Echtscheidingsadvocaat bij een vechtscheiding: wat hij voor u doet

De rol van de echtscheidingsadvocaat in een vechtscheiding

Gepubliceerd op 2 november 2025 · Laatst bijgewerkt op 30 oktober 2026

Een advocaat bij een vechtscheiding doet drie dingen: hij vraagt met spoed voorlopige voorzieningen aan om de acute chaos te stoppen (artikelen 821 en 822 Rv), hij dient de verzoeken in over de kinderen, het vermogen en de alimentatie, en hij bewaakt de termijnen. Procesvertegenwoordiging door een advocaat is in een echtscheidingsprocedure verplicht; alleen buiten een scheidingsprocedure kan soms een kort geding de snellere route zijn.

Wat een vechtscheiding juridisch is

De wet kent de term vechtscheiding niet. Juridisch is er alleen een echtscheiding, met als enige grond duurzame ontwrichting van het huwelijk (artikel 1:151 BW). Die grond wordt in de praktijk niet inhoudelijk getoetst: stelt een van de echtgenoten dat het huwelijk duurzaam ontwricht is, dan wordt de echtscheiding uitgesproken. Het conflict gaat dus niet over de vraag of u scheidt, maar over hoe de nevenvoorzieningen worden geregeld.

Die nevenvoorzieningen zijn het echte strijdtoneel: bij wie de kinderen hun hoofdverblijf hebben, hoe de zorg wordt verdeeld, wie in de woning blijft, hoe de gemeenschap of de huwelijkse voorwaarden worden afgewikkeld en welke alimentatie wordt betaald. In een hoogconflictscheiding wordt over elk van die punten afzonderlijk geprocedeerd, vaak in meerdere rondes en soms in verschillende procedures naast elkaar.

Wat een scheiding tot vechtscheiding maakt, is niet de hoeveelheid boosheid maar het onvermogen om nog samen een beslissing te nemen. Zolang ouders er onderling uitkomen, blijft de rechter buiten beeld. Zodra dat wegvalt, moet elke beslissing die normaal aan de keukentafel valt, worden voorgelegd. Het verschil tussen die twee situaties werken wij uit bij een vechtscheiding tegenover uit elkaar gaan in overleg.

Schrijven, onderhandelen, termijnen bewaken: het werk van uw advocaat

In de kern stelt uw advocaat stukken op en dient hij verzoeken in bij de rechtbank. Dat begint met het verzoekschrift tot echtscheiding met nevenvoorzieningen, of met een verweerschrift met zelfstandige tegenverzoeken als uw partner als eerste heeft ingediend. Daarnaast dient hij zo nodig een apart verzoek in tot voorlopige voorzieningen, en tijdens de procedure verzoeken tot wijziging, tot nakoming of tot benoeming van een deskundige.

Naast schrijven is er onderhandelen. Een groot deel van wat er in een conflictscheiding wordt bereikt, komt tot stand in correspondentie tussen advocaten of vlak voor de zitting. Uw advocaat bepaalt welke punten onderhandelbaar zijn en zorgt dat u geen concessie doet op een punt waarvan de gevolgen pas jaren later zichtbaar worden, zoals de waardering van een onderneming of het pensioen.

Ten derde bewaakt hij de termijnen:

TermijnWat moet er gebeuren?Grondslag
Uiterlijk in de derde week na het verzoekZitting over voorlopige voorzieningenartikel 821 Rv
Vier wekenEchtscheidingsverzoek indienen als de voorlopige voorziening vooraf is gevraagdartikel 821 Rv
Termijn van de rechtbankVerweerschrift met eventuele tegenverzoekenProcesreglement
Drie maandenHoger beroep tegen de beschikkingartikel 358 Rv
Zes maanden na onherroepelijk wordenInschrijving van de echtscheidingsbeschikkingartikel 1:163 BW

Wie de laatste termijn laat verlopen, is nog steeds getrouwd en moet opnieuw beginnen.

