Schuldsanering: wat schuldeisers kunnen doen en wat zij terugzien

Stapel ongeopende enveloppen met een elastiek op een keukentafel

Gepubliceerd op 9 november 2025 · Laatst bijgewerkt op 13 september 2026

Schuldsanering betekent voor u als schuldeiser dat uw vordering tijdelijk niet meer afdwingbaar is en dat u nog slechts via de bewindvoerder een deel terugziet. De wettelijke schuldsanering natuurlijke personen is geregeld in titel III van de Faillissementswet en duurt sinds 1 juli 2023 in beginsel achttien maanden. Eindigt zij met een schone lei, dan blijft uw restvordering bestaan maar kunt u nakoming niet meer afdwingen.

Schuldeisers bespreken hun positie nadat een debiteur tot de wettelijke schuldsanering is toegelaten.

Wat houdt de wettelijke schuldsanering in?

De schuldsaneringsregeling natuurlijke personen, kortweg Wsnp, is een insolventieprocedure voor particulieren en voor ondernemers met een eenmanszaak of vennootschap onder firma. Zij is het spiegelbeeld van het faillissement: waar het faillissement is gericht op vereffening van het vermogen, is de Wsnp gericht op een schuldenvrije herstart na een periode van maximale aflossing onder toezicht.

De rechtbank spreekt de regeling uit, benoemt een bewindvoerder en een rechter-commissaris en bepaalt daarmee ook uw positie. Vanaf dat moment wordt uw debiteur beheerd: hij houdt een bedrag over om van te leven, het meerdere gaat naar de boedel en daaruit wordt aan het eind uitgekeerd. De verhouding lijkt op die bij een faillissement, met dit verschil dat de schuldenaar aan het eind een schone lei kan krijgen. Wat u in een faillissement kunt doen, beschrijven wij in ons artikel over een failliete klant en de positie van crediteuren.

De regeling raakt alleen vorderingen die bestonden op de dag waarop zij is uitgesproken. Levert u na die datum opnieuw, dan valt de nieuwe vordering erbuiten en moet die gewoon worden betaald. Wees daar alert op: doorleveren aan een debiteur in de Wsnp zonder vooruitbetaling is zelden verstandig, omdat een nieuwe onbetaalde schuld voor de schuldenaar zelf reden voor tussentijdse beeindiging kan zijn.

Van minnelijke regeling naar Wsnp: waar staat u?

Aan de wettelijke regeling gaat vrijwel altijd een minnelijk traject vooraf. De gemeente is daarvoor verantwoordelijk op grond van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, die voorschrijft dat een inwoner binnen vier weken een eerste gesprek krijgt en binnen drie werkdagen bij een bedreigende situatie zoals een dreigende ontruiming of afsluiting.

In dat traject krijgt u een aanbod: een percentage van uw vordering tegen finale kwijting, meestal in de vorm van een saneringskrediet of een betaling ineens. Rekenen loont hier. Een minnelijk akkoord levert doorgaans meer op dan de Wsnp, omdat de proceskosten en de bewindvoerdersvergoeding wegvallen en de looptijd korter is.

Weigert u terwijl de overige schuldeisers instemmen, dan kan de schuldenaar de rechter vragen u te bevelen alsnog mee te werken. Dat is het dwangakkoord van artikel 287a Faillissementswet. De rechter toetst of u in redelijkheid tot weigering hebt kunnen komen en betrekt daarbij de verhouding tussen uw vordering en het totaal, het aanbod en het te verwachten resultaat in de Wsnp. Daarnaast kan de rechter een moratorium uitspreken waarmee een dreigende ontruiming, afsluiting of opzegging tijdelijk wordt geblokkeerd (artikel 287b Faillissementswet). Onderbouw een weigering dus schriftelijk en zakelijk.

Wanneer laat de rechter een schuldenaar toe?

Toelating is geen automatisme. De rechtbank toetst aan artikel 288 Faillissementswet. Kern is de goede trouw: de schuldenaar moet aannemelijk maken dat hij te goeder trouw is geweest ten aanzien van het ontstaan en het onbetaald laten van zijn schulden in de jaren voorafgaand aan het verzoek. Fraudeschulden, boetes uit strafrechtelijke veroordelingen en schulden uit onverantwoorde bestedingen staan toelating in de weg.

