Gepubliceerd op 21 september 2025 · Laatst bijgewerkt op 8 oktober 2026
Uit elkaar gaan met een samenlevingscontract verloopt buiten de rechter om. U beëindigt de overeenkomst zoals het contract dat zelf voorschrijft, meestal met een schriftelijke opzegging aan uw partner en met inachtneming van de afgesproken termijn. De belangrijkste uitzondering betreft de kinderen: heeft u samen het gezag, dan schrijft de wet een ouderschapsplan en kinderalimentatie voor.
Verder is er geen inschrijving bij de burgerlijke stand nodig en ontstaat er geen wettelijke partneralimentatie. De verdeling van uw bezittingen volgt uw contract en het gewone eigendomsrecht. Die eenvoud is tegelijk het risico. Omdat geen rechter meekijkt, blijven fouten vaak jaren onopgemerkt. Denk aan een hypotheek waarvoor u nog steeds hoofdelijk aansprakelijk bent, een investering in de woning van uw ex zonder vergoedingsrecht, of een gezagsregeling die niet blijkt te bestaan. Hieronder leest u wat wel en niet automatisch geldt, en wat u concreet moet regelen.
Inhoudsopgave
Hoe beëindigt u een samenlevingscontract?
U volgt de beëindigingsbepaling in uw contract en zegt schriftelijk op. Een rechter of de gemeente is daarvoor niet nodig.
Begin dus bij de tekst van het contract zelf. Vrijwel elk samenlevingscontract bevat een bepaling die aangeeft hoe en met welke termijn u kunt opzeggen. Vaak mag dat eenzijdig, met een termijn van enkele weken tot enkele maanden. Volg die bepaling nauwkeurig. Zegt u op zonder de afgesproken vorm te respecteren, dan kan de opzegging later ter discussie komen te staan. Dat heeft gevolgen voor het moment waarop verplichtingen eindigden, zoals het delen van de kosten van de huishouding.
Zeg schriftelijk op en zorg voor bewijs van verzending en ontvangst, bijvoorbeeld met een aangetekende brief. Vermeld in de brief:
- de datum waarop de samenleving eindigt of is geëindigd;
- de bepaling in het contract waarop u zich beroept;
- het verzoek om schriftelijke bevestiging.
Die datum is niet alleen voor het contract van belang. Hij telt ook voor uw inschrijving in de basisregistratie personen, voor toeslagen en voor de vraag tot wanneer u nog gezamenlijke kosten deelt.
Een gang naar de rechter is niet nodig en de gemeente hoeft niets in te schrijven. Wel is het verstandig de notaris die het contract heeft opgesteld op de hoogte te brengen. Dat geldt zeker wanneer er een koopwoning of een verblijvingsbeding bij betrokken is. Legt u samen afspraken vast over de afwikkeling, dan kan een notariële akte praktisch zijn. Volgens artikel 430 Rv levert zo’n akte een executoriale titel op. Daarmee kan nakoming zo nodig direct worden afgedwongen, zonder eerst een procedure te voeren.
Wat regelt de wet wel en niet voor samenwoners?
Veel minder dan mensen aannemen. Samenwonen schept geen vermogensrechtelijke band, ook niet als u lang samenwoont of kinderen heeft.
Er ontstaat geen gemeenschap van goederen, geen wettelijke verdeling bij helfte en geen onderhoudsplicht tussen de partners. Wat u samen heeft, heeft u alleen samen wanneer u het ook samen heeft verkregen. Wat een van u alleen kocht en betaalde, blijft van die persoon.
De Hoge Raad heeft die scheidslijn bevestigd in zijn arrest van 10 mei 2019 (ECLI:NL:HR:2019:707). Het huwelijksvermogensrecht, en dus ook de regeling van vergoedingsrechten tussen echtgenoten, geldt niet overeenkomstig voor ongehuwd samenwonenden. Meent u recht te hebben op vergoeding van een investering in het vermogen van de ander? Dan moet u zich baseren op de gewone regels van het vermogensrecht. Denk aan een afspraak, onverschuldigde betaling, ongerechtvaardigde verrijking of de redelijkheid en billijkheid tussen de partners. Dat is een duidelijk zwaardere bewijslast.