Wat een advocaat niet is, is een boodschapper of een wapen. Elke brief die alleen bedoeld is om de andere partij te raken, kost geld en levert bij de rechter minder op dan een zakelijk stuk dat de feiten op een rij zet.

Het eerste gesprek: feiten, doel en haalbaarheid

Een goed intakegesprek gaat over drie dingen: wat is er feitelijk gebeurd, wat wilt u bereiken, en wat is daarvan haalbaar. Neem mee wat u heeft: het huwelijksgoederenregime, de laatste aangiften en jaaropgaven, de hypotheekgegevens, eventuele huwelijkse voorwaarden en een overzicht van de zorgverdeling zoals die feitelijk verloopt. Hoe concreter dat beeld, hoe scherper de eerste stukken kunnen zijn.

Vervolgens wordt de strategie bepaald. De hoofdvraag is of u inzet op een regeling in overleg of op een beslissing van de rechter. Dat is geen kwestie van temperament maar van tactiek. Vertraagt de andere partij bewust, dan is doorprocederen goedkoper dan blijven onderhandelen. Zit er nog beweging in, dan is een schikking bijna altijd sneller en goedkoper dan drie zittingen.

Daarbij hoort een realistische inschatting. Een advocaat die u een uitkomst garandeert, belooft iets wat niet kan: de rechter beslist. Wat wel kan, is inschatten hoe uw verzoek zich verhoudt tot de wettelijke normen en tot wat rechters in vergelijkbare situaties toewijzen, en u laten weten welke punten zwak staan voordat de wederpartij dat doet.

Voorlopige voorzieningen: binnen weken een werkbare situatie

Met voorlopige voorzieningen regelt de rechter binnen enkele weken wie in de woning blijft, bij wie de kinderen wonen en welk bedrag voor levensonderhoud wordt betaald, voor de duur van de procedure.

Ieder van de echtgenoten kan die bij verzoekschrift vragen, ook al voordat het echtscheidingsverzoek is ingediend (artikelen 821 tot en met 826 Rv). De rechter kan bepalen wie bij uitsluiting de echtelijke woning mag gebruiken, aan wie de minderjarige kinderen worden toevertrouwd, hoe de zorg of de omgang wordt verdeeld, welke goederen voor dagelijks gebruik aan de ander ter beschikking worden gesteld en welk bedrag voor levensonderhoud moet worden betaald (artikel 822 Rv).

De wet schrijft zelf de snelheid voor. De zitting begint niet later dan in de derde week na de week waarin de voorziening is gevraagd (artikel 821 Rv), en de rechter beslist direct daarna. Laat één ouder de kinderen niet meer komen of heeft de ander de woning uit gezet, dan is dat het verschil tussen weken en maanden.

Er zit een voorwaarde aan vast. Wordt de voorziening gevraagd vóórdat het echtscheidingsverzoek is ingediend, dan verliest de beschikking haar kracht als niet binnen vier weken alsnog een verzoek tot echtscheiding of scheiding van tafel en bed wordt gedaan (artikel 821 Rv). De voorlopige voorziening hoort dus bij een scheiding die daadwerkelijk wordt doorgezet.

Tegen een beslissing op grond van artikel 822 Rv staat geen hoger beroep open, behoudens cassatie in het belang der wet (artikel 824 Rv). Wel kan de rechtbank de voorziening wijzigen of intrekken als de omstandigheden aanmerkelijk zijn veranderd of de beschikking van onjuiste gegevens uitging. De voorzieningen verliezen hun kracht zodra de echtscheidingsbeschikking is ingeschreven of het verzoek wordt ingetrokken of afgewezen (artikel 826 Rv). Meer leest u bij voorlopige voorzieningen bij echtscheiding.

