Gepubliceerd op 3 juni 2025 · Laatst bijgewerkt op 8 september 2026
Ontbinding van een overeenkomst is de bevoegdheid om een contract te beëindigen omdat de wederpartij tekortschiet. Artikel 6:265 BW geeft die bevoegdheid bij iedere tekortkoming, tenzij de tekortkoming door haar bijzondere aard of geringe betekenis de ontbinding niet rechtvaardigt. Zolang nakoming nog mogelijk is, ontstaat de bevoegdheid pas als de schuldenaar in verzuim is. Ontbinding werkt niet terug: zij bevrijdt partijen voor de toekomst en verplicht tot ongedaanmaking van wat al is gepresteerd.
Inhoudsopgave
Wat is ontbinding en wat is het niet?
Ontbinding is een van de drie manieren waarop een overeenkomst kan eindigen, en de drie worden in de praktijk voortdurend door elkaar gehaald. Opzegging beëindigt een lopende overeenkomst voor de toekomst zonder dat de wederpartij iets fout hoeft te hebben gedaan; of opzegging mogelijk is, volgt uit het contract of uit de aard van de overeenkomst. Vernietiging tast de overeenkomst aan omdat er bij het sluiten iets mis was, bijvoorbeeld dwaling of bedrog, en werkt wel terug tot het moment van sluiten. Ontbinding staat daartussenin: het contract is geldig tot stand gekomen, maar de wederpartij komt haar verplichtingen niet na.
Hier zit het hardnekkigste misverstand. Ontbinding heeft geen terugwerkende kracht. Dat staat met zoveel woorden in artikel 6:269 BW en het is precies het verschil met vernietiging. De overeenkomst wordt dus niet geacht nooit te hebben bestaan. Wat wel gebeurt, staat in artikel 6:271 BW: de ontbinding bevrijdt partijen van de daardoor getroffen verbintenissen, en voor prestaties die al waren verricht ontstaan ongedaanmakingsverbintenissen. Wie een auto heeft gekocht en de koop ontbindt, geeft de auto terug en krijgt de koopprijs terug, maar niet omdat de koop nooit heeft bestaan.
Dat onderscheid is meer dan taalkunde. Bij een duurovereenkomst bepaalt het bijvoorbeeld of u ook over reeds verstreken maanden van uw verplichtingen bent bevrijd, en bij een gedeeltelijk uitgevoerd project of de al geleverde deelprestaties overeind blijven. Kiest u het verkeerde instrument, dan vordert u het verkeerde en loopt u het risico dat de rechter uw vordering afwijst zonder aan de inhoud toe te komen.
De drie voorwaarden van artikel 6:265 BW
Het eerste lid van artikel 6:265 BW bepaalt dat iedere tekortkoming van een partij in de nakoming van een van haar verbintenissen aan de wederpartij de bevoegdheid geeft om de overeenkomst geheel of gedeeltelijk te ontbinden, tenzij de tekortkoming, gezien haar bijzondere aard of geringe betekenis, deze ontbinding met haar gevolgen niet rechtvaardigt. Het tweede lid voegt daaraan toe dat, voor zover nakoming niet blijvend of tijdelijk onmogelijk is, de bevoegdheid tot ontbinding pas ontstaat wanneer de schuldenaar in verzuim is.
Daaruit volgen drie punten die u telkens moet nalopen. Er moet een tekortkoming zijn: de wederpartij doet niet, niet tijdig of niet behoorlijk wat is afgesproken. Denk aan een levering die uitblijft, een product dat niet aan de overeenkomst beantwoordt, een factuur die onbetaald blijft of werk dat ondeugdelijk is uitgevoerd. Anders dan bij schadevergoeding is toerekenbaarheid geen vereiste: ook bij overmacht kunt u in beginsel ontbinden, u kunt alleen geen schadevergoeding vorderen. Het verschil tussen die twee zetten wij uiteen in ons artikel over wanprestatie of overmacht.
Het tweede punt is de tenzij-bepaling. De Hoge Raad heeft in zijn arrest van 28 september 2018 verduidelijkt dat de hoofdregel en de tenzij-bepaling samen één materiële rechtsregel uitdrukken: alleen een tekortkoming van voldoende gewicht geeft recht op ontbinding. De uitzondering is dus geen randverschijnsel maar een volwaardig beschermingsmechanisme, en bij de toepassing ervan kunnen alle omstandigheden van het geval meewegen. Geen enkel gezichtspunt is op voorhand beslissend. U vindt het arrest bij de Rechtspraak.
