Gepubliceerd op 7 november 2025 · Laatst bijgewerkt op 14 oktober 2026
Hebben ouders van een baby nooit samengewoond, dan is een ouderschapsplan wettelijk niet verplicht: artikel 815 Rv koppelt die plicht aan een echtscheiding en artikel 1:247a BW aan het beëindigen van een samenleving door ouders met gezamenlijk gezag. Toch is een schriftelijk plan dan juist verstandig, omdat er geen gedeelde routine is om op terug te vallen en de rechter bij een later geschil kijkt naar wat u heeft afgesproken.
Hieronder leest u wat er eerst juridisch geregeld moet zijn (erkenning en gezag), wat u in het plan opneemt en wat u doet als u er samen niet uitkomt.
Inhoudsopgave
Is een ouderschapsplan verplicht als u nooit heeft samengewoond?
Nee. De wettelijke plicht geldt bij echtscheiding of beëindiging van een geregistreerd partnerschap (artikel 815 Rv) en bij ongehuwde ouders met gezamenlijk gezag die hun samenleving beëindigen (artikel 1:247a BW).
Zonder samenleving is er niets dat eindigt, dus geen van beide regels is van toepassing. Dat betekent alleen dat niemand u een plan oplegt. Wat er inhoudelijk in een ouderschapsplan hoort, leest u ook bij het ouderschapsplan en waarom het verplicht is.
Wat is er sinds 2023 automatisch geregeld bij erkenning?
Door erkenning wordt een man of duomoeder juridisch ouder van het kind (artikel 1:203 BW). Sinds 1 januari 2023 krijgt een ongehuwde, niet-geregistreerde partner die het kind erkent daarbij in de regel automatisch gezamenlijk gezag met de moeder.
Dat geldt niet als de ouders bij de erkenning verklaren dat de moeder het gezag alleen houdt, of als de erkenning plaatsvond met vervangende toestemming van de rechter. Erkenningen van vóór 1 januari 2023 leiden niet tot automatisch gezag; dan moet het gezamenlijk gezag worden aangetekend in het gezagsregister (artikel 1:252 BW). De Rijksoverheid legt de regeling verder uit.
Heeft u geen gezag, dan heeft u wel recht op omgang (artikel 1:377a BW) en op informatie over belangrijke zaken (artikel 1:377b BW). Wilt u meebeslissen, dan kunt u met de moeder gezamenlijk gezag laten aantekenen of de rechtbank vragen u het gezag toe te kennen (artikel 1:253c BW). Meer leest u bij erkenning en gezag en de ongehuwde vader en het juridisch gezag.
Wat als het kind nog niet is erkend?
Erkenning gebeurt bij de gemeente en vraagt toestemming van de moeder zolang het kind jonger is dan zestien jaar (artikel 1:204 BW). Weigert zij, dan kan de verwekker de rechtbank om vervangende toestemming vragen.
De rechter geeft die toestemming, tenzij de erkenning de belangen van de moeder bij een ongestoorde verhouding met het kind of de belangen van het kind zou schaden (artikel 1:204 lid 3 BW). Een conflict tussen de ouders is op zichzelf onvoldoende om erkenning tegen te houden.
Weigert de man het kind te erkennen, dan kan de moeder of het kind de rechter vragen het vaderschap gerechtelijk vast te stellen (artikel 1:207 BW). Bij twijfel over het biologisch vaderschap kan de rechter DNA-onderzoek laten doen.
Wat zet u in het ouderschapsplan van een baby?
Een ouderschapsplan bevat in elk geval de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken, de manier waarop u elkaar informeert en raadpleegt, en de kosten van verzorging en opvoeding (artikel 815 lid 3 Rv). Bij een baby maakt u dat zo concreet mogelijk.
- Waar het kind zijn hoofdverblijf heeft en ingeschreven staat in de Basisregistratie Personen.
- Wie het eerste aanspreekpunt is voor het consultatiebureau, de huisarts en de kinderopvang.