Kort geding: voor ongehuwden en na de scheiding

Voorlopige voorzieningen bestaan alleen binnen een scheidingsprocedure tussen echtgenoten. Bent u niet getrouwd, of speelt het probleem nadat de scheiding is uitgesproken, dan is het kort geding bij de voorzieningenrechter de aangewezen weg. Daar vraagt u bijvoorbeeld afgifte van het kind, nakoming van een zorgregeling op straffe van een dwangsom, een verbod om met het kind te verhuizen of een verbod op het verspreiden van berichten over u.

Een kort geding vereist spoedeisend belang. U moet kunnen uitleggen waarom de uitkomst van een gewone procedure niet kan worden afgewacht. Een situatie die al maanden voortduurt zonder dat u iets heeft ondernomen, wordt zelden als spoedeisend aangemerkt. Handelt u snel, dan kan een zitting binnen enkele dagen tot weken plaatsvinden.

De voorzieningenrechter geeft een voorlopig oordeel. Hij beslist niet definitief over gezag, hoofdverblijf of de verdeling van het vermogen; daarvoor is de bodemprocedure bij de familierechter nodig. In de praktijk worden beide sporen naast elkaar ingezet: het kort geding stopt de acute schade, de verzoekschriftprocedure regelt de structurele oplossing.

Het verloop van de echtscheidingsprocedure

De procedure begint met een verzoekschrift bij de rechtbank, ingediend door een advocaat. Zijn er minderjarige kinderen, dan moet daarbij een ouderschapsplan worden gevoegd (artikel 815 Rv). Ontbreekt dat, dan is het verzoek in beginsel niet ontvankelijk, tenzij u onderbouwt waarom het redelijkerwijs niet is gelukt. In een vechtscheiding is dat een reëel scenario, en dan is de motivering van dat onvermogen zelf een processtuk dat zorgvuldig moet worden opgesteld. Wat er in zo’n plan hoort, staat bij het verplichte ouderschapsplan.

Na indiening kan uw partner een verweerschrift indienen binnen de termijn die de rechtbank stelt, met zo nodig zelfstandige tegenverzoeken. Daarna volgt een mondelinge behandeling. In complexe zaken houdt de rechter de zaak aan voor een raadsonderzoek, een deskundigenbericht of een poging tot overleg, waarna een tweede zitting volgt.

De echtscheiding wordt uitgesproken bij beschikking en wordt pas werkelijkheid door inschrijving in de registers van de burgerlijke stand, binnen zes maanden na het onherroepelijk worden (artikel 1:163 BW). Wilt u niet drie maanden op de beroepstermijn wachten, dan kunnen beide partijen een akte van berusting tekenen, waarmee de beschikking direct onherroepelijk wordt.

Verzoeken over de kinderen: van zorgregeling tot eenhoofdig gezag

Het zwaartepunt van een vechtscheiding ligt vrijwel altijd bij de kinderen. Uw advocaat verzoekt de rechtbank de hoofdverblijfplaats te bepalen, de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken vast te stellen en de informatie- en consultatieplicht concreet in te vullen (artikel 1:377b BW). Lopen ouders vast op een enkele beslissing, zoals een school, een paspoort of een medische behandeling, dan wordt dat geschil apart voorgelegd op grond van artikel 1:253a BW. De rechter kan dan de toestemming van de andere ouder vervangen.

Is er geen gezamenlijk gezag, dan gaat het verzoek over omgang op grond van artikel 1:377a BW. Omgang is een recht van het kind. De gronden om omgang te ontzeggen zijn limitatief: ernstig nadeel voor de geestelijke of lichamelijke ontwikkeling van het kind, kennelijke ongeschiktheid of onmacht van de ouder, ernstige bezwaren van een kind van twaalf jaar of ouder, of strijd met zwaarwegende belangen van het kind. Dat de verhouding tussen de ouders slecht is, hoort daar niet bij.

