Gepubliceerd op 25 oktober 2025 · Laatst bijgewerkt op 31 oktober 2026
Nederland is bevoegd in een internationale drugszaak als het feit geheel of gedeeltelijk in Nederland is gepleegd (artikel 2 Wetboek van Strafrecht), bijvoorbeeld bij invoer via een Nederlandse haven, ook als de drugs voor een ander land bestemd waren. Is het feit volledig in het buitenland gepleegd, dan kan Nederland alleen vervolgen als de wet dat uitdrukkelijk toestaat, vooral als een Nederlander de dader is en het feit ook in het land van de daad strafbaar is (artikel 7 Sr).
Hieronder leest u welke rechtsmachtregels gelden, hoe landen samenwerken, wanneer u aan een ander land kunt worden overgeleverd en hoe dubbele vervolging wordt voorkomen. De rol van de advocaat in grensoverschrijdende strafzaken bespreken wij apart.
Inhoudsopgave
Welke rechtsmachtregels gelden bij drugsdelicten?
| Situatie | Rechtsmacht Nederland? | Grondslag |
|---|---|---|
| Feit geheel of deels in Nederland gepleegd, ook door een buitenlander | ja | artikel 2 Sr |
| Feit aan boord van een Nederlands schip of luchtvaartuig | ja | artikel 3 Sr |
| Nederlander pleegt in het buitenland een misdrijf dat daar ook strafbaar is | ja | artikel 7 lid 1 Sr |
| Vreemdeling met vaste woon- of verblijfplaats in Nederland, of die later Nederlander wordt | ja, onder dezelfde voorwaarden | artikel 7 lid 3 Sr |
| Iedereen die in het buitenland de in- of uitvoer van harddrugs in of uit Nederland voorbereidt, of daaraan deelneemt | ja | artikel 13 lid 3 Opiumwet |
| Drugstransport aan boord van een buitenlands schip op volle zee, bij optreden onder het uitvoeringsverdrag van artikel 17 VN-Drugsverdrag | ja | artikel 13 lid 4 Opiumwet |
| Buitenlander pleegt drugsdelict volledig in het buitenland, zonder band met Nederland | nee | geen universele rechtsmacht |
Bron: Wetboek van Strafrecht en Opiumwet op wetten.overheid.nl, stand 29 oktober 2026.
Wanneer is een drugsdelict in Nederland gepleegd?
Als een wezenlijk deel van de gedraging of het gevolg ervan in Nederland plaatsvond. Dan geldt de Nederlandse strafwet voor iedereen, ongeacht nationaliteit (artikel 2 Sr).
De Opiumwet verbiedt onder meer het binnen of buiten het grondgebied van Nederland brengen van drugs (artikelen 2 en 3 Opiumwet). Wie opzettelijk harddrugs invoert of uitvoert, riskeert een gevangenisstraf van ten hoogste twaalf jaar of een geldboete van de vijfde categorie (artikel 10 lid 5 Opiumwet). Een container die in Rotterdam wordt gelost voor doorvoer naar een ander land, is daarom al in Nederland binnengebracht.
Het begrip uitvoer is ruim. De Hoge Raad oordeelde op 6 januari 2004 dat onder buiten Nederland brengen ook valt: drugs met bestemming buitenland ten vervoer aanbieden. Dat de drugs de grens daadwerkelijk passeerden, hoeft niet bewezen te worden. In die zaak volstond het dat de verkoper bewust de aanmerkelijke kans aanvaardde dat een Duitse koper de hennep en hasj naar Duitsland zou meenemen.
Ook een feit dat deels hier en deels elders plaatsvindt, kan in Nederland worden vervolgd, zoals het vanuit Nederland regelen van een transport. Meer over de Nederlandse regels leest u in ons overzicht van de Opiumwet en drugswetgeving.
Wanneer vervolgt Nederland een drugsdelict in het buitenland?
Alleen als een rechtsmachtregel in de wet dat toestaat. Voor drugsdelicten gaat het vooral om het nationaliteitsbeginsel, de bijzondere regel van de Opiumwet en verdragsafspraken.
- Nationaliteit: de Nederlandse strafwet geldt voor een Nederlander die in het buitenland een misdrijf pleegt dat ook in het land van de daad strafbaar is (dubbele strafbaarheid, artikel 7 lid 1 Sr). Een vreemdeling met een vaste woon- of verblijfplaats in Nederland en iemand die na het feit Nederlander wordt, worden met een Nederlander gelijkgesteld (artikel 7 lid 3 Sr).
- Voorbereiding van in- of uitvoer: de Nederlandse strafwet geldt voor ieder die in het buitenland een voorbereidingshandeling pleegt (artikel 10a lid 1 Opiumwet) om de in- of uitvoer van harddrugs voor te bereiden of te bevorderen, of die daaraan deelneemt of dat probeert (artikel 13 lid 3 Opiumwet). Nationaliteit speelt hier geen rol. Op voorbereiding staat maximaal zes jaar gevangenisstraf.
- Verdragen: de Nederlandse strafwet geldt voor feiten waarvoor een verdrag Nederland verplicht rechtsmacht te vestigen (artikel 6 Sr en de bijbehorende AMvB).
- Schepen op volle zee: de Opiumwet geeft rechtsmacht bij drugstransport aan boord van een buitenlands schip als Nederland optreedt onder het verdrag ter uitvoering van artikel 17 van het VN-Verdrag tegen sluikhandel (artikel 13 lid 4 Opiumwet).