- Hoe u elkaar bereikt bij ziekte en wie beslist als er acuut iets moet gebeuren.
- Welke bijzondere kosten ieder draagt, zoals kinderopvang en zorgverzekering.
- Wanneer u het plan evalueert, bijvoorbeeld elk halfjaar in het eerste jaar.
Het plan kunt u later samen aanpassen of bij gewijzigde omstandigheden door de rechter laten wijzigen. Hoe dat werkt, leest u bij het ouderschapsplan jaren later aanpassen.
Welke omgangsregeling past bij een baby?
De wet noemt geen vast aantal uren. Bij een baby wordt meestal gekozen voor korte, frequente contactmomenten die meegroeien met de leeftijd, omdat dat beter aansluit bij het slaap- en voedingsritme.
Leg die opbouw direct vast, met stappen per leeftijd, bijvoorbeeld de eerste overnachtingen en later een vast weekritme. Zo hoeft u niet opnieuw te onderhandelen op een moment dat de verhoudingen misschien slechter zijn.
Omgang is een recht van het kind en van de ouder. De rechter kan omgang alleen ontzeggen op de gronden van artikel 1:377a lid 3 BW: ernstig nadeel voor de geestelijke of lichamelijke ontwikkeling van het kind, kennelijke ongeschiktheid of onmacht van de ouder, ernstige bezwaren van een kind van twaalf jaar of ouder, of strijd met zwaarwegende belangen van het kind. Onervarenheid met baby’s valt daar niet onder; wel kan de rechter een voorzichtige opbouw bepalen.
Hoe werkt kinderalimentatie als u nooit heeft samengewoond?
Beide ouders zijn onderhoudsplichtig, ook als zij nooit hebben samengewoond (artikel 1:392 en 1:404 BW). Ook een verwekker die het kind niet heeft erkend, kan onderhoudsplichtig zijn (artikel 1:394 BW).
De hoogte wordt meestal berekend volgens de aanbevelingen van de Expertgroep Alimentatienormen. Hebben de ouders nooit samengewoond, dan wordt de behoefte van het kind eerst afzonderlijk berekend op basis van het inkomen van elke ouder, alsof het kind alleen bij die ouder was opgegroeid; het gemiddelde van die twee bedragen is de behoefte. Daarna wordt de draagkracht van ieder berekend en krijgt de ouder die een deel van de zorg heeft een zorgkorting. Een eerste indruk geeft onze uitleg over kinderalimentatie berekenen.
De onderhoudsplicht duurt tot het kind 21 jaar is (artikel 1:395a BW); tot 18 jaar betaalt u aan de verzorgende ouder. De bedragen worden elk jaar per 1 januari wettelijk geïndexeerd (artikel 1:402a BW). Voor toeslagen en het kindgebonden budget kunt u terecht bij de Belastingdienst of een fiscalist.
Wie beslist over opvang, paspoort en achternaam?
Bij gezamenlijk gezag beslist u samen over belangrijke zaken, zoals de keuze van kinderopvang of school, een medische behandeling en een paspoort. Komt u er niet uit, dan kan de rechter op grond van artikel 1:253a BW een beslissing nemen.
De achternaam kiest u bij de erkenning of bij de aangifte van de geboorte. Sinds 1 januari 2024 kunnen ouders ook kiezen voor een dubbele achternaam. De keuze geldt ook voor volgende kinderen van dezelfde ouders.
Heeft één ouder het gezag alleen, dan beslist die ouder, maar moet hij de andere ouder informeren en raadplegen over belangrijke beslissingen (artikel 1:377b BW). Meer leest u bij gezag, omgang en hoofdverblijf.
Wat als u er samen niet uitkomt?
Ouders met gezamenlijk gezag leggen een geschil voor aan de rechtbank op grond van artikel 1:253a BW. De rechter kan de zorgregeling vaststellen, de hoofdverblijfplaats bepalen of vervangende toestemming geven, bijvoorbeeld voor een verhuizing.