Loopt het conflict verder op, dan komen zwaardere verzoeken in beeld: wijziging van het gezag naar één ouder op grond van artikel 1:251a BW, of benoeming van een bijzondere curator als de belangen van het kind botsen met die van beide ouders (artikel 1:250 BW). Eenhoofdig gezag wordt alleen toegekend als er een onaanvaardbaar risico is dat het kind klem of verloren raakt tussen de ouders zonder uitzicht op verbetering (het klemcriterium), of als wijziging om een andere reden in het belang van het kind nodig is.

Hoge Raad, 27 maart 2020: ook bij klem niet automatisch eenhoofdig gezag

In ECLI:NL:HR:2020:533 oordeelde de Hoge Raad dat de rechter gezamenlijk gezag mag toekennen of laten bestaan, ook als aan het klemcriterium is voldaan. De rechter moet inschatten welk nadeel het kind het minst schaadt: het risico klem te raken tussen de ouders, of het volledig uitsluiten van de andere ouder. In die zaak bood de moeder de vader geen ruimte om bij het leven van het kind betrokken te zijn. Het hof mocht daarom kiezen voor gezamenlijk gezag. De zaak ging over ongehuwde ouders (artikel 1:253c BW), maar de Hoge Raad legde die bepaling en artikel 1:251a BW op dezelfde manier uit.

Voor een vechtscheiding betekent dit: wie het conflict laat escaleren in de hoop op eenhoofdig gezag, kan het tegenovergestelde bereiken. Rechters kijken uitdrukkelijk naar welke ouder ruimte laat voor de ander. Wanneer een kinderbeschermingsmaatregel in beeld komt, beschrijven wij bij de vechtscheiding als zaak voor de kinderrechter.

Weigert een ouder stelselmatig contact of zet hij het kind tegen u op, dan gaat het zelden alleen om nakoming. Het gaat dan om een pakket: begeleide omgang, onderzoek door de Raad voor de Kinderbescherming en een opbouwschema dat per zitting wordt geëvalueerd. Hoe die dynamiek werkt, hebben wij uitgewerkt bij ouderverstoting en loyaliteitsconflicten.

Vermogen, woning en alimentatie

Bent u vóór 1 januari 2018 in gemeenschap van goederen getrouwd, dan valt in beginsel alles in de gemeenschap en wordt bij helfte verdeeld (artikel 1:100 BW). Voor huwelijken vanaf die datum geldt de beperkte gemeenschap: voorhuwelijks vermogen, erfenissen en schenkingen blijven in beginsel privé. Zijn er huwelijkse voorwaarden, dan bepaalt de akte wat er gebeurt. De vraag is dan vooral of een periodiek verrekenbeding is uitgevoerd; is dat niet gebeurd, dan pakt dat vaak anders uit dan partijen bij het tekenen dachten. Zie scheiden met huwelijkse voorwaarden.

Verzwijgt een echtgenoot opzettelijk een goed dat tot de gemeenschap behoort, dan verbeurt hij zijn aandeel daarin aan de ander (artikel 3:194 lid 2 BW). In een conflictscheiding is dat een reëel thema. Uw advocaat kan de rechter vragen om overlegging van bescheiden en, bij vrees voor verduistering, conservatoir beslag laten leggen na verlof van de voorzieningenrechter. De rechter bepaalt dan de termijn waarbinnen de eis in de hoofdzaak moet worden ingesteld, op ten minste acht dagen (artikel 700 Rv).

Bij kinderalimentatie zijn beide ouders onderhoudsplichtig (artikel 1:392 BW) en loopt de verplichting door tot het kind 21 wordt (artikel 1:395a BW). De hoogte wordt berekend volgens de normen van de expertgroep Alimentatienormen: de behoefte van het kind tegenover de draagkracht van beide ouders, met verrekening van de zorgkorting. Partneralimentatie duurt sinds 1 januari 2020 in beginsel de helft van de huwelijksduur met een maximum van vijf jaar (artikel 1:157 BW), met uitzonderingen voor lange huwelijken, huwelijken met jonge kinderen en oudere alimentatiegerechtigden.

