Recidive en rehabilitatie: strafblad, VOG en een nieuwe start

Recidive en rehabilitatie: waarom tweede kansen juridisch zo ingewikkeld zijn

Gepubliceerd op 11 november 2025 · Laatst bijgewerkt op 8 september 2026

Recidive is de juridische term voor herhaald daderschap, en zij werkt op twee manieren door. Binnen het strafrecht verzwaart herhaling de reactie: een taakstraf als enige straf is dan uitgesloten (artikel 22b Sr) en bij veelplegers komt de ISD-maatregel in beeld. Buiten het strafrecht werkt de veroordeling door via de justitiele documentatie en de verklaring omtrent het gedrag, geregeld in de Wet justitiele en strafvorderlijke gegevens. Die naweeg bepaalt vaak of een nieuwe start slaagt.

Sollicitatiegesprek waarbij een verklaring omtrent het gedrag wordt gevraagd na een strafrechtelijk verleden.

Wat betekent recidive juridisch?

Recidive betekent dat iemand na een eerdere veroordeling opnieuw een strafbaar feit begaat. Het is geen zelfstandig delict, maar een omstandigheid die de rechter en het Openbaar Ministerie meewegen en die op verschillende plaatsen in de wet een eigen gevolg heeft. Van belang is steeds hoeveel tijd er tussen de feiten zit en of het om soortgelijke feiten gaat.

Voor de praktijk is het onderscheid tussen algemene en speciale recidive nuttig. Bij algemene recidive gaat het om welk nieuw feit dan ook; bij speciale recidive om herhaling van hetzelfde type delict, bijvoorbeeld opnieuw rijden onder invloed of opnieuw winkeldiefstal. Vooral speciale recidive weegt zwaar, omdat daaruit wordt afgeleid dat een eerdere reactie niet heeft gewerkt.

Rehabilitatie is het spiegelbeeld: het geheel aan juridische en feitelijke stappen waarmee iemand na een veroordeling zijn positie in de samenleving herstelt. In het Nederlandse recht is dat geen enkelvoudige procedure met een eindverklaring, maar een optelsom van termijnen, beoordelingen en bestuursrechtelijke besluiten. Juist die versnippering maakt het ingewikkeld.

Welke strafrechtelijke gevolgen heeft herhaling?

Het eerste gevolg is dat de ruimte voor een lichte afdoening verdwijnt. Een taakstraf mag niet als enige straf worden opgelegd wanneer iemand binnen vijf jaar na een eerdere veroordeling voor een soortgelijk misdrijf opnieuw in de fout gaat; de rechter moet er dan ten minste een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf of vrijheidsbenemende maatregel naast leggen (artikel 22b Wetboek van Strafrecht). Hoe de taakstraf overigens werkt, beschrijven wij in ons artikel over het Nederlandse systeem van taakstraffen.

Het tweede gevolg raakt eerdere voorwaardelijke straffen. Aan een voorwaardelijke straf is altijd de algemene voorwaarde verbonden dat u zich niet opnieuw schuldig maakt aan een strafbaar feit. Gebeurt dat binnen de proeftijd, dan kan het Openbaar Ministerie de tenuitvoerlegging van het voorwaardelijke deel vorderen. Een nieuw feit levert dan twee straffen op: de straf voor het nieuwe feit en de alsnog tenuitvoergelegde oude straf. Wat een voorwaardelijke straf precies inhoudt, leest u in ons artikel over de voorwaardelijke straf en de gevolgen daarvan.

Het derde gevolg geldt zeer actieve veelplegers. Voor hen kent de wet de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor stelselmatige daders (artikel 38m Sr). Die maatregel duurt ten hoogste twee jaar en is niet op vergelding gericht maar op het doorbreken van het patroon, met zorg, behandeling en toeleiding naar begeleid wonen. Daarnaast bestaat sinds de Wet langdurig toezicht de mogelijkheid om bij ernstige gewelds- en zedendelicten na afloop van de straf gedragsbeinvloedende en vrijheidsbeperkende maatregelen op te leggen.

Wat blijft er na de straf staan?

Na afloop van de straf blijft de registratie. Veroordelingen, en in bepaalde gevallen ook sepots en strafbeschikkingen, worden opgenomen in het justitieel documentatiesysteem. De bewaartermijnen staan in de Wet justitiele en strafvorderlijke gegevens en het daarbij horende besluit, en lopen sterk uiteen naar de ernst van het feit: overtredingen worden aanzienlijk korter bewaard dan misdrijven, en bij zedenmisdrijven gelden zeer lange termijnen.

