Samenwonen of trouwen: de juridische verschillen op een rij

Samen lezen bij kaarslicht.

Gepubliceerd op 11 oktober 2025 · Laatst bijgewerkt op 30 oktober 2026

Trouwen of een geregistreerd partnerschap geeft u een wettelijk pakket aan rechten en plichten uit Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek. Samenwonen geeft u dat pakket niet: wat u niet zelf vastlegt, is niet geregeld. De belangrijkste uitzondering zit bij de kinderen en de huurwoning, waar de wet ook samenwoners een eigen route geeft. Uw relatievorm bepaalt zo wie eigenaar is van de woning, wie aansprakelijk is voor welke schuld en wie na een breuk kan blijven wonen.

Huwelijk, partnerschap en samenwonen naast elkaar

De tabel zet de hoofdpunten op een rij. De wetsartikelen vindt u in Boek 1 BW en Boek 7 BW.

OnderwerpHuwelijk of geregistreerd partnerschapSamenwonen
Onderhoudsplicht tussen partnersJa, art. 1:81 BW; na de breuk partneralimentatie (art. 1:157 BW)Nee, alleen als u het contractueel afspreekt
VermogenBeperkte gemeenschap van goederen sinds 1 januari 2018 (art. 1:94 BW), tenzij voorwaardenGescheiden; gezamenlijk alleen wat u samen koopt
Toestemming voor verkoop woning, borgtocht of giftJa, art. 1:88 BW; anders vernietigbaar (art. 1:89 BW)Nee
MedehuurderschapVan rechtswege (art. 7:266 BW)Op verzoek, zo nodig via de kantonrechter (art. 7:267 BW)
Juridisch ouderschap partnerVan rechtswege bij geboorteVia erkenning (art. 1:203 BW)
Verdeling ouderdomspensioen bij breukJa, de helft van het tijdens de relatie opgebouwde pensioenNee, tenzij u het afspreekt
BeëindigingVia de rechter; partnerschap zonder minderjarige kinderen ook buiten de rechter (art. 1:80c BW)Geen procedure
Stand van de wet per 29 oktober 2026.

Wat de wet automatisch regelt bij trouwen en partnerschap

Het huwelijk en het geregistreerd partnerschap zijn juridisch vrijwel gelijk. Artikel 1:80b BW verklaart de regels over echtgenoten van overeenkomstige toepassing op geregistreerde partners. Echtgenoten en partners zijn elkaar hulp en bijstand verschuldigd en moeten elkaar het nodige verschaffen (artikel 1:81 BW). Uit die plicht volgt later de aanspraak op partneralimentatie.

De wet beschermt u ook tegen ingrijpende beslissingen van uw partner. Voor het verkopen of bezwaren van de gezamenlijk bewoonde woning, voor giften, voor borgstellingen en voor koop op afbetaling heeft een echtgenoot de toestemming van de ander nodig (artikel 1:88 BW). Ontbreekt die toestemming, dan kan de andere echtgenoot de rechtshandeling vernietigen (artikel 1:89 BW). Samenwoners hebben die bescherming niet.

Eén verschil tussen huwelijk en partnerschap doet er echt toe. Een geregistreerd partnerschap zonder minderjarige kinderen kunt u buiten de rechter om beëindigen. Daarvoor is een schriftelijke overeenkomst nodig die een advocaat of notaris ondertekent en die wordt ingeschreven (artikel 1:80c BW). Zijn er minderjarige kinderen, dan moet de rechter eraan te pas komen, net als bij een echtscheiding. Die route staat in ons artikel over het ontbinden van een geregistreerd partnerschap.

Waarom samenwoners door de jaren heen geen rechten opbouwen

Samenwoners zijn voor de wet in beginsel twee losse personen. Er ontstaat geen onderhoudsplicht, geen gemeenschap van goederen, geen toestemmingsvereiste en geen automatische positie bij elkaars pensioen. Inschrijving op hetzelfde adres in de basisregistratie personen verandert daar niets aan. Dat is een administratief feit, geen juridische status.

