Te hard rijden of door rood: wanneer is het een misdrijf?

Gepubliceerd op 27 oktober 2025 · Laatst bijgewerkt op 7 september 2026

Door rood rijden en te hard rijden zijn in Nederland doorgaans geen misdrijf. Ze worden afgedaan via de Wet Mulder, met een administratieve sanctie die niet op uw strafblad komt. Rijdt u meer dan 30 km per uur te hard, op de autosnelweg meer dan 40, dan valt het feit buiten die wet en volgt strafrechtelijke afdoening met wel een aantekening in de justitiele documentatie.

Auto rijdt door rood terwijl een agent de snelheid meet; door rood rijden is meestal een Mulderfeit.

Wanneer is een verkeersfeit een overtreding en wanneer een misdrijf?

Er lopen twee onderscheidingen door elkaar, en juist dat veroorzaakt de verwarring. De eerste is de vraag of een feit administratiefrechtelijk of strafrechtelijk wordt afgedaan. De tweede is de vraag of een strafbaar feit in de Wegenverkeerswet als overtreding of als misdrijf is aangemerkt; artikel 178 van de Wegenverkeerswet 1994 wijst aan welke bepalingen misdrijven opleveren.

De klassieke verkeersmisdrijven zijn rijden onder invloed, doorrijden na een ongeval, rijden tijdens een ontzegging en het veroorzaken van een verkeersongeval met letsel of de dood tot gevolg door schuld. Daar is sinds 1 januari 2020 artikel 5a WVW bij gekomen: zeer gevaarlijk rijgedrag, ook als er geen ongeluk gebeurt. Wie zich daaraan schuldig maakt, wordt geacht roekeloos te hebben gereden, de zwaarste schuldgradatie die de wet kent.

Snelheidsovertredingen en het negeren van een rood licht staan niet in dat rijtje. Ook een forse snelheidsoverschrijding blijft in beginsel een overtreding; wat verandert is de manier waarop zij wordt afgedaan en de gevolgen die dat heeft. Het loont om die twee zaken uit elkaar te houden, want de praktische pijn zit meestal niet in het etiket misdrijf, maar in de aantekening en in het rijbewijs.

Wanneer blijft te hard rijden een Mulderboete?

Rijdt u tot en met 30 km per uur te hard op een gewone weg, of tot en met 40 km per uur te hard op een autosnelweg, dan is het een Muldergedraging. U ontvangt een beschikking van het Centraal Justitieel Incassobureau, herkenbaar aan de letter M. De kentekenhouder is aansprakelijk, ook als iemand anders reed.

Het belangrijkste kenmerk is dat de administratieve afhandeling buiten het strafrecht valt. Er is geen verdachte, geen officier van justitie die vervolgt en geen aantekening in de justitiele documentatie. Voor de meeste bestuurders is dat het verschil dat er werkelijk toe doet, bijvoorbeeld bij een aanvraag van een Verklaring Omtrent het Gedrag. Wat een verkeersfeit wel en niet met uw strafblad doet, zetten wij uiteen bij verkeersovertredingen en het strafblad.

Bij het vaststellen van de snelheid wordt een correctie toegepast. Tot en met 100 km per uur trekt het Openbaar Ministerie 3 km per uur van de gemeten snelheid af; daarboven drie honderdsten van de meting. De uitkomst heet de gecorrigeerde snelheid, en die telt. Zit u vlak boven een grenswaarde, dan is dat het eerste wat u laat narekenen, samen met de vraag of het meetmiddel geldig was geijkt en juist is gebruikt. Hoe u dat aanpakt, leest u bij geflitst voor te hard rijden en de bezwaarprocedure.

Wanneer wordt te hard rijden strafrechtelijk vervolgd?

Boven de Mulder-grenzen valt het feit buiten de administratieve afdoening. Het Openbaar Ministerie pakt het dan strafrechtelijk op, in de regel met een strafbeschikking. Dat is geen boete van het CJIB maar een strafrechtelijke sanctie, opgelegd door de officier van justitie zonder tussenkomst van de rechter. Zij leidt tot een aantekening in de justitiele documentatie.

Naarmate de overschrijding groter wordt, verschuift de reactie. Bij zeer forse overschrijdingen, bij samenloop met andere feiten of bij herhaling binnen enkele jaren volgt een dagvaarding voor de politierechter, die naast een geldboete een ontzegging van de rijbevoegdheid kan opleggen. Die ontzegging is in de praktijk de zwaarste sanctie; bij recidive kan zij op grond van artikel 179 WVW oplopen tot tien jaar.

