Welke verplichtingen heeft de werkgever volgens de Arbowet?

Arbowet verplichtingen voor werkgevers uitgelegd

Gepubliceerd op 28 december 2022 · Laatst bijgewerkt op 27 september 2026

De Arbowet verplicht elke werkgever te zorgen voor de veiligheid en gezondheid van zijn werknemers. De kern is een schriftelijk arbobeleid (artikel 3), gebaseerd op een risico-inventarisatie en -evaluatie (artikel 5) en uitgevoerd met deskundige bijstand (artikelen 13 en 14); alleen voor kleine werkgevers gelden enkele lichtere regels.

De Nederlandse Arbeidsinspectie houdt toezicht en kan waarschuwen, beboeten of het werk stilleggen. Hieronder leest u welke plichten gelden, wat de werknemer en de ondernemingsraad moeten doen en wat er gebeurt bij een ongeval.

Uit welke regels bestaat de arbowetgeving?

Uit drie lagen: de Arbowet, het Arbobesluit en de Arboregeling. Daarnaast leggen branches in een arbocatalogus vast hoe zij aan de wettelijke doelen voldoen.

De Arbeidsomstandighedenwet is een kaderwet. Zij legt doelen en verantwoordelijkheden vast, maar schrijft geen technische normen voor. Dat is bewust, omdat de risico’s per branche sterk verschillen.

Het Arbeidsomstandighedenbesluit werkt die kaders uit, met regels voor onder meer gevaarlijke stoffen, lawaai, beeldschermwerk en bijzondere groepen werknemers. De Arbeidsomstandighedenregeling bevat nog gedetailleerdere voorschriften, bijvoorbeeld over arbeidsmiddelen.

In de arbocatalogus beschrijven werkgevers- en werknemersorganisaties per branche hoe zij de wettelijke doelvoorschriften halen. Een doelvoorschrift is bijvoorbeeld een maximaal geluidsniveau; de catalogus beschrijft de middelen om daaronder te blijven. De Arbeidsinspectie toetst de catalogus marginaal en gebruikt hem daarna als referentie bij inspecties.

Voor wie geldt de Arbowet?

Voor iedereen die arbeid verricht onder gezag van een werkgever. Dus ook voor deeltijders, oproepkrachten, uitzendkrachten en stagiairs, en ook bij verenigingen en stichtingen.

Bij inleen van personeel rust de zorg voor veilige arbeidsomstandigheden op de inlener. Die moet de uitlener bovendien vooraf informeren over de risico’s van het werk.

De Arbowet stopt niet bij de bedrijfspoort. Werkt een werknemer thuis of hybride, dan blijft de werkgever verantwoordelijk voor een gezonde werkplek. Die verantwoordelijkheid is thuis wel beperkter, omdat de werkgever minder kan controleren. Waar de grens ligt bij een ongeval thuis, leest u in ons artikel over hybride werken en aansprakelijkheid.

Wat houdt de plicht tot arbobeleid in?

De werkgever moet een beleid voeren dat is gericht op zo goed mogelijke arbeidsomstandigheden. Risico’s pakt hij eerst aan bij de bron; persoonlijke beschermingsmiddelen komen pas als laatste.

Artikel 3 Arbowet schrijft die volgorde voor. Eerst neemt de werkgever maatregelen bij de bron. Kan dat redelijkerwijs niet, dan volgen collectieve maatregelen, daarna individuele maatregelen en pas daarna persoonlijke beschermingsmiddelen. Dat heet de arbeidshygiënische strategie. De Arbeidsinspectie toetst daarop.

Hetzelfde artikel verplicht tot beleid tegen psychosociale arbeidsbelasting: werkdruk, agressie en geweld, pesten, discriminatie en seksuele intimidatie. Dat onderdeel blijft in de praktijk vaak onderbelicht. Daarnaast moet de werkgever de werkplek, werkmethoden en arbeidsmiddelen zo veel mogelijk aanpassen aan de persoonlijke eigenschappen van werknemers, ook als zij een structurele functionele beperking hebben. Ook moet hij voorkomen dat het werk gevaar oplevert voor derden.