Begin daarom altijd met inzage. U kunt bij de Justitiele Informatiedienst opvragen wat er over u is geregistreerd. Controleer daarbij drie dingen: welke feiten staan er, wanneer zijn zij onherroepelijk afgedaan, en welke straf is opgelegd. Die drie gegevens bepalen samen hoe een latere screening uitpakt. Ontdekt u een onjuistheid, dan kunt u om correctie verzoeken. Wat er precies in de justitiele documentatie wordt vastgelegd, beschrijven wij in ons artikel over het strafblad en de justitiele documentatie.

Belangrijk is het onderscheid tussen het strafblad en de VOG. Het strafblad is een registratie; de VOG is een besluit. Een registratie leidt niet automatisch tot een weigering, en een weigering voor de ene functie zegt weinig over een andere functie. Wie die twee door elkaar haalt, trekt te snel de conclusie dat werken niet meer mogelijk is.

Inzage in de justitiele documentatie als eerste stap naar een nieuwe start na een veroordeling.

De VOG: wie beoordeelt en waarop?

De verklaring omtrent het gedrag is geregeld in de Wet justitiele en strafvorderlijke gegevens en wordt afgegeven of geweigerd door screeningsautoriteit Justis, namens de minister. Het is een besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht, met alle rechtsbescherming die daarbij hoort.

De beoordeling verloopt in twee stappen. Eerst het objectieve criterium: staan er in de terugkijktermijn feiten geregistreerd die, indien herhaald, een risico vormen voor de samenleving gelet op het doel waarvoor de VOG wordt gevraagd? Daarvoor gebruikt Justis het screeningsprofiel dat bij de functie hoort. Wie in de zorg met kwetsbare personen werkt, wordt langs een andere meetlat gelegd dan wie een administratieve functie vervult.

Wordt aan het objectieve criterium voldaan, dan volgt het subjectieve criterium: een belangenafweging tussen uw belang bij de verklaring en het risico voor de samenleving. Daarin wegen mee hoe vaak en hoe ernstig de feiten waren, hoeveel tijd is verstreken, hoe oud u toen was en onder welke omstandigheden het gebeurde. Juist in die afweging zit uw ruimte: wat u aandraagt over uw huidige situatie, kan de uitkomst kantelen.

Hoe ver kijkt Justis terug?

De standaardterugkijktermijn is vier jaar. Voor aanvragers die jonger zijn dan drieentwintig jaar geldt in beginsel een kortere termijn van twee jaar, met uitzonderingen voor zeden- en terroristische misdrijven en voor ernstige gewelds- en ondermijningsdelicten, waarvoor die verkorting niet opgaat.

Voor een reeks functies gelden langere termijnen. Bij onder meer taxichauffeurs, functies in de beveiliging van de luchtvaart en werk in havengebieden wordt vijf jaar teruggekeken. Voor lidmaatschap van een schietvereniging geldt acht jaar. Bij functies met hoge integriteitseisen, zoals beedigde tolken en vertalers, opsporingsambtenaren, advocaten en politieke ambtsdragers, is de termijn tien jaar. Voor rechterlijke functies en voor personeel van justitiele inrichtingen loopt zij op tot dertig jaar.

Bij zeden- en terroristische misdrijven is de terugkijktermijn onbeperkt: die feiten worden altijd meegewogen, ongeacht hoeveel tijd is verstreken. Verder geldt een praktische regel die vaak wordt vergeten: hebt u in de betreffende periode een vrijheidsstraf ondergaan, dan wordt de terugkijktermijn met de duur van die detentie verlengd. Reken die verlenging mee voordat u een aanvraag indient.

Wat doet u bij een voornemen tot afwijzing?

Justis wijst niet zonder waarschuwing af. Vindt zij relevante feiten, dan ontvangt u eerst een voornemen tot afwijzing. Daarop kunt u binnen twee weken een zienswijze indienen. Dat is geen formaliteit maar het belangrijkste moment in de hele procedure, omdat de belangenafweging daar wordt gemaakt.