Het samenlevingscontract vult die leemte, maar alleen voor zover het reikt. Staat er niets in over vergoedingsrechten, over de verdeling van de overwaarde of over een bijdrage in de kosten van de huishouding? Dan valt u terug op het algemene vermogensrecht. Wat er precies ontbreekt wanneer u helemaal niets heeft vastgelegd, beschrijven wij in ons artikel over samenwonen zonder samenlevingscontract. De verschillen met het huwelijk zetten wij op een rij in ons artikel over samenlevingscontract versus huwelijk.
Hoe verdeelt u wat u samen heeft?
Wat u samen bezit, verdeelt u naar ieders aandeel. Komt u er samen niet uit, dan kan de rechter de verdeling vaststellen.
Alles wat op beider naam staat of samen is verkregen, valt in een eenvoudige gemeenschap in de zin van artikel 3:166 BW. Ieder van u heeft daarin een aandeel. Zijn er geen aanwijzingen voor iets anders, dan worden die aandelen gelijk verondersteld. Volgens artikel 3:178 BW kan ieder van u op elk moment verdeling vorderen. Komt u er samen niet uit, dan kan de rechter op grond van artikel 3:185 BW de wijze van verdeling bepalen. Dat kan bijvoorbeeld door toedeling aan een van beiden tegen vergoeding van de overwaarde, of door verkoop.
Maak daarom eerst een feitelijk overzicht:
- welke goederen op naam van wie staan;
- wie wat heeft betaald, en uit welke middelen;
- welke schulden op wiens naam staan.
Bankafschriften, aankoopbewijzen en de aktes van de woning zijn hierbij belangrijker dan herinneringen. Zonder die onderbouwing loopt u bij discussies over de inboedel of een auto snel vast op bewijsproblemen. Welke kwesties in de praktijk het meest spelen, beschrijven wij in ons artikel over de kleine maar grote kwesties bij een scheiding.
Voor schulden geldt dat de verhouding met de schuldeiser iets anders is dan de verhouding tussen u beiden. Staat een lening op beider naam, dan kan de bank ieder van u voor het hele bedrag aanspreken. Wat u onderling afspreekt, verandert daar niets aan. Een interne afspraak dat een van beiden aflost, ontslaat de ander dus niet tegenover de kredietverstrekker. Daarvoor is instemming van die schuldeiser nodig.
Wat gebeurt er met de koopwoning en de hypotheek?
U verkoopt de woning, een van beiden neemt haar over, of u blijft tijdelijk samen eigenaar. Voor de hypotheek heeft u daarnaast altijd de medewerking van de bank nodig.
Dit is bijna altijd het zwaarste onderdeel. Staat de woning op beider naam, dan zijn er drie routes:
- verkopen en de opbrengst verdelen naar verhouding van de aandelen;
- een van beiden neemt het aandeel van de ander over tegen vergoeding;
- u blijft tijdelijk samen eigenaar, met duidelijke afspraken over lasten en verkoop.
De vaak gehoorde regel dat degene die blijft de helft van de waarde moet uitkeren, klopt alleen wanneer de aandelen echt gelijk zijn en er geen vergoedingsrechten spelen.
De hypotheek is een afzonderlijke horde. Zolang u beiden hoofdelijk aansprakelijk bent, blijft u dat, ook als u vertrekt en de ander alle lasten betaalt. Ontslag uit de hoofdelijke aansprakelijkheid vereist toestemming van de geldverstrekker. Die geeft de bank alleen wanneer de blijvende partner de financiering zelfstandig kan dragen. Regel dat ontslag daarom voordat u de sleutel inlevert, en niet erna. Vertrekt u zonder die toestemming, dan blijft u mogelijk jarenlang aansprakelijk voor een lening waarop u geen invloed meer heeft.
Let daarnaast op investeringen uit eigen middelen. Denk aan een schenking of eigen spaargeld dat in de aankoop of verbouwing is gegaan. Zonder afspraak daarover in het samenlevingscontract of in een aparte akte is een vergoedingsrecht na het arrest van 2019 allerminst vanzelfsprekend. Over de fiscale gevolgen van een uitkoop, zoals de eigenwoningreserve en de hypotheekrenteaftrek, laat u zich adviseren door een fiscalist. Daarover adviseren wij niet.
Wat als u samen een huurwoning heeft?
Dan hangt alles af van de naam op het huurcontract en van het medehuurderschap. Samenwoners worden niet vanzelf medehuurder; dat moet u aanvragen.