Wat moet er in de risico-inventarisatie en -evaluatie staan?

De RI&E beschrijft de risico’s van het werk, de maatregelen daartegen en de risico’s voor bijzondere groepen. Aan de RI&E is een plan van aanpak gekoppeld: wie doet wat, en wanneer.

Artikel 5 Arbowet verplicht elke werkgever, ongeacht de omvang, tot een schriftelijke RI&E. De RI&E moet worden bijgewerkt zodra de omstandigheden daartoe aanleiding geven, bijvoorbeeld na een verbouwing, nieuwe machines of een ongeval. Werknemers moeten er inzage in kunnen krijgen.

In beginsel laat de werkgever de RI&E toetsen door een gecertificeerde deskundige of arbodienst. Werkgevers met in de regel ten hoogste 25 werknemers die een erkend RI&E-instrument voor hun branche gebruiken, zijn van die toetsing vrijgesteld. Zorg dat u de RI&E bij een inspectie direct kunt laten zien.

Welke deskundige bijstand is verplicht?

Elke werkgever heeft ten minste één preventiemedewerker en een schriftelijk contract met een arbodienst of bedrijfsarts. In kleine bedrijven mag de werkgever de rol van preventiemedewerker zelf vervullen.

Artikel 13 Arbowet verplicht de werkgever zich te laten bijstaan door een of meer deskundige werknemers: de preventiemedewerker. Die werkt mee aan de RI&E, adviseert over maatregelen en werkt samen met de ondernemingsraad. Bij een bedrijf met ten hoogste 25 werknemers mag de werkgever deze taak zelf uitvoeren, mits hij voldoende deskundig is.

De artikelen 14 en 14a Arbowet schrijven daarnaast deskundige bijstand voor bij onder meer de toetsing van de RI&E, de begeleiding van zieke werknemers en het arbeidsgezondheidskundig onderzoek. De afspraken daarover legt de werkgever schriftelijk vast in een contract met een arbodienst of bedrijfsarts, het zogenoemde basiscontract.

Uit artikel 14 volgen ook drie rechten die vaak onbekend zijn. De bedrijfsarts moet iedere werkplek in het bedrijf kunnen bezoeken. Iedere werknemer moet de bedrijfsarts kunnen raadplegen over gezondheidsvragen die met het werk te maken hebben. En een werknemer kan om een second opinion bij een andere bedrijfsarts vragen; de bedrijfsarts honoreert dat verzoek, tenzij zwaarwegende argumenten zich daartegen verzetten.

Bij ziekte gaat de arbodienstverlening over in de begeleiding van de re-integratie. Die verplichtingen, en de loonsancties die het UWV kan opleggen, bespreken wij in onze artikelen over re-integratie bij ziekte en het re-integratieplan.

Welke plichten gelden voor voorlichting, bedrijfshulpverlening en gezondheidsonderzoek?

De werkgever moet werknemers voorlichten en instrueren, zorgen voor voldoende opgeleide bedrijfshulpverleners en periodiek een vrijwillig gezondheidsonderzoek aanbieden.

Artikel 8 Arbowet verplicht de werkgever werknemers doeltreffend voor te lichten over het werk, de risico’s en de maatregelen daartegen. Ook moet hij uitleg geven over het gebruik van beschermingsmiddelen. Voorlichting bij indiensttreding is niet genoeg: zij moet worden herhaald als het werk, de techniek of de risico’s veranderen. De werkgever moet bovendien toezien op naleving.