Het derde punt is het verzuim. Zolang de wederpartij nog kan nakomen, moet zij eerst in verzuim zijn geraakt. Dat is de stap die in de praktijk het vaakst wordt overgeslagen, en het is meteen de stap die een ontbinding onderuit haalt.
Wanneer is een ingebrekestelling nodig en wanneer niet?
De hoofdregel staat in artikel 6:82 BW: het verzuim treedt in wanneer de schuldenaar in gebreke wordt gesteld bij een schriftelijke aanmaning waarbij hem een redelijke termijn voor de nakoming wordt gesteld, en nakoming binnen die termijn uitblijft. Een ingebrekestelling is dus geen formaliteit maar een laatste kans, en dat is precies waarom de rechter kritisch kijkt naar de lengte van de termijn.
Artikel 6:83 BW noemt de gevallen waarin het verzuim zonder ingebrekestelling intreedt. Het bekendste is dat waarin een voor de voldoening bepaalde termijn verstrijkt: de fatale termijn. Let op wat dat betekent, want hier gaat het vaak mis. Het verstrijken van een fatale termijn brengt de wederpartij van rechtswege in verzuim; het ontbindt de overeenkomst niet automatisch. U moet nog steeds zelf ontbinden. Verder treedt verzuim zonder aanmaning in wanneer de verbintenis voortvloeit uit onrechtmatige daad of strekt tot schadevergoeding, en wanneer de schuldeiser uit een mededeling moet afleiden dat de schuldenaar niet zal nakomen.
Is nakoming blijvend of tijdelijk onmogelijk, dan is verzuim helemaal geen vereiste, want artikel 6:265 lid 2 BW stelt die eis alleen voor zover nakoming nog mogelijk is. Het klassieke voorbeeld is de unieke zaak die is vernietigd: een aanmaning om alsnog te leveren zou zinloos zijn. Twijfelt u of nakoming werkelijk onmogelijk is, stuur dan toch een ingebrekestelling. Een overbodige aanmaning schaadt uw positie niet; een ontbrekende aanmaning wel. Wanneer u ook zonder ingebrekestelling schadevergoeding kunt vorderen, leest u in ons artikel over schadevergoeding bij contractbreuk zonder ingebrekestelling.
Hoe stelt u een ingebrekestelling op die standhoudt?
Een bruikbare ingebrekestelling doet vier dingen. Zij omschrijft precies welke verplichting niet is nagekomen, met datum, bedrag en contractbepaling erbij. Zij sommeert tot nakoming, en niet tot iets anders. Zij stelt een concrete termijn met een einddatum, geen vage aanduiding als op korte termijn. En zij kondigt aan wat er gebeurt als die termijn verstrijkt, zodat de wederpartij weet dat ontbinding en schadevergoeding volgen.
De redelijkheid van de termijn hangt af van wat er moet gebeuren. Voor het betalen van een factuur volstaat doorgaans een korte termijn; voor het herstellen van een complexe installatie is meer tijd nodig. Een termijn die aantoonbaar te kort is, kan tot gevolg hebben dat het verzuim niet intreedt, waarmee uw hele ontbinding wegvalt. Is de termijn te kort geweest maar heeft de wederpartij ook daarna niet gepresteerd, dan neemt de rechter soms aan dat alsnog een redelijke termijn is verstreken, maar daar wilt u niet van afhankelijk zijn.
Verstuur de aanmaning zo dat u de ontvangst kunt aantonen, bijvoorbeeld per aangetekende post en per e-mail. Bewaar de verzendbewijzen. Een concrete voorbeeldbrief met de vaste onderdelen vindt u in ons artikel over de ingebrekestelling. Houd er daarnaast rekening mee dat het contract zelf eisen kan stellen aan de wijze van kennisgeving; staat er dat aanmaningen aangetekend moeten worden verzonden, dan is een e-mail niet genoeg.
Ontbinden met een verklaring of via de rechter?