Echtgenoten en geregistreerd partners zijn van rechtswege medehuurder. Samenwoners moeten het medehuurderschap volgens artikel 7:267 BW samen met de huurder aanvragen bij de verhuurder. Voorwaarde is dat u in de woning uw hoofdverblijf heeft en met de huurder een duurzame gemeenschappelijke huishouding voert. Heeft die situatie minder dan twee jaar geduurd, dan wordt een verzoek in beginsel afgewezen. Stemt de verhuurder niet binnen drie maanden in, dan kunt u de kantonrechter vragen het medehuurderschap alsnog toe te kennen.
Bent u beiden huurder of medehuurder en gaat u uit elkaar? Dan kunt u de kantonrechter vragen te bepalen wie de huur voortzet. De rechter weegt daarbij de belangen van u beiden af. Is maar een van u huurder en heeft de ander nooit medehuurderschap gekregen? Dan heeft die ander in beginsel geen aanspraak op de woning en moet hij vertrekken. Dat is een van de pijnlijkste verrassingen in deze situatie. U voorkomt haar door het medehuurderschap tijdens de relatie te regelen.
Vertrekt een van beiden, meld dat dan schriftelijk bij de verhuurder en vraag om bevestiging van de gewijzigde tenaamstelling. Zonder die bevestiging blijft u aansprakelijk voor de huur. Hoe dit bij een scheiding uitpakt, werken wij verder uit in ons artikel over een scheiding met een gezamenlijke huurwoning.
Heeft u recht op partneralimentatie?
Niet van rechtswege. Alleen een afspraak in het samenlevingscontract, of een afspraak die u bij de beëindiging maakt, geeft recht op een bijdrage.
De wettelijke onderhoudsplicht na het einde van de relatie geldt voor echtgenoten en geregistreerd partners (artikel 1:157 BW). Voor samenwoners bestaat zij niet. Dat geldt hoe lang u ook heeft samengewoond, en ook als een van u minder is gaan werken voor het gezin. Alleen wanneer het samenlevingscontract een alimentatiebeding bevat, of wanneer u bij de beëindiging alsnog een bijdrage afspreekt, ontstaat een verplichting.
Zo’n beding is wel afdwingbaar. Staat in het contract dat de partner met het hoogste inkomen gedurende een bepaalde periode een bijdrage betaalt? Dan is dat een gewone contractuele verplichting waarvan u nakoming kunt vorderen. Leg bij het maken van zo’n afspraak vast om welk bedrag het gaat, voor welke duur, of het bedrag wordt geïndexeerd en wanneer het eindigt, bijvoorbeeld bij een nieuwe samenwoning. Wat de mogelijkheden zijn, leest u in ons artikel over alimentatie bij een samenlevingscontract.
Ontbreekt zo’n beding en is een van beiden financieel kwetsbaar, dan resteert onderhandelen. Een vrijwillig afgesproken bijdrage wordt fiscaal anders behandeld dan partneralimentatie na een echtscheiding. Laat dat vooraf toetsen door een fiscalist, zodat de netto uitkomst niet tegenvalt.
Wat moet u regelen voor de kinderen?
Controleer eerst of u samen het gezag heeft. Is dat zo, dan maakt u samen een ouderschapsplan en blijft u beiden bijdragen in de kosten van de kinderen.
Die eerste controle slaan veel ouders over. Sinds 1 januari 2023 ontstaat gezamenlijk gezag van rechtswege wanneer een ongehuwde partner het kind erkent. Die regel werkt echter niet terug. Is uw kind vóór 1 januari 2023 erkend, dan heeft u het gezamenlijk gezag alleen wanneer u dat destijds zelf heeft laten aantekenen in het gezagsregister. Controleer dat bij de rechtbank voordat u afspraken maakt. Zonder gezag heeft u juridisch geen zeggenschap over school, medische behandeling of verhuizing.
Oefent u samen het gezag uit, dan bent u volgens artikel 1:247a BW verplicht een ouderschapsplan op te stellen wanneer u de samenleving beëindigt. Daarin legt u vast:
- hoe u de zorg en opvoeding verdeelt;
- hoe u elkaar informeert en raadpleegt over belangrijke beslissingen;
- hoe u de kosten van de kinderen draagt.
Anders dan bij een echtscheiding hoeft dat plan niet bij de rechtbank te worden ingediend. De wet stelt er ook geen vaste termijn voor. Maak het toch voordat u feitelijk uit elkaar gaat, want achteraf onderhandelen is in de praktijk vaak moeilijker.