Artikel 15 Arbowet verplicht tot bedrijfshulpverlening. De werkgever wijst bedrijfshulpverleners aan voor eerste hulp, brandbestrijding en ontruiming. Hij zorgt dat zij voldoende zijn opgeleid en uitgerust. De wet schrijft geen vast aantal of vast certificaat voor; bepalend zijn de risico’s uit de RI&E, de omvang van het bedrijf en de aanwezigheid van bezoekers. In een klein bedrijf mag de werkgever de taken zelf uitvoeren, als hij iemand aanwijst die hem bij afwezigheid vervangt.

Volgens artikel 18 Arbowet stelt de werkgever werknemers periodiek in de gelegenheid een arbeidsgezondheidskundig onderzoek te ondergaan, gericht op de risico’s van het werk. Deelname is voor de werknemer vrijwillig.

Welke plichten heeft de werknemer?

De werknemer moet voorzichtig en zorgvuldig werken, beschermingsmiddelen correct gebruiken en gevaren direct melden. Dat staat in artikel 11 Arbowet.

Concreet betekent dat: arbeidsmiddelen en gevaarlijke stoffen op de juiste manier gebruiken, beveiligingen niet veranderen of verwijderen, persoonlijke beschermingsmiddelen correct gebruiken, meewerken aan voorlichting en onderricht, en opgemerkte gevaren direct melden.

Dat is meer dan een formaliteit. Een werknemer die structureel weigert beschermingsmiddelen te gebruiken, kan een waarschuwing krijgen en uiteindelijk zelfs worden ontslagen. Omgekeerd kan de werkgever zich niet achter deze bepaling verschuilen: hij moet toezien op naleving en ingrijpen als het misgaat.

Welke rol heeft de ondernemingsraad?

De ondernemingsraad heeft instemmingsrecht bij regelingen over arbeidsomstandigheden, ziekteverzuim en re-integratie. Werkgever, werknemers en ondernemingsraad moeten bovendien samenwerken bij de uitvoering van het arbobeleid.

Artikel 12 Arbowet verplicht tot die samenwerking. Artikel 27 van de Wet op de ondernemingsraden geeft de ondernemingsraad instemmingsrecht. In de praktijk betekent dat onder meer dat de RI&E en het plan van aanpak aan de ondernemingsraad worden voorgelegd, dat de preventiemedewerker met de raad samenwerkt en dat een wijziging van het basiscontract vaak onder het instemmingsrecht valt.

Voert de werkgever een instemmingsplichtige regeling in zonder instemming, dan kan de ondernemingsraad binnen een maand een beroep doen op de nietigheid van dat besluit. Hoe de raad zijn bevoegdheden inzet, leest u in ons artikel over de rol van de ondernemingsraad.

Wat doet de Arbeidsinspectie bij een overtreding?

De Nederlandse Arbeidsinspectie kan waarschuwen, een eis tot naleving stellen, een bestuurlijke boete opleggen of het werk stilleggen. Zij komt op eigen initiatief, na een melding en na een ernstig arbeidsongeval.

De inspectie richt zich vooral op werksituaties met ernstige gezondheidsrisico’s. Een melding kan komen van een werknemer, een ondernemingsraad of een vakbond. Na een ernstig arbeidsongeval stelt de inspectie in de regel een onderzoek in.

Artikel 9 Arbowet verplicht de werkgever arbeidsongevallen die leiden tot de dood, blijvend letsel of een ziekenhuisopname direct te melden bij de Arbeidsinspectie. Daarnaast houdt hij een lijst bij van ongevallen die tot meer dan drie werkdagen verzuim hebben geleid. Niet of te laat melden is zelf een overtreding waarvoor een boete kan volgen.

Bij herhaling van een overtreding kan de inspectie het werk stilleggen, ook als er geen direct gevaar is. Tegen een boetebesluit kan de werkgever bezwaar maken en daarna in beroep gaan bij de bestuursrechter. Sectorspecifieke eisen kunnen de lat hoger leggen. Een voorbeeld leest u in ons artikel over arbo- en veiligheidseisen in de voedselverwerking.

Wat als een werknemer schade lijdt door het werk?