Een sterke zienswijze doet drie dingen. Zij plaatst het feit in de tijd en in zijn context, zonder het te bagatelliseren. Zij laat zien wat er sindsdien is veranderd, onderbouwd met stukken: een diploma, een arbeidsovereenkomst, een verklaring van een behandelaar of van de reclassering, een huurcontract. En zij legt uit waarom juist deze functie geen risico oplevert, aan de hand van de taken die u gaat verrichten.

Wordt de VOG daarna toch geweigerd, dan kunt u binnen zes weken bezwaar maken bij Justis. Tegen de beslissing op bezwaar staat beroep open bij de rechtbank, en daarna hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. In die procedures gaat het vrijwel altijd om de vraag of de belangenafweging deugdelijk is gemotiveerd en of het besluit evenredig is. Laat u in die fase bijstaan door een strafrechtadvocaat of een bestuursrechtelijk gespecialiseerde advocaat.

Begeleiding door de reclassering als alternatief voor detentie bij herhaald daderschap.

Wat mag een werkgever wel en niet?

Een werkgever mag uw strafblad niet opvragen en mag gegevens over strafrechtelijke veroordelingen en strafbare feiten in beginsel niet verwerken. Die gegevens vormen een beschermde categorie in artikel 10 van de Algemene verordening gegevensbescherming en mogen alleen worden verwerkt waar de wet daarvoor een grondslag biedt. Toezicht daarop ligt bij de Autoriteit Persoonsgegevens.

De aangewezen route is daarom de VOG. De werkgever ziet dan uitsluitend of de verklaring wordt afgegeven, niet welke feiten eventueel zijn geregistreerd. Vraagt een werkgever tijdens een sollicitatie toch naar uw justitiele verleden, dan hoeft u daar niet uit uzelf volledig op in te gaan. Wel geldt een mededelingsplicht voor wat rechtstreeks relevant is voor de functie, bijvoorbeeld een rijontzegging wanneer u solliciteert als chauffeur. Wat u bij een sollicitatie wel en niet hoeft te melden, werken wij uit in ons artikel over een strafblad bij werk en sollicitatie.

Loopt u aan tegen een afwijzing die niet op een VOG maar op een zoekopdracht in openbare bronnen berust, dan is dat niet zonder meer toegestaan. U kunt de werkgever daarop aanspreken en zo nodig een klacht indienen bij de Autoriteit Persoonsgegevens.

Huisvesting, vergunningen en verzekeringen

De doorwerking blijft niet bij werk. Verhuurders en woningcorporaties screenen kandidaten, en hoewel zij daarbij niet zomaar justitiele gegevens mogen verwerken, kan een dossier van overlast of een eerdere ontruiming wel meewegen. Vraag daarom bij een afwijzing altijd om de reden op schrift; dat maakt zichtbaar of er gegevens zijn gebruikt die niet gebruikt hadden mogen worden.

Bij vergunningen speelt de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur een rol. Wilt u als ondernemer een horeca-, bouw- of milieuvergunning, dan kan het bestuursorgaan een integriteitsonderzoek laten uitvoeren waarin ook strafrechtelijke antecedenten van u en van betrokken derden worden bekeken. Bereid u daarop voor met een volledig en verifieerbaar dossier over de herkomst van uw financiering en over uw zakelijke relaties.

Voor verzekeringen geldt een mededelingsplicht bij het aangaan van de overeenkomst. Verzwijgt u een strafrechtelijk verleden waarnaar uitdrukkelijk is gevraagd, dan kan de verzekeraar zich later op die verzwijging beroepen. Beantwoord die vragen dus juist, en beperk uw antwoord tot wat is gevraagd.

Welke rechten verliest u en welke niet?

Er bestaat een hardnekkig misverstand dat een veroordeling automatisch tot verlies van burgerrechten leidt. Dat is onjuist. Ontzetting uit bepaalde rechten, zoals het bekleden van ambten, het dienen bij de gewapende macht, het kiesrecht en de uitoefening van bepaalde beroepen, is een bijkomende straf die de rechter uitdrukkelijk moet opleggen en die alleen in de wet genoemde gevallen mogelijk is (artikel 28 Sr).

Het kiesrecht is daarvan het duidelijkste voorbeeld. Gedetineerden behouden in Nederland in beginsel hun stemrecht; ontzetting daaruit komt in de praktijk zelden voor en vereist een uitdrukkelijke beslissing van de rechter. Wie stelt dat detentie het stemrecht kost, heeft het mis.

