Gepubliceerd op 7 oktober 2025 · Laatst bijgewerkt op 7 september 2026
Wie werk uitbesteedt aan een onderaannemer of een zzp’er, besteedt zijn aansprakelijkheid niet mee uit. Jegens uw eigen opdrachtgever blijft u op grond van artikel 6:76 BW voor de fouten van uw hulppersonen aansprakelijk alsof u ze zelf had gemaakt. Jegens derden kan artikel 6:171 BW u aansprakelijk maken voor fouten van een niet-ondergeschikte, al legt de Hoge Raad die bepaling terughoudend uit. En de onderaannemer zelf is jegens de opdrachtgever waarmee hij geen contract heeft alleen aansprakelijk als hij onrechtmatig handelt. Hieronder zetten wij de drie routes op een rij, met de rechtspraak die de grenzen bepaalt en de contractuele instrumenten waarmee u het risico beheerst.
Inhoudsopgave
Wie is wie: hoofdaannemer, onderaannemer en hulppersoon
In een keten van aanneming van werk sluit de opdrachtgever een overeenkomst met de hoofdaannemer, en de hoofdaannemer op zijn beurt met een onderaannemer of een zzp’er. Tussen de opdrachtgever en de onderaannemer bestaat geen contract. Dat onderscheid is bepalend, want de aansprakelijkheidsvraag valt telkens anders uit naargelang partijen wél of niet contractueel met elkaar verbonden zijn.
Juridisch heet degene die u bij de uitvoering van uw verbintenis inschakelt een hulppersoon. Dat kan een onderaannemer zijn, maar ook een zelfstandige installateur, een transporteur of een ingeschakeld adviesbureau. Of iemand zzp’er is of niet, doet daarbij niet ter zake: het gaat erom dat u hem gebruikt om uw eigen verplichting na te komen. Wanneer een zzp’er in werkelijkheid als werknemer moet worden aangemerkt, verandert het speelveld wel; daarover schreven wij in ons artikel over schijnzelfstandigheid.
Bent u aansprakelijk voor uw onderaannemer?
Ja. Artikel 6:76 BW bepaalt dat wie bij de uitvoering van een verbintenis gebruikmaakt van de hulp van anderen, voor hun gedragingen op gelijke wijze aansprakelijk is als voor eigen gedragingen. Schiet de onderaannemer tekort, dan pleegt ú wanprestatie jegens uw opdrachtgever. Dat u zorgvuldig hebt geselecteerd, deugdelijk hebt geïnstrueerd of zelf niets verkeerd hebt gedaan, doet daaraan niet af. De aansprakelijkheid is in zoverre een risicoaansprakelijkheid.
Wat u wél kunt doen, is die aansprakelijkheid contractueel begrenzen. Een exoneratiebeding in uw algemene voorwaarden kan de schadevergoeding maximeren, bepaalde schadesoorten uitsluiten of de aansprakelijkheid koppelen aan de dekking van uw verzekering. Zo’n beding houdt echter niet altijd stand: bij opzet of bewuste roekeloosheid, en soms al bij ernstige verwijtbaarheid, kan een beroep erop naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar zijn. Wat in zakelijke verhoudingen nog is toegestaan, bespreken wij in ons artikel over de beperking van aansprakelijkheid in b2b-contracten.
Wanneer bent u aansprakelijk jegens derden?
Veroorzaakt de onderaannemer schade bij een derde — een omwonende, een passant, de eigenaar van een naastgelegen pand — dan kan die derde niet alleen de onderaannemer aanspreken, maar onder omstandigheden ook u als opdrachtgever. Artikel 6:171 BW maakt de opdrachtgever aansprakelijk voor de fout van een niet-ondergeschikte die werkzaamheden verricht ter uitoefening van diens bedrijf.
De Hoge Raad legt die bepaling restrictief uit. In het arrest Delfland/De Stoeterij (21 december 2001, ECLI:NL:HR:2001:AD7395) oordeelde hij dat aansprakelijkheid alleen aan de orde is wanneer de werkzaamheden van de niet-ondergeschikte behoren tot de bedrijfsuitoefening van de opdrachtgever zelf. Werkzaamheden die de opdrachtgever laat verrichten in het kader van een ander bedrijf dan het zijne, vallen er dus buiten. In het latere arrest Koeman/Sijm Agro (ECLI:NL:HR:2010:BL9596) nuanceerde de Hoge Raad dat: ook als voor de benadeelde duidelijk is dat de schade is veroorzaakt door een zelfstandige hulppersoon, kan artikel 6:171 BW van toepassing zijn. Doorslaggevend blijft of de werkzaamheden tot het bedrijf van de opdrachtgever behoren, niet of de verwevenheid voor de buitenwereld zichtbaar was.