U hoeft niet naar de rechter om te ontbinden. De gebruikelijke route is de buitengerechtelijke ontbinding: u stuurt de wederpartij een schriftelijke verklaring waarin u meedeelt dat u de overeenkomst ontbindt, met vermelding van de tekortkoming en van het feit dat verzuim is ingetreden. Vanaf dat moment is de overeenkomst ontbonden, ook als de wederpartij het daarmee oneens is. Wie gelijk heeft, blijkt pas als er een geschil ontstaat.
Daar zit meteen het risico. Ontbindt u ten onrechte, bijvoorbeeld omdat het verzuim niet was ingetreden of omdat de tekortkoming te gering was, dan schiet u zelf tekort. De wederpartij kan dan nakoming vorderen of op haar beurt ontbinden en schadevergoeding eisen. Dat is geen theoretisch scenario: in de zaak die leidde tot de uitspraak van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 27 december 2022 had een opdrachtgever een overeenkomst ontbonden wegens vermeend gebrekkig opdrachtnemerschap, terwijl het hof oordeelde dat van een tekortkoming geen sprake was. De ontbindende partij werd zelf in verzuim geacht en moest vervangende schadevergoeding betalen. De uitspraak staat bij de Rechtspraak.
De gang naar de rechter is aangewezen wanneer u de gevolgen van de ontbinding niet zelf kunt realiseren, bijvoorbeeld omdat de wederpartij het reeds betaalde niet terugstort of de geleverde zaken niet ophaalt. U vordert dan ontbinding, terugbetaling en schadevergoeding in één procedure. Ook wanneer op voorhand vaststaat dat er discussie komt over de ernst van de tekortkoming, is het verstandig de rechter te laten oordelen in plaats van eenzijdig te handelen.
Wat zijn de gevolgen van ontbinding?
Vanaf de ontbinding hoeven partijen niet langer na te komen. Artikel 6:271 BW bevrijdt hen van de door de ontbinding getroffen verbintenissen, en voor prestaties die al zijn verricht ontstaan ongedaanmakingsverbintenissen. Geleverde zaken gaan terug, betaalde bedragen worden terugbetaald. Is teruggave naar haar aard onmogelijk, bijvoorbeeld bij een verrichte dienst, dan komt daarvoor een vergoeding van de waarde in de plaats.
Naast ontbinding kunt u schadevergoeding vorderen. Artikel 6:74 BW bepaalt dat iedere tekortkoming in de nakoming van een verbintenis de schuldenaar verplicht de daardoor geleden schade te vergoeden, tenzij de tekortkoming hem niet kan worden toegerekend. Ontbinding en schadevergoeding sluiten elkaar dus niet uit; wel verandert door de ontbinding wat er te vergoeden valt. U vordert niet langer het positieve contractsbelang in de vorm van nakoming, maar de schade die u lijdt doordat de overeenkomst is geëindigd, zoals de meerkosten van een vervangende leverancier en de kosten die u nutteloos hebt gemaakt.
Let ten slotte op de bedingen die de ontbinding overleven. Een geheimhoudingsbeding, een boetebeding, een forumkeuze en een aansprakelijkheidsbeperking blijven doorgaans gelden, omdat zij juist zijn geschreven voor de situatie waarin het misgaat. Wilt u weten of een boetebeding of een gewone schadevergoedingsregeling voor uw contract handiger is, lees dan ons artikel over boetebeding tegenover schadevergoeding.
Gedeeltelijke ontbinding en de alternatieven
Artikel 6:265 BW spreekt van geheel of gedeeltelijk ontbinden. Gedeeltelijke ontbinding is in de praktijk vaak de verstandigste keuze: u laat de overeenkomst in stand en vermindert uw eigen prestatie in evenredigheid met wat de wederpartij tekortschiet. Bij een aanneemsom die betrekking heeft op tien onderdelen waarvan er twee ondeugdelijk zijn geleverd, kunt u de overeenkomst voor dat deel ontbinden en de prijs verlagen, zonder het hele project ongedaan te maken.
Dat is meteen het antwoord op een veelgehoord bezwaar. Wie zich beroept op de tenzij-bepaling omdat de tekortkoming te gering zou zijn om volledige ontbinding te rechtvaardigen, treft daarmee niet automatisch de gedeeltelijke ontbinding. Hoe kleiner de tekortkoming, hoe eerder gedeeltelijke ontbinding wel en gehele ontbinding niet gerechtvaardigd is.