Over de fiscale gevolgen van de afwikkeling, zoals de eigenwoningregeling of de aftrekbaarheid van partneralimentatie, laat u zich apart voorlichten door een fiscalist. Law & More adviseert niet over fiscale structurering.

Bewijs dat werkt, en bewijs dat terugslaat

In een conflictscheiding staat vrijwel elke bewering tegenover een tegengestelde bewering. De doorslag geeft verifieerbaar materiaal: bankafschriften, jaarrekeningen, een taxatierapport, schoolberichten, een chronologisch overzicht van gemiste overdrachten met de bijbehorende berichten. Zulke stukken hoeven niet spectaculair te zijn; zij moeten laten zien dat uw verhaal klopt op punten die controleerbaar zijn.

Wat zelden werkt, is een verzameling scheldberichten of een dagboek vol verwijten. Rechters lezen dat als een indicatie van de verhouding, niet als bewijs van een feit. Het valt terug op de indiener als diens eigen toon net zo hard is. Verklaringen van vrienden en familie wegen licht.

Let ook op de grenzen. Berichten van uw partner meelezen, gesprekken opnemen waar u zelf niet aan deelneemt of een volgsysteem in een auto plaatsen levert bewijs op dat de rechter kan weigeren. Het kan u bovendien strafrechtelijk en privacyrechtelijk in de problemen brengen. Uw advocaat kan in plaats daarvan de rechter vragen de wederpartij te bevelen bescheiden over te leggen, of een deskundige te benoemen. In zaken over minderjarigen is een verzoek tot deskundigenonderzoek op grond van artikel 810a Rv het middel tegen een rapport waarin u zich niet herkent.

De Raad voor de Kinderbescherming

De rechter kan de Raad voor de Kinderbescherming om onderzoek en advies vragen als de standpunten van de ouders zo ver uiteenlopen dat hij op de zitting geen verantwoorde beslissing kan nemen. Uw advocaat kan daar zelf om verzoeken, of zich ertegen verzetten als het onderzoek vooral vertraging oplevert. Een raadsonderzoek duurt maanden, en in die maanden loopt de bestaande feitelijke situatie door.

De raadsonderzoeker spreekt met beide ouders afzonderlijk, met het kind en met informanten zoals school, huisarts of hulpverlening. Het rapport eindigt met een advies over gezag, hoofdverblijf en omgang. Ouders krijgen het conceptrapport en kunnen daarop reageren; die reactie wordt eraan gehecht. Houd die reactie feitelijk, want wat u niet weerspreekt, blijft in het dossier staan. De rechter is niet aan het advies gebonden, maar volgt het vaak.

Hoe uw kind wordt gehoord

In zaken over gezag, omgang en hoofdverblijf krijgen kinderen van twaalf jaar en ouder de gelegenheid hun mening te geven (artikel 809 Rv). De Rechtspraak gaat verder: volgens de uitleg over het kindgesprek krijgen kinderen vanaf acht jaar een uitnodiging in zaken over gezag en omgang, en vanaf zestien jaar in alimentatiezaken. Deelname is niet verplicht; een kind mag ook een brief of e-mail aan de rechter sturen.

Het gesprek vindt plaats zonder de ouders. De rechter vat het daarna zakelijk samen op de zitting. De mening van het kind weegt mee maar is niet beslissend, juist omdat kinderen in een vechtscheiding onder druk staan. Bereid uw kind niet voor op wat het moet zeggen en vraag het achteraf niet uit. Wilt u dat de stem van uw kind zelfstandig wordt vertegenwoordigd, dan kan uw advocaat om een bijzondere curator verzoeken (artikel 1:250 BW).

Nakoming afdwingen als afspraken worden genegeerd

Wordt een vastgestelde zorg- of omgangsregeling niet nagekomen, dan kan nakoming worden afgedwongen op grond van artikel 812 Rv. De rechter kan daaraan een dwangsom verbinden en in het uiterste geval lijfsdwang of de hulp van de sterke arm toestaan. In de praktijk is de dwangsom het meest gebruikte middel. Hoe die route verloopt, staat bij een omgangsregeling die niet wordt nageleefd.

