrekking aan het verkeer, de verplichting tot betaling aan de staat van een geldsom ten behoeve van het slachtoffer, en een ontzegging van de bevoegdheid tot het besturen van motorrijtuigen voor ten hoogste zes maanden. Het derde lid voegt daaraan aanwijzingen toe waaraan u moet voldoen, zoals afstand doen van in beslag genomen voorwerpen, het uitleveren of vergoeden van voorwerpen die vatbaar zijn voor verbeurdverklaring, en aanwijzingen over uw gedrag.
Wat het OM niet kan, is een gevangenisstraf opleggen. Daarvoor is altijd een rechter nodig. Dat betekent niet dat detentie is uitgesloten: voert u een opgelegde taakstraf niet uit, dan kan daarvoor vervangende hechtenis in de plaats komen. De route naar detentie loopt dan via het niet nakomen van de straf, niet via de strafbeschikking zelf.
Wat is een OM-hoorzitting?
Voordat het OM in bepaalde zaken beslist, wordt u uitgenodigd voor een gesprek op het parket. Dat heet een OM-hoorzitting of een OM-hoorgesprek. Het is geen zitting in een rechtszaal, er is geen rechter en de behandeling is niet openbaar. U wordt gehoord over de verdenking en u krijgt de gelegenheid uw kant van het verhaal en uw persoonlijke omstandigheden naar voren te brengen. Daarna volgt de beslissing, soms meteen en soms later per post.
Bij een deel van de straffen is horen geen keuze van het Openbaar Ministerie maar een voorwaarde. Artikel 257c, eerste lid bepaalt dat een strafbeschikking met een taakstraf, een ontzegging van de rijbevoegdheid of een aanwijzing over uw gedrag alleen wordt uitgevaardigd als u door de officier van justitie bent gehoord en daarbij hebt verklaard bereid te zijn de straf te voldoen of zich aan de aanwijzing te houden. Zonder die bereidverklaring kan het OM u die straf dus niet zelf opleggen. Datzelfde lid schrijft voor dat u uiterlijk bij de aanvang van het horen wordt gewezen op de mogelijkheid om toevoeging van een raadsman te vragen.
Bij grotere bedragen gaat het verder. Het tweede lid van artikel 257c bepaalt dat een strafbeschikking met betalingsverplichtingen uit een geldboete en een schadevergoedingsmaatregel die afzonderlijk of samen meer dan 2.000 euro belopen, alleen wordt uitgevaardigd als u daaraan voorafgaand bent gehoord terwijl u werd bijgestaan door een raadsman. Boven die grens is rechtsbijstand dus geen vrije keuze maar een vereiste.
Buiten die gevallen mag u zich ook laten bijstaan, maar regelt u dat zelf. Doe dat voor de afspraak en niet erna, zodat er nog tijd is om het dossier op te vragen en door te nemen.
Moet u komen, en moet u praten?
Komt u niet, dan neemt het OM de beslissing zonder uw verhaal. Uw persoonlijke omstandigheden, de context van het feit en eventuele fouten in het dossier blijven dan buiten beeld, terwijl dit juist het moment is waarop ze nog invloed hebben op de uitkomst. Wegblijven levert u dus niets op.
Verklaren hoeft u niet. U hoeft niet mee te werken aan uw eigen veroordeling en u moet daarop worden gewezen voordat u wordt gehoord. Of zwijgen in uw geval verstandig is, hangt af van wat er in het dossier zit. Vraag daarom om inzage in de stukken voordat u wordt gehoord. Zonder die stukken bereidt u geen verklaring voor maar improviseert u, en wat u zegt blijft in het dossier staan.
Komt een strafbeschikking op uw strafblad?
Bij een misdrijf wel. Uw gegevens worden al als justitiële gegevens aangemerkt zodra het Openbaar Ministerie het proces-verbaal in behandeling heeft genomen, dus nog voordat er een strafbeschikking ligt. Dat volgt uit artikel 2 van het Besluit justitiële en strafvorderlijke gegevens.
Bij een overtreding ligt het anders. Artikel 3 van datzelfde besluit legt de grens bij 130 euro, en artikel 5, eerste lid herhaalt die ondergrens voor strafbeschikkingen van het Openbaar Ministerie. Een strafbeschikking waarin uitsluitend een geldboete van minder dan 130 euro wordt opgelegd, telt dus niet als justitieel gegeven.
Op die ondergrens bestaat een uitzondering. Artikel 4 somt overtredingen op die altijd worden geregistreerd, ook bij een lagere boete. Daar vallen onder meer de overtredingen tegen de openbare orde onder, en verder onverzekerd rijden op grond van de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen, het veroorzaken van gevaar op de weg van artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994 en rijden zonder rijbewijs van artikel 107 van diezelfde wet. Bij die feiten helpt het niet dat de boete onder de drempel blijft.
De stelling dat elke strafbeschikking op uw strafblad komt klopt dus niet. Of dat gebeurt, hangt af van de vraag of het een misdrijf of een overtreding is, en bij een overtreding van de hoogte van de boete en van het soort feit.
U bent het er niet mee eens: verzet
Tegen een strafbeschikking staat verzet open. Doet u dat, dan wordt de zaak alsnog aan de rechter voorgelegd. Het verzet wordt gedaan bij het parket dat in de strafbeschikking wordt vermeld; dient u het bij een ander parket in, dan wordt het doorgeleid. Dat staat in het tweede lid van artikel 257e.
De termijn is kort en staat in artikel 257e, eerste lid van het Wetboek van Strafvordering. De hoofdregel is veertien dagen, en die termijn begint te lopen op de dag dat het afschrift van de strafbeschikking in persoon aan u is uitgereikt, of op de dag dat zich anderszins een omstandigheid heeft voorgedaan waaruit blijkt dat u ervan wist.
