Gepubliceerd op 28 oktober 2025 · Laatst bijgewerkt op 14 oktober 2026
Wie met AI een deepfake, nepbericht of haatcampagne maakt en verspreidt, kan zich schuldig maken aan smaad of laster (art. 261 en 262 Sr), opruiing (art. 131 Sr) of groepsbelediging en haatzaaien (art. 137c en 137d Sr); het gebruik van AI verandert niets aan de strafbaarheid. Strafbaar is de mens die de inhoud maakt of verspreidt, niet het AI-systeem zelf, en voor smaad en laster is in de regel een klacht van het slachtoffer nodig.
Hieronder leest u welke delicten spelen, wat de strafmaxima zijn, welke nieuwe regels voor deepfakes gelden en wat u als slachtoffer kunt doen.
Inhoudsopgave
Wanneer is een AI-gemaakte uiting smaad of laster?
Smaad is het opzettelijk aantasten van iemands eer of goede naam door hem een bepaald feit te verwijten, met het doel daaraan ruchtbaarheid te geven (art. 261 lid 1 Sr). Gebeurt dat via een verspreid geschrift of afbeelding, zoals een gemanipuleerde video of afbeelding, dan is het smaadschrift (art. 261 lid 2 Sr).
- Smaad: maximaal zes maanden gevangenisstraf of een geldboete van de derde categorie.
- Smaadschrift: maximaal een jaar of een geldboete van de derde categorie.
- Laster, als de dader weet dat het verwijt onwaar is: maximaal twee jaar of een geldboete van de vierde categorie (art. 262 Sr).
Een deepfake die iemand iets laat zeggen of doen wat nooit is gebeurd, is per definitie onwaar; de maker weet dat. Daardoor komt laster snel in beeld. Smaad, smaadschrift en laster worden alleen vervolgd na een klacht van het slachtoffer (art. 269 Sr), met uitzondering van ambtenaren in functie. Er is geen smaad als de dader handelde in het algemeen belang of ter noodzakelijke verdediging (art. 261 lid 3 Sr).
Wanneer is AI-inhoud opruiing of haatzaaien?
Opruiing is het in het openbaar aanzetten tot een strafbaar feit of tot geweld tegen het openbaar gezag (art. 131 Sr), met een maximum van vijf jaar gevangenisstraf. Groepsbelediging en haatzaaien betreffen uitingen die een groep beledigen of aanzetten tot haat, discriminatie of geweld vanwege ras, godsdienst, levensovertuiging, seksuele gerichtheid, handicap of geslacht (art. 137c en 137d Sr).
Voor groepsbelediging en haatzaaien geldt een maximum van een jaar of een geldboete van de derde categorie; wie er een beroep of gewoonte van maakt of het in vereniging pleegt, riskeert maximaal twee jaar. Het verspreiden van zulke inhoud is apart strafbaar (art. 137e Sr). Dat een bot of taalmodel de tekst schreef, doet er niet toe: beslissend is wie de uiting opzettelijk openbaar maakte.
Speelt de schaal van AI een rol bij de straf?
De wet kent geen aparte strafverzwaring voor het gebruik van AI. De rechter kan de omvang en de gevolgen van de verspreiding wel meewegen bij de straftoemeting binnen het wettelijk maximum.
Welke andere strafbepalingen gelden voor deepfakes?
Naast de uitingsdelicten zijn er bepalingen die bij AI-misbruik vaak meer gewicht hebben. Welke van toepassing is, hangt af van de inhoud en het doel van de deepfake.
- Seksueel beeldmateriaal: het zonder toestemming vervaardigen of openbaar maken van seksueel beeldmateriaal van een ander is strafbaar; met de Wet seksuele misdrijven (sinds 1 juli 2024) staat dit bij de seksuele misdrijven in het Wetboek van Strafrecht. Ook een seksuele deepfake kan daaronder vallen.
- Kinderpornografisch materiaal: ook virtuele of door AI gegenereerde afbeeldingen zijn strafbaar als kinderpornografie.
- Identiteitsfraude: het gebruiken van identificerende gegevens van een ander om te misleiden (art. 231b Sr).
- Oplichting en afpersing: bijvoorbeeld een nagemaakte stem van een familielid of directeur om geld los te krijgen (art. 326 en 317 Sr).
- Doxing: het verspreiden van persoonsgegevens om iemand vrees aan te jagen of te hinderen, sinds 1 januari 2024 (art. 285d Sr).
Meer over online delicten leest u in cybercrime in Nederland.
Wat regelt de Europese AI-verordening?
De AI-verordening (Vo. (EU) 2024/1689) verbiedt sinds 2 februari 2025 onder meer AI-systemen die met subliminale of doelbewust manipulatieve technieken gedrag wezenlijk verstoren en daardoor aanzienlijke schade veroorzaken, en systemen die kwetsbaarheden door leeftijd, handicap of sociale situatie uitbuiten (art. 5). De boete voor verboden praktijken loopt op tot 35 miljoen euro of 7% van de wereldwijde jaaromzet (art. 99 lid 3).
