Voorlopige hechtenis: wanneer is dit geoorloofd?

Heeft de politie jou dagen vastgehouden en vraag jij je nu af of dit allemaal wel volgens het boekje gebeurd is? Bijvoorbeeld omdat je twijfelt aan de legitimiteit van hun grondslag hiervoor of omdat je meent dat de duur hiervan te lang was. Het is heel normaal dat jij, of jouw vrienden en familieleden, hier vragen over hebben. Hieronder vertellen wij jou wanneer justitie mag besluiten tot vasthouding van een verdachte, van de aanhouding tot en met de gevangenhouding, en welke mogelijke termijnen hierbij gelden.

Voorlopige hechtenis: wanneer is dit geoorloofd?

Aanhouding en verhoor

Als je bent aangehouden heeft dit ermee te maken dat er sprake is/was van een verdenking van een strafbaar feit. In geval van een dergelijke verdenking wordt een verdachte zo spoedig mogelijk overgebracht naar het politiebureau. Daar aangekomen, wordt hij of zij opgehouden voor verhoor. Hierbij is een maximale duur van 9 uur geoorloofd. Dit is een beslissing die de (hulp)officier zelf mag nemen en hij heeft geen toestemming van een rechter nodig.

Voordat je denkt dat er sprake is van een langere aanhouding dan toegestaan: de tijd tussen 00:00 uur en 09:00 uur telt niet mee voor de termijn van negen uur. Wordt een verdachte bijvoorbeeld in de avond om 23:00 uur opgehouden voor verhoor, dan verstrijkt één uur tussen 23:00 uur en 00:00 uur en gaat de termijn pas weer de volgende dag vanaf 09:00 uur lopen. De termijn van negen uur eindigt dan de volgende dag om 17:00 uur.

Tijdens het ophouden voor verhoor moet de officier een keuze maken: hij kan besluiten dat de verdachte naar huis mag maar in sommige zaken kan hij ook beslissen dat de verdachte in voorlopige hechtenis wordt gesteld.

Beperkingen

Als je wanneer je vast zat geen contact mocht hebben met anderen dan je advocaat, heeft dit te maken met de bevoegdheid van de officier van justitie om beperkende maatregelen op te leggen. Dit mag de officier vanaf het moment dat de verdachte wordt aangehouden, wanneer dit in het belang is van het onderzoek. De advocaat van de verdachte is hier ook aan gebonden. Dat betekent dat wanneer de advocaat door bijvoorbeeld de familieleden van de verdachte wordt gebeld, hij geen mededelingen mag doen tot en met het moment dat de beperkingen er af zijn. De advocaat kan dat laatste proberen te bewerkstelligen door een bezwaarschrift tegen de beperkingen in te dienen. Meestal wordt dat bezwaarschrift binnen een week behandeld.

Voorlopige hechtenis

De voorlopige hechtenis is de fase van het voorarrest vanaf de inbewaringstelling bij de rechter-commissaris. Het houdt in dat een verdachte wordt vasthouden in afwachting van een strafzaak. Ben je in ook in voorlopige hechtenis genomen? Dit mag niet bij iedereen! Dit is alleen toegelaten bij specifiek in de wet genoemde misdrijven, indien er een ernstige verdenking van betrokkenheid bij een strafbaar feit bestaan en er ook goede redenen bestaan om iemand langer in voorlopige hechtenis te houden. De voorlopige hechtenis is in de wet geregeld in de artikelen 63 e.v. Sv. Hoeveel bewijs er precies moet zijn voor die ernstige verdenking, wordt niet nader uitgelegd in de wet of de jurisprudentie. Wettig en overtuigend bewijs hoeft er in ieder geval nog niet te zijn. Het moet in grote mate aannemelijk zijn dat de verdachte betrokken is bij een strafbaar feit.

Inverzekeringstelling

Voorlopige hechtenis begint met de inverzekeringstelling. Dat betekent dat de verdachte maximaal drie dagen kan worden vastgehouden. Het is een maximale termijn, dus dat betekent niet dat een verdachte na de inverzekeringstelling ook altijd drie dagen van huis is. Ook de beslissing tot inverzekeringstelling wordt door de (hulp)officier genomen en er hoeft geen toestemming aan een rechter voor te worden gevraagd.

Een verdachte mag niet voor alle verdenkingen in voorlopige hechtenis worden gesteld. In de wet staan drie mogelijkheden:

  1. Voorlopige hechtenis is mogelijk bij de verdenking van een strafbaar feit waarop een maximale gevangenisstraf van vier jaar of meer is gesteld.
  2. Voorlopige hechtenis is mogelijk bij een aantal specifiek genoemde strafbare feiten zoals bedreiging (285 lid 1 Sr), verduistering (321 Sr), schuldheling (417bis Sr), dood c.q. zwaar lichamelijk letsel bij rijden onder invloed (175 lid 2 WVW) etc.
  3. Voorlopige hechtenis is mogelijk wanneer de verdachte geen vaste woon- of verblijfplaats in Nederland heeft en voor het feit waarvan hij wordt verdacht een gevangenisstraf kan worden opgelegd.