Er zijn ook alternatieven buiten de ontbinding om. U kunt nakoming vorderen, zo nodig versterkt met een dwangsom. U kunt uw eigen prestatie opschorten zolang de wederpartij niet presteert, wat vaak sneller effect heeft dan een procedure. En bij duurovereenkomsten kan opzegging een betere route zijn dan ontbinding, omdat u dan geen tekortkoming hoeft te bewijzen. Wanneer tussentijdse opzegging bij een langlopend contract is toegestaan, behandelen wij in ons artikel over wanprestatie bij langdurige overeenkomsten.
Ontbinding bij consumentenkoop
Koopt een consument een roerende zaak van een verkoper die handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf, dan geldt een eigen regime dat gunstiger is dan het algemene contractenrecht. Uitgangspunt is artikel 7:17 BW: de afgeleverde zaak moet aan de overeenkomst beantwoorden. Zij doet dat niet als zij niet de eigenschappen bezit die de koper op grond van de overeenkomst mocht verwachten, gelet op de aard van de zaak, de mededelingen van de verkoper en het normale gebruik.
Bij consumentenkoop komt daar het bewijsvermoeden van artikel 7:18 BW bij: blijkt binnen een jaar na aflevering een gebrek aan overeenstemming, dan wordt vermoed dat dit al bij aflevering bestond. Dat draait de bewijslast om. Niet u moet aantonen dat het product bij levering al niet deugde, maar de verkoper moet aannemelijk maken dat het gebrek daarna is ontstaan.
De volgorde van rechten staat in de artikelen 7:21 en 7:22 BW. U vraagt eerst herstel of vervanging; de verkoper mag dat alleen weigeren als het onmogelijk of onredelijk bezwarend is. Pas wanneer herstel of vervanging onmogelijk is, uitblijft of mislukt, kunt u de koop ontbinden of de prijs verminderen. Bij een ernstig gebrek mag u meteen ontbinden. Bij een gebrek van geringe betekenis blijft alleen prijsvermindering over, wat dezelfde gedachte is als de tenzij-bepaling van artikel 6:265 BW.
Aan die rechten hangt een mededelingstermijn. Artikel 7:23 BW verlangt dat de koper de verkoper binnen bekwame tijd na ontdekking van het gebrek waarschuwt; bij consumentenkoop is een kennisgeving binnen twee maanden na ontdekking in elk geval tijdig. Die tweemaandenregel geldt uitsluitend bij consumentenkoop van een roerende zaak. Bij de koop van een woning of bij een koop tussen ondernemingen geldt alleen de open norm bekwame tijd, en die kan aanzienlijk korter uitvallen. Waar u bij zakelijke koop op moet letten, staat in ons artikel over de koopovereenkomst tussen bedrijven. De bepalingen zelf vindt u in Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek.
Ontbinding bij koop op afstand: het herroepingsrecht
Koopt u als consument online of anderszins op afstand, dan hebt u daarnaast een recht dat losstaat van elke tekortkoming: het herroepingsrecht. U mag de overeenkomst binnen veertien dagen zonder opgave van redenen ontbinden. Die termijn komt uit Richtlijn 2011/83/EU en is in Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek omgezet. Er hoeft dus niets mis te zijn met het product; ontevredenheid volstaat.
De termijn begint niet bij het sluiten van de overeenkomst maar op de dag nadat u of een door u aangewezen derde, die niet de vervoerder is, de zaak fysiek in bezit hebt gekregen. Bestaat de bestelling uit meerdere zaken die apart worden geleverd, dan loopt de termijn vanaf de ontvangst van de laatste zaak. Bij een overeenkomst tot het verrichten van diensten telt de termijn vanaf het sluiten van de overeenkomst.
Heeft de verkoper u niet correct over het herroepingsrecht geïnformeerd, dan wordt de termijn verlengd, met een uiterste grens van twaalf maanden. Voor een aantal categorieën geldt het herroepingsrecht niet, zoals zaken die op maat zijn gemaakt en zaken die snel bederven. Blijft een online bestelling helemaal uit, dan speelt niet het herroepingsrecht maar het gewone leveringsregime; hoe dat werkt, beschrijven wij aan de hand van een online bestelde auto die niet werd geleverd.