Er is één ruimere termijn, en die geldt juist in de meest voorkomende gevallen. Gaat het om een overtreding die ten hoogste vier maanden voor de verzending is gepleegd, met een geldboete van niet meer dan 340 euro, dan kunt u verzet doen tot uiterlijk zes weken na de datum van toezending. Krijgt u de brief dus gewoon thuis, dan hebt u vaak meer tijd dan veertien dagen. Zeker weten doet u dat pas als u de beschikking zelf hebt gelezen.
Twee dingen horen bij die afweging. De officier van justitie kan de strafbeschikking na uw verzet nog intrekken of wijzigen, waarmee de zaak alsnog van tafel kan gaan. En als de zaak wel op zitting komt, is de rechter niet gebonden aan wat het OM had opgelegd. Hij kan tot een lagere straf komen, maar ook tot een hogere. Verzet is dus geen kosteloze stap, en of het zin heeft, hangt af van het dossier.
Wat betekent het als u betaalt?
Betalen is aanvaarden. Artikel 257e, eerste lid sluit verzet uit als u afstand hebt gedaan van die bevoegdheid door vrijwillig aan de strafbeschikking te voldoen, en dat is precies wat betalen is. Dat is zelden een bewuste keuze: mensen betalen omdat de acceptgiro bij de brief zit en de termijn nog niet is verstreken. Wilt u de zaak beoordeeld hebben, betaal dan niet voordat u weet of verzet zin heeft.
Wat gebeurt er als u niets doet?
Dan verstrijkt de verzettermijn en wordt de strafbeschikking onherroepelijk. Daarna gaat de zaak naar het Centraal Justitieel Incassobureau voor de tenuitvoerlegging. Betaalt u niet, dan volgt verhoging en kan het CJIB overgaan tot verhaal op uw inkomen of bezittingen. Blijft betaling uit, dan kunnen zwaardere dwangmiddelen worden ingezet. Niets doen is dus geen manier om de zaak te laten verlopen.
Wanneer schakelt u een advocaat in?
Het moment waarop er nog iets te sturen valt, ligt vroeg: bij de oproep voor de hoorzitting, en anders binnen de verzettermijn. Daarna is de ruimte om de uitkomst te beïnvloeden grotendeels weg.
Laat uw zaak in ieder geval beoordelen als het OM een taakstraf of een rijontzegging overweegt, als uw rijbewijs of uw werk op het spel staat, als u afhankelijk bent van een Verklaring Omtrent het Gedrag, als u de verdenking betwist, of als u twijfelt of u moet verklaren. Een strafrechtadvocaat kan het dossier opvragen en beoordelen, u voorbereiden op het gesprek en inschatten of verzet in uw geval verstandig is of juist niet.
Veelgestelde vragen
Hoeveel tijd heb ik om in verzet te gaan tegen een strafbeschikking?
De hoofdregel is veertien dagen, gerekend vanaf de dag dat de strafbeschikking in persoon aan u is uitgereikt of dat op een andere manier blijkt dat u ervan wist. Gaat het om een overtreding die ten hoogste vier maanden voor de verzending is gepleegd met een geldboete van niet meer dan 340 euro, dan hebt u zes weken na de datum van toezending. Dat staat in artikel 257e, eerste lid van het Wetboek van Strafvordering. Welke termijn in uw geval geldt, leest u af aan de beschikking zelf.
Is een strafbeschikking hetzelfde als een boete van het CJIB?
Nee. Een gewone verkeersboete die u van het CJIB krijgt, wordt afgedaan via de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften en valt buiten het strafrecht. Een strafbeschikking is wel een strafrechtelijke afdoening, met een schuldvaststelling erin. Het CJIB kan daarna wel de inning verzorgen, maar dat maakt de twee niet gelijk.
Kan de rechter een hogere straf opleggen als ik in verzet ga?
Ja. Na verzet beoordeelt de rechter de zaak zelf en hij is niet gebonden aan wat de officier van justitie had opgelegd. De uitkomst kan lager uitvallen, gelijk blijven of hoger worden. Daar staat tegenover dat het Openbaar Ministerie de strafbeschikking na uw verzet ook nog kan intrekken of wijzigen. Laat daarom eerst het dossier beoordelen voordat u verzet doet.
Komt een strafbeschikking altijd op mijn strafblad?
Nee. Bij een misdrijf worden uw gegevens al vastgelegd zodra het Openbaar Ministerie het proces-verbaal in behandeling neemt. Bij een overtreding geldt een ondergrens van 130 euro: een strafbeschikking met uitsluitend een lagere geldboete telt niet als justitieel gegeven. Voor een aantal overtredingen geldt die ondergrens niet, zoals onverzekerd rijden, rijden zonder rijbewijs en het veroorzaken van gevaar op de weg.
Moet ik naar de OM-hoorzitting komen?
Komt u niet, dan beslist het Openbaar Ministerie zonder uw uitleg en zonder uw persoonlijke omstandigheden. Juist in die fase is er nog ruimte om de afdoening bij te sturen, dus wegblijven werkt tegen u. Verklaren hoeft u overigens niet: u bent niet verplicht mee te werken aan uw eigen veroordeling.
Mag ik een advocaat meenemen naar het OM-gesprek?
Ja. U mag zich laten bijstaan, maar u moet die advocaat zelf regelen en het OM wijst er geen aan. Regel dat vóór de afspraak, zodat er tijd is om het dossier op te vragen en door te nemen.
Kan ik bezwaar maken tegen een strafbeschikking?
Bezwaar is een begrip uit het bestuursrecht. Tegen een strafbeschikking gaat u in verzet, en daarmee komt de zaak bij de strafrechter. De termijn en de manier waarop u dat doet, staan op de strafbeschikking vermeld.