Advocaat samenwerkingsovereenkomst: agentuur, distributie, franchise en management

Kort antwoord

Samenwerken met een andere onderneming begint bij de vraag welk contract u sluit. De agentuurovereenkomst is geregeld in artikel 7:428 BW en geeft de handelsagent bescherming die partijen niet vrij opzij kunnen zetten, onder meer bij opzegging en bij de klantenvergoeding van artikel 7:442 BW. Voor franchise gelden de regels van artikel 7:911 BW en verder, met een informatieplicht vóór het sluiten van het contract. De distributieovereenkomst is een onbenoemde overeenkomst en wordt beoordeeld aan de hand van de algemene regels van Boek 6 BW. De managementovereenkomst geldt in de regel als overeenkomst van opdracht, artikel 7:400 BW.

Wat er speelt

Ondernemingen verkopen zelden alleen. Zij werken met agenten, distributeurs, franchisenemers of een ingehuurde bestuurder. Zolang de omzet loopt, kijkt niemand naar het contract. Het geschil ontstaat bij het einde: wie heeft de klanten opgebouwd, welke opzegtermijn geldt en wat moet er nog worden betaald. Dezelfde samenwerking kan onder een dwingende regeling vallen of vrijwel volledig door de contractstekst worden bepaald. De eerste vraag is dus welk type overeenkomst dit werkelijk is.

De agentuurovereenkomst

Artikel 7:428 BW omschrijft de agentuurovereenkomst als de overeenkomst waarbij de handelsagent voor een principaal bemiddelt bij de totstandkoming van overeenkomsten, tegen beloning en zonder ondergeschiktheid. De agent verkoopt niet voor eigen rekening; dat onderscheidt hem van de distributeur.

Voor de opzegging geldt artikel 7:437 BW. Is niets afgesproken, dan bedraagt de opzegtermijn vier maanden, vermeerderd met een maand na drie jaar looptijd en met twee maanden na zes jaar. Spreken partijen langere termijnen af, dan mag de termijn voor de principaal niet korter zijn dan die voor de agent.

Het zwaartepunt van de conflicten ligt bij de klantenvergoeding van artikel 7:442 BW. De agent heeft bij het einde recht op een vergoeding voor zover hij nieuwe klanten heeft aangebracht of bestaande relaties aanmerkelijk heeft uitgebreid, die klanten de principaal nog aanzienlijke voordelen opleveren en betaling billijk is. Het recht vervalt als de agent niet binnen een jaar na het einde laat weten dat hij vergoeding verlangt.

De distributieovereenkomst

De distributieovereenkomst is een onbenoemde overeenkomst. Zij heeft geen eigen wettelijke titel en geen wettelijke opzegtermijn. De distributeur koopt in en verkoopt door voor eigen rekening en risico. Van toepassing zijn de algemene regels van Boek 6 BW, waaronder artikel 6:248 BW over redelijkheid en billijkheid en artikel 6:265 BW over ontbinding bij een tekortkoming.

Dat maakt de contractstekst doorslaggevend. Ontbreekt een opzegregeling, dan draait het geschil om de vraag of opzegging mogelijk is en welke termijn redelijk is. Voorraden, investeringen en exclusiviteit spelen daarbij een rol. Een distributeur heeft geen wettelijk recht op klantenvergoeding; wilt u dat wel, dan legt u het vast.

De franchiseovereenkomst

De franchiseovereenkomst is geregeld in artikel 7:911 BW en verder. De franchisegever verleent tegen vergoeding het recht, en legt de verplichting op, om een franchiseformule te exploiteren op de door hem aangewezen wijze.

De fase vóór het contract is zwaar gereguleerd. Artikel 7:913 BW bepaalt welke informatie partijen elkaar dan verstrekken: het ontwerp van de overeenkomst met bijlagen, de vergoedingen, opslagen en investeringen, en de wijze van overleg binnen de formule. De beoogd franchisenemer verstrekt informatie over zijn financiële positie. Artikel 7:914 BW voegt daar een termijn van ten minste vier weken aan toe, waarin het contract niet wordt gesloten en niet ten nadele van de franchisenemer wordt gewijzigd.

Conflicten gaan daarnaast over goodwill en over het non-concurrentiebeding na afloop. Artikel 7:920 BW verlangt dat de overeenkomst regelt hoe goodwill wordt vastgesteld en vergoed. Van deze titel kan op grond van artikel 7:922 BW niet ten nadele van in Nederland gevestigde franchisenemers worden afgeweken.

De managementovereenkomst

Bij een managementovereenkomst stelt een management-bv of een zelfstandige een bestuurder of manager ter beschikking. Een eigen wettelijke titel ontbreekt. De overeenkomst wordt doorgaans beoordeeld als overeenkomst van opdracht, artikel 7:400 BW. Voor de beëindiging is artikel 7:408 BW van belang, dat de opdrachtgever de bevoegdheid geeft op te zeggen.