Wat wel breed doorwerkt, zijn de beroepsspecifieke gevolgen. Een beroepsverbod als bijkomende straf, een rijontzegging, tuchtrechtelijke maatregelen en het niet verkrijgen van een VOG raken de uitoefening van een beroep rechtstreeks. Breng die gevolgen al tijdens de strafzaak in kaart: de rechter kan ze meewegen bij de strafoplegging, en een op maat gesneden straf voorkomt soms een onherstelbaar beroepsmatig gevolg.

Wat werkt beter dan detentie?

Uit onderzoek dat de rijksoverheid aan haar beleid ten grondslag legt, komt consequent naar voren dat mensen die na detentie terugkeren vaker opnieuw met justitie in aanraking komen dan mensen die een taakstraf of reclasseringstoezicht hebben doorlopen. De verklaring is niet dat detentie te licht zou zijn, maar dat zij werk, woning en netwerk doorbreekt, precies de factoren die terugval remmen. De cijfers en de daarop gebaseerde maatregelen staan bij de rijksoverheid over het verminderen van recidive.

Het sanctiestelsel bevat daarom instrumenten die de band met de samenleving in stand houden. De voorwaardelijke straf met bijzondere voorwaarden koppelt een stok achter de deur aan behandeling, een locatieverbod of een alcoholverbod. Elektronisch toezicht beperkt de vrijheid zonder iemand volledig uit zijn omgeving te halen. Bij vrijheidsstraffen van een zekere duur kan voorwaardelijke invrijheidstelling worden verleend, met voorwaarden en toezicht in de laatste fase.

De reclassering is in dit stelsel de spil: zij adviseert de rechter voor de zitting, houdt toezicht tijdens de proeftijd en begeleidt bij werk, wonen en schulden. Wat de reclassering precies doet en hoe haar rapportage doorwerkt in de strafoplegging, beschrijven wij in ons artikel over de rol van de reclassering in het strafproces. Een goed onderbouwd reclasseringsadvies is voor de verdediging vaak het krachtigste stuk in het dossier.

Overleg met een strafrechtadvocaat over bezwaar tegen een geweigerde verklaring omtrent het gedrag.

Zo bereidt u een nieuwe start voor

Begin met inzage in uw justitiele documentatie, zodat u weet welke feiten geregistreerd staan, wanneer zij onherroepelijk werden en welke terugkijktermijn daarbij hoort. Zonder dat overzicht doet u een VOG-aanvraag in het duister en riskeert u een afwijzing die daarna in uw dossier meeloopt.

Richt vervolgens uw zoektocht. Omdat de beoordeling per screeningsprofiel gebeurt, kan een feit dat voor de ene functie doorslaggevend is, voor een andere functie niet relevant zijn. Overleg zo nodig met de werkgever welk profiel wordt aangevraagd. Verzamel tegelijk het materiaal dat u in een zienswijze nodig hebt: bewijs van opleiding, behandeling, vrijwilligerswerk, een stabiele woonsituatie en verklaringen van mensen die uw ontwikkeling kunnen bevestigen.

Pak daarnaast de financiele kant aan. Schulden die tijdens detentie zijn opgelopen blokkeren elke andere stap, en boetes en schadevergoedingsmaatregelen uit de strafzaak blijven ook na een schuldregeling in beginsel bestaan. Meld u bij de schuldhulpverlening van uw gemeente en breng eerst alle vorderingen in kaart. Zorg ten slotte dat u ingeschreven staat op een adres: zonder inschrijving lopen uitkering, zorgverzekering en sollicitaties vast.

Hoe weegt herhaling mee in de strafmaat?

Buiten de wettelijke regelingen om speelt recidive vooral een rol in de straftoemeting zelf. Het Openbaar Ministerie hanteert richtlijnen voor strafvordering waarin recidive als verzwarende factor is verwerkt: bij een eerste feit wordt een bepaalde eis genoemd, bij herhaling binnen een aangegeven periode ligt die eis structureel hoger. Voor de rechter bestaan daarnaast de landelijke orientatiepunten voor straftoemeting, opgesteld binnen de Rechtspraak. Zij zijn geen recht, maar zij verklaren wel waarom vergelijkbare zaken in het hele land tot vergelijkbare uitkomsten leiden en waarom een tweede of derde veroordeling een merkbaar zwaardere reactie oplevert.