Voor een aannemer die met vaste onderaannemers werkt, is dat een reëel risico: het werk dat zij verrichten, behoort vrijwel per definitie tot zijn eigen bedrijfsuitoefening. Voor een opdrachtgever die eenmalig een bouwbedrijf inschakelt voor een verbouwing van zijn kantoor, ligt dat anders.
Kan de opdrachtgever de onderaannemer rechtstreeks aanspreken?
In beginsel niet. Een overeenkomst bindt alleen de partijen die haar sluiten, en de onderaannemer is jegens de opdrachtgever tot niets gehouden. Een wanprestatie van de onderaannemer jegens de hoofdaannemer levert op zichzelf dan ook geen onrechtmatige daad jegens de opdrachtgever op.
Toch bestaat er een opening. In het arrest Vleesmeesters/Alog (24 september 2004, ECLI:NL:HR:2004:AO9069) oordeelde de Hoge Raad dat een contractspartij binnen bepaalde grenzen rekening moet houden met de belangen van derden die nauw bij de behoorlijke uitvoering van de overeenkomst zijn betrokken. Zijn de belangen van de opdrachtgever zo nauw betrokken bij het werk van de onderaannemer dat het maatschappelijk verkeer meebrengt dat hij daar rekening mee houdt, dan kan schending van die zorgvuldigheidsnorm wél een onrechtmatige daad jegens de opdrachtgever opleveren. Dat is een beoordeling van alle omstandigheden van het geval, en de lat ligt hoog.
Omgekeerd geldt dat de onderaannemer niet gebonden is aan de afspraken tussen opdrachtgever en hoofdaannemer. Wie wil dat de eisen uit het hoofdcontract doorwerken in de onderaanneming, moet die afspraken back-to-back doorleggen. Gebeurt dat niet, dan zit u met een verplichting jegens boven en een beperktere aanspraak naar beneden. Hoe dat in ketens misgaat, beschrijven wij in ons artikel over contractbreuk door leveranciersketens.
Wie draagt de schade als de zzp’er zelf gewond raakt?
Raakt een ingeschakelde zzp’er of werknemer van de onderaannemer gewond op de bouwplaats, dan speelt artikel 7:658 BW. De zorgplicht van dat artikel reikt verder dan de eigen werknemers: zij strekt zich ook uit tot personen die buiten dienstbetrekking werkzaamheden verrichten, mits die werkzaamheden behoren tot de beroeps- of bedrijfsuitoefening van degene die hen inschakelt en hij invloed had op de arbeidsomstandigheden. De Hoge Raad bevestigde dat in het arrest Davelaar/Allspan (23 maart 2012, ECLI:NL:HR:2012:BV0616).
Praktisch betekent dit dat een hoofdaannemer zich niet achter het zelfstandigenschap van een zzp’er kan verschuilen. Wie op zijn terrein laat werken, moet voor veilige arbeidsomstandigheden zorgen, toezien op naleving van de veiligheidsvoorschriften en dat toezicht ook vastleggen. Ontbreekt die vastlegging, dan is de bewijspositie bij een ongeval zwak.
Wat is het verschil met ketenaansprakelijkheid?
Ketenaansprakelijkheid is een ander leerstuk en wordt in de praktijk vaak met deze materie verward. Zij ziet niet op schade, maar op betalingen: de ketenaansprakelijkheid uit de Invorderingswet 1990 maakt een aannemer aansprakelijk voor de loonheffingen die zijn onderaannemer niet afdraagt, en de ketenaansprakelijkheid voor loon uit artikel 7:616a BW maakt hem aansprakelijk voor het loon dat de werknemer van een schakel verderop in de keten niet krijgt uitbetaald. Instrumenten als de g-rekening, een verklaring van betalingsgedrag en een gedegen controle van uw ketenpartners horen daarbij. Meer daarover leest u in ons artikel over ketenverantwoordelijkheid.
Hoe beperkt u het risico contractueel?