Daarnaast moet aannemelijk zijn dat de schuldenaar zijn verplichtingen naar behoren zal nakomen en zich zal inspannen om baten te verwerven. Ook geldt een wachttermijn na een eerdere toepassing van de regeling. Het verzoekschrift gaat vergezeld van een verklaring waaruit blijkt dat een buitengerechtelijke regeling niet is gelukt (artikel 285 Faillissementswet).

Als schuldeiser kunt u tegen toelating bezwaar maken. Beschikt u over informatie die het beeld van goede trouw ondergraaft, verzwegen inkomsten, een recent aangegane lening of een benadelende transactie, breng die dan schriftelijk onder de aandacht van de rechtbank voor de zitting. Wordt het verzoek afgewezen, dan staat voor de schuldenaar hoger beroep open binnen acht dagen (artikel 292 Faillissementswet).

Overleg over het indienen van een vordering bij de bewindvoerder in een Wsnp-traject.

Hoe komt u erachter dat uw debiteur in de Wsnp zit?

Uitspraken worden gepubliceerd in het Centraal Insolventieregister van de Rechtspraak. Daarin staan faillissementen, surseances van betaling en schuldsaneringen; gegevens die na 1 januari 2005 zijn gepubliceerd blijven raadpleegbaar tot zes maanden na beeindiging van de insolventie. Bekendmaking in de Staatscourant is voor insolventies niet meer de route.

Neem het register op in uw kredietbeheer. Een wekelijkse controle op openstaande dossiers voorkomt dat u incassokosten maakt voor een vordering die niet meer verhaalbaar is, en dat u onnodig doorlevert. Daarnaast ontvangt u van de bewindvoerder bericht zodra hij op basis van de door de schuldenaar opgegeven crediteurenlijst met u contact opneemt. Vertrouw daar niet blind op: ontbreekt u op die lijst, dan hoort u het pas als het te laat is.

Wat mag u niet meer doen na de uitspraak?

Vanaf de dag van de uitspraak vervalt uw individuele verhaalsrecht. Beslagen die u had gelegd komen te vervallen, lopende executies worden geschorst en nieuwe executiemaatregelen zijn niet meer mogelijk. Incassobrieven, aanmaningen en telefonisch contact met de schuldenaar zijn evenmin aan de orde: het beheer ligt bij de bewindvoerder. Hoe beslaglegging bij wanbetaling normaal gesproken verloopt, leest u in ons artikel over beslag leggen bij wanbetaling.

Rente die tijdens de regeling opkomt en niet door pand of hypotheek is gedekt, komt niet ten laste van de boedel. Uw vordering wordt dus in beginsel bevroren op de stand van de dag van de uitspraak. Bereken uw vordering daarom nauwkeurig tot die datum en niet verder.

Er zijn uitzonderingen. Pand- en hypotheekhouders behouden hun positie en kunnen hun zekerheid uitwinnen alsof er geen schuldsaneringsregeling was; zij zijn separatist. Een geldig eigendomsvoorbehoud (artikel 3:92 BW) geeft u een goederenrechtelijke aanspraak op de nog niet betaalde en nog aanwezige zaken. Ook een recht van retentie en een verrekeningsbevoegdheid kunnen uw positie aanmerkelijk verbeteren. Ga daarom bij elke insolventie eerst na welke zekerheden u hebt voordat u zich neerlegt bij een uitkeringspercentage.

Uw vordering indienen en wat u uitgekeerd krijgt

Dien uw vordering schriftelijk in bij de bewindvoerder, met een specificatie van hoofdsom, rente en kosten tot de datum van de uitspraak en met de onderliggende stukken. Vermeld uitdrukkelijk of u een voorrangspositie claimt. De bewindvoerder plaatst uw vordering op de lijst van voorlopig erkende of betwiste vorderingen; over een betwisting kan uiteindelijk de rechter oordelen. Wat een vordering juridisch precies is en welke rechten daaraan verbonden zijn, leest u in ons artikel over de vordering en uw rechten.