Hoe beoordeelt de rechter een ontbindingszaak?
De rechter begint bij de vraag of er een tekortkoming is, en dat is een feitelijke vraag die u met stukken moet onderbouwen: het contract, de correspondentie, foto-, meet- of expertiserapporten. Vervolgens weegt hij of die tekortkoming voldoende gewicht heeft. Daarbij spelen de aard van de overeenkomst, het belang van de geschonden verplichting, de duur en de herhaling van het tekortschieten, de mate waarin herstel nog mogelijk was en de opstelling van beide partijen een rol.
Omdat de Hoge Raad heeft benadrukt dat alle omstandigheden kunnen meewegen en geen enkel gezichtspunt vooraf beslissend is, valt de uitkomst zelden op voorhand te voorspellen. Wat u wel in de hand hebt, is uw eigen procesgedrag. Een partij die eerst helder heeft aangemaand, een reële hersteltermijn heeft gegeven, de tekortkoming heeft gedocumenteerd en pas daarna heeft ontbonden, staat aanzienlijk sterker dan een partij die na één telefoontje de stekker eruit trok.
Let daarnaast op de eigen positie. Wie zelf ook tekortschiet, bijvoorbeeld door facturen onbetaald te laten, verzwakt zijn beroep op ontbinding aanzienlijk. En wie na de aangekondigde termijn nog maandenlang doorgaat met de uitvoering, wekt de indruk de tekortkoming te hebben aanvaard.
Wat u contractueel zelf kunt regelen
Veel onzekerheid is te voorkomen door de gronden voor ontbinding vooraf vast te leggen. U kunt afspreken dat het overschrijden van een met name genoemde deadline een fatale termijn is, zodat verzuim van rechtswege intreedt en een aanmaning niet nodig is. U kunt vastleggen welke prestatienormen als wezenlijk gelden, zodat over de ernst van een tekortkoming geen discussie ontstaat. En u kunt bepaalde kleine afwijkingen uitdrukkelijk uitsluiten als ontbindingsgrond.
Omgekeerd kunt u de bevoegdheid tot ontbinding beperken of uitsluiten, mits u dat ondubbelzinnig doet. Rechters lezen zulke bedingen restrictief: een clausule die alleen een opzeggingsregeling bevat, sluit ontbinding wegens wanprestatie niet uit. Wilt u die uitsluiting, schrijf het dan met zoveel woorden op. Bedenk daarbij dat een uitsluiting tegenover een consument al snel onredelijk bezwarend is.
Denk ten slotte na over de gevolgen. Regel wie de kosten van teruggave draagt, hoe reeds geleverde deelprestaties worden gewaardeerd en welke bedingen na ontbinding doorlopen. Dat scheelt in een geschil meer dan de ontbindingsgrond zelf. Voor de opbouw van zulke bepalingen kunt u terecht bij onze advocaten civiel recht. De algemene bepalingen over ontbinding staan in Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek.
Veelgemaakte fouten bij ontbinding
De meest voorkomende fout is ontbinden zonder dat verzuim is ingetreden. Er is dan wel een tekortkoming, maar geen aanmaning met een redelijke termijn, terwijl nakoming nog mogelijk was. De ontbinding houdt geen stand en de ontbindende partij is zelf in verzuim. De tweede fout is een aanmaning die niet aanmaant: een boze e-mail waarin staat dat het zo niet langer gaat, is geen ingebrekestelling omdat er geen termijn en geen concrete sommatie in staan.
Een derde fout is het verwarren van fatale termijn en automatische beëindiging. Een verstreken fatale termijn brengt de wederpartij van rechtswege in verzuim, maar beëindigt de overeenkomst niet; u moet nog altijd zelf ontbinden, en doet u dat niet, dan loopt het contract door. Een vierde fout is te lang wachten. Bij consumentenkoop kan de mededelingstermijn van artikel 7:23 BW verstrijken, en ook buiten die regeling kan stilzitten worden uitgelegd als aanvaarding van de gebrekkige prestatie.