Wat de verdediging daartegenover kan zetten, is context. De rechter beoordeelt niet alleen het feit maar ook de persoon en de omstandigheden. Een terugval kort na een ingrijpende gebeurtenis weegt anders dan een patroon dat jaren onveranderd doorloopt. Een lopende behandeling, een net gevonden baan of een schuldregeling die eindelijk op gang komt, kan de rechter aanleiding geven een deel van de straf voorwaardelijk op te leggen met bijzondere voorwaarden in plaats van een langere onvoorwaardelijke straf. Die keuze heeft grote gevolgen, omdat detentie juist de factoren wegneemt die terugval remmen.

Let bij meerdere feiten ook op de samenloopregeling. Worden verschillende strafbare feiten gelijktijdig berecht, dan geldt niet de optelsom van de afzonderlijke maxima maar een eigen, begrensd maximum (artikel 57 Sr). Het maakt dus verschil of feiten in een zaak worden gevoegd of in opeenvolgende zaken worden afgedaan. Dat is een punt dat bij de planning van zittingen zelden vanzelf goed gaat en waarop uw advocaat kan sturen.

Gratie, herziening en de grenzen van uitwissen

Nederland kent geen procedure waarmee een veroordeling uit de justitiele documentatie wordt gewist. Wie hoopt op een schone lei zoals die in het insolventierecht bestaat, komt bedrogen uit: de registratie verdwijnt pas wanneer de wettelijke bewaartermijn is verstreken. Wel bestaan er twee bijzondere routes die de gevolgen van een veroordeling kunnen verzachten of ongedaan maken.

De eerste is gratie. Op grond van de Gratiewet kan de tenuitvoerlegging van een opgelegde straf geheel of gedeeltelijk worden kwijtgescholden of in een andere straf worden omgezet. Een gratieverzoek is geen verkapt hoger beroep: het gaat niet over de vraag of de veroordeling terecht was, maar over omstandigheden die pas na de uitspraak zijn opgekomen of die de rechter niet kende, bijvoorbeeld een ernstige ziekte of een situatie waarin de tenuitvoerlegging geen redelijk doel meer dient. Het verzoek wordt beoordeeld met advies van het openbaar ministerie en van de rechter die de straf oplegde.

De tweede route is herziening ten voordele van de veroordeelde. Blijkt na een onherroepelijke uitspraak een nieuw gegeven dat de rechter niet kende en dat tot vrijspraak of een andere uitkomst had kunnen leiden, dan kan de Hoge Raad de zaak heropenen (artikel 457 Wetboek van Strafvordering). De drempel is hoog en de procedure is langdurig, maar zij is de enige weg om een veroordeling zelf ongedaan te maken. Wordt de veroordeling vernietigd, dan vervalt daarmee ook de grondslag voor de registratie en voor alle bestuursrechtelijke gevolgen die daarop zijn gebouwd.

Houd bij dit alles het tijdpad in de gaten. Terugkijktermijnen lopen vanaf het moment waarop een zaak onherroepelijk is afgedaan, niet vanaf de datum van het feit en evenmin vanaf het moment waarop u uw straf hebt uitgezeten. Een zaak die lang bij de rechter heeft gelegen, werkt daardoor langer door dan u zou verwachten. Zet de relevante data daarom op een rij zodra u inzage hebt gekregen: de pleegdatum, de datum van de uitspraak, de datum waarop die onherroepelijk werd en de periode van eventuele detentie. Met dat overzicht kunt u zelf uitrekenen wanneer een aanvraag kansrijker wordt, en kunt u een afwijzing voorkomen die vervolgens jarenlang in uw dossier meeloopt.

Veelgestelde vragen over recidive en rehabilitatie

Hoe lang blijft een veroordeling op mijn strafblad staan?

De bewaartermijnen staan in de Wet justitiele en strafvorderlijke gegevens en het bijbehorende besluit. Zij lopen sterk uiteen: overtredingen worden korter bewaard dan misdrijven, en naarmate op een misdrijf een hogere straf staat wordt de termijn langer. Bij zedenmisdrijven blijven gegevens zeer lang bewaard. Een strafblad is dus geen document met een vaste vervaldatum; vraag inzage aan om te zien wat er in uw geval geregistreerd staat.

Hoe ver kijkt Justis terug bij een VOG?