Wordt u opgeroepen voor een OM-hoorzitting, dan is dat geen formaliteit: daar wordt de eis bepaald en soms al een regeling getroffen. Wat u daar kunt verwachten, beschrijven wij bij de OM-zitting en de strafbeschikking.

Straatbeeld met te hard rijden en door rood rijden, de twee meest voorkomende verkeersfeiten.

Wanneer is door rood rijden meer dan een boete?

Door rood rijden is op zichzelf een Muldergedraging: u krijgt een administratieve sanctie, of die nu is vastgesteld door een roodlichtcamera of door een agent ter plaatse. Ook een vergissing telt; de gedraging is objectief vastgesteld en de vraag of u het expres deed, speelt in die procedure geen rol.

Het beeld verandert zodra er iets bijkomt. Ontstaat er een aanrijding met letsel, dan komt het schuldartikel van de Wegenverkeerswet in beeld en gaat het niet langer om een boete maar om een misdrijf, met de vraag welke mate van schuld bewezen kan worden. Hoe de rechter die schuldvraag benadert, hebben wij uitgewerkt bij schuld in het verkeer en de beoordeling van nalatigheid.

Daarnaast kan door rood rijden onderdeel zijn van een groter geheel van gedragingen dat als zeer gevaarlijk rijgedrag wordt aangemerkt. Denk aan een combinatie van fors te hard rijden, bumperkleven, gevaarlijk inhalen en het negeren van verkeerslichten in dezelfde rit. Speelt alcohol of drugs een rol, dan komt daar een zelfstandig misdrijf bij; de gevolgen daarvan beschrijven wij bij rijden onder invloed.

Wanneer raakt u uw rijbewijs kwijt?

De politie vordert het rijbewijs in bij een staandehouding wanneer de toegestane maximumsnelheid met 50 km per uur of meer is overschreden. Voor bromfietsen ligt die grens bij 30 km per uur of meer. Een flitsfoto is daarvoor niet genoeg: er moet een staandehouding zijn geweest.

Na de invordering beslist de officier van justitie binnen tien dagen of het rijbewijs wordt ingehouden of teruggegeven. Blijft die beslissing uit, dan moet het rijbewijs terug. Besluit hij tot inhouding, dan kunt u daartegen een klaagschrift indienen bij de rechtbank. Dat is een korte, zelfstandige procedure die vaak sneller loopt dan de hoofdzaak; hoe die verloopt, leest u bij de klaagschriftprocedure bij rijbewijsintrekking.

Naast de strafrechtelijke route bestaat een tweede spoor dat veel bestuurders overvalt. De politie kan een melding doen bij het CBR, dat vervolgens zelfstandig een maatregel oplegt. Bij onveilig rijgedrag gaat het om een cursus over gedrag en verkeer of een onderzoek naar de rijvaardigheid, op eigen kosten. Die bestuursrechtelijke maatregel staat los van de strafzaak: een vrijspraak bij de rechter maakt de CBR-maatregel niet ongedaan.

Wat gebeurt er bij herhaling?

Recidive is in het verkeersstrafrecht geen bijkomstigheid maar een zelfstandige factor. Het Openbaar Ministerie werkt met richtlijnen die per bandbreedte van de overschrijding een eis koppelen, waarbij een eerdere afdoening voor eenzelfde soort feit de eis fors verhoogt. Wie binnen enkele jaren opnieuw ver boven de grens wordt gemeten, ziet de geldboete stijgen en krijgt eerder een onvoorwaardelijke ontzegging van de rijbevoegdheid dan een voorwaardelijke.

Bij een dagvaarding weegt de politierechter dezelfde omstandigheden mee, maar dan zelfstandig. Hij kijkt naar de gemeten snelheid, de plaats en het tijdstip, de aanwezigheid van andere weggebruikers, de reden van de rit en het uittreksel uit de justitiele documentatie. Een eerdere onvoorwaardelijke ontzegging is daarbij het zwaarste gegeven, omdat daaruit blijkt dat een eerdere waarschuwing geen effect heeft gehad.

Daarnaast loopt het bestuursrechtelijke spoor door. Meldingen van de politie stapelen zich bij het CBR, en een tweede melding leidt sneller tot een onderzoek naar de rijvaardigheid dan een eerste. Omdat beide sporen los van elkaar lopen, kan het gebeuren dat een zaak strafrechtelijk mild wordt afgedaan terwijl het CBR ondertussen een maatregel oplegt die u maanden van de weg houdt.

Wat betekent dit voor uw strafblad en uw VOG?