Kinderalimentatie is wel een wettelijke verplichting. Beide ouders dragen naar draagkracht bij in de kosten van verzorging en opvoeding. Volgens artikel 1:395a BW loopt die onderhoudsplicht door tot het kind 21 jaar wordt. De hoogte hangt af van de behoefte van het kind en de draagkracht van beide ouders. Komt u er niet uit, dan stelt de rechter het bedrag vast. Hoe een gelijkwaardige zorgverdeling in de praktijk werkt, beschrijven wij in ons artikel over co-ouderschap.
Welke instanties moet u informeren?
In elk geval de gemeente, uw hypotheekverstrekker of verhuurder, uw bank, uw verzekeraars en uw pensioenuitvoerder. De datum van uw verhuizing werkt door in toeslagen en belastingen.
Begin bij de gemeente. Wie verhuist, wijzigt zijn inschrijving in de basisregistratie personen. Die datum werkt door in vrijwel alles: toeslagen, gemeentelijke heffingen en de vraag vanaf wanneer u niet langer als partners wordt aangemerkt. Meld de wijziging op tijd, want een te late melding kan tot terugvorderingen leiden.
Informeer daarnaast de hypotheekverstrekker of verhuurder, de bank voor gezamenlijke rekeningen en creditcards, de zorgverzekeraar en andere verzekeraars, en uw pensioenuitvoerder. Dat laatste wordt het vaakst vergeten. Bij een samenlevingscontract is een partner meestal alleen aangemeld voor het partnerpensioen wanneer dat actief is gemeld. Omgekeerd blijft een aanmelding bestaan zolang u de beëindiging niet doorgeeft. Vraag uw pensioenuitvoerder schriftelijk wat de beëindiging voor uw regeling betekent.
Voor de fiscale afwikkeling geldt hetzelfde. Het fiscale partnerschap eindigt niet automatisch op de dag dat de relatie eindigt. Het hangt af van uw inschrijving en van de vraag of u nog aan de voorwaarden voldoet. Laat dat door een fiscalist beoordelen. Wilt u een testament of een verblijvingsbeding aanpassen, dan is de notaris of een erfrechtspecialist het aangewezen adres. Erfrecht behoort niet tot ons werkterrein.
Denk ten slotte aan praktische gevolgen die niets met het contract te maken hebben, maar wel geld kosten. Denk aan een doorlopende reisverzekering die op naam van een van beiden staat, aan abonnementen en energiecontracten op beider naam, en aan automatische incasso’s die na het vertrek gewoon doorlopen. Loop uw afschriften van de laatste twaalf maanden een keer door. Zet bij elke terugkerende post wie die na de beëindiging betaalt.
Welke fouten kosten later het meeste geld?
De duurste fout is vertrekken uit de woning zonder ontslag uit de hoofdelijke aansprakelijkheid. U betaalt dan geen woonlasten meer, maar draagt wel het volledige risico. Die aansprakelijkheid beperkt bovendien uw eigen mogelijkheden om een nieuwe hypotheek te krijgen.
De andere fouten die wij regelmatig zien:
- Het contract niet formeel beëindigen. Afspraken over de kostenverdeling of over een verblijvingsregeling lopen dan door, terwijl u al lang uit elkaar bent.
- Vergoedingsrechten niet vastleggen. Wie eigen geld in de woning van de ander stopte en dat nergens vastlegde, staat na 2019 met lege handen zodra de ander betwist dat er iets is afgesproken.
- Uitgaan van gezamenlijk gezag dat er niet is. Dat komt vaak pas aan het licht wanneer een school of arts om toestemming vraagt.
- Mondeling afwikkelen. Zonder schriftelijke vastlegging van wie wat kreeg en wie welke schuld overneemt, komt de discussie jaren later alsnog terug.
Deze fouten zijn goedkoop te voorkomen en duur te herstellen. Neem daarom de tijd voor een schriftelijke beëindigingsovereenkomst. Leg daarin de verdeling, de woning, de schulden, eventuele vergoedingen en de datum van beëindiging vast, en laat haar door u beiden ondertekenen.
Wat kunnen wij voor u doen bij uit elkaar gaan met een samenlevingscontract?