De belangrijkste winst zit niet in de procedure achteraf, maar in het contract vooraf. Leg de verplichtingen uit het hoofdcontract een-op-een door aan de onderaannemer, zodat u niet meer belooft dan u kunt afdwingen. Neem een vrijwaring op voor aanspraken van derden en van uw opdrachtgever die hun oorsprong vinden in het werk van de onderaannemer. Verplicht de onderaannemer tot een toereikende aansprakelijkheidsverzekering en vraag jaarlijks een polisblad op; een vrijwaring van een partij zonder verhaal is een lege huls. Bepaal wie welke schadesoorten draagt en of gevolgschade en bedrijfsschade zijn uitgesloten.
Let daarbij scherp op de algemene voorwaarden. Verwijzen beide partijen naar hun eigen set, dan geldt in Nederland op grond van artikel 6:225 BW in beginsel de eerste verwijzing, tenzij die uitdrukkelijk van de hand is gewezen. Een onderaannemer die zijn eigen voorwaarden met een verregaande exoneratie erdoorheen krijgt, beperkt daarmee uw verhaal. Hoe u dat voorkomt, staat in ons artikel over de battle of forms. Loopt de discussie over meerwerk en uitvoering, dan helpt ons artikel over claims en meerwerkdiscussies in de bouw.
Welke verzekering dekt schade door een onderaannemer?
De bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering, kortweg AVB, dekt zaakschade en letselschade die uw onderneming aan anderen toebrengt. Zuivere vermogensschade — schade zonder voorafgaande beschadiging van een zaak of persoon, zoals gemiste omzet door een verkeerd advies — valt daar doorgaans buiten; daarvoor is een beroepsaansprakelijkheidsverzekering nodig. Let ook op de opzichtclausule, die schade aan zaken die u onder u had vaak beperkt of uitsluit, en op de vraag of ingeschakelde onderaannemers als verzekerde meelopen. Een aansprakelijkheidsverzekering is voor een zzp’er niet wettelijk verplicht, maar wordt in vrijwel elke onderaannemingsovereenkomst contractueel geëist.
Veelgestelde vragen
Is de hoofdaannemer aansprakelijk voor een fout van de onderaannemer?
Jegens zijn eigen opdrachtgever wel: op grond van artikel 6:76 BW is hij voor de gedragingen van zijn hulppersonen aansprakelijk als voor eigen gedragingen. Hij kan de schade vervolgens proberen te verhalen op de onderaannemer.
Kan ik de onderaannemer rechtstreeks aansprakelijk stellen?
Alleen via de onrechtmatige daad. Er is geen contract tussen u beiden, en wanprestatie jegens de hoofdaannemer is op zichzelf niet onrechtmatig jegens u. Er moet sprake zijn van schending van een zorgvuldigheidsnorm die de onderaannemer ook jegens u in acht had moeten nemen.
Hoe lang is de aannemer na oplevering aansprakelijk?
Een rechtsvordering wegens een gebrek in het opgeleverde werk verjaart twee jaar nadat u daarover hebt geprotesteerd. Daarnaast geldt een uiterste termijn: twintig jaar na oplevering bij bouwwerken en tien jaar in de overige gevallen (artikel 7:761 BW). Protesteer dus tijdig en schriftelijk.
Wat zijn de drie vormen van aansprakelijkheid?
Contractuele aansprakelijkheid wegens een tekortkoming in de nakoming, buitencontractuele aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad, en risicoaansprakelijkheid, waarbij de wet iemand aansprakelijk houdt voor een ander of voor een zaak zonder dat hem zelf een verwijt treft.
Ben ik als opdrachtgever aansprakelijk voor schade aan derden?
Dat kan, op grond van artikel 6:171 BW, maar alleen wanneer de werkzaamheden van de niet-ondergeschikte behoren tot uw eigen bedrijfsuitoefening. Een particuliere of eenmalige opdrachtgever valt daar in de regel buiten.
Advies over aansprakelijkheid in de keten
De vraag wie de schade draagt, wordt zelden beantwoord door één wetsartikel: zij hangt af van de contractketen, de algemene voorwaarden, de verzekeringsdekking en de feitelijke gang van zaken op de werkvloer. Onze advocaten ondernemingsrecht beoordelen uw onderaannemingsovereenkomsten, stellen sluitende vrijwarings- en exoneratiebedingen op en voeren de procedure wanneer een aanspraak zich toch voordoet. Neem contact met ons op voor een beoordeling van uw situatie.