Een Mulderboete komt niet in de justitiele documentatie. Een strafbeschikking en een veroordeling wel, en die aantekening blijft jaren staan. Bij een aanvraag van een Verklaring Omtrent het Gedrag kijkt Justis in de regel vier jaar terug, en twee jaar bij aanvragers tot 23 jaar.

Een aantekening leidt niet automatisch tot een weigering. Justis beoordeelt of het feit, als het zich zou herhalen, een belemmering vormt voor de functie waarvoor u de verklaring nodig hebt. Voor een kantoorbaan weegt een snelheidsoverschrijding zelden zwaar; voor een chauffeur, een taxivergunning of een functie waarin u met een dienstvoertuig rijdt, ligt dat wezenlijk anders. Ook beroepschauffeurs die een code 95 of een vergunning nodig hebben, merken het onmiddellijk.

Dat maakt de keuze om een strafbeschikking te accepteren minder vrijblijvend dan zij lijkt. Betalen is geen praktische afwikkeling maar een aanvaarding van een strafrechtelijke sanctie, met de registratie die daarbij hoort.

Politiecontrole bij een kruispunt; bij staandehouding kan het rijbewijs worden ingevorderd.

Wat kunt u doen tegen een boete of een strafbeschikking?

Tegen een Mulderbeschikking stelt u eerst beroep in bij de officier van justitie. De beschikking vermeldt de termijn; die bedraagt in de regel zes weken na de dagtekening. Voor dat beroep hoeft u het bedrag niet te voldoen. Wijst de officier het beroep af, dan kunt u naar de kantonrechter, maar dan verandert er iets wezenlijks: bedraagt de sanctie ten minste 225 euro, dan moet u zekerheid stellen. Doet u dat niet, dan wordt uw beroep niet-ontvankelijk verklaard zonder dat de zaak inhoudelijk wordt bekeken.

Tegen een strafbeschikking staat verzet open binnen veertien dagen. Daarna beoordeelt de rechter de zaak alsnog. Laat u die termijn verlopen, dan wordt de strafbeschikking onherroepelijk en blijft de aantekening staan. Er geldt hier geen zekerheidstelling, maar wel een strakke termijn.

Inhoudelijk zijn er meer aanknopingspunten dan bestuurders denken. Was het meetmiddel geldig geijkt en volgens voorschrift gebruikt? Klopt de plaatsing en de bekendmaking van het snelheidsbord op dat wegvak? Is de juiste correctie toegepast? Bent u werkelijk de bestuurder geweest, of stond het voertuig alleen op uw naam? En bij een aanrijding: volgt uit het dossier daadwerkelijk schuld, of vooral een ongelukkige samenloop? Bij ernstige ongevallen is die vraag bepalend, zoals wij toelichten bij de straf bij een ernstig verkeersongeval.

Wie is aansprakelijk als u de auto niet zelf bestuurde?

Bij een Mulderbeschikking is de kentekenhouder aansprakelijk. Dat is een bewuste keuze van de wetgever: bij een flitsfoto is de bestuurder vaak niet te identificeren, en zonder kentekenaansprakelijkheid zou handhaving op afstand onmogelijk zijn. Reed er iemand anders, dan blijft de beschikking dus op uw naam staan.

U kunt in beroep aanvoeren wie er wel reed, maar daarvoor gelden strikte eisen. Het gaat niet om een vermoeden of om de opmerking dat meerdere mensen de auto gebruiken; er moet worden onderbouwd dat het voertuig tegen uw wil werd gebruikt, dat het was verhuurd met een sluitende administratie, of dat de bestuurder concreet en verifieerbaar kan worden aangewezen. Leasemaatschappijen en verhuurbedrijven hebben daarvoor vaste procedures; particulieren zelden.

Bij strafrechtelijke afdoening ligt het anders. Daar moet het Openbaar Ministerie bewijzen dat u de bestuurder was. Bij een staandehouding is dat eenvoudig, bij een flitsfoto niet altijd. Ontkent u en biedt de foto onvoldoende houvast voor herkenning, dan is dat een reeel verweer. Zwijgen mag; u hoeft niet mee te werken aan uw eigen veroordeling. Alleen bij de vraag wie er reed loont het om die keuze weloverwogen te maken, omdat een ongeloofwaardige verklaring in de strafmaat kan doorwerken.

Wat geldt er extra voor beginnende bestuurders?

Wie voor het eerst een rijbewijs haalt, is vijf jaar beginnend bestuurder. Dat heeft niets met leeftijd te maken: ook wie op zijn vijftigste voor het eerst slaagt, valt eronder. Voor deze groep gelden strengere regels, en de gevolgen van een fout zijn navenant groter.