De laatste fout is dossiervorming achteraf. Wie pas gaat verzamelen wanneer het geschil er al is, mist de bewijsstukken die er op het beslissende moment toe deden. Leg de tekortkoming vast op het moment dat u haar constateert, bevestig mondelinge afspraken schriftelijk en bewaar de verzendbewijzen van uw aanmaning.
Veelgestelde vragen
Kan ik een overeenkomst ontbinden zonder naar de rechter te gaan?
Ja. De gebruikelijke route is een schriftelijke ontbindingsverklaring aan de wederpartij. De rechter komt pas in beeld als de wederpartij de ontbinding betwist of als u de gevolgen ervan, zoals terugbetaling, moet afdwingen. Ontbindt u ten onrechte, dan schiet u zelf tekort; laat de gronden daarom vooraf toetsen als er veel op het spel staat.
Werkt ontbinding met terugwerkende kracht?
Nee. Artikel 6:269 BW bepaalt uitdrukkelijk dat ontbinding geen terugwerkende kracht heeft. De overeenkomst wordt niet geacht nooit te hebben bestaan. Wel ontstaan er ongedaanmakingsverbintenissen voor prestaties die al zijn verricht, zodat het resultaat in eenvoudige gevallen lijkt op terugdraaien. Terugwerkende kracht hoort bij vernietiging, niet bij ontbinding.
Moet ik altijd eerst een ingebrekestelling sturen?
Niet altijd, maar meestal wel. Een ingebrekestelling is niet nodig wanneer nakoming blijvend of tijdelijk onmogelijk is, wanneer een fatale termijn is verstreken, wanneer de verbintenis strekt tot schadevergoeding of voortvloeit uit onrechtmatige daad, en wanneer de wederpartij laat weten niet te zullen nakomen. Twijfelt u, stuur er dan toch een: een overbodige aanmaning kost u niets, een ontbrekende aanmaning uw ontbinding.
Kan ik ook ontbinden bij overmacht?
Ja. Ontbinding vereist een tekortkoming, maar geen toerekenbaarheid. Ook wanneer de wederpartij zich met succes op overmacht beroept, kunt u dus ontbinden. Wat u dan niet kunt, is schadevergoeding vorderen, want artikel 6:74 BW verbindt die vordering aan een toerekenbare tekortkoming.
Wat als mijn wederpartij zegt dat de tekortkoming te klein is?
Dan beroept zij zich op de tenzij-bepaling van artikel 6:265 BW. De rechter beoordeelt dan of de tekortkoming, gezien haar bijzondere aard of geringe betekenis, de ontbinding met haar gevolgen rechtvaardigt, waarbij alle omstandigheden meewegen. Overweeg in zo een geval gedeeltelijke ontbinding of prijsvermindering: hoe geringer de tekortkoming, hoe groter de kans dat die route wel slaagt.
Hoelang heb ik de tijd om te ontbinden?
Er staat geen vaste termijn op de ontbindingsbevoegdheid zelf, maar wachten is riskant. Bij consumentenkoop moet u het gebrek binnen bekwame tijd melden, en twee maanden na ontdekking is in elk geval tijdig. Daarnaast kan langdurig stilzitten worden uitgelegd als aanvaarding van de gebrekkige prestatie of als rechtsverwerking, en verjaren vorderingen op enig moment. Handel daarom zodra de hersteltermijn is verstreken.
Advies bij ontbinding van een overeenkomst
Ontbinding van een overeenkomst is krachtig maar onvergeeflijk voor slordigheid. De volgorde tekortkoming, aanmaning met redelijke termijn, verzuim en pas dan ontbinding is geen formaliteit maar de kern van het leerstuk, en wie een stap overslaat verliest niet alleen zijn ontbinding maar wordt zelf schadeplichtig. Weeg daarnaast telkens af of gehele ontbinding wel het passende middel is, of dat gedeeltelijke ontbinding, prijsvermindering, opschorting of nakoming u sneller brengt waar u wilt zijn.
De advocaten civiel recht van Law & More in Eindhoven beoordelen of de gronden voor ontbinding aanwezig zijn, stellen de ingebrekestelling en de ontbindingsverklaring op en voeren de procedure wanneer de wederpartij de ontbinding betwist. Ook wanneer u juist wordt geconfronteerd met een ontbinding die u onterecht vindt, kunt u contact met ons opnemen.