De Hoge Raad bevestigde dat op 17 november 2023 (ECLI:NL:HR:2023:1571). Een man had een lening van € 214.000 voor de gezamenlijke woning uit eigen middelen afgelost en vroeg een vergoeding van zijn ex-partner. De Hoge Raad oordeelde dat de wet geen vergoedingsrechten tussen informeel samenlevenden regelt. De regeling voor echtgenoten (artikel 1:87 BW) mag niet naar analogie worden toegepast. De vordering moet dus steunen op het gewone verbintenissenrecht of op wat partijen zelf hebben afgesproken. De zaak ging terug naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Dat werkt twee kanten op. U bent als samenwoner niet aansprakelijk voor de schulden van uw partner en uw vermogens blijven gescheiden, tenzij u samen tekent of samen koopt. Het probleem zit vrijwel altijd in de gezamenlijke kant van het leven: de woning, de auto, de spaarrekening of een verbouwing die een van beiden heeft betaald. In samenwonen zonder samenlevingscontract leest u wat de wet dan wel en niet voor u doet.

Wie is aansprakelijk voor welke schuld?

Trouwt u zonder huwelijkse voorwaarden, dan ontstaat sinds 1 januari 2018 een beperkte gemeenschap van goederen (artikel 1:94 BW). Wat u voor het huwelijk had, blijft van u. Wat u tijdens het huwelijk opbouwt, wordt gemeenschappelijk. Erfenissen en giften vallen erbuiten. Voor huwelijken van voor 2018 geldt nog de algehele gemeenschap, tenzij er voorwaarden zijn gemaakt. De trouwdatum is dus bepalend.

Aansprakelijkheid is een aparte vraag. Echtgenoten zijn niet automatisch aansprakelijk voor elkaars schulden. Voor de gewone gang van de huishouding, zoals boodschappen, energie en huur, zijn zij wel allebei aansprakelijk (artikel 1:85 BW). Bestaat er een gemeenschap, dan kunnen schuldeisers zich ook op het gemeenschapsvermogen verhalen.

Samenwoners zijn alleen aansprakelijk voor hun eigen schulden en voor wat zij samen zijn aangegaan, zoals een gezamenlijke hypotheek of een medegetekende lening. Wie hoofdelijk verbonden is en meer betaalt dan zijn eigen deel, kan dat meerdere op de ander verhalen (artikel 6:10 BW). U moet dan wel kunnen aantonen wie wat heeft betaald. Hoe huwelijkse voorwaarden en een samenlevingscontract zich tot elkaar verhouden, leest u in samenlevingscontract versus huwelijk.

De huurwoning: medehuur van rechtswege of op verzoek

De echtgenoot of geregistreerd partner van de huurder is van rechtswege medehuurder zolang hij of zij in de woning woont (artikel 7:266 BW). Daar hoeft u niets voor te doen. Een samenwonende partner moet samen met de huurder schriftelijk om medehuurderschap vragen. Stemt de verhuurder niet binnen drie maanden in, dan kunt u naar de kantonrechter (artikel 7:267 BW). De Rijksoverheid zet de voorwaarden voor medehuurderschap op een rij.

De kantonrechter wijst het verzoek onder meer af als de partner nog geen twee jaar zijn hoofdverblijf in de woning heeft en met de huurder een duurzame gemeenschappelijke huishouding voert. Ook onvoldoende inkomen om de huur te betalen is een afwijzingsgrond. Hoe streng de rechter dat toetst, bleek bij de kantonrechter Haarlem op 1 april 2026 (ECLI:NL:RBNHO:2026:4191). De inschrijving op het adres was niet genoeg om twee jaar hoofdverblijf aan te tonen. Dat de man juridisch vader was van de kinderen bewees nog geen duurzame gemeenschappelijke huishouding. Hij kreeg een bewijsopdracht.

Het belang van medehuur blijkt pas bij een breuk of bij overlijden van de huurder. Zonder medehuurderschap heeft de achterblijvende partner geen eigen recht op de woning. Vraag het daarom aan zodra u aan de voorwaarden voldoet, en bewaar stukken waaruit uw verblijf en de gezamenlijke huishouding blijken.