De standaardterugkijktermijn is vier jaar. Voor aanvragers jonger dan drieentwintig jaar is die in beginsel twee jaar, behalve bij zeden- en terroristische misdrijven en bij ernstige gewelds- en ondermijningsdelicten. Voor bepaalde functies gelden langere termijnen, oplopend van vijf jaar voor onder meer taxichauffeurs tot tien jaar voor functies met hoge integriteitseisen en dertig jaar voor rechterlijke functies en personeel van justitiele inrichtingen. Bij zeden- en terroristische misdrijven is de terugkijktermijn onbeperkt. Zat u in die periode gedetineerd, dan wordt de termijn met die duur verlengd.

Wat kan ik doen als mijn VOG dreigt te worden geweigerd?

U ontvangt eerst een voornemen tot afwijzing. Daarop kunt u binnen twee weken een zienswijze indienen waarin u uitlegt waarom het feit geen risico vormt voor juist deze functie. Volgt daarna toch een weigering, dan kunt u binnen zes weken bezwaar maken bij Justis. Wordt het bezwaar ongegrond verklaard, dan staat beroep open bij de rechtbank en daarna hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Mag een werkgever naar mijn strafblad vragen?

Een werkgever mag geen justitiele gegevens over u opvragen of bijhouden. Gegevens over strafrechtelijke veroordelingen en strafbare feiten vormen een beschermde categorie (artikel 10 AVG) en mogen alleen worden verwerkt waar de wet dat toestaat. De aangewezen route is de VOG: de werkgever ziet dan uitsluitend of die wordt afgegeven, niet welke feiten er zijn geregistreerd. Wel moet u uit uzelf melden wat voor de functie rechtstreeks van belang is, zoals een rijontzegging bij een chauffeursfunctie.

Verlies ik mijn stemrecht door een veroordeling?

Nee, niet automatisch. Ontzetting uit het kiesrecht is een bijkomende straf die de rechter uitdrukkelijk moet opleggen en die alleen in de wet genoemde gevallen mogelijk is (artikel 28 Sr). In de praktijk komt dat zelden voor. Gedetineerden behouden in Nederland in beginsel hun kiesrecht en kunnen dat bij verkiezingen uitoefenen.

Welke strafrechtelijke gevolgen heeft herhaling?

Recidive werkt op meerdere manieren door. Een taakstraf als enige straf is uitgesloten wanneer iemand binnen vijf jaar opnieuw een soortgelijk misdrijf begaat (artikel 22b Sr). Een eerder opgelegde voorwaardelijke straf kan worden herroepen zodra u de algemene voorwaarde overtreedt. Bij zeer actieve veelplegers kan de rechter de ISD-maatregel opleggen, die maximaal twee jaar duurt (artikel 38m Sr).

Kan ik werk vinden met een strafblad?

Ja, maar het vraagt voorbereiding. Vraag eerst inzage in uw justitiele documentatie, zodat u weet wat er staat en welke terugkijktermijn geldt. Richt uw zoektocht op functies waarvoor het geregistreerde feit niet relevant is; de VOG-beoordeling gebeurt namelijk per screeningsprofiel. De reclassering, gemeenten en gespecialiseerde re-integratiebureaus begeleiden bij die stap.

Helpt het om open te zijn over mijn verleden?

In veel gevallen wel, mits gericht. U hoeft geen volledig verleden te delen, maar wanneer u een VOG nodig hebt en er iets geregistreerd staat, is het verstandiger dat zelf te benoemen dan te wachten tot de aanvraag strandt. Combineer dat met wat u sindsdien hebt gedaan: opleiding, behandeling, stabiele huisvesting, vrijwilligerswerk. Dezelfde onderbouwing gebruikt u later in een zienswijze.

Bijstand bij de gevolgen van een veroordeling

De gevolgen van een veroordeling zijn te sturen, maar dat gebeurt op momenten die snel voorbijgaan: bij de strafoplegging, bij de zienswijze op een voornemen tot afwijzing en bij het bezwaar tegen een geweigerde VOG. Wie die momenten voorbij laat gaan, houdt alleen de lange weg over.

Law & More staat u bij in de strafzaak en let daarbij op de gevolgen voor uw werk, uw vergunningen en uw toekomst. Ook bij een dreigende weigering van een verklaring omtrent het gedrag, bij bezwaar en beroep daartegen en bij de herroeping van een voorwaardelijke straf kunt u contact met ons opnemen om uw situatie voor te leggen.

Juridische hulp nodig?

Neem contact op met Law & More voor deskundig advies over uw juridische zaken. Ons meertalige team staat klaar om u te helpen.