Daarnaast moeten er ook redenen zijn om iemand langer vast te houden. Voorlopige hechtenis mag alleen worden toegepast wanneer een of meer van de in artikel 67a Sv. genoemde gronden aanwezig zijn zoals:

  • een ernstig gevaar voor vlucht,
  • een feit waarop een gevangenisstraf van maximaal 12 jaar is gesteld,
  • een gevaar voor recidive op een feit waarop een gevangenisstraf van maximaal 6 jaar staat, of
  • een eerdere veroordeling van minder dan 5 jaar geleden voor specifiek genoemde feiten zoals mishandeling, verduistering etc.

Indien een kans bestaat dat de een politieonderzoek door invrijheidstelling van de verdachte zou kunnen worden gefrustreerd of belemmerd, zal er hoogstwaarschijnlijk gekozen worden om de verdachte nog in voorlopige hechtenis te houden.

Als de drie dagen verstrijken, heeft de officier een aantal mogelijkheden. Allereerst heeft hij de mogelijkheid om de verdachte naar huis te sturen. Als het onderzoek nog niet klaar is, kan de officier éénmalig beslissen dat de inverzekeringstelling met maximaal driemaal 24 uur wordt verlengd. In de praktijk wordt deze beslissing bijna niet genomen. Als de officier vindt dat het onderzoek duidelijk genoeg is, kan hij aan de rechter-commissaris vragen om de verdachte in bewaring te stellen.

Bewaring

De officier zorgt ervoor dat een afschrift van het dossier bij de rechter-commissaris (onderzoeksrechter) en de advocaat terecht komt, en vraagt de rechter-commissaris om de verdachte voor veertien dagen in bewaring te stellen. De verdachte wordt vanuit het politiebureau naar de rechtbank gebracht en wordt door de rechter gehoord. Ook de advocaat is hierbij aanwezig en mag namens de verdachte het woord voeren.  De zitting is niet openbaar.

De rechter-commissaris kan drie beslissingen nemen:

  1. Hij kan beslissen dat de vordering van de officier moet worden toegewezen. De verdachte wordt dan naar een huis van bewaring gebracht voor de duur van veertien dagen;
  2. Hij kan beslissen dat de vordering van de officier moet worden afgewezen. De verdachte mag dan vaak direct naar huis
  3. Hij kan beslissen dat de vordering van de officier wordt toegewezen maar dat de verdachte uit de voorlopige hechtenis wordt geschorst. Dat betekent dat de rechter-commissaris afspraken maakt met de verdachte. Zolang die zich aan de gemaakte afspraken houdt, hoeft hij de veertien dagen die de rechter heeft toegewezen, niet uit te zitten.

Gevangenhouding

Het laatste onderdeel van de voorlopige hechtenis is de gevangenhouding. Als de officier van justitie vindt dat de verdachte ook na de veertien dagen van de bewaring vast moet blijven zitten, kan hij bij de rechtbank de gevangenhouding vorderen. Dit kan voor maximaal negentig dagen. Er zijn drie rechters die deze vordering beoordelen en de verdachte en zijn advocaat worden gehoord voordat de beslissing wordt genomen. Ook nu bestaan er weer drie opties: toewijzen, afwijzen of toewijzen in combinatie met een schorsing. Op grond van de persoonlijke omstandigheden van de verdachte kan de voorlopige hechtenis worden geschorst. Hierbij vindt steeds een afweging plaats tussen het belang van de maatschappij bij voortduring van de voorlopige hechtenis en het belang van de verdachte bij invrijheidstelling. Redenen voor toepassen van schorsing kunnen zijn zorg voor kinderen, werk en/of studieomstandigheden, financiële verplichtingen en bepaalde begeleidingstrajecten. Aan de schorsing van de voorlopige hechtenis kunnen voorwaarden worden verbonden zoals een straat- en contactverbod, het inleveren van het paspoort, medewerking aan bepaalde (psychologische) onderzoeken of reclassering en eventueel het betalen van een borgsom.

Na de maximale termijn van 104 dagen in totaal, dient de zaak op een zitting te komen. Dit noemen ze ook wel een pro forma zitting. Tijdens een pro forma zitting kan de rechter bepalen of de verdachte nog langer in voorlopige hechtenis moet blijven, steeds voor een maximale duur van 3 maanden.

Heb je na het lezen van dit artikel nog vragen over de voorlopige hechtenis? Neem dan contact op met Law & More. Onze advocaten hebben veel ervaring met het strafrecht. Wij staan klaar voor al jouw vragen en komen graag op voor jouw rechten indien je verdacht wordt van een strafbaar feit.

Share