Een algemene universele rechtsmacht, waarbij Nederland ieder drugsdelict overal ter wereld kan vervolgen, bestaat niet. Dat er schade in Nederland is of dat de dader banden met Nederland heeft, is op zichzelf onvoldoende. Ook als Nederland bevoegd is, beslist het Openbaar Ministerie zelf of het vervolgt.
Hoe werken Nederland en andere landen samen?
Via rechtshulpverzoeken, Europese bevelen en gezamenlijke onderzoeksteams. De regels voor de Nederlandse kant staan in Boek 5 van het Wetboek van Strafvordering.
- Rechtshulp: het OM vraagt buitenlandse autoriteiten om bewijs te verzamelen, getuigen te horen of te doorzoeken, en omgekeerd. Binnen de EU gebeurt dat meestal met een Europees onderzoeksbevel.
- Gezamenlijke onderzoeksteams (JIT’s): rechercheurs en officieren van justitie uit meerdere landen werken samen aan één onderzoek en delen bewijs.
- Eurojust coördineert grensoverschrijdende zaken tussen justitiële autoriteiten en helpt bij de keuze welk land vervolgt; Europol ondersteunt de politie met informatie en analyse.
- Interpol verzorgt de internationale uitwisseling van opsporingsinformatie, ook buiten Europa.
Het Europees Openbaar Ministerie (EOM) is niet bevoegd voor drugszaken; het vervolgt alleen fraude en andere delicten tegen de financiële belangen van de EU. Bewijs dat in het buitenland is verkregen, kan in een Nederlandse zaak worden gebruikt. De Nederlandse rechter toetst dan vooral of de procedure als geheel eerlijk is gebleven (artikel 6 EVRM).
Kunt u aan een ander land worden overgeleverd?
Ja. Binnen de EU gebeurt dat met een Europees aanhoudingsbevel volgens de Overleveringswet; daarbuiten met een uitleveringsverzoek op grond van de Uitleveringswet en een verdrag.
Een Nederlander kan voor vervolging aan een andere EU-lidstaat worden overgeleverd, maar alleen als die lidstaat garandeert dat hij een eventuele gevangenisstraf in Nederland mag uitzitten (artikel 6 Overleveringswet). De Rechtbank Amsterdam (de Internationale Rechtshulpkamer) beslist over de overlevering. Hoe die procedure werkt, leest u in ons artikel over het Europees aanhoudingsbevel en uitlevering.
Kunt u in twee landen voor hetzelfde feit worden vervolgd?
Niet als u voor hetzelfde feit al onherroepelijk bent berecht en de straf is uitgevoerd, wordt uitgevoerd of niet meer kan worden uitgevoerd. Dat volgt uit het ne-bis-in-idembeginsel (artikel 68 Sr, artikel 54 Schengen Uitvoeringsovereenkomst en artikel 50 EU-Handvest).
Lopen er in meerdere landen onderzoeken, dan stemmen de autoriteiten via Eurojust af wie vervolgt. Strafvervolging kan ook worden overgedragen aan het land dat het best kan vervolgen. Een buitenlandse veroordeling voor een ander deel van dezelfde drugshandel sluit Nederlandse vervolging voor dat andere deel niet altijd uit. Het antwoord hangt af van de vraag of het om dezelfde feiten gaat, en dat beoordeelt de rechter per zaak.
Wat bespreekt u met uw advocaat in een internationale drugszaak?
- Waar zijn de gedragingen precies verricht? Dat bepaalt of artikel 2 Sr van toepassing is, of dat Nederland een andere grondslag nodig heeft.
- Gaat het om harddrugs en om in- of uitvoer in of uit Nederland? Dan kan artikel 13 lid 3 Opiumwet ook buitenlanders in het buitenland treffen.
- Loopt er al een buitenlandse procedure of bestaat er een vonnis voor dezelfde feiten?
- Welke rechtshulpverzoeken zijn er gedaan, en is het buitenlandse bewijs rechtmatig verkregen?
- Bij een Europees aanhoudingsbevel: de termijnen in de overleveringsprocedure zijn kort.
- Bij drugszaken volgt vaak een verdenking van witwassen en een ontnemingsprocedure.
Hoe een Nederlandse strafzaak verder verloopt, van verhoor tot zitting, leest u in ons artikel over het verloop van een strafzaak. Gaat het om bezit voor eigen gebruik, dan vindt u de straffen in ons artikel over straffen voor drugsbezit.
Wat wij doen in een internationale drugszaak
- Beoordelen of de Nederlandse rechter rechtsmacht heeft en of een beroep op ne bis in idem mogelijk is.
- U bijstaan bij politieverhoren en in voorlopige hechtenis.
- Het buitenlandse bewijs en de rechtshulpverzoeken onderzoeken en zo nodig betwisten.
- U verdedigen in de overleveringsprocedure bij de Internationale Rechtshulpkamer, met bewaking van de korte termijnen.
- U verdedigen ter zitting en in een ontnemingsprocedure; meer hierover leest u op de pagina van onze strafrecht advocaat.
Veelgestelde vragen
Moeten de drugs echt de grens over zijn gegaan voor uitvoer?
Nee. Volgens de Hoge Raad (6 januari 2004) valt ook het met bestemming buitenland ten vervoer aanbieden onder buiten Nederland brengen. Wel moet opzet op die bestemming bewezen worden, al is voorwaardelijk opzet genoeg.
Wat als ik in het buitenland al ben veroordeeld?
Dan mag Nederland u voor dezelfde feiten niet opnieuw vervolgen als de straf is uitgevoerd, wordt uitgevoerd of niet meer kan worden uitgevoerd (artikel 68 Sr en artikel 54 SUO).