Uit elkaar gaan zonder rechter betekent niet dat er juridisch niets te regelen valt. Als familierechtadvocaat helpen wij u de beëindiging zorgvuldig af te wikkelen.
- Wij beoordelen uw samenlevingscontract en stellen de schriftelijke opzegging en een beëindigingsovereenkomst op.
- Wij brengen in kaart wat gemeenschappelijk is (artikel 3:166 BW) en vorderen zo nodig verdeling bij de rechter (artikel 3:185 BW).
- Wij onderbouwen of betwisten een vergoedingsrecht voor een investering in de woning, gelet op het arrest van de Hoge Raad van 10 mei 2019.
- Wij vragen bij een huurwoning de kantonrechter te bepalen wie de huur voortzet, of medehuurderschap toe te kennen (artikel 7:267 BW).
- Wij stellen het ouderschapsplan op (artikel 1:247a BW) en berekenen de kinderalimentatie.
Samengevat
- U beëindigt een samenlevingscontract zelf, schriftelijk en volgens de bepaling in het contract; een rechter is niet nodig.
- Samenwoners hebben geen wettelijke gemeenschap van goederen en geen wettelijke partneralimentatie; alleen uw contract en het gewone vermogensrecht gelden.
- Vergoedingsrechten tussen echtgenoten gelden niet voor samenwoners (HR 10 mei 2019); zonder afspraak is terugkrijgen van een investering moeilijk.
- Regel het ontslag uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypotheek voordat u vertrekt.
- Met gezamenlijk gezag maakt u een ouderschapsplan en betalen beide ouders kinderalimentatie tot 21 jaar.
Veelgestelde vragen
Kan ik het samenlevingscontract eenzijdig beëindigen?
Meestal wel. De meeste contracten bevatten een bepaling die eenzijdige opzegging toestaat, vaak met een opzegtermijn. Ontbreekt zo’n bepaling, dan eindigt de overeenkomst in beginsel met onderlinge instemming, of doordat de grondslag ervan, de samenleving, is weggevallen. Zeg altijd schriftelijk op en bewaar het bewijs van verzending.
Moet ik naar de rechter om uit elkaar te gaan?
Nee. Voor het beëindigen van een samenlevingscontract is geen rechterlijke procedure nodig. Er hoeft ook niets bij de burgerlijke stand te worden ingeschreven. De rechter komt alleen in beeld wanneer u het niet eens wordt over de verdeling, de woning, de kinderen of de alimentatie.
Heb ik recht op de helft van de woning?
Alleen wanneer u ook voor de helft eigenaar bent. Beslissend is wat in de leveringsakte staat en welke aandelen daaruit blijken, niet hoe lang u samen heeft gewoond. Heeft u meer betaald dan uw aandeel, dan is een vergoedingsrecht mogelijk. Dat moet u wel onderbouwen met een afspraak, of met feiten waaruit ongerechtvaardigde verrijking of onverschuldigde betaling blijkt.
Is een ouderschapsplan verplicht voor samenwoners?
Ja, wanneer u samen het gezag over uw minderjarige kinderen uitoefent. Anders dan bij een echtscheiding hoeft het plan niet naar de rechtbank en kent de wet er geen vaste termijn voor. Beide ouders ondertekenen het en bewaren een exemplaar. Heeft maar een ouder het gezag, dan geldt de verplichting niet. Een schriftelijke afspraak is ook dan verstandig.
Blijft mijn ex-partner recht houden op partnerpensioen?
Dat hangt af van uw pensioenregeling en van wat u aan de uitvoerder heeft gemeld. Bij samenwoners is een partner doorgaans alleen aangemeld wanneer dat actief is gebeurd. Die aanmelding blijft staan zolang u de beëindiging niet doorgeeft. Vraag uw pensioenuitvoerder schriftelijk om bevestiging van de gewijzigde situatie en van wat die betekent voor eerder opgebouwde aanspraken.
Wat als mijn verblijfsrecht van mijn partner afhangt?
Dan verdient dat direct aandacht. Een verblijfsvergunning die afhangt van uw relatie kan bij het einde van die relatie worden ingetrokken. Er bestaan uitzonderingen, onder meer bij een langer verblijf of bij bijzondere omstandigheden. Wij gaan daar dieper op in bij verblijfsrecht bij relatiebeëindiging.
Meer over hoe Law & More u hierbij helpt, leest u op de pagina familierecht advocaat.