Heeft u geen gezag, dan vraagt u een omgangsregeling op grond van artikel 1:377a BW. Het verzoekschrift wordt door een advocaat ingediend. Mediation vooraf is niet verplicht, maar de rechter kan ernaar verwijzen.
Bij spoed, bijvoorbeeld als het kind niet wordt teruggebracht, is een kort geding de snelste route. Wordt een vastgestelde regeling niet nagekomen, dan kan de rechter maatregelen nemen, zoals een dwangsom (artikel 812 Rv). De wetteksten vindt u in Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek en het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
Waar let u op als ouder bij wie de baby woont?
- Bespreek vóór de erkenning of u gezamenlijk gezag wilt; bij de erkenning kunt u anders verklaren.
- Leg de hoofdverblijfplaats en de inschrijving vast.
- Informeer de andere ouder over consultatiebureau, gezondheid en opvang.
- Leg afspraken over kinderalimentatie en bijzondere kosten schriftelijk vast.
Waar let u op als ouder bij wie de baby niet woont?
- Erken het kind zo vroeg mogelijk, bij voorkeur vóór of kort na de geboorte.
- Controleer bij een erkenning vóór 2023 of het gezag is aangetekend.
- Leg een omgangsregeling vast met een opbouw per leeftijd.
- Betaal de afgesproken kinderalimentatie, ook als de omgang stokt.
Wat kunnen wij voor u doen bij een ouderschapsplan voor een baby?
Wij adviseren ouders vanuit ons kantoor in Eindhoven en in Amsterdam. Als familierechtadvocaat doen wij onder meer het volgende:
- Wij stellen een ouderschapsplan op dat past bij de leeftijd van uw kind.
- Wij regelen of beoordelen erkenning en gezag, en vragen zo nodig vervangende toestemming of gezag via de rechter.
- Wij berekenen de kinderalimentatie volgens de Tremanormen.
- Wij begeleiden u als mediator als beide ouders daarvoor kiezen.
- Wij procederen over omgang, hoofdverblijf of een verhuizing als overleg niet lukt.
Samengevat
- Een ouderschapsplan is niet verplicht als ouders nooit hebben samengewoond, maar wel verstandig.
- Erkenning vanaf 1 januari 2023 leidt in de regel automatisch tot gezamenlijk gezag.
- Een ouder zonder gezag houdt recht op omgang en informatie (artikelen 1:377a en 1:377b BW).
- Kinderalimentatie geldt ook zonder samenwonen en loopt tot 21 jaar.
- Bij geschillen beslist de rechter op grond van artikel 1:253a BW of 1:377a BW.
Veelgestelde vragen
Moeten wij een ouderschapsplan maken als wij nooit hebben samengewoond?
Wettelijk niet. Een schriftelijk plan is wel aan te raden, omdat de rechter bij een later geschil kijkt naar de afspraken en hoe die zijn nagekomen.
Heb ik als vader automatisch gezag als ik mijn kind erken?
Bij erkenning op of na 1 januari 2023 in de regel wel, tenzij u en de moeder bij de erkenning anders hebben verklaard. Bij erkenning vóór die datum moet het gezag worden aangetekend of door de rechter worden toegekend.
Hoeveel omgang krijgt een ouder met een baby?
De wet noemt geen aantal uren. Meestal wordt gekozen voor korte, frequente contactmomenten die met de leeftijd worden uitgebreid.
Kan de moeder met onze baby verhuizen?
Bij gezamenlijk gezag is voor een verhuizing die het contact raakt uw toestemming nodig. Weigert u, dan kan zij de rechter om vervangende toestemming vragen (artikel 1:253a BW).
Kunnen wij het plan later wijzigen?
Ja. U kunt samen nieuwe afspraken vastleggen. Komt u er niet uit, dan kan de rechter de regeling wijzigen bij gewijzigde omstandigheden.
Lees ook: co-ouderschap met onregelmatige diensten