Gepubliceerd op 4 juli 2026 · Laatst bijgewerkt op 29 oktober 2026
Een stage wordt een arbeidsovereenkomst zodra de stagiair tegen loon, onder gezag en gedurende zekere tijd werk doet en dat werk niet meer in overwegende mate de opleiding dient (artikel 7:610 BW). Productief werk alleen is niet genoeg: zolang leren en begeleiding voorop staan, blijft een stage een stage.
De grens wordt in de praktijk niet altijd bewaakt. Een rechter kan een stage achteraf als dienstverband aanmerken, met terugwerkende kracht tot het moment waarop het leerdoel naar de achtergrond verdween.
Inhoudsopgave
Welke wettelijke maatstaf geldt voor een stage?
Een stage heeft geen eigen regeling in het Burgerlijk Wetboek. Daarom wordt ook een stage getoetst aan artikel 7:610 BW. Volgens dat artikel verbindt de werknemer zich om in dienst van de werkgever tegen loon gedurende zekere tijd arbeid te verrichten.
De beoordeling verloopt in twee stappen. Eerst stelt de rechter met de Haviltex-maatstaf vast welke rechten en plichten partijen werkelijk hebben afgesproken. Daarna toetst hij of die afspraken passen in de omschrijving van artikel 7:610 BW. Hoe partijen de overeenkomst noemen, beslist dat niet.
Daarnaast kan het rechtsvermoeden van artikel 7:610a BW een rol spelen. Werkt iemand drie maanden lang wekelijks, of ten minste twintig uur per maand, tegen beloning voor een ander, dan wordt vermoed dat er een arbeidsovereenkomst is. De organisatie mag dat weerleggen, maar de bewijslast verschuift naar haar.
Het leerelement: wat de Hoge Raad heeft beslist
De Hoge Raad gaf op 9 oktober 2015 de maatstaf in een zaak over mbo-leerlingen die via een bemiddelaar stage liepen bij logistieke bedrijven (ECLI:NL:HR:2015:3019). Het komt erop aan of de werkzaamheden van de stagiair in overwegende mate in het belang zijn van de opleiding die hij volgt.
Zijn de werkzaamheden vooral gericht op het uitbreiden van de eigen kennis en ervaring, mede met het oog op het afronden van de opleiding, dan is er geen arbeid in de zin van artikel 7:610 BW. Verschuift het doel naar een actieve bijdrage aan de bedrijfsvoering, dan is de stage niet langer vol te houden.
Eén omstandigheid is zelden beslissend. Een driepartijenovereenkomst met de onderwijsinstelling, een lage stagevergoeding of af en toe zelfstandig werk zegt op zichzelf weinig. De rechter weegt alle feiten in onderling verband.
Twee uitspraken: wanneer bleef het een stage en wanneer niet?
Twee uitspraken laten zien hoe die weging in de praktijk uitvalt. Het verschil zit vooral in de koppeling met de opleiding en de begeleiding.
Gerechtshof Amsterdam 2019: lesgevende stagiair blijft stagiair
Een student van de lerarenopleiding gaf tijdens zijn stage zelfstandig les en vorderde loon. Het Gerechtshof Amsterdam oordeelde op 5 november 2019 dat er geen arbeidsovereenkomst was (ECLI:NL:GHAMS:2019:3971). De stage was een verplicht onderdeel van de opleiding, leverde studiepunten op en werd begeleid en beoordeeld. Dat de school er baat bij had om gaten in het rooster te vullen, was volgens het hof onvoldoende.
Kantonrechter Utrecht 2024: stagiair deed het werk van een productiemanager
In een zaak van de kantonrechter in Utrecht van 24 juli 2024 viel de weging de andere kant op (ECLI:NL:RBMNE:2024:4844). De stagiair deed vanaf het begin het werk van een beginnend productiemanager. Er was geen plan om de studieresultaten te halen en de stageplek paste niet bij de opleiding. De stageovereenkomst gold daarom als arbeidsovereenkomst.
De gevolgen waren aanzienlijk. De werkgever moest over de stageperiode het verschil tussen de stagevergoeding van € 300 per maand en het minimumloon betalen, met wettelijke rente. De latere opzegging was niet rechtsgeldig en de kantonrechter kende een billijke vergoeding toe. De stageperiode telde mee voor de transitievergoeding.
Welke feiten wegen zwaar bij herkwalificatie?
Uit de genoemde uitspraken volgen de feiten waar een rechter naar kijkt. De tabel zet ze naast elkaar.
| Wijst op een stage | Wijst op een arbeidsovereenkomst |
|---|---|
| De stage is een verplicht onderdeel van de opleiding en levert studiepunten op | De stageplek past niet bij de inhoud van de opleiding |
| Er is een leerplan met leerdoelen en een eindopdracht | Er is geen plan om de studieresultaten te behalen |
| Een begeleider van de organisatie en van de school volgt de voortgang | De stagiair draait vanaf dag één mee als gewone kracht in het rooster |
| Zelfstandig werk hoort bij het leerdoel, zoals lesgeven in een lerarenopleiding | De stagiair vervangt structureel een werknemer |
| Geen of een bescheiden stagevergoeding | Een vergoeding die als tegenprestatie voor het werk wordt betaald |
Ook de duur telt mee. Een stage die steeds wordt verlengd zonder onderwijskundige reden, wijst eerder op een dienstverband. Niet elke onvolkomen begeleiding maakt van een stage een arbeidsovereenkomst; het gaat om het zwaartepunt van de relatie.