Dan is de werkgever volgens artikel 7:658 BW aansprakelijk, tenzij hij aantoont dat hij zijn zorgplicht is nagekomen of dat de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer.

De bewijslast ligt dus bij de werkgever. Een actuele RI&E, een uitgevoerd plan van aanpak, aantoonbare voorlichting en vastgelegd toezicht zijn precies de stukken waarmee hij kan aantonen dat hij zijn zorgplicht is nagekomen. Een goed uitgevoerd arbobeleid is daarmee niet alleen een wettelijke plicht, maar ook het belangrijkste verweer.

Law & More behandelt geen letselschadezaken. Voor de afwikkeling van letselschade verwijzen wij naar een letselschadespecialist. Wij adviseren werkgevers en ondernemingsraden wel over de naleving van de Arbowet, over het dossier dat daarbij hoort en over de arbeidsrechtelijke gevolgen van een ongeval.

Samengevat

  • Elke werkgever moet een schriftelijk arbobeleid voeren en een RI&E met plan van aanpak hebben (artikelen 3 en 5 Arbowet).
  • Risico’s pakt de werkgever eerst aan bij de bron; persoonlijke beschermingsmiddelen komen als laatste.
  • Een preventiemedewerker en een basiscontract met een arbodienst of bedrijfsarts zijn verplicht.
  • Ernstige arbeidsongevallen meldt de werkgever direct bij de Arbeidsinspectie.
  • Bij schade van een werknemer moet de werkgever aantonen dat hij zijn zorgplicht is nagekomen (artikel 7:658 BW).

Veelgestelde vragen

Is een RI&E verplicht voor elk bedrijf?

Ja. Artikel 5 Arbowet verplicht elke werkgever met personeel tot een schriftelijke RI&E met plan van aanpak, ongeacht de omvang. Alleen de toetsing door een deskundige kent een uitzondering voor werkgevers met ten hoogste 25 werknemers die een erkend instrument gebruiken.

Moet elk bedrijf een contract met een bedrijfsarts hebben?

Ja. Uit de artikelen 14 en 14a Arbowet volgt dat de afspraken over deskundige bijstand schriftelijk worden vastgelegd. Iedere werknemer moet toegang hebben tot een bedrijfsarts en kan om een second opinion vragen.

Hoeveel bedrijfshulpverleners moet u aanwijzen?

De wet noemt geen vast aantal. Artikel 15 Arbowet eist voldoende bedrijfshulpverleners, gelet op de risico’s, de omvang van het bedrijf en de aanwezigheid van bezoekers. Zorg ook voor dekking tijdens vakanties en ploegendiensten.

Kan de ondernemingsraad het arbobeleid tegenhouden?

Voor de onderdelen die onder artikel 27 WOR vallen wel. Een regeling over arbeidsomstandigheden, ziekteverzuim of re-integratie die zonder instemming wordt ingevoerd, is nietig als de ondernemingsraad daar tijdig een beroep op doet.

Waar vindt u de officiële voorlichting?

De wetteksten staan op wetten.overheid.nl. Algemene voorlichting geeft de Rijksoverheid over arbeidsomstandigheden.

De advocaten arbeidsrecht van Law & More toetsen uw RI&E, plan van aanpak en basiscontract, staan u bij tegen een boete of stillegging en adviseren over het traject met de ondernemingsraad.

Twijfelt u over uw positie? Leg uw situatie aan ons voor. Wij laten u binnen één werkdag weten wat uw opties zijn.

Juridische hulp nodig?

Heeft u een brief, dagvaarding of vonnis ontvangen? Stuur de stukken aan ons toe. Wij controleren welke termijnen lopen en wat uw mogelijkheden zijn.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.

Juridische hulp nodig?

Heeft u een brief, dagvaarding of vonnis ontvangen? Stuur de stukken aan ons toe. Wij controleren welke termijnen lopen en wat uw mogelijkheden zijn.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.