Sinds 2 augustus 2026 moeten gebruikers die een deepfake maken bekendmaken dat de inhoud kunstmatig is gegenereerd of gemanipuleerd (art. 50 lid 4). Aanbieders van generatieve AI die al vóór die datum op de markt waren, hebben tot 2 december 2026 om hun output machineleesbaar te markeren. Dit zijn regels voor aanbieders en gebruikers van AI; ze vervangen het strafrecht niet. Zie ook onze gids over de AI-verordening.
Wat moeten platforms doen met strafbare AI-inhoud?
Onder de Digital Services Act (Vo. (EU) 2022/2065) moeten platforms een meldsysteem hebben en meldingen van illegale inhoud zorgvuldig en tijdig behandelen (art. 16 DSA). Een platform dat na een voldoende precieze melding niets doet, verliest zijn bescherming als tussenpersoon voor die inhoud.
Een algemene meldplicht bij politie voor alle strafbare inhoud bestaat niet. Alleen bij een vermoeden van een strafbaar feit dat het leven of de veiligheid van personen bedreigt, moet het platform de autoriteiten inlichten (art. 18 DSA).
Wat kunt u doen als slachtoffer?
Leg eerst bewijs vast en doe daarna aangifte; bij smaad en laster moet u daarbij uitdrukkelijk om vervolging vragen (klacht, art. 164 Sv), binnen drie maanden nadat u van het feit kennis kreeg (art. 66 Sr). Daarnaast kunt u civielrechtelijk optreden tegen de maker of verspreider.
- Maak screenshots met datum, URL en accountnaam, en bewaar de originele bestanden.
- Meld de inhoud bij het platform via het meldsysteem van de DSA.
- Doe aangifte en dien uitdrukkelijk klacht in als het om smaad of laster gaat.
- Vorder in kort geding verwijdering en rectificatie (art. 6:162 en 6:167 BW).
- Beroep u bij een deepfake van uw gezicht ook op uw portretrecht (art. 21 Auteurswet) en de AVG.
Schadevergoeding kunt u vorderen op grond van onrechtmatige daad (art. 6:162 BW), ook als voeger in het strafproces. Meer hierover leest u in onrechtmatige uitlatingen op social media: rectificatie en verwijdering en in wanneer AI uw stem of gezicht mag gebruiken.
Waar ligt de grens met de vrijheid van meningsuiting?
De vrijheid van meningsuiting (art. 7 Grondwet en art. 10 EVRM) beschermt ook scherpe, satirische en kwetsende uitingen. Beperkingen moeten bij wet zijn voorzien en noodzakelijk zijn, en de rechter weegt de context mee.
Herkenbare satire of een duidelijk als nep gelabelde parodie is iets anders dan een deepfake die het publiek moet laten geloven dat iets echt is gebeurd. Hoe misleidender de inhoud, hoe kleiner de bescherming.
Wat kunnen wij voor u doen bij AI-manipulatie en strafrecht?
- Beoordelen of een AI-gemaakte uiting smaad, laster, haatzaaien of een ander strafbaar feit oplevert.
- U bijstaan bij aangifte en klacht, en de termijn van drie maanden bewaken.
- Verwijdering en rectificatie vorderen bij platform en maker, zo nodig in kort geding.
- Uw schade vorderen, civiel of als benadeelde partij in het strafproces.
- U verdedigen als u wordt verdacht van het maken of verspreiden van AI-inhoud, via onze strafrecht advocaat.
Samengevat
- AI-inhoud valt onder de bestaande delicten: smaad, laster, opruiing, groepsbelediging en haatzaaien.
- Laster (art. 262 Sr) kost maximaal twee jaar; opruiing (art. 131 Sr) maximaal vijf jaar.
- Smaad en laster zijn klachtdelicten: dien binnen drie maanden klacht in.
- Seksuele deepfakes kunnen strafbaar zijn als seksueel beeldmateriaal zonder toestemming.
- Sinds 2 augustus 2026 moeten deepfakes onder de AI-verordening als zodanig worden gemarkeerd.
Veelgestelde vragen
Is het maken van een deepfake op zich strafbaar?
Niet altijd. Het wordt strafbaar als de inhoud of het gebruik onder een delict valt, zoals smaad, laster, oplichting, identiteitsfraude of seksueel beeldmateriaal zonder toestemming.
Wie is strafbaar: de gebruiker of de maker van de AI-tool?
In de regel de gebruiker die de inhoud opzettelijk maakt of verspreidt. De aanbieder van de tool kan wel aansprakelijk zijn onder de AI-verordening of civielrechtelijk, maar dat is een andere vraag.
Hoe snel moet ik klacht indienen bij smaad?
Binnen drie maanden nadat u van het feit kennis heeft gekregen (art. 66 Sr). Daarna kan het Openbaar Ministerie niet meer vervolgen voor smaad of laster.
Kan ik het platform aansprakelijk stellen?
Alleen als het platform na een voldoende concrete melding niet snel optreedt. Zonder melding is een platform onder de DSA in beginsel niet aansprakelijk voor de inhoud van gebruikers.