Twee vragen keren terug. De eerste is de verhouding tot het vennootschapsrecht: een statutair bestuurder kan door de vennootschap worden ontslagen, terwijl de managementovereenkomst een eigen regeling kent. Zie daarover onze pagina over ontslag van een statutair bestuurder. De tweede is de kwalificatie. Is er feitelijk sprake van gezag en persoonlijke arbeid tegen loon, dan kan de afspraak als arbeidsovereenkomst gelden, met gevolgen voor ontslag en fiscaliteit.

Wat wij doen

Wij werken in vaste stappen.

  1. Intake. Wij bespreken de samenwerking, de rolverdeling en uw doel: opstellen, beëindigen of een geschil oplossen.
  2. Kwalificatie. Wij stellen vast welk type overeenkomst voorligt en welke dwingende regels gelden.
  3. Dossieranalyse. Wij beoordelen het contract, de correspondentie en de omzet- en provisiegegevens.
  4. Positiebepaling. Wij zetten mogelijkheden, risico’s en kosten naast elkaar en adviseren over de route.
  5. Uitvoering. Wij stellen de overeenkomst op of herzien deze, verzorgen de opzegging of de reactie daarop en berekenen de aanspraken.
  6. Onderhandeling of procedure. Wij onderhandelen en voeren zo nodig de procedure. Law & More werkt in heel Nederland.

Wat het kost

Wij werken met een uurtarief van 250 tot 350 euro exclusief btw voor een advocaat en van 300 tot 400 euro exclusief btw voor een partner, afhankelijk van de aard en de complexiteit van de zaak. Law & More werkt niet op basis van gefinancierde rechtsbijstand (toevoeging).

Het kennismakingsgesprek is gratis. Wilt u alleen een beoordeling van uw positie, dan kunt u een los adviesgesprek inplannen voor 300 euro inclusief btw. Wij maken geen vaste prijsafspraken; wel bespreken wij vooraf de werkzaamheden en houden wij u op de hoogte van de kosten.

Direct contact

Wilt u een agentuurovereenkomst, distributie-, franchise- of managementovereenkomst laten opstellen, beoordelen of beëindigen? Neem contact op met Law & More. Het kennismakingsgesprek is kosteloos. Wij ontvangen u in Eindhoven of op onze bezoeklocatie in Amsterdam.

  • Telefoon: 040 – 369 06 80
  • E-mail: info@lawandmore.nl

Veelgestelde vragen

Heb ik als handelsagent altijd recht op klantenvergoeding?

Nee. Artikel 7:442 BW stelt voorwaarden. U moet nieuwe klanten hebben aangebracht of bestaande relaties aanmerkelijk hebben uitgebreid, die klanten moeten de principaal nog aanzienlijke voordelen opleveren en betaling moet billijk zijn. Ook de wijze van beëindiging speelt een rol; in bepaalde gevallen bestaat geen aanspraak. U moet bovendien binnen een jaar laten weten dat u vergoeding verlangt.

Hoe hoog kan de klantenvergoeding zijn?

Artikel 7:442 BW stelt een maximum. De vergoeding is niet hoger dan de beloning van één jaar, berekend naar het gemiddelde van de laatste vijf jaren. Heeft de overeenkomst korter geduurd, dan telt het gemiddelde over de gehele duur. Dat maximum is geen automatische uitkomst: het bedrag hangt af van de aangebrachte klantenkring en van wat billijk is.

Welke opzegtermijn geldt bij een agentuurovereenkomst?

Artikel 7:437 BW geeft een regeling voor het geval partijen niets afspraken. De termijn bedraagt dan vier maanden, vermeerderd met een maand na drie jaar en met twee maanden na zes jaar looptijd. Partijen kunnen langere termijnen afspreken, maar die voor de principaal mag niet korter zijn dan die voor de agent. Opzegging behoort tegen het einde van een kalendermaand plaats te vinden. Wordt de termijn niet in acht genomen, dan kan dat leiden tot een vergoedingsplicht.

Kan een distributieovereenkomst zomaar worden opgezegd?

De distributieovereenkomst kent geen wettelijke opzegtermijn. In de eerste plaats geldt wat partijen hebben afgesproken. Ontbreekt een opzegregeling, dan wordt beoordeeld aan de hand van de algemene regels van Boek 6 BW, waaronder artikel 6:248 BW. Daarbij wegen de duur van de relatie, gedane investeringen en exclusiviteit mee. Een opzegging zonder redelijke termijn kan onrechtmatig zijn.

Wat moet een franchisegever vóór het contract verstrekken?

Artikel 7:913 BW schrijft voor welke informatie wordt uitgewisseld voordat de franchiseovereenkomst wordt gesloten. Het gaat onder meer om het ontwerp met bijlagen, om vergoedingen, opslagen en investeringen en om de wijze van overleg binnen de formule. De beoogd franchisenemer verstrekt informatie over zijn financiële positie. Artikel 7:914 BW voegt daaraan een termijn van ten minste vier weken toe waarin de overeenkomst niet wordt gesloten en niet ten nadele van de franchisenemer wordt gewijzigd.