De uitkering komt uit de boedel: het bedrag dat de schuldenaar boven het vrij te laten bedrag heeft afgedragen, verminderd met het salaris van de bewindvoerder en de overige boedelkosten. Wat resteert wordt verdeeld, waarbij preferente schuldeisers zoals de Belastingdienst voorgaan op concurrente schuldeisers. In veel dossiers blijft er voor concurrente schuldeisers weinig over; soms is er in het geheel geen uitkering.

Houd de tussentijdse verslagen van de bewindvoerder bij. Daarin ziet u het boedelsaldo, de afdrachten en de bijzonderheden. Bent u het niet eens met een handeling of een beslissing van de bewindvoerder, dan kunt u zich wenden tot de rechter-commissaris, die toezicht houdt op de bewindvoerder en op de gang van zaken in de regeling.

Welke vorderingen vallen buiten de regeling?

Buiten de regeling vallen om te beginnen alle vorderingen die pas na de uitspraak zijn ontstaan. Die zijn gewoon opeisbaar bij de schuldenaar zelf. Ook lopende onderhoudsverplichtingen die na de uitspraak vervallen, zoals kinderalimentatie over de saneringsperiode, zijn nieuwe verplichtingen; alleen de achterstand van voor de uitspraak valt onder de regeling.

Verder blijven vorderingen die voortvloeien uit een strafrechtelijke veroordeling buiten het bereik van de schone lei. Dat geldt bijvoorbeeld voor een opgelegde geldboete en voor een schadevergoedingsmaatregel ten behoeve van een slachtoffer. Deze uitzonderingen staan in artikel 358 Faillissementswet.

Ten slotte raakt de regeling uw rechten tegenover derden niet. Een borg, een hoofdelijk medeschuldenaar en een derde die zekerheid heeft gesteld, blijven onverkort aansprakelijk. Voor leveranciers is dat vaak de enige route naar volledige betaling, en het onderstreept waarom het bedingen van zekerheden bij het aangaan van een relatie de moeite loont.

Beoordeling van zekerheden en verhaalsmogelijkheden na de schone lei in de schuldsanering.

Wat als de schuldenaar zich niet aan de regels houdt?

De schuldenaar heeft tijdens de regeling zware verplichtingen: een informatieplicht tegenover de bewindvoerder, een inspanningsverplichting om inkomen te verwerven, een verbod op nieuwe bovenmatige schulden en de plicht om baten af te dragen. Constateert u dat hij een auto op naam van een ander zet, contant werkt, of een erfenis of schadevergoeding niet meldt, dan is dat relevant.

Meld zulke signalen onderbouwd bij de bewindvoerder en zo nodig bij de rechter-commissaris. De bewindvoerder kan de rechtbank verzoeken de regeling tussentijds te beeindigen op grond van artikel 350 Faillissementswet. Wordt de regeling tussentijds beeindigd, dan komt er geen schone lei en herleven uw verhaalsmogelijkheden; in sommige gevallen volgt aansluitend een faillissement, waarna de gewone regels voor schuldeisers gelden. Wat een faillissement en een eventuele doorstart voor schuldeisers betekenen, beschrijven wij in ons artikel over faillissement en doorstart.

De schone lei en wat er daarna nog rest

Aan het einde van de looptijd beoordeelt de rechtbank of de schuldenaar zijn verplichtingen naar behoren is nagekomen (artikel 354 Faillissementswet). Luidt het oordeel positief, dan volgt de schone lei: het onbetaald gebleven deel van uw vordering wordt een natuurlijke verbintenis. De vordering bestaat nog wel, maar u kunt nakoming niet meer afdwingen. Betaalt de schuldenaar later uit eigen beweging alsnog, dan mag hij dat niet terugvorderen.

De schone lei is niet onaantastbaar. Blijkt achteraf dat de schuldenaar baten heeft verzwegen of anderszins toerekenbaar is tekortgeschoten, dan kan een belanghebbende de rechter binnen de wettelijke termijn vragen dat alsnog vast te stellen (artikel 358a Faillissementswet). Verzamel in dat geval concreet bewijs voordat u een verzoek indient; een vermoeden volstaat niet.

Hoe beperkt u het risico voordat het zover komt?