Wat zijn de gevolgen als een stage een arbeidsovereenkomst blijkt?
Bij herkwalificatie ontstaan de gewone arbeidsrechtelijke rechten met terugwerkende kracht. Ze gelden vanaf het moment waarop feitelijk aan artikel 7:610 BW werd voldaan.
- Minimumloon: de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag koppelt het minimumloon aan arbeid in dienstbetrekking. Een lage stagevergoeding voorkomt die aanspraak dan niet.
- Wettelijke verhoging en rente: bij te late betaling kan de rechter een verhoging tot 50 procent toekennen (artikel 7:625 BW). In de zaak van de kantonrechter in Utrecht werd die verhoging gematigd tot nul, maar de wettelijke rente wel toegewezen.
- Loon bij ziekte: in beginsel ten minste 70 procent van het loon gedurende 104 weken, in de eerste 52 weken niet minder dan het minimumloon (artikel 7:629 BW).
- Ontslagbescherming: opzegging vraagt een redelijke grond en toestemming van het UWV of ontbinding door de kantonrechter. Een werknemer die een opzegging wil laten vernietigen, moet dat binnen twee maanden verzoeken (artikel 7:686a lid 4 BW).
- Transitievergoeding: de stageperiode telt mee voor de duur van het dienstverband (artikel 7:673 BW).
| Bedrag | Hoogte | Peildatum |
|---|---|---|
| Wettelijk minimumloon 21 jaar en ouder | € 14,99 bruto per uur, exclusief vakantiebijslag | 1 juli 2026 |
| Maximum transitievergoeding | € 102.000, of een jaarsalaris als dat hoger is | 2026 |
Bronnen: Rijksoverheid, bedragen minimumloon en Rijksoverheid, hoogte transitievergoeding. Voor stagiairs jonger dan 21 jaar gelden lagere jeugdbedragen.
Welke plichten heeft een organisatie tijdens elke stage?
Sommige plichten gelden ook als de stage een echte stage blijft. De Arbeidsomstandighedenwet verplicht de organisatie te zorgen voor veiligheid en gezondheid bij alle werk dat in haar organisatie wordt verricht. Neem de stagiair mee in de risico-inventarisatie en -evaluatie en geef voorlichting en instructie.
Voor stagiairs jonger dan 18 jaar gelden extra regels. Zij moeten onder deskundig toezicht werken en mogen bepaalde gevaarlijke werkzaamheden niet doen.
Wat legt u als stagiair vast als u twijfelt over uw positie?
- De stageovereenkomst tussen u, de onderwijsinstelling en de organisatie, met de leerdoelen.
- Welke taken u doet en hoeveel uur per week u werkt; dat telt mee voor het rechtsvermoeden van artikel 7:610a BW.
- Uw leerplan, stageverslagen en de feedback van uw begeleiders.
- Of u werk doet dat anders een werknemer zou doen, bijvoorbeeld omdat u in het gewone rooster staat.
Hoe houdt u als organisatie een stage een stage?
- Leg leerdoelen, begeleiding en beoordeling vast in een stageovereenkomst met de onderwijsinstelling.
- Kies een stageplek die inhoudelijk past bij de opleiding.
- Zet de stagiair niet structureel in als vervanging voor regulier personeel.
- Voer voortgangsgesprekken en leg die vast; verleng alleen met een onderwijskundige reden.
Hoe wij u helpen bij een stage of arbeidsovereenkomst
Meer over onze aanpak leest u bij onze arbeidsrechtadvocaten.
- Wij toetsen de feitelijke uitvoering van de stage aan artikel 7:610 BW en het rechtsvermoeden van artikel 7:610a BW.
- Wij berekenen een eventuele loonvordering op basis van het minimumloon, met wettelijke verhoging en rente.
- Wij controleren stageovereenkomsten en leerplannen voor organisaties.
- Gaat het om ontslag na herkwalificatie, dan bewaken wij de termijn van twee maanden van artikel 7:686a lid 4 BW.
Veelgestelde vragen
Maakt het uit dat de overeenkomst stageovereenkomst heet?
Nee. De rechter kijkt naar wat partijen werkelijk hebben afgesproken en hoe de stage is uitgevoerd. De naam van de overeenkomst is niet beslissend.
Kan een organisatie de stagevergoeding verrekenen met achterstallig loon?
Bij herkwalificatie gaat het om het verschil tussen wat is betaald en het minimumloon. In de zaak van de kantonrechter in Utrecht (ECLI:NL:RBMNE:2024:4844) werd de stagevergoeding en een verstrekte laptop in mindering gebracht op het minimumloon.