De koopwoning: de akte bepaalt wie eigenaar is

Bij een koopwoning volgt de eigendom de notariële akte en de inschrijving in de openbare registers. Kopen samenwoners samen, dan is ieder eigenaar voor het aandeel dat in de akte staat. Koopt een van beiden alleen, dan is de ander geen eigenaar, ook niet als hij heeft meebetaald. Bij gehuwden hangt het af van het huwelijksgoederenregime. Artikel 1:88 BW beschermt de echtgenoot tegen een eenzijdige verkoop van de gezinswoning. Een samenwoner die geen mede-eigenaar is, kan een verkoop niet tegenhouden.

Ouderschap en gezag: erkenning bij samenwonen

Is de moeder getrouwd met of geregistreerd partner van de andere ouder, dan ontstaat het juridisch ouderschap van rechtswege. Bij samenwonen moet de partner het kind erkennen (artikel 1:203 BW). Zonder erkenning bestaat er juridisch geen band, ook niet als u het kind samen opvoedt.

Sinds 1 januari 2023 krijgt de erkenner in beginsel van rechtswege gezamenlijk gezag met de moeder (artikel 1:251b BW). Bij erkenningen van voor die datum ontstond dat gezag niet vanzelf. Het moest apart worden aangetekend in het gezagsregister van de rechtbank. Wie voor 2023 heeft erkend en nooit gezag heeft laten aantekenen, heeft dus mogelijk nog geen gezag. In ouderlijk gezag in Nederland leest u hoe u dat alsnog regelt.

De onderhoudsplicht voor kinderen staat los van uw relatievorm. Ouders zijn onderhoudsplichtig tot het kind 21 jaar wordt (artikel 1:395a BW). Kinderalimentatie kunt u dus ook vragen als u nooit getrouwd bent geweest.

Pensioen en fiscaal partnerschap

Eindigt een huwelijk of geregistreerd partnerschap, dan heeft de ex-partner op grond van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding recht op de helft van het tijdens de relatie opgebouwde ouderdomspensioen. U kunt iets anders afspreken in voorwaarden of in een convenant. U moet de scheiding binnen twee jaar melden bij het pensioenfonds. De Rijksoverheid licht het verdelen van ouderdomspensioen na scheiding toe. Voor samenwoners geldt deze wet niet: er valt niets te verdelen, tenzij u dat contractueel regelt.

Het partnerpensioen loopt via de pensioenregeling zelf. Gehuwden en geregistreerde partners worden meestal automatisch als partner geregistreerd. Samenwoners moeten hun partner actief aanmelden, en veel regelingen vragen daarbij een notarieel samenlevingscontract. Controleer dat per pensioenuitvoerder, ook als u van baan wisselt.

Fiscaal partnerschap ontstaat bij gehuwden en geregistreerde partners automatisch. Samenwoners zijn alleen fiscaal partner als zij op hetzelfde adres staan ingeschreven en aan een aanvullende voorwaarde voldoen, zoals een notarieel samenlevingscontract of een gezamenlijk kind. Dat heeft gevolgen voor de aangifte en voor toeslagen. Voor de fiscale kant verwijzen wij u naar een fiscalist of de Belastingdienst. Wat er bij overlijden gebeurt, is een vraag voor de notaris.

Wat er gebeurt als de relatie eindigt

Een huwelijk of geregistreerd partnerschap eindigt via een formele procedure. Daarbij horen de verdeling van de gemeenschap of de afwikkeling van de voorwaarden, de verdeling van het pensioen en eventueel partneralimentatie. Sinds 1 januari 2020 duurt partneralimentatie in beginsel de helft van de huwelijksduur, met een maximum van vijf jaar en drie wettelijke uitzonderingen (artikel 1:157 BW). Meer daarover leest u in ons overzicht over alimentatie.

Samenwoners hebben geen procedure en geen partneralimentatie. Zij verdelen wat gemeenschappelijk is. Wat in een samenlevingscontract staat, is dan het enige houvast. Ontbreekt dat contract, dan volgt vaak een discussie over eigendom en vergoedingen die bij de rechter eindigt, met het verbintenissenrecht als enige maatstaf (zie het arrest van de Hoge Raad hierboven). Hoe u een beëindiging ordentelijk afwikkelt, leest u in uit elkaar gaan met een samenlevingscontract.