De bekendste bijzonderheid is de lagere alcoholgrens. Daarnaast leidt een beperkt aantal ernstige feiten binnen de beginnersperiode tot ingrijpen door het CBR, waarbij het rijbewijs ongeldig kan worden verklaard en opnieuw examen moet worden gedaan. Die maatregel is bestuursrechtelijk en komt bovenop de strafrechtelijke afdoening.

Praktisch betekent dit dat een beginnend bestuurder bij dezelfde snelheidsoverschrijding sneller in de bestuursrechtelijke molen belandt dan een ervaren bestuurder. Wie een melding van het CBR ontvangt, doet er goed aan meteen te reageren; de termijnen in die procedure zijn kort en niet-meewerken leidt zelfstandig tot ongeldigverklaring van het rijbewijs.

Veelgestelde vragen

Komt een verkeersboete op mijn strafblad?

Een Mulderboete niet. De administratieve afhandeling van zo een gedraging valt buiten het strafrecht, dus er ontstaat geen aantekening in de justitiele documentatie. U herkent zo een beschikking aan de letter M van het Centraal Justitieel Incassobureau.

Een strafbeschikking van het Openbaar Ministerie is wel een strafrechtelijke afdoening en leidt wel tot een aantekening. Dat is precies het verschil dat bij een snelheidsoverschrijding boven de Mulder-grens ontstaat.

Waar ligt de grens tussen een Mulderboete en strafrechtelijke vervolging?

Bij snelheidsovertredingen tot en met 30 km per uur te hard op gewone wegen, en tot en met 40 km per uur te hard op de autosnelweg, volgt een administratieve sanctie via de Wet Mulder.

Ligt de overschrijding daarboven, dan valt het feit buiten die wet en handelt het Openbaar Ministerie het strafrechtelijk af, meestal met een strafbeschikking en bij zware gevallen met een dagvaarding.

Wordt er een correctie toegepast op de gemeten snelheid?

Ja. Het Openbaar Ministerie trekt van de gemeten snelheid 3 km per uur af tot en met 100 km per uur. Boven die grens wordt drie honderdsten van de gemeten snelheid afgetrokken.

De gecorrigeerde snelheid is de snelheid waarop de sanctie wordt gebaseerd. Bij metingen rond een grenswaarde kan die correctie dus het verschil maken tussen een boete en een strafbeschikking.

Wanneer neemt de politie mijn rijbewijs in?

Bij een staandehouding wordt het rijbewijs ingevorderd als de toegestane maximumsnelheid met 50 km per uur of meer is overschreden. Voor bromfietsen ligt die grens bij 30 km per uur of meer.

Na de invordering beslist de officier van justitie binnen tien dagen of het rijbewijs wordt ingehouden of teruggegeven. Blijft die beslissing uit, dan moet het rijbewijs terug. Tegen een inhouding kunt u een klaagschrift indienen bij de rechtbank.

Is door rood rijden een misdrijf?

Op zichzelf niet. Het negeren van een rood licht is een gedraging die via de Wet Mulder wordt afgedaan met een administratieve sanctie.

Het beeld verandert wanneer er meer speelt: een aanrijding met letsel, rijden onder invloed of gedrag dat als zeer gevaarlijk wordt aangemerkt. Dan komen de misdrijfbepalingen van de Wegenverkeerswet in beeld, met het gevaarzettingsartikel 5a WVW als scharnierpunt.

Kan ik bezwaar maken zonder eerst te betalen?

Beroep bij de officier van justitie tegen een Mulderbeschikking kunt u instellen zonder het bedrag te voldoen. Gaat u daarna in beroep bij de kantonrechter, dan ligt het anders.

De Wet Mulder verplicht u dan zekerheid te stellen zodra de sanctie ten minste 225 euro bedraagt. Stelt u die zekerheid niet, dan wordt het beroep niet-ontvankelijk verklaard. Tegen een strafbeschikking geldt geen zekerheidstelling, maar wel een verzettermijn van veertien dagen.

Bijstand bij een verkeerszaak

Of het nu gaat om een meting die net boven een grenswaarde uitkomt, een ingevorderd rijbewijs of een strafbeschikking die u liever niet accepteert: de termijnen zijn kort en de gevolgen lopen door in uw werk. De advocaten van Law & More beoordelen de meting, het proces-verbaal en de gekozen afdoening, dienen zo nodig een klaagschrift in en voeren verweer op zitting. U bereikt ons op +31 40 369 06 80.

Juridische hulp nodig?

Neem contact op met Law & More voor deskundig advies over uw juridische zaken. Ons meertalige team staat klaar om u te helpen.