De beste bescherming ligt voor de insolventie. Werk met heldere algemene voorwaarden waarin een eigendomsvoorbehoud, een verrekeningsbeding en een incassokostenbeding zijn opgenomen, en zorg dat die voorwaarden aantoonbaar zijn overhandigd voor of bij het sluiten van de overeenkomst. Beding bij grotere opdrachten een borgtocht of een bankgarantie, en vraag bij continue leveringen om een pandrecht.

Houd daarnaast uw debiteurenbeheer strak. Factureer direct, hanteer korte termijnen, en laat een openstaande post niet maandenlang liggen: hoe langer u wacht, hoe kleiner de kans dat u nog iets ziet. Bewaak ook de verjaring van uw vordering en stuit die tijdig; hoe dat werkt, leest u in ons artikel over verjaring van vorderingen. Vermoedt u dat een debiteur richting schuldsanering of faillissement gaat, laat uw positie dan vroeg beoordelen door een advocaat insolventierecht, want de ruimte om nog iets te regelen is voor de uitspraak het grootst.

Lopende overeenkomsten: mag u de levering stopzetten?

Een schuldsaneringsregeling beeindigt uw overeenkomst niet automatisch. Wilt u niet doorleveren, dan hebt u daarvoor een grond nodig. Heeft de schuldenaar zijn betalingsverplichting uit dezelfde overeenkomst niet voldaan, dan kunt u uw eigen prestatie opschorten (artikel 6:262 BW). Bij een duurovereenkomst kunt u daarnaast opzeggen volgens de daarvoor overeengekomen regeling; ontbreekt die, dan gelden de gewone eisen van redelijkheid en billijkheid.

Voor nutsvoorzieningen en huur ligt dat anders. In het minnelijke traject kan de rechter een moratorium uitspreken waarmee afsluiting, ontruiming of opzegging tijdelijk wordt geblokkeerd. Bent u verhuurder of leverancier van energie, water of zorgverzekering, houd er dan rekening mee dat een dergelijk verzoek kan volgen en dat u dan tijdelijk moet doorleveren. Nieuwe termijnen die na de uitspraak vervallen, zijn overigens gewoon opeisbaar bij de schuldenaar zelf en vallen niet onder de regeling; vraag daarom om vooruitbetaling of een automatische incasso met voldoende saldo.

Wanneer mag u nog verrekenen?

Verrekening kan uw positie sterk verbeteren, omdat u dan feitelijk volledige betaling krijgt in plaats van een uitkeringspercentage. De wet staat verrekening in de schuldsanering toe wanneer zowel uw vordering op de schuldenaar als uw schuld aan hem is ontstaan voor de uitspraak, of voortvloeit uit handelingen die voor die datum met de schuldenaar zijn verricht. Voorwaarde is dat u de vordering te goeder trouw hebt verkregen; het opkopen van vorderingen om te kunnen verrekenen wordt niet gehonoreerd.

Praktisch betekent dit dat u eerst controleert of u zelf nog iets aan de schuldenaar verschuldigd bent: een creditnota, een waarborgsom, een niet uitbetaalde vergoeding of een teveel ontvangen bedrag. Roep de verrekening dan uitdrukkelijk en schriftelijk in bij de bewindvoerder, met opgave van beide posten en de data waarop zij zijn ontstaan. Doet u dat niet, dan betaalt u uw schuld uit terwijl u zelf slechts een fractie van uw vordering terugziet.

Leg uw bevindingen bovendien vast in het dossier. Noteer per debiteur de datum van de uitspraak, de naam en het kantoor van de bewindvoerder, het zaaknummer, de datum waarop u uw vordering hebt ingediend en de reactie daarop. Bij een latere discussie over erkenning, verrekening of een verzoek tot beeindiging van de schone lei is die administratie uw belangrijkste bewijsmiddel.

Veelgestelde vragen over schuldsanering voor schuldeisers

Hoe lang duurt een schuldsaneringstraject?

Sinds 1 juli 2023 duurt de wettelijke schuldsanering in beginsel achttien maanden, waar dat voorheen drie jaar was. De rechter kan de looptijd verlengen wanneer de schuldenaar zijn verplichtingen niet is nagekomen. Voor u als schuldeiser betekent de kortere looptijd dat er in de regel minder wordt afgelost voordat de schone lei in beeld komt.

Mag ik nog incasseren als mijn debiteur is toegelaten?