Wat u vastlegt in voorwaarden of een samenlevingscontract

Bij een huwelijk of partnerschap zijn voorwaarden aan de orde als u wilt afwijken van de beperkte gemeenschap, bijvoorbeeld omdat een van u ondernemer is. Bij samenwonen is een notarieel samenlevingscontract het gebruikelijke instrument, omdat pensioenuitvoerders en de Belastingdienst daar vaak om vragen. Neem in ieder geval deze punten op:

  • de eigendomsverhouding van de woning en de inboedel, met de verdeling van de hypotheeklasten en van een over- of onderwaarde;
  • de verdeling van de kosten van de huishouding en hoe u vergoedingen vaststelt als een van u meer inbrengt;
  • wat er gebeurt met gezamenlijke goederen bij overlijden of een breuk;
  • afspraken over pensioen en over de aanmelding van de partner bij de pensioenuitvoerder.

Bewaar daarnaast aankoopnota’s, leningsdocumenten en bankafschriften waaruit blijkt wie wat heeft betaald. Het arrest van 17 november 2023 laat zien waarom: zonder afspraak moet u een vergoeding langs de weg van het gewone verbintenissenrecht onderbouwen.

Hoe wij u helpen bij de keuze en de vastlegging

  • Wij brengen in kaart wat de wet in uw situatie automatisch regelt en waar gaten zitten in uw woon-, vermogens- en pensioenpositie.
  • Wij beoordelen of u als samenwoner medehuurderschap kunt vragen (artikel 7:267 BW) en welke stukken u daarvoor nodig hebt.
  • Wij stellen een samenlevingscontract op, of overleggen met uw notaris over voorwaarden.
  • Wij controleren of het gezag na erkenning is geregeld.

In het kort

  • Zonder voorwaarden trouwt u sinds 1 januari 2018 in een beperkte gemeenschap van goederen (artikel 1:94 BW).
  • Tussen samenwoners bestaan geen wettelijke vergoedingsrechten; artikel 1:87 BW geldt niet naar analogie (HR 17 november 2023).
  • Een samenwoner wordt alleen medehuurder op verzoek, en de rechter toetst de twee jaar gemeenschappelijke huishouding streng.
  • Erkenningen vanaf 1 januari 2023 geven in beginsel gezamenlijk gezag; oudere erkenningen niet.

Veelgestelde vragen

Heb ik recht op partneralimentatie als wij niet getrouwd waren?

Nee. De wettelijke onderhoudsplicht van artikel 1:157 BW geldt alleen na een huwelijk of geregistreerd partnerschap. Samenwoners kunnen in hun samenlevingscontract wel een onderhoudsverplichting opnemen. Dat is dan een contractuele aanspraak.

Moet een samenlevingscontract bij de notaris?

Tussen u beiden is ook een onderhands contract geldig. Pensioenuitvoerders en de Belastingdienst stellen vaak wel de eis van een notariële akte. Wie een woning of pensioen deelt, kiest daarom meestal voor de notaris.

Wordt mijn partner medehuurder als wij later trouwen?

Ja. Ook als het huwelijk of partnerschap pas na het begin van de huur is gesloten, wordt de echtgenoot of partner van rechtswege medehuurder zolang hij of zij in de woning woont (artikel 7:266 BW).

Meer over hoe Law & More u hierbij helpt, leest u op de pagina familierecht advocaat.

Wilt u weten of wij u kunnen helpen?

Plan een gratis kennismaking. Daarin bespreken wij of wij u kunnen helpen en wat dat kost. Inhoudelijk advies valt er niet onder. Wij beoordelen geen zaken of stukken per e-mail zonder opdracht.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.

Wilt u weten of wij u kunnen helpen?

Plan een gratis kennismaking. Daarin bespreken wij of wij u kunnen helpen en wat dat kost. Inhoudelijk advies valt er niet onder. Wij beoordelen geen zaken of stukken per e-mail zonder opdracht.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.