Wordt alimentatie niet betaald, dan kan het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen de inning overnemen, met bevoegdheden als loonbeslag. Houdt een ouder het kind feitelijk bij u weg, dan kan dat daarnaast strafbaar zijn als onttrekking aan het gezag (artikel 279 Sr). Het openbaar ministerie is in gezinssituaties terughoudend.

Hoger beroep: wanneer het verstandig is

Tegen de echtscheidingsbeschikking en de nevenvoorzieningen staat hoger beroep open bij het gerechtshof, binnen drie maanden. Het hof kijkt naar de situatie op het moment van zijn eigen beslissing. Ontwikkelingen sinds de eerste zitting, zoals een regeling die inmiddels goed loopt, wegen daardoor zwaar. Tegen voorlopige voorzieningen staat geen hoger beroep open (artikel 824 Rv); daar is een wijzigingsverzoek bij dezelfde rechtbank de route.

Hoger beroep verlengt de procedure met maanden, houdt het conflict open en kost opnieuw griffierecht en honorarium. Vaak levert een wijzigingsverzoek na verloop van tijd, gebaseerd op hoe de regeling in de praktijk uitpakt, meer op dan een beroep op dezelfde argumenten.

Kosten en gesubsidieerde rechtsbijstand

U betaalt griffierecht en het honorarium van uw advocaat. Het griffierecht voor een echtscheidingsverzoek (onbepaalde waarde) bij de rechtbank bedraagt per 1 januari 2026:

VerzoekerGriffierecht 2026
Natuurlijk persoon€ 341
Onvermogend (inkomen onder de wettelijke grens)€ 93

Bron: rechtspraak.nl, griffierecht. Bij een gezamenlijk verzoek betaalt u één keer griffierecht; bij een eenzijdig verzoek betalen beide partijen.

Het honorarium hangt af van het aantal procedures, het aantal zittingen en de mate waarin de wederpartij meewerkt. Daarom is de kostenvraag in een vechtscheiding niet los te zien van de strategievraag: elke extra procedure kost geld. Een overzicht van de posten staat bij wat een familierechtadvocaat kost.

Liggen uw inkomen en vermogen onder de grenzen van de Raad voor Rechtsbijstand, dan komt u in aanmerking voor gesubsidieerde rechtsbijstand, in de praktijk een toevoeging genoemd. Uw advocaat vraagt die aan als hij bij de Raad staat ingeschreven. U betaalt bijna altijd een eigen bijdrage die van uw inkomen en vermogen afhangt, en een verlaagd griffierecht. De uitleg van de Rijksoverheid over de financiële bijdrage voor een advocaat zet de voorwaarden op een rij.

Let op twee punten. De toevoeging kan achteraf worden ingetrokken als u door de procedure een vermogen verkrijgt dat boven de grens uitkomt, bijvoorbeeld door de verdeling van de overwaarde van een woning. En verandert uw financiële situatie tijdens de procedure ingrijpend, meld dat dan aan uw advocaat. Een toevoeging die op onjuiste gegevens berust, wordt ingetrokken.

Van advocaat wisselen tijdens de procedure

Wisselen mag, ook midden in een lopende zaak. U hoeft geen reden op te geven. Uw dossier wordt op uw verzoek overgedragen aan uw nieuwe advocaat, die zich vervolgens bij de rechtbank stelt.

Er zijn wel praktische gevolgen. Een nieuwe advocaat moet het dossier inlezen, wat tijd en geld kost, en lopende termijnen schuiven niet op. Werkt u op basis van een toevoeging, dan is een tweede toevoeging voor dezelfde zaak niet vanzelfsprekend. Een wissel vlak voor een zitting kan tot uitstel leiden. Wisselen is verstandig als de communicatie structureel niet werkt of u het oneens bent over de koers. Het helpt niet als u verwacht dat een andere advocaat een ander wettelijk kader toepast: dat kader ligt vast.