Nee. Vanaf de uitspraak kunt u uw vordering niet meer zelfstandig verhalen: aanmaningen aan de schuldenaar, dagvaardingen en executiemaatregelen zijn niet meer aan de orde en gelegde beslagen vervallen. Alle contacten lopen via de bewindvoerder. Pand- en hypotheekhouders vormen de uitzondering: zij kunnen hun zekerheid uitwinnen alsof er geen schuldsanering was.

Hoe meld ik mijn vordering aan?

De bewindvoerder benadert de bij hem bekende schuldeisers, maar wacht daar niet op. Meld uw vordering zelf schriftelijk aan met een specificatie van hoofdsom, rente en kosten tot de dag van de uitspraak, en voeg de onderliggende stukken bij: overeenkomst, facturen, aanmaningen en een eventueel vonnis. Vermeld uitdrukkelijk of u aanspraak maakt op voorrang of op een zekerheidsrecht.

Kan een schuldeiser worden gedwongen mee te werken aan een minnelijke regeling?

Ja. Weigert u een redelijk aanbod terwijl de overige schuldeisers instemmen, dan kan de schuldenaar de rechter vragen u te bevelen alsnog toe te stemmen: het dwangakkoord van artikel 287a Faillissementswet. De rechter weegt of u in redelijkheid tot weigering hebt kunnen komen. Weigeren zonder onderbouwing is daarom risicovol, zeker omdat de Wsnp u vaak minder oplevert dan het akkoord.

Blijft mijn vordering op de borg of medeschuldenaar bestaan?

Ja. De schone lei werkt alleen tussen de schuldenaar en zijn schuldeisers en laat uw rechten tegenover borgen en hoofdelijk medeschuldenaren onverlet (artikel 358 Faillissementswet). Hebt u destijds een borgtocht of hoofdelijke medeschuld bedongen, dan kunt u die na de schone lei gewoon aanspreken. Dat maakt zekerheden vooraf zo waardevol.

Wat gebeurt er met mijn vordering bij een schone lei?

Het restant blijft bestaan, maar wordt een natuurlijke verbintenis: u kunt nakoming niet meer afdwingen. Betaalt de schuldenaar later alsnog vrijwillig, dan is dat geen onverschuldigde betaling. Op de schone lei bestaan wettelijke uitzonderingen, zoals vorderingen die voortvloeien uit een strafrechtelijke veroordeling.

Kan de schone lei nog worden teruggedraaid?

Ja, binnen de wettelijke termijn na het einde van de regeling kan een belanghebbende de rechter vragen alsnog vast te stellen dat de schuldenaar toerekenbaar is tekortgeschoten, bijvoorbeeld omdat hij baten heeft verzwegen (artikel 358a Faillissementswet). Ontdekt u verzwegen vermogen of een verzwegen erfenis, meld dat dan direct bij de bewindvoerder en de rechter-commissaris.

Wat als de schuldenaar zich niet aan zijn verplichtingen houdt?

Meld uw signalen bij de bewindvoerder en zo nodig bij de rechter-commissaris. De bewindvoerder kan de rechtbank verzoeken de regeling tussentijds te beeindigen (artikel 350 Faillissementswet), bijvoorbeeld bij nieuwe bovenmatige schulden, het niet nakomen van de informatie- en sollicitatieplicht of het benadelen van schuldeisers. Volgt tussentijdse beeindiging, dan herleven uw verhaalsmogelijkheden.

Uw positie als schuldeiser laten beoordelen

De uitkomst van een schuldsanering staat voor u vaak al vast voordat de regeling begint: zij wordt bepaald door de zekerheden die u destijds hebt bedongen en door de snelheid waarmee u handelt. Wie pas bij de bewindvoerder in actie komt, heeft de belangrijkste keuzes al gemaakt.

Law & More beoordeelt uw vordering en uw zekerheden, dient uw vordering in, voert verweer tegen een dwangakkoord of onderbouwt juist uw bezwaar tegen toelating, en treedt op wanneer de schuldenaar zijn verplichtingen niet nakomt. Neem gerust contact op om uw dossier voor te leggen.

Juridische hulp nodig?

Neem contact op met Law & More voor deskundig advies over uw juridische zaken. Ons meertalige team staat klaar om u te helpen.