Zelf schade en kosten beperken

Het grootste deel van de rekening in een vechtscheiding ontstaat niet in de rechtszaal maar in de weken daartussen: correspondentie over incidenten, herhaalde toelichtingen, dossiers die opnieuw moeten worden geordend. U beperkt dat door stukken gebundeld aan te leveren en onderscheid te maken tussen wat juridisch relevant is en wat u kwaad maakt.

Houd de communicatie met uw ex-partner zakelijk en schriftelijk, en beperk die tot praktische onderwerpen. Rechters lezen die berichten mee en beoordelen bij gezag en hoofdverblijf uitdrukkelijk welke ouder ruimte laat voor de ander, zoals de Hoge Raad in 2020 bevestigde. Zet daarnaast op een rij wat u werkelijk wilt bereiken en wat daarvan onderhandelbaar is. Wie op alle punten tegelijk maximaal inzet, procedeert het langst en krijgt zelden meer.

Twee vragen die vaak worden gesteld

Moet ik eerst mediation proberen?

Nee. Verplichte mediation voorafgaand aan een zitting bestaat in het Nederlandse familierecht niet. De rechter kan er wel naar verwijzen. Bij intimidatie of een groot machtsverschil is mediation vaak juist niet passend en is een beslissing van de rechter de betere route.

Hoe lang duurt een vechtscheiding?

Dat hangt af van het aantal geschilpunten en van de vraag of er onderzoek nodig is. Een scheiding op gemeenschappelijk verzoek is soms binnen enkele maanden afgerond. Een zaak met een raadsonderzoek, meerdere zittingen en hoger beroep loopt al snel meer dan een jaar door. Voorlopige voorzieningen zorgen intussen voor een werkbare tussensituatie.

Wat wij doen bij een vechtscheiding

De familierechtadvocaten van Law & More in Eindhoven en Amsterdam begeleiden cliënten in hoogconflictscheidingen. Meer over onze rol leest u op de pagina van de echtscheidingsadvocaat.

  • Wij vragen met spoed voorlopige voorzieningen aan over de woning, de kinderen en het levensonderhoud.
  • Wij stellen het verzoekschrift of het verweerschrift met tegenverzoeken op en bewaken de termijnen.
  • Wij brengen het vermogen in kaart, vragen om overlegging van stukken en leggen bij vrees voor verduistering beslag.
  • Wij dwingen nakoming van een zorgregeling af met een dwangsom (artikel 812 Rv).

Vechtscheiding in vijf punten

  • Voor een echtscheidingsprocedure is een advocaat verplicht.
  • Voorlopige voorzieningen worden uiterlijk in de derde week na het verzoek behandeld (artikel 821 Rv); hoger beroep staat er niet tegen open.
  • Ook als een kind klem zit tussen de ouders, kan de rechter gezamenlijk gezag laten bestaan (HR 27 maart 2020).
  • Verifieerbare stukken wegen zwaarder dan verwijten; heimelijk verkregen bewijs kan tegen u werken.
  • De echtscheidingsbeschikking moet binnen zes maanden na het onherroepelijk worden worden ingeschreven (artikel 1:163 BW).

Een vraag over uw eigen situatie?

Mail ons in een paar zinnen waar uw vraag over gaat. Wij laten u weten of wij u kunnen helpen en wat de volgende stap is. Wij beoordelen geen zaken of stukken per e-mail zonder opdracht.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.

Een vraag over uw eigen situatie?

Mail ons in een paar zinnen waar uw vraag over gaat. Wij laten u weten of wij u kunnen helpen en wat de volgende stap is. Wij beoordelen geen zaken of stukken per e-mail zonder opdracht.

Dit artikel geeft algemene informatie en vervangt geen